kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 02-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Brinkman en Van der Vlugt

J.A. Brinkman (1902-1949) en Van der Vlugt (1894-1936)

Johannes Andreas Brinkman (1902-1949) en Leendert Cornelis van der Vlugt (1894-1936) waren prominente architecten van het Nieuwe Bouwen. Hoewel deze stroming zich voornamelijk richtte op massaproductie voor minder draagkrachtigen heeft dit duo in Rotterdam - bij gebrek aan opdrachten - aanvankelijk veel villa's en bedrijfspanden gerealiseerd. Beroemd zijn de twee geworden met de Van Nellefabriek, waarvoor zij de opdracht kregen van medefirmant Van der Leeuw die zich filosofisch met hun verwant voelde. In Rotterdam bouwde het duo een aantal karakteristieke "witte villa's": voor Van der Leeuw, zijn mededirecteur Sonneveld, de huisarts Bouvé en de familie Vaes. Ook een aantal bedrijfspanden zijn door Brinkman en Van der Vlugt gebouwd: Mees en Zonen, het clubhuis van de Rotterdamse Golfclub en de graansilo aan de Maashaven. Op woningbouwgebied is vooral de Bergpolderflat een bekend ontwerp.

Historie
Het bureau Brinkman en van Der Vlugt kwam voort uit de praktijk van de Rotterdamse architect Michiel Brinkman die na zijn studie aan de Rotterdamse Academie van Beeldende kunst en Technische wetenschappen bij Henri Evers van 1898 tot 1910 werkte op het architectenbureau van Barend Hooykaas jr. in welk jaar hij zijn eigen kantoor begon.
Brinkman was goed in netwerken. Samen met de architect Willem Kromhout richt hij in 1920 de architectenverening Opbouw op. Ook is hij lid van de Rotterdamse Kring waar zakenlieden en kunstenaars samen kwamen.
Met het huizenblok het Justus van Effencomplex uit 1922 in opdracht van ir. August Plate, directeur van de gemeentelijke woningdienst, maakt hij nationaal naam. Plate wilde met dit grote complex zo veel mogelijk mensen uit de minst draagkrachtige bevolkingsgroep helpen aan huisvesting.
Hij werd de huisarchitect van de familie Van Nelle nadat hij in de theosofische beweging de Van Nelle directeur Kees van Leeuwen had ontmoet. Net voordat de grote opdracht voor de nieuwe Van Nelle fabriek kon worden uitgewerkt overleed Michiel Brinkman plotseling op 52-jarige leeftijd.

Zijn zoon Jan Brinkman (Rotterdam, 22 maart 1902 - Rotterdam, 6 mei 1949) was 22 en studeerde nog civiele techniek in Delft toen hij het kantoor moest overnemen na de plotselinge dood van zijn vader. Hij zocht op (dringend) advies van Van der Leeuw samenwerking met architect Leen van der Vlugt om de continiteit van architectenbureau te waarborgen. Jan Brinkman zelf trad weinig op de voorgrond als ontwerper; hij onderhield het contact met de opdrachtgevers en bemoeide zich met technische en organisatorische zaken.

De Nederlandse Leendert Cornelis van der Vlugt (Rotterdam, 13 april 1894 - aldaar, 26 april 1936) werd geboren als zoon van een architect/aannemer.
Hij studeerde aan de Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen en begon in 1919 voor zichzelf.
In 1922 werd hij gevraagd door J.G. Wiebenga voor het ontwerp van de MTS in Groningen.
In 1925 werd hij gevraagd door C.H. van der Leeuw voor de Van Nellefabriek in Rotterdam waarvoor hij zich zoals gezegd associeerde met J.A. Brinkman. Van 1925 tot zijn dood in 1936 was Van der Vlugt mededirecteur van het architectenbureau Brinkman en Van der Vlugt.

Rotterdam is van 1926. Het wordt een jaar later tentoongesteld in Stuttgart. De fabriek wordt, mogelijk in samenwerking met Mart Stam, gebouwd tussen 1926 en 1929.
De (voormalige) Van Nellefabriek aan de Schie in Rotterdam geldt als een van de voornaamste industriële monumenten in Nederland. De fabriek is een schoolvoorbeeld van het Nieuwe Bouwen. De fabriek is een rijksmonument en behoort tot de Top 100 der Nederlandse UNESCO-monumenten. In de twintigste eeuw was het een grootschalige productiefaciliteit voor koffie en thee. Tegenwoordig biedt het onderdak aan uiteenlopende bedrijven op het gebied van media en design. Vandaar dat de fabriek sindsdien door het leven gaat als 'Van Nelle Ontwerpfabriek'. Een aantal ruimten wordt gebruikt voor vergaderingen, congressen en evenementen.
De restauratie en de projectbegeleiding van de Van Nellefabriek werd gedaan door Wessel De Jonge, autoriteit op het gebied van restauratie van modernistische gebouwen, die er thans zijn architectenkantoor heeft.

Nederlandse pendant van de villa's van Le Corbusier ; met strookramen, vrij ingedeelde gevels, een dakterras, in elkaar overvloeiende ruimtes door vrije plattegrondindeling. De constructie bestaat uit een staalskelet waarin gepleisterde bakstenen wanden zijn geplaatst. De afwerking en de detaillering van het interieur zijn volledig "doorontwerpen" door Brinkman en Van der Vlugt, wat Woning Van der Leeuw een Modernistisch Gesamtkunstwerk maakt, compleet met buismeubelen en inbouwkasten.

Graansilo Maashaven (1930)

een van de best bewaarde woonhuizen in de stijl van het Nieuwe Bouwen. Het huis Sonneveld heeft een lange ontwerpfase gekend. De eerste schetsen werden al in 1929 gemaakt, het definitieve bestekplan was in 1932 klaar en het huis werd uiteindelijk in 1933 opgeleverd. Bijzonder aan deze woning is dat Brinkman en Van der Vlugt naast het huis, ook het volledige interieur hebben ontworpen. Voor de inrichting hebben ze voornamelijk meubels van de meubelontwerper en fabrikant Gispen en stoffen van de firma Metz & Co gebruikt. Dat Brinkman en Van der Vlugt zoveel aandacht aan het ontwerp hebben kunnen besteden werd mogelijk door een terugval van het werk binnen het bureau. Deze werd veroorzaakt door de economische malaise van dat moment. Door de beurskrach van oktober 1929 bleven grote opdrachten als de Van Nellefabriek uit.

PTT de opdracht een telefooncel te ontwerpen. Dat een bureau met een sterke voorkeur voor functionaliteit zo'n opdracht krijgt is op zich al merkwaardig. De Nieuwe Zakelijkheid, een stijl binnen de beeldende kunst, is in die tijd nog niet doorgedrongen tot PTT. De telefooncel die Van der Vlugt ontwerpt doet nu nog modern aan, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Engelse cellen uit dezelfde periode. Wat onmiddellijk opvalt zijn de grote ruiten. Hierdoor ontstaat het effect van ‘glazen zuil', wat nog versterkt wordt door de zilvergrijze kleur. In mei 1932 wordt de eerste telefooncel van het nieuwe type op het Vreeburg in Utrecht geplaatst. Vanaf dat moment tot diep in de jaren tachtig zal deze cel het Nederlandse straatbeeld beheersen.

Stadion Feyenoord (1936)
Ook het Stadion Feijenoord, dat met zijn bijna 'zwevende' tweede ring nog steeds geldt als een van de fraaiste in Europa, behoort tot hun ontwerpen.

Na het al in 1936 op jonge leeftijd overlijden van Van der Vlugt junior werkte Brinkman korte tijd alleen maar ging toen hij ongeneeslijk ziek bleek te zijn een samenwerking aan met Jo van den Broek. Brinkman trok zich al in 1939 terug uit het bureau, dat werd voortgezet door Van den Broek en Bakema. Van 1937 tot 1948 heette het bureau Brinkman en Van den Broek; tussen 1948 en 1951 Brinkman en Van den Broek en Bakema.

Websites: www.top010.nl, www.architectenweb.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 188.