kunstbus

Ben jij onwetend, leerling, gezel, meester of uomo universale? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 03 08 2016 17:35 voor het laatst bewerkt.

Piet Kramer

Piet kramer (Pieter Lodewijk Kramer)

Nederlands architect, beeldhouwer, interieurontwerper en meubelontwerper, geboren 1 juli 1881 te Amsterdam - overleden 23 mei 1961 te Amsterdam. Hij is begraven op Begraafplaats Westerveld in Driehuis.

Piet Kramer (1881-1961) was een leerling van Eduard Cuypers en één van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Amsterdamse School, de expressionistische architectuurstroming in de hoofdstad tijdens het interbellum. Deze stroming, met talloze voorbeelden op het gebied van sociale woningbouw, is vooral bekend om de grillige vormentaal en rijke ornamentiek. Kramer werkte vooral met de secundaire kleuren oranje, groen en paars, wat veel minder bekend is. In de periode van 1917 tot 1952 heeft Kramer vrijwel alle Amsterdamse bruggen (circa 500) ontworpen, waarvan er 220 zijn uitgevoerd. Buiten Amsterdam ontwierp Kramer onder meer de Bijenkorf in Den Haag en drie villa's in Park Meerwijk in Bergen. Kramer werkte ook mee aan het tijdschrift Wendingen.

Biografie
Pieter Lodewijk Kramer had een opleiding tot tekenaar genoten op de Industrieschool voor den Werkenden Stand, voordat hij in 1903 op het architectenbureau van Eduard Cuypers terecht kwam waar hij zijn vriend Michel de Klerk en Johan Melchior van der Mey zou leren kennen. Piet Kramer werkte daar tot 1913, daarna korte tijd bij K.P.C. de Bazel.

In 1911 werkte hij samen met J.M. van der Mey en M. de Klerk mee aan het Scheepvaarthuis, een van de eerste voorbeelden van de Amsterdamse School.

Ook werkte Kramer samen met de Klerk aan het woon-winkelblok De Dageraad (1919-1923) aan de P.L. Takstraat/Burgemeester Tellegenstraat waarbij vooral de hoekpartij van Kramer zeer opvallend is. Net als bij het torentje van de Klerk aan de Hembrugstraat had deze geen functie, maar was puur als versiering bedoeld. Deze hoekgevels kregen door de grootse bakstenen rollers ook wel het smalende predicaat 'slagroomarchitectuur'. Kramers latere complexen aan de Hoofdweg en Postjesweg (1923-1925) zijn een stuk soberder.

De Pieter Lodewijk Takbuurt is een wereldberoemd voorbeeld van volkshuisvesting. Het wooncomplex kwam na de Eerste Wereldoorlog tot stand in opdracht van woningbouwvereniging De Dageraad naar een ontwerp van twee leidende architecten van de Amsterdamse School, Michel de Klerk (1884-1923) en Piet Kramer (1881-1962). De arbeiderswoningen hebben een allure die tot dat moment alleen aan prestigieuze gebouwen voorbehouden was. Van meet af aan werd het daarom beschouwd als een monument voor de emancipatie van de arbeidersbeweging zoals wordt bevestigd door ter plekke aangebrachte inscripties, gedenktekens en beeldhouwwerk. In 1974 werd de hele P.L. Takbuurt op grond van de uitzonderlijke architectuurkwaliteit tot Rijksmonument verklaard. - (periode brak aan toen Johan van der Mey in 1911 en Piet Kramer in 1913 nog als zijn assistent en in 1917 als zijn opvolger op de afdeling 'Bruggen' door ir. W.A. de Graaf tot esthetische adviseurs bij Publieke Werken werden benoemd. Hij zou deze functie tot 1952 blijven vervullen. Zijn taak was de nieuw te bouwen bruggen een esthetisch verantwoorde vorm te geven. Met kunstzinnige balustraden in smeedijzer en de toepassing van beeldhouwwerk werd een geheel eigen stijl ontwikkeld, die in de architectuur bekendheid zou verwerven onder de naam Amsterdamse School. Vooral de architect Piet Kramer heeft bijgedragen aan de toepassing van Amsterdamse School-ornamentiek in brugontwerpen. Hij heeft honderden Hildo Krop verzorgd. Een van Kramers bekendste bruggen, over het Amstelkanaal, aan de Amsteldijk is later naar hem vernoemd.

Een der eerste van Kramer's scheppingen is de brug Keizersgracht/Vijzelstraat (1922). Het meest opvallend zijn de massieve natuurstenen pylonen op de landhoofden en de uitvoerig gedetailleerde leuning. Op een detail van deze leuning, is duidelijk te zien welk een vakmanschap er nodig was om dergelijk smeedwerk te vervaardigen.

De brug Singelgracht/Leidsebosje (1924) heeft weer dezelfde hoofdkenmerken als de vorige, namelijk de natuurstenen verzwaringen op de landhoofden en de gedetailleerde leuning. Was het beeldhouwwerk aan de brug Keizersgracht/Vijzelstraat nog vrij strak, hier is alles veel speelser, haast uitbundig. In alle versiering, zowel beeldhouwwerk als het smeedwerk van de leuningen, is de golving van het water te herkennen. Het beeldhouwwerk van deze brug is, zoals bij de meeste bruggen van Kramer, uitgevoerd door Hildo Krop.

Een ander voorbeeld van de bruggebouwkunst van Kramer is de brug Amstelkanaal/Amsteldijk (ontworpen 1917, voltooid 1927). Ook hier zien wij weer de verzwaring van de landhoofden nu echter niet door middel van natuurstenen pylonen, maar door twee GEB-huisjes, die een geheel vormen met de brug. De tekening van de brug Singelgracht/Nassauplein, 1925, is interessant omdat wij hier zien dat Kramer niet alleen de brug ontwierp, maar ook de omgeving. De bomen en andere begroeiing, die wij hier getekend zien, moesten ook werkelijk geplant worden. Het is buiten kijf dat een dergelijke manier van bruggebouw bijzonder kostbaar was. De bruggen gebouwd na omstreeks 1930 (crisis) zijn dan ook veel eenvoudiger in detaillering en vormgeving. De versieringen in beeldhouwwerk, smeedwerk en metselwerk, hoofdkenmerken van de Amsterdamse School, ontbreken hier bijna geheel.

Kramer hield zich net als zijn collega's ook bezig met de inrichting van het interieur en de vormgeving van meubelen, welke conventioneel zijn vormgegeven maar wel een opvallend in kleurgebruik in stoffen en verschillende (gebeitste) houtsoorten zijn. Veel van zijn ontwerpen werden uitgevoerd door de firma Nusink & Co in Amsterdam en de firma Randoe in Haarlem. Het ontwerpen van meubelen, decoratie en glas-in-lood zorgde niet alleen voor inkomsten in schrale tijden, hij kreeg hiermee ook de gelegenheid de hele architectuur van ingang tot deurklink te verzorgen.



Warenhuis de Bijenkorf (1924-1926) in Den Haag wordt door sommigen wel gezien als het sluitstuk van de expressionistische stroming Amsterdamse School. Het warenhuis van honderd bij veertig meter lang waarin lange verticale pijlers zijn opgenomen in een golfbeweging van oranje baksteen, veroorzaken een strenge aanblik. Tussen de pijlers zijn grote ramen van in brons gevatte glasplaatjes. Van het oorspronkelijke interieur, dat Kramer samen met een aantal andere Amsterdamse School-aanhangers ontwierp, is helaas nog maar weinig over.

Kramer ontwierp ook drie villa's in Park Meerwijk in Bergen.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1718.