kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 10-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Erik Bryggman

Finse architect, geboren op 7 februari 1891 in Turku, Finland - overleden 21 december 1955 aldaar.

ã

Erik William Bryggman behoorde samen met Alvar Aalto tot de baanbrekers van het Finse functionalisme in de dertiger jaren. Hierbij werkte hij enige tijd met Alvar Aalto samen. Tegen het einde van zijn leven zou zijn architectuur echter wat romantischer en decoratiever worden.

Erik Bryggman is slechts zeven jaar ouder dan Alvar Aalto. Toch geeft zijn werk de indruk te behoren bij een andere periode. Erik Bryggman is bij uitstek een vertegenwoordiger van het noordelijke classicisme, dat door zijn ascetische karakter naadloos aansluiting vond bij het, eveneens uit het zuiden geïmporteerde, functionalisme.
Interessant is bovendien dat het classicisme in het noorden een culturele rol speelde vergelijkbaar met die van het Nieuwe Bouwen of De Stijl in Nederland. Het streven naar een platonische helderheid, als reactie op de overdaad van de nationaal romantische stijl, werd in Finland en Zweden geprojecteerd op het classicisme; dit was echter veel meer het classicisme van de traditionele woningbouw en dorpskerkjes in Italië dan dat van de grote monumenten. In de schetsen van Italiëgangers in het architectuurmuseum in Helsinki is deze algemene houding goed zichtbaar. Het verlangen naar helderheid, eenvoud en een nieuw begin vindt dan ook zijn weerslag in gebouwen die in hun expressie zowel vooruitstrevend als geworteld in de traditie zijn.
Bryggman komt naar voren als een man met een januskop: enerzijds kijkt hij vol romantisch verlangen terug naar een ongedefinieerd (agrarisch) verleden waarin het leven eerlijker en simpeler was, anderzijds aanvaart hij de uitdaging van de dynamiek van de moderniteit. Hij probeert zijn modernisme op een lijn te krijgen met zijn romantische inborst: ‘Functionalism is by no means new, nor is it in any direct conflict with earlier conceptions of architecture. Good architecture has been functionalist in all eras. The best creations of architectural history display the very properties and qualities that we now call functionalist.’ Geen breuk met het verleden voor Bryggman dus, geen artistieke vadermoord of radicaal toekomstdenken. Verderop in hetzelfde artikel benadrukt hij dat functionalisme geen nieuwe vormen brengt, maar veeleer een nieuwe houding, een breuk met oude formules en inhoud. De zogenaamde taal van het modernisme, het gebruik van bijvoorbeeld horizontale ramen of de stalen buisstoel, is geen doel op zich, maar veeleer symptomatisch voor een zoektocht bevrijd van oude dogma’s. Bijna verontschuldigend stelt hij dat het functionalisme streeft naar een acceptatie van deze moderne tijd, ‘and to approach its varied tasks in a serious and humble manner’. In zijn perceptie begint deze benadering echter al eerder, namelijk met het Zweedse classicisme: ‘Classicism signified the beginning of modern thought. Its aim was to present things as clearly and precisely as possible. In its striving to be matter-of-fact it stressed (artistic) frugality and regularity, corresponding well to practical requirements such as economy and standardization.’
M.a.w. Bryggman is een functionalist, maar neem het hem niet kwalijk dat zijn gebouwen veel traditionele elementen bevatten. Het resultaat van deze houding is een zeer consistent oeuvre van ingehouden expressie waarin een geabstraheerde symboliek en subtiele verwijzingen naar de traditie samengaan met verassend nieuwe planorganisaties en een moderne vormentaal.
- (Jan Frederik Groos, Vertoog en Textuur, De expressie van de huid bij vier architecten Biografie
Bryggman studeerde architectuur aan de Technische Universiteit van Helsinki waar hij in 1916 zijn diploma behaalde. Vervolgens ging hij werken bij het bureau van Lindgren.

Tijdens een reis in 1920 naar Italië bestudeerde hij de architectuur van de Renaissance, welke invloeden duidelijk zichtbaar worden in zijn werk voor zijn eigen architectenbureau dat hij in 1923 in Turku begon.

Betel-hotel, Erik Bryggman, 1927-1929

In 1927 begint hij samen te werken met Alvar Aalto en in 1928 reisde Bryggman naar het Bauhaus in Dessau, waar hij Walter Gropius ontmoette. Door deze invloeden begint een verschuiving richting functionalisme zichtbaar te worden.

Eerst ontwierpen Aalto en Brygman samen een kantoorgebouw in de stad Vasaa. In 1929 ontwierp hij samen met Aalto de tentoonstelling ter gelegenheid van het zevenhonderdjarig bestaan van Turku, het eerste echte statement van functionalisme in Finland.

Na de verhuizing van Aalto naar Helsinki bleef Bryggman in Turku zijn beroep uitoefenen.

- 1935 Uitbreiding bibliotheek Abo Akademi University, Turku, gebouwd in een uitgesproken functionalistische stijl.

1938-1941 Wederopstandingkapel, Turku, gebouwd in een meer organische en romantische architectuur.
In zijn Ylosnousemuskappeli komt Bryggman’s ambitie ten volle tot uiting. De wederopstandingskapel drukt zowel berusting als beweging uit. De compositie van pure en rustige pleisterwerk vlakken, wordt aangevuld met een natuurstenen plint, een restant bijna uit een rustiek verleden. Deze natuurstenen fragmenten verlenen het gebouw een verankering in de rotsgrond, waardoor een organische verbinding gelegd wordt die duidelijk geworteld is in de Scandinavische traditie. Het schitterende pleisterwerk zelf, traditioneel aangebracht in enigszins ruwe en golvende vlakken is het decor voor de roodbruine naar boven donker wordende stammen van het bos waar dit gebouw is ingevoegd. De grote pleisterwerk vlakken worden zowel buiten als binnen vervolgens ‘beschreven’ met tastende symbolen die op een complexe manier verwijzen naar een leven na de dood. Het grote fragiele kruis dat letterlijk uit een imprint in het pleisterwerk omhoog komt, versterkt de puurheid van het pleisterwerk vlak.

Door zijn werk aan de restauratie van de ‘Turku kathedraal’ kende hij de traditie van gefragmenteerde symbolische toevoegingen aan de metselwerk gevel. Deze kerk is tevens de bron van de vierkante en cirkelvormige uitsparingen in het pleisterwerk van zowel het interieur als het exterieur.

Hoewel de route, de benadering, de overgangen van buiten naar binnen uiteraard een grote rol spelen in een opstandingskapel, is de ruimtelijke continuïteit tussen binnen en buiten opvallend. Het bos van grove dennen speelt dan ook een belangrijke rol in de ruimtelijke en symbolische ervaring van deze compositie. De kapel zelf doet zich voor als een nis in het bos, als een tijdelijke overkapping in een overigens continue ruimte. De tocht naar de kapel voert via zeer luie treden omhoog; naar boven toe worden deze treden smaller en vlak voor de entree wijken ze enigszins voor een bestaande dennenboom. Via een lage portico, bronzen, met symbolen beschreven deuren, komt men voor glazen met golvende smeedwerk plantenmotieven bedekte deuren. Daarna openbaart zich het zeer asymmetrisch verlichte schip voor de bezoeker. Terwijl het koor van rechts wordt verlicht door een hoog smal raam, biedt een zijbeuk ter rechter zijde een magnifiek vrij uitzicht op het bos, de zwarte rotsen en de lucht. Door deze eenzijdige en gevarieerde lichtinval ontstaat een gevoel van werveling, van desoriëntatie: de richting van het licht is niet de richting van het hoge gewelf van de kapel. Het grote lichtcontrast doet als vanzelf naar het licht en naar het bos trekken. In het lage horizontale glasvlak bevindt zich een kalkstenen portaal, rijk van relief voorzien, waardoorheen oorspronkelijk de dode zou worden weggedragen: van het licht via de duisternis naar het licht. - (Jan Frederik Groos, Vertoog en Textuur, De expressie van de huid bij vier architecten jaren '50 had Bryggman vele opdrachten, maar deze waren van weinig betekenis. Onder zijn laatste werken bevonden zich de restauratie van de burcht en kathedraal van Turku.

Erik Bryggman stierf op 21 december 1955 in Turku.

Websites: www.architectenweb.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 864.