kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 30-12-2015 voor het laatst bewerkt.

Alison and Peter Smithson

Twee Engelse architecten: Alison Margaret Gill (18 september 1928-1993) en Peter Danham Smithson (1923-2003).

Peter en Alison Smithson ontmoeten elkaar tijdens hun architectuurstudie aan de universiteit van Durham in Newcastle-upon-Tyne in Groot-Brittannië, waar zij van 1944 tot 1949 architectuur studeerden. Ze trouwden in 1949. Hun privé-leven en hun werk zijn nauw met elkaar verbonden; ze houden bureau aan huis en werken hun hele carrière samen.

In 1950 verhuisden ze naar Londen waar ze, nadat ze enig jaren voor de London City Council hadden gewerkt, samen een eigen architectuurpraktijk begonnen.

Hunstanton School
Al in 1950 hadden ze een prijsvraag gewonnen met een ontwerp voor hun eerste belangrijke gebouw; de Hunstanton Secondary Modern School in Norfolk, Engeland. Dit gebouw werd in 1953 opgeleverd. De Hunstanton School wordt algemeen als belangrijkste gebouwde voorbeeld van het Britse Brutalisme gezien. Ook hun Coventry Cathedral (1951) en de Engelse ambassade in Brazilië hadden veel invloed op het ontstaan van het latere Brutalisme.

Team 10 en CIAM
Alison en Peter Smithson stonden midden in de discussie over de toekomstige rol van moderne architectuur. Zij behoorden tot de jonge leden van CIAM (Congrès Internationaux d'Architecture Moderne) en waren in 1951 mede-oprichters van Team 10 (Team X) - een afsplitsing van tien jonge architecten van de CIAM. Hun polemieken en ontwerpen - waarin zij zich richtten op de opkomende consumptiemaatschappij en de rol van stadsplanning - legden de basis voor 'New Brutalism' en de popartbeweging van de jaren zestig.

Alison en Peter Smithson stelden zich kritisch op ten opzichte van het gevestigde modernisme van de jaren vijftig en zestig. In hun werk werk reeds geanticipeerd op de zogenaamde postindustriële stad zoals die aan het einde van de twintigste eeuw vorm krijgt en werd tegelijkertijd voortgeborduurd op het gedachtegoed van de moderne stedenbouw zoals Le Corbusier, Hilberseimer en de CIAM die voorstonden. De Smithsons waren zich - wellicht meer dan de ander Team Ten leden - altijd zeer bewust van de geschiedenislijn waar zij deel van uitmaakten en beleden meerdere malen hun schatplichtigheid aan Le Corbusier, Mies van der Rohe en Charles en Ray Eames.

Independent Group
Alison en Peter Smithson, Eduardo Paolozzi en Nigel Henderson zijn mede-oprichters van de in 1952 gevormde Independent Group, waar verschillende Britse vormgevers, architecten, fotografen en kunstenaars lid van zijn. De Independent Group heeft grote belangstelling voor de opkomende massamedia, consumptiedrang en technologie en gebruiken dit gegeven als uitgangspunt voor hun werk. Samen toonden ze hun werk op de expositie 'This is Tomorrow' in de Whitechapel Art Gallery in Londen.

Bij de bijeenkomsten van de CIAM bekritiseren de Smithsons de moderne stadsplanning en formuleren zij nieuwe ideeën over de hedendaagse stad. Ze publiceren ook talrijke artikelen, recensies, essays en boeken over de positie van de moderne architectuur.

Op het CIAM congress van 1953 beschreven de Smithsons hun angst dat de moderne doctrine zou leiden tot steriele steden, zonder communicatie maar gekarakteriseerd door individuele isolatie: "Belonging' is a basic emotional need- its associations are of the simplest order. From 'belonging'- identity- comes the enriching sense of neighbourliness." Alison en Peter Smithson gaven het steriele karakter van de CIAM-stad aan, en waarschuwden ervoor dat de ideale stad van de CIAM zou leiden tot isolatie en tot het afbraak van de gemeenschap, net op het moment dat de Europese overheden in hun verwoeste steden woontorens aan het bouwen waren. In het midden van de 50-er jaren was het Modernisme van de CIAM officieel eigenlijk al geaccepteerd. En dat terwijl de Smithsons c.s. zich uitspreken over het feit dat de CIAM bezig was een stedelijke omgeving te scheppen die vijandig was voor de sociale harmonie. ("Man may readily identify himself with his own hearth, but not easily with the town within which it is placed. 'Belonging' is a basic emotional need- its associations are of the simplest order. From 'belonging'- identity- comes the enriching sense of neighbourliness. The short narrow street of the slum succeeds where spacious redevelopment frequently fails.")

Om hun bezwaar tegen de strikte functiescheiding te illustreren een citaat van Peter Smithson uit 1954 over Van Eesterens stadsuitbreiding in de Westelijke tuinsteden Amsterdam: "It is nothing more or less than a great filing system for men, based on the assumption that shelter and food alone have to be provided. […] People have descriped to me how Van Eesteren thinks of the city as a living Schwitters, a great developing mutating organism. Unfortunaly the bus tickets in this case happen to be three storey flat blocks; a pattern which seems incapable of providing any sort of framework for live."

Alison en Peter Smithson zaten met Aldo van Eyck en Jaap Bakema in de voorbereidingscommissie voor het tiende CIAM-congres dat in 1956 in Dubrovnik werd gehouden. Het CIAM (Congrès Internationaux d'Architecture Moderne) was sinds haar oprichting in 1928 min of meer de internationale spreekbuis van de moderne architectuur. Door toedoen van de commissie kwam daaraan echter een eind. Bakema en consorten konden zich namelijk niet meer vinden in de uitgangspunten en maakten zoveel tongen los dat het CIAM uiteindelijk werd opgeheven. Wel kwam er een nieuw platform uit naar voren dat zichzelf Team X noemde en in eerste instantie bestond uit de leden van de voorbereidingscommissie.

Voornaamste kritiek die deze tweede generatie moderne architecten ventileerde was dat mensen zich niet meer konden identificeren met hun woningen en verblijfplaatsen. Er werden alleen nog maar witte dozen in massabouw opgetrokken volgens een veel te abstracte en modelmatige opzet. De Smithsons probeerden van meet af aan de stad opnieuw te interpreteren waarbij hun belangstelling vooral uitging naar de leefomgeving. Ze zagen de straat bijvoorbeeld niet enkel als een verbindingsweg tussen privé en openbaar maar vooral als een verblijfsruimte. ,,Gebouwen moeten in hun visie communiceren met de omgeving. Vandaar ook hun belangstelling voor klimatologische omstandigheden''.

Een belangrijk thema voor de Smithsons is het woonhuis. De nieuwe begrippen "plaats" en "territorium" vormden een tegenwicht voor Le Corbusier's 'machine à habiter'. Voor de Smithsons was een huis een bijzondere plek die - in harmonie met zijn omgeving - aan de simpele vereisten van het alledaagse leven tegemoet moest komen.

In de jaren '50 werden de Smithsons internationaal beroemd door hun gebouw- en stedebouwkundige ontwerpen, zoals de studie 'Hauptstadt in Berlin' (1957-1958), het bouwproject van het Golden Lane-gemeentehuis in Londen. Het Cluster Cities-project was zeer invloedrijk door hun idee van afhankelijke gemeenten, die werden verbonden door een netwerk van autowegen.

Het echtpaar Smithsons is bekend om hun studies naar een humanitair modernisme in de vijftiger en zestiger jaren. Het Goldan Lane project is het bekendste voorbeeld van hun als woonstraten ingerichte galerijen. "..residential streets-in-the-air. Outside the house is the first point of contact where children learn fot the first time of the world outside. Here are carried on those adult activities which are essential to everyday life - shopping, car cleaning, scooter repairs, letter posting." Urban structuring; studies of Alison and Peter Smithson.

Ze ontwierpen de blokachtige stoel Trundling Turk (1954) en de minimalistische eetkamerstoel Pogo van metalen buizen en acryl (1955). Een jaar later ontwierpen ze de stoel Egg van plastic voor hun 'House of Tomorrow'.

House of the Future, 1955-1956
De Daily Mail Ideal Home Exhibition is een jaarlijkse woonbeurs voor consumenten in Londen. In 1956 heeft de tentoonstelling het thema 'de samenleving van vandaag en morgen'. Alison en Peter Smithson wordt gevraagd om zich voor te stellen hoe een gewoon woonhuis er over 25 jaar uit zou zien (dus zeg maar rond 1981) en dit te ontwerpen. Het huis moet de indertijd nieuwste huishoudelijke apparaten bevatten, zoals de 'electrostatic dust collector' en de 'Tellaloud intercom telefoon'.
De Smithsons ontwerpen vervolgens the House of the Future (het Huis van de Toekomst). Ze maken een unit die men kan vermenigvuldigen tot een woonblok en kiezen er voor deze te plaatsen rond een binnenplaats. De muren hebben een organische vorm, die de verschillende kamers vloeiend in elkaar over laten gaan. Het geeft het huis een atmosfeer van een moderne grot. Verder rusten ze het huis uit met allerhande moderne snufjes: de kamers kunnen tijdelijk worden afgescheiden door verrijdbare muren of kasten, met één druk op de knop komt een zeshoekige koffietafel uit de vloer van de woonkamer te voorschijn en er is een douche die de gebruiker na het schoonwassen ook droog föhnt. Verder is de woning altijd automatisch op de juiste temperatuur, zodat er geen dekens op het bed hoeven.

De doorbraak komt voor de Smithsons met het gebouw van The Economist in St James Street (1959- 1964). The Economist Building (1959-'64) bevindt zich in Londen en bestaat uit een gebouwenensemble waar tussendoor binnenstraten zijn aangelegd. De verschillende gebouwen zijn transparant en geïnspireerd op de Griekse, klassieke architectuur. Bijzonder is dat in de kolommen een afvoersysteem voor hemelwater is aangelegd.

'Golden Lane' project
At the 10th and final CIAM Congress in 1956, the Smithsons and their allies (known as Team 10), broke with CIAM for good. Their alternative to Athens was the 'Golden Lane' project, first mooted in 1952. This was a low-rise snake of housing, with wide, 'streets in the sky'- an attempt to humanise Modernist urban theory. But the houses were all on the one side of the street, therefore losing the enclosed element which preserved community on the ground, and even the Smithsons noted that once you get above six storeys, the sense of being on a street had disappeared anyway. In 1961, this plan inspired Sheffield city council's Park Hill Estate. The Smithsons themselves built Robin Hood Gardens in 1972, but by then the wider deficiencies of Modernism, first noted by the couple twenty years previously, were becoming apparent to the general public as well. Robin Hood Lane was not a popular development. Its grim concrete and prison-like appearance, as well as its setting next to two of London's busiest roads certainly didn't help. It's birth a mere twelve months before the end of the post-war economic boom ensured that it (along with the similarly unlucky Trellick Tower) would soon be swept away by the rising problems of economic crisis, despite the Smithsons' protests that one day people would be proud to say that they lived there. The couple's reputation has never recovered, despite the popularity of Hunstanton and their Economist building of 1964.

Het sociale woningbouwproject Robin Hood Gardens (1966- 1972).

Hexenhaus, 1986-2002
De Duitse ondernemer Axel Bruchhäuser begint in 1972 met zijn vader het meubelbedrijf TECTA. Bruchhäuser bezit een huis in de bossen bij de rivier de Weser, dat bekend staat als het Hexenhaus (Heksenhuis). Als hij Alison Smithson vertelt dat hij een nieuwe deur nodig heeft van zijn huis naar de tuin, begint er een bijzondere cliënt-architect relatie die jarenlang duurt. Bruchhäuser wil voornamelijk het omringende landschap en de weersomstandigheden directer kunnen ervaren. In 1986 maken de Smithsons het gerasterde, glazen portiek Alex's Porch, het is de eerste van een hele reeks verbouwingen. Het Hexenhaus krijgt bijgebouwen, paviljoens en voetbruggen. De eerste opvallende toevoeging is het Hexenbesenraum. Dit paviljoen is gebouwd op 11 meter hoge palen en lijkt op een boomhuis waar je veilig en beschermt kunt verblijven, alhoewel de glazen vloer je wel ieder keer herinnert aan je hoge positie. Bruchhäuser noemt het zijn vakantiehuis, een plek waar hij zichzelf kan opladen, ver weg van de drukke wereld. De Smithsons denken voortdurend na over de relatie tussen het Hexenhaus en het landschap er omheen. Met iedere verandering of toevoeging aan het huis verbetert het uitzicht en past het beter in zijn omgeving. De kat Karlchen krijgt zelfs een speciaal voor hem ontworpen zitje, zodat hij een beter uitzicht over de vallei. In 2001 zegt Bruchhäuser: "De Smithsons begrijpen mijn behoeften precies. Ik wil naar buiten kunnen kijken, maar ik heb ook behoefte aan een vorm van bescherming."

Water speelt een rol in de bibliotheek in het Egyptische Alexandrië (1989-'90), hun jongste ontwerp, dat overigens niet is uitgevoerd. De noordgevel is van glas en de zuidgevel, waar de zon op staat, is geheel van marmer waarbij sommige stukken naar buiten kunnen worden opengeklapt. Aan de voet van het gebouw loopt water dat een ventilerende luchtstroom langs de gevel veroorzaakt.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 760.