kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 13-01-2009 voor het laatst bewerkt.

Pierre Jeanneret

Zwitserse architect en schilder, geboren 2 maart 1896 Genève - 4 december 1967 aldaar.

Pierre Jeanneret was een verre neef van Charles-Edouard Jeanneret, beter bekend als Le Corbusier (1896-1967), en diens naaste medewerker van 1923 tot 1940. Hij is in die periode degene die voor de praktische uitwerking zorgde van Le Corbusiers bevlogen ideeën en die de dagelijkse leiding had van het bureau in Parijs.

Biografie
Na zijn studie architectuur in Genève verhuisde hij in 1920 naar Parijs waar hij werkte bij het architectenbureau van Perret Frères dat bekend stond om het gewaagde gebruik van beton en de functionalistische vormen.

Begin jaren '20 ontmoette Jeanneret de puristische kunstenaar Amédée Ozenfant (1886-1966) die veel invloed zou krijgen op de schilderijen die hij maakte.

Samen met zijn neef Le Corbusier begon hij eind 1923 een architectenbureau in de Rue d'Astorg 29 dat in september 1924 de naam atelier 35s kreeg. Gezamenlijk propageerden zij de ideeën van Le Corbusier, waarbij hij uitging van een mechanisering van het leven. Corbusier noemde het woonhuis een machine, die zo weinig mogelijk inbreuk mocht maken op de individuele vrijheid van de mens en de omringende natuur.

In 1927 ontwerpt Perriand de 'Bar sous le Toit' voor de Salon d'Automne, waarin voor het eerst haar meubilair van geanodiseerd aluminium en chroom staat. Wanneer Le Corbusier het ziet, nodigt hij Perriand uit om in zijn studio in Parijs 35, rue de Sèvres, te komen werken om meubels en interieurs te ontwerpen. Zij zal tien jaar lang met hem en zijn neef Pierre Jeanneret samenwerken. Samen ontwierpen zij een serie meubelen, waaronder de stoel Basculant nr. 301 (ca. 1928), de chaise longue 8306 (1928), de stoel LC2 (1928) en hun stoel Grand Confort. Ook ontwierpen zij met hun stalen meubilair een appartementinterieur voor de Salon d'Automne van 1929 in Parijs.

Le Corbusier ontwierp in coöperatie met zijn neef een groot aantal woonhuizen, bijvoorbeeld het beroemde Citrohan-huis in 1927 voor de Weissenhof-Siedlung in Stuttgart.

Vijf punten voor een nieuwe architectuur, 1927
In 1927 formuleerde Le Corbusier naar aanleiding van zijn ontwerpen voor de Weissenhofsiedlung een fundamenteel nieuwe esthetica in een programma van viif punten [Le Corbusier& Ozenfant 1918]. In de oorspronkelijke publicatie wordt Pierre Jeanneret vermeld als coauteur, in latere edities valt deze aanduiding vaak weg. - (esthetica.
1. Palen. (...) Een huis op palen! Het huis stond verzonken in de grond: donkere, vaak vochtige vertrekken. Gewapend beton schenkt ons de pijlers. Het huis staat nu in de lucht, ver van de grond, de tuin loopt onder het huis door, de tuin bevindt zich ook op het huis, op het dak.
2. Daktuinen. (...) Een onmiskenbare waarheid: een koud klimaat vereist dat we het hellende dak opgeven ten voordele van het platte dak. Gewapend beton is de nieuwe manier om een uniform dak te bouwen.
3. De vrije plattegrond. Tot nu toe: dragende muren die uit de kelder oprijzen, ze worden op elkaar gebouwd, tot aan het dak. De plattegrond van elke verdieping is de slaaf van de dragende muren. Gewapend beton in de huizenbouw zorgt voor een vrij grondplan! De verdiepingen staan niet meer onderverdeeld in kleine hokjes boven op elkaar. Ze zijn vrij. (...) Eenvoudige logica van een nieuw plan!
4. Horizontale ramen. (...) De vooruitgang brengt een bevrijding. Gewapend beton veroorzaakt een revolutie in de geschiedenis van het raam. (...) Het raam kan nu van het de ene kant van de gevel naar de andere lopen, over de hele breedte.
5. De vrijstaande façade. De pijlers staan, vrij van de gevels, binnen in huis. (...) De gevel is nu niet meer dan een licht membraan van isolatie en ramen. (...)

In 1930 werd hij lid van de UAM (Union des Artistes Modernes). Op de eerste UAM-tentoonstelling toonde hij het meubilair dat hij ontwierp met Le Corbusier en Charlotte Perriand. Zijn projecten Villa Savoye in Poissy (1931), het Paleis van de Sovjets in Moskou (1932) en een stadsplanningsproject voor Algiers werden getoond op latere UAM-tentoonstellingen.

Toen Duitse troepen in 1940 Parijs bezetten beeïndigde Le Corbusier de samenwerking met zijn neef Pierre Jeanneret en vlucht hij naar Zuid-Frankrijk, waar hij en Auguste Perret door de Vichy-regering ondersteund werden. Los van zijn neef Pierre ontwierp Corbusier een op de gouden snede en de rijen van Fibonacci stoelende architectuur onder de naam Modulor. Pierre in het verzet.

Tijdens en onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog opereerde Jeanneret als zelfstandig architect, onafhankelijk van zijn neef. Hij patenteerde het ontwerp met de innovatieve stalen bouten montage van zijn berken stoel Scissor (ca. 1947) en ontwierp onafhankelijk andere meubelen.

In de jaren na de oorlog werkte hij met Jean Prouvé nog aan geprefabriceerde woningen en aan een stadsplanningproject voor Puteaux met Georges Blanchon.

In 1951 verhuisde hij, op vraag van Le Corbusier, naar Chandigarh in India, waar hij samen met Jane Drew en Maxwell Fry instond voor de bouw van de nieuwe stad.

Websites:
. www.cvogodelieve.be


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 105.