kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 14-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Gaudí

Antoni Gaudí y Cornet

Spaanse architect, geboren 25 juni 1852, Reus (Tarragona) - overleden 10 juni 1926 te Barcelona

Antoni Gaudí staat bekend om het uitbundige gebruik van kleur, textuur en beweging in zijn gebouwen waarmee hij aan de wieg stond van de Catalaanse art-nouveau beweging en een van de grondleggers van de organische architectuur is.

Biografie
Antoni Gaudí werd geboren als zoon van een eenvoudige kopersmid. Zijn volledige naam is Antonio Plácido Guillermo Gaudí i Cornet. Door reuma moest hij meestal thuis blijven of met een ezel vervoerd worden. Voor de rest van zijn leven heeft hij altijd last gehad van reuma aanvallen.

1863 - 1868 Gymnasiumtijd in de kloosterschool van de paters Escolapios in Reus.

1867 - Gaudí publiceert voor het eerst tekeningen in de krant 'El Arlequín' in Reus, die in hand geschreven vorm verspreid werd (met een oplage van 12 exemplaren). Gaudí tekent het decor voor uitvoeringen van het schooltheater.

Op 17-jarige leeftijd ging hij naar Barcelona en bezoekt de voorbereidingscursus aan de natuurwetenschappelijke faculteit van de universiteit van Barcelona. Gaudi y Cornet studeerde er tot 1874 natuurwetenschappen waarna hij architectuur ging studeren aan de pas opgerichte Escola Provincial d'Arquitectura in Barcelona.

1870 In verband met restauratieprojecten voor het klooster Poblet ontwerpt Gaudí het wapen voor de abt van het klooster.

Vanaf 1874 tot 1877 volgt hij een architectuurstudie aan de Escola Provincial d'Arquitectura in Barcelona. Tijdens deze studie maakt hij vele ontwerpen; onder andere een poort voor een kerkhof, een ziekenhuis in Barcelona en een aanlegsteiger.

Om geld te verdienen werkt Gaudí tijdens zijn studie op verschillende architectenbureaus, onder andere bij Josep Fontseré en Francisco Paula de Villar, die later de bouw van de Sagrada Familia zou beginnen. Samen met Villar werkt Gaudí aan projecten voor het klooster Monsterrat.

Toen Gaudí aan zijn carrière begon als architect was hij niet revolutionair en haalde hij zijn ideeën ook wel uit boeken. Maar hij begon een zoektocht naar zijn eigen stijl in een bijzonder gunstig klimaat. De gehele architectuur bevond zich in een toestand van openheid. Men zocht naar nieuwe ideeën en er was geen vaste norm.

Gaudí bestudeerde ook de Neogotiek, zoals deze door de Franse architecten gepropageerd werd. Catalonië, de geboorte streek van Gaudí, was stap voor stap zijn onafhankelijkheid kwijtgeraakt. De herontdekking van de Gotiek, de laatste decennia van de 19e eeuw, was voor de Catalanen, en ook voor Gaudí, meer dan alleen een aangelegenheid van de kunst. Het werd een politiek signaal.

Vooral zijn anti-kerkelijke houding maakte hem geliefd bij de jongere garde. Tegelijk interesseerde hij zich voor nieuwe sociale ideeën en theorieën.

1878 - Kort voor het eind van zijn studie krijgt Gaudí zijn eerste openbare opdracht. Voor de stad Barcelona moet hij een straatlantaarn ontwerpen. In 1879 werden de eerste lantaarns geplaatst.

Arbeiderskolonie in Mataró.
Hoewel hij zich goed thuis voelde bij de intellectuelen zette hij zich vooral in voor het probleem van de arbeiders. Zijn eerste grote project was dan ook een onderbrengen voor arbeiders van een fabriek. Het was een project in samenwerking met de arbeiderscooperatie van Mataro. Dit project betekende het begin van een steeds groeiende faam. Het project werd in 1878 op de wereldtentoonstelling in Parijs getoond.

Op 15 maart 1878 behaalt Gaudí zijn architectuurdiploma.

Rond 1882 gaat hij nauw samenwerken met de architect Joan Matorell, die hem kennis liet maken met neogotische architectuur, die
beschouwd werd als een uiting van Catalaanse autonomie. Ook gaat Gaudí op excursie met de 'Asociación de Arquitectura de Cataluña' en de 'Asociación Catalanista d'Excursions Científiques' naar Catalaanse historische plekken, van gotische kathedralen tot Moorse gebouwen, die zijn eigen werk ook stilistisch beïnvloedden. Zo combineerde hij voor zijn Casa Vicens (1883-1888) de autochtone gotische stijl met Mudéjar-elementen tot een bizarre hybride vorm van ornamentatie.

Voor de handschoenenhandelaar Esteve Comella ontwerpt Gaudí een etalage. Eusebi Güell wordt door de vorm van het raam op Gaudí attent gemaakt. Gaudi zag ornamentatie als een bepalende factor voor het karakter van een gebouw en bij veel van zijn projecten - zoals Palau Güell (1886-1889), Casa Calvet (1889-1900) en Casa Battló (1904-1906) - experimenteerde hij met in elkaar overlopende, druipende en vervormde organische motieven.


Sagrada Família
Het meest bekend is Gaudí waarschijnlijk om zijn Sagrada Familia - voluit Temple Expiatori de la Sagrada Família - (vanaf 1883), de kerk in Barcelona waar hij begraven ligt en waar nog steeds aan gewerkt wordt. In deze tempel, die ondertussen het symbool is van de modernistische architectuur in Barcelona, heeft hij al zijn opvattingen over architectuur samengevat.
Het is ontworpen in de zogenaamde neocatalaanse stijl, vol grillig gevormde torentjes en ornamentjes, waaraan al zó lang gebouwd wordt dat de voltooide gedeelten al zijn aangetast en gerenoveerd moeten worden.
Op 3 november 1883 nam Gaudí de leiding van de bouw over van Francisco de Paula del Villar, een aanhanger van de neogotiek, die tot dusver alleen een deel van de crypte klaar had. Gaudí heeft deze volgens de originele ontwerpen afgemaakt. Hierna heeft hij zijn eigen ideeën erop losgelaten en begon een kerk te bouwen in zijn eigen excentrieke stijl.
Tijdens de bouw stond Gaudí erop dat hij van alles op de hoogte gehouden werd. De ambachtslieden leidde hij zelf op. De laatste jaren van zijn leven zou Gaudí uitsluitend hieraan werken en als een kluizenaar op de werf leven. Toen hij bij een ongeval onder een tram belandde, stierf hij en werd hij begraven in de crypte van deze kerk.
Het gebouw zit vol christelijke symboliek. Zo moet een centrale grote toren, met groot kruis naar Christus verwijzen en hebben de twaalf apostelen ieder een eigen klokkentoren. Elke façade wil een moment van het leven van Christus vertonen (geboortefaçade, lijdensfaçade).

Het beginontwerp ging uit van een basilica met een hoofdschip en een driebeukig dwarsschip, zodat het totale grondplan een Latijns kruis zou vormen.
De tempel zou drie façades krijgen (façade van de geboorte, façade van de glorie en façade van de passie) met elk vier torens, die samen de twaalf apostelen moeten symboliseren (elke toren moet een moment uit het leven van Christus laten zien). Bovenaan de torens staan woorden als: "Hosanna", "Excelsis" en "Sanctus". Een centrale hoofdtoren, omringd door vier torens, moest Christus tussen de evangelisten voorstellen. Verder kwamen er drie kapellen, een doopkapel, één voor penitenten en een atrium. Ook in het interieur waren zijn ideeën doordacht. Het koor was bezet met zeven kapellen die gegroepeerd waren rond de centrale kapel, deze is gewijd aan de hemelvaart van Maria, en aan de overkant van het hoofdschip zijn aan weerszijden van het hoofdportaal een biecht- en een doopkapel gemaakt.
Het schip moest een oerwoud van zuilen worden, omdat Gaudí in tegenstelling tot de bouwmeesters van de gotische kathedralen de drukkrachten van de constructie in het interieur wilde opvangen, zonder een enkele uitwendige steunbeer of luchtboog. Hij wilde de zuilen een nijging geven die correspondeerde met de erop inwerkende krachten, een techniek die hij al vaker succesvol had toegepast (zie kettinglijn). De buitenkant is "bekleed" met een grandioze uitbeelding van de verlossing van de mensheid door Jezus. Om alles zo goed en vanuit elke hoek te bedenken en te bestuderen maakte Gaudí vele maquettes van de tempel.
Elke zuil heeft een “thema”. Zo heeft de westfaçade het thema het lijden van Christus en de oostfaçade Christus' geboorte. Als de bouw af is, zal de basiliek de grootste ter wereld zijn. De bovenkanten van de torens zijn waarschijnlijk geïnspireerd door het kubisme en de decoraties zijn waarschijnlijk door de stijl Art Nouveau geïnspireerd. Oorspronkelijk zouden de torens trouwens drie keer zo hoog zijn als nu.
Bij het geboortegedeelte is veel decoratiewerk en o.a. drie poorten: "Fe", "Esperanca" en "Caritat" (geloof, hoop en liefde) die de ingang zijn naar de vleugel van het Epistel van de kruisweg. Daarin komen in de vorm van beelden en reliëfs scènes voor uit het leven van Christus en uit de Mysteries van de Rozenkrans .

In 1881 is de opdracht aan Francisco de Paula del Villar gegeven. In 1883 is deze overgedragen aan Gaudí. Hoewel Gaudí de meeste gebouwen die hij ontwierp ook wilde beëindigen, zou hij de voltooiing van de Sagrada Família niet meemaken en daarom heeft hij heel veel gedetailleerde ontwerpen, maquettes en tekeningen gemaakt om het de architecten na hem gemakkelijker te maken. Na Gaudí zijn de volgende architecten bij de bouw betrokken geweest: Francesco Quintana, Puig Boada, en Lluís Gari. De beeldhouwwerken zijn toen verder gemaakt door J. Busquets en de façades door Joseph Subirachs. Anno 2007 is de bouw van de kerk nog steeds niet voltooid. De bouwers hebben medio juli 2006 de verwachting uitgesproken dat eind 2008 de overkapping van de centrale beuk klaar is. Verwacht wordt dat de gehele kerk rond 2025 af zal zijn. De feestelijke inwijding zou dan kunnen plaatsvinden op de honderdste sterfdag van Gaudí: 10 juni 2026.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article Gaudí de opdracht een woonhuis te bouwen.

1887 - 1893
Gaudí bouwt het bisschoppelijk paleis in Astorga.

1888 - 1889
Gaudí gaat door met de bouw van het Colegio Teresiano.

1891 - 1892
Bouw van het Casa de los Botines in León. Tegelijkertijd reist Gaudí naar Málaga en Tanger om de bouwplaats voor het geplande project, een Franciscaans klooster, te bezichtigen.

1893
De bisschop van Astorga overlijdt. Gaudí ontwerpt voor zijn beschermer een katafalk voor de begrafenis en een grafsteen; hij stopt met zijn werkzaamheden aan het bisschopspaleis na de dood van de bisschop, omdat er problemen rijzen tussen hem en het bestuur van het diocees.

1894
Gaudí brengt zichzelf in gevaar door te streng vasten tijdens de vastenperiode. Dit voorval laat zien hoe religieus Gaudí intussen is geworden, terwijl hij vroeger nogal koel tegenover de Kerk stond.

1895 - 1901
Gaudí werkt met zijn vriend Francesc Berenguer aan een wijnkelder voor Güell in Garraf (in de buurt van Sitges). Later wist men niets meer van Gaudí's medewerking aan dit project.

1898
Gaudí begint met de plannen voor de kerk in de Colònia Güell. De werkzaamheden duren tot 1916 en laten dan toch een onvoltooid werk achter: van de geplande kerk voltooit Gaudí alleen de crypte en het portaal.

1898 - 1900
Gaudí bouwt het Casa Calvet in Barcelona; hiervoor krijgt hij van de stad Barcelona in 1900 de prijs voor het beste bouwwerk van het jaar. Het is Gaudí's enige openbare onderscheiding.

1900
Gaudí krijgt opdracht om voor het klooster Montserrat in het kader van een groot rozenkransproject het eerste Glorierijke Mysterie van de rozenkrans uit te beelden.

1900 - 1909
Op het terrein van het voormalige landhuis van Martí I bouwt Gaudí een landhuis in de stijl van een middeleeuws kasteel voor Maria Sagués. Het ligt op een helling iets buiten Barcelona en krijgt vanwege het mooie uitzicht de naam 'Bellesguard'.

1900 - 1914
In 1900 begint Gaudí met de werkzaamheden voor het ambitieuze project van Güell: in Gràcia (toen iets buiten Barcelona gelegen) moest een groot woonpark gebouwd worden. Van het oorspronkelijke woonproject komen alleen twee gebouwen bij de ingang van het terrein af. Gaudí werkt tot 1914 aan de ingang, het grote terras en een ingewikkeld net van wegen en straten.

1901
Voor het landgoed van de fabrikant Miralles construeert Gaudí een muur met ingangspoort.

1903 - 1914
Gaudí restaureert de kathedraal van Palma de Mallorca - een poging om de binnenruimte van de kathedraal in de oude liturgische zin te herstellen.

In 1905 begint gaudi met de bouw van het appartementencomplex Casa Battlo, die door zijn blauwe kleur opvalt in het straatbeeld van Barcelona. Het resultaat: een volledig revolutionaire nieuwbouw voor die tijd.

1906
Gaudí verhuist naar een van de huizen in het Park Güell om zijn oude vader het traplopen te besparen. Zijn vader overlijdt op 29 oktober van hetzelfde jaar.

1906 - 1910
Gaudí begint met de bouw van het Casa Milà, zijn grootste woonhuisproject.

1908
Gaudí krijgt de opdracht een hotel in New York te bouwen. Hij komt niet verder dan de bouwtekeningen, die ook hier weer een gedurfde bouwvisie verraden.
In hetzelfde jaar ontwerpt Gaudí een kapel voor het Colegio Teresiano. Het project mislukt vanwege problemen tussen Gaudí en de overste van het klooster.
Hervatting van de werkzaamheden aan de Crypte Colònia Güell in Santa Coloma.

1909
Gaudí bouwt de school van de Sagrada Familia.

1910
In Parijs vindt een tentoonstelling van de Société National de Beaux-Arts plaats, waar talrijke werken van Gaudí tentoongesteld worden. Het is Gaudí's enige tentoonstelling in het buitenland tijdens zijn leven.
Eusebi Güell wordt in de adelstand verheven.

1914
Gaudí's goede vriend en medewerker Francesc Berenguer i Mestres overlijdt. Met hem heeft Gaudí in Reus het eerste onderwijs genoten bij Berenguers vader.

Gaudí besluit om alleen nog maar aan de Sagrada Familia te werken. De laatste twaalf jaar van zijn leven bracht Gaudí in volstrekte afzondering door. De kathedraal werd zijn woon- en werkruimte.

Op 7 juni 1926, laat in de middag, verlaat gaudi zijn atelier om een wandeling te maken. Hij wordt aangereden door een tram en bewusteloos naar het armenziekenhuis gebracht omdat men dacht dat hij arm was, gezien de kleren die hij droeg. Toen het verplegend personeel er achter kwam wie Gaudi werkelijk was werd hij verplaatst naar een privekamer waar hij drie dagen later overlijdt.

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Gaudí was nooit op een zuivere stijl uit. Hij was geen nabootser, maar liet zich door de bouwwerken uit het verleden inspireren. De bouwwerken van Gaudí zijn een realisering van de theorie dat grote werken uit het verleden geanalyseerd moesten worden om daaruit ideeën te halen voor de tijd van nu.

Blijkbaar waren de architectonische ideeën van Gaudí te gedurfd en werden ze door stads- en staatsinstellingen te weinig op hun waarde geschat. Het gebrek aan officiële herkenning, in ieder geval van prijzen, zou hem zijn leven lang begeleiden. Hij heeft maar een keer een prijs gekregen en dat was dan ook voor een van zijn conventionelere bouwwerken, het Casa Calvet. Hij kreeg ook zeer zelden opdrachten van de overheid. Gaudí werkte vooral aan en voor zijn schrijftafel. Hij maakte op enkele uitzonderingen na plannen en ontwerpen die niet uitgevoerd werden.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1304.