kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 06-02-2011 voor het laatst bewerkt.

Rem Koolhaas

Nederlandse architect, journalist en scenarioschrijver, geboren 17 november 1944 te Rotterdam.

In Nederland sluit zijn werk aan bij het postmodernistisch werk van de 'late' Oud, zoals zichtbaar is in het Congresgebouw in Den Haag. Verder voelt hij zich aangetrokken door architecten die bekend staan wegens hun grote en internationale visie, zoals Le Corbusier en Mies van der Rohe. Nu wordt Koolhaas beschouwd als één van de belangrijkste architecten van de laatste decennia.

Biografie
Rem L. Koolhaas, zoon van dierenverhalenschrijver Anton Koolhaas en kleinzoon van architect Dirk Roosenburg (1887-1962), werd in 1944 in Rotterdam geboren en woonde van 1952 tot 1956 in Indonesië.

Terug in Nederland was hij aanvankelijk werkzaam als journalist bij de Haagse Post en als cineast/scenarioschrijver, om daarna van 1968 tot en met 1972 een architectuuropleiding te volgen aan de Architectural Association School of Architecture in Londen en in New York onder andere bij O.M. Ungers.

Koolhaas verwierf in 1972 een beurs om een tijdlang in de Verenigde Staten te verblijven. Hij studeerde aan de Cornell University en werd daarna visiting fellow aan het Institute for Architecture and Urban Studies in New York.

In deze periode wilde Koolhaas architectuur niet langer alleen theoretisch beschouwen, maar de ideeën over de hedendaagse culturele samenleving juist aan de praktijk toetsen. Hij keerde terug naar Europa en richtte in 1975 samen met Elia en Zoe Zenghelis en Madelon Vriesendorp in Londen een architectenbureau op. Koolhaas oefende grote invloed uit op het architectuurdebat met zijn ontwerpen, geschriften en lezingen, die zich concentreren op de grote stad. Het bureau dat dan ook OMA: Office for Metropolitan Architecture heet, zocht naar een zowel theoretische als praktische relatie tussen de architectuur en de eigentijdse culturele situatie.

Tegenover historiserende of sociaal- en technisch-utopische architectuurbenaderingen stelt Koolhaas een architectuur van de fragmentatie die ingaat op het chaotische, hectische en onbeheersbare karakter van de metropool. Door de 'culture of congestion' positief te interpreteren, bracht hij een herwaardering voor de grote stad op gang. In zijn ontwerpen koppelt hij deze denkbeelden aan beelden van de Amerikaanse metropool, die hij op een Europees-intellectuele manier van betekenissen voorziet. Zijn spraakmakende publicatie Delirious New York (1978) vormt hiervan de basis.

Het was de prijsvraaginzending voor de uitbreiding van de Tweede Kamer in Den Haag en de daaruit voortvloeiende opdrachten in Nederland, waardoor Koolhaas het bureau in 1978 naar Rotterdam verplaatste.

De eerste gerealiseerde projecten waren het stedenbouwkundig ontwerp voor het IJ-plein in Amsterdam-Noord (1986) en het Nederlands Danstheater in Den Haag (1987).

In 1986 won hij de Rotterdam Maaskantprijs.

De Kunsthal te Rotterdam (1988-1992)
Nederlands beroemdste architect ontwerpt niet alleen spraakmakende bouwwerken, maar houdt er ook een eigenzinnnige visie op na als het om landsinrichting gaat. Van de Nederlandse kleinschaligheid krijgt hij het benauwd; liever modelleert hij de Randstad - inclusief het Groene Hart - naar zijn favoriete metropool: Los Angeles. Zijn betrokkenheid bij een duurzaam milieu is minder bekend, maar valt duidelijk 'af te lezen' uit zijn bekendste Nederlandse bouwwerk, de Rotterdamse Kunsthal. Die is samengesteld uit gerecyclede materialen, die overigens in 15 jaar tijd behoorlijk zijn aangetast door weer en wind.

In de beginjaren worden niet veel van de ontwerpen van OMA gerealiseerd. Vanaf 1990 krijgt het bureau echter diverse grote opdrachten, zowel in Nederland als daarbuiten.

Eind jaren tachtig en begin jaren negentig participeerde het bureau in een aantal prestigieuze prijsvragen in het buitenland: de Très Grande Bibliothèque (1989) en de Bibliotheek van Jussieu (1993) beide in Parijs, en het Zentrum für Kunst und Medientechnologie (1989) in Karlsruhe, Duitsland. De gebouwen werden niet uitgevoerd, maar waren in opzet zeer vernieuwend en daardoor belangwekkend. Bovendien tonen ze Koolhaas' liefde voor grootschalige en gecompliceerde gebouwen.

De Antonio Gaudí-prijs voor Euralille (1992),

In 1995 publiceerde Koolhaas samen met grafisch ontwerper Bruce Mau het lijvige 1344 pagina's tellende boek S,M,L,XL, een boek over de hedendaagse samenleving, architectuur en stedenbouw én met een terugblik op twaalf jaar OMA.

Sinds 1995 is Koolhaas professor aan de Harvard University. Daar leidt hij een aantal onderzoeksprojecten in het kader van het Harvard Project on the City. Belangrijke projecten waren de studie naar vijf steden in de Chinese Pearl River Delta, 'Shopping' en de Nigeriaanse stad Lagos.

In 1997 kreeg Rem Koolhaas na een Europese selectie de opdracht voor het ontwerp van de nieuwe Nederlandse ambassade in Berlijn. Behalve vertegenwoordigers van het ministerie van Buitenlandse Zaken, maakte ook de rijksbouwmeester deel uit van het selectiepanel. Eén van de selectiecriteria was dat de architect in staat zou zijn een aansprekend gebouw te ontwerpen en te bouwen.
De ironie van de geschiedenis wil dat Koolhaas in 1991 in Berlijn voortijdig een bijeenkomst van politici, architecten en critici verliet die de jury vormden van de ontwerpen voor de eerste grote stedenbouwkundige prijsvraag van het herenigde Berlijn. Hij deed dit vanwege een dispuut over de keuze van het toekomstige stedenbouwkundige patroon van de stad. Inmiddels zijn de meningsverschillen bijgelegd. De Berlijnse stedenbouwers kunnen bij de aanblik van de nieuwe Nederlandse ambassade zien wat Koolhaas in 1991 bedoelde met 'een nieuwe architectuur die een pleitbezorger wil zijn van het ongewone binnen het alledaagse, een oproep om zó eerzuchtig te worden, dat men stad en architectuur op een hoger niveau met elkaar in evenwicht wil brengen.'

De Équere d'argent voor het Maison à Bordeaux (1999),

Rem Koolhaas kreeg in 2000 voor zijn werk de Pritzker Prijs, ook wel de ‘Nobelprijs voor de Architectuur' genoemd.

2002 - Oeuvreprijs Fonds BKVB.

Preamium Imperiale (2003).

November 2003 ontving Koolhaas de prestigieuze Architektur Preis Berlin voor zijn Nederlandse ambassade.

RIBA Royal Gold Medal (2003): In februari 2004 neemt hij in het Royal Institute of British Architects (RIBA) in Londen de Royal Gold Medal voor zijn gehele oeuvre in ontvangst.

Hoewel de meeste projecten in Nederland en Frankrijk werden uitgevoerd, verschoof de aandacht van het bureau zich vanaf 2000 steeds meer richting Azië; ook de Verenigde Staten werd een steeds duidelijker werkveld met projecten voor Prada in New York, San Francisco en Los Angeles, de openbare bibliotheek in Seattle en het McCormick Tribune Campus van het IIT (University of Chicago). In de loop van 2004 worden drie grootschalige gebouwen opgeleverd, waaronder de Nederlandse ambassade in Berlijn, het concertgebouw 'Casa da Musica' in Porto en de openbare bibliotheek in Seattle. Momenteel werkt OMA aan zijn grootste opdracht ooit: het nieuwe hoofdkantoor van de Central Chinese Televison (CCTV) in Beijing. Het bestaat uit 575.000 m2 hoofdkantoor en een cultureel centrum en moet in 2008 gereed zijn voor de Olympische Spelen.

Zie ook Koolhaas hebben grote invloed gehad op de hedendaagse architectuur. Jonge architecten(bureaus) zoals Willem Jan Neutelings, Kees Christiaanse, Christiaan Rapp en MVRDV, vinden hun oorsprong in Koolhaas' theorieën over congestie, 'decontextualisatie' en internationaal rationalisme.

OMA heeft heden 80 medewerkers op de twee vestigingen in Rotterdam en New York. Naast OMA is er AMO opgericht, dat samenwerkt met OMA, en zich bezig houdt met onder andere een European Identity Study (2001), verschillende onderzoeken voor Prada en de publicatie van een speciale editie van het tijdschrift Wired (2003).

AMO
Eind jaren negentig werd OMA, tijdens het ontwerp voor het nieuwe hoofdkwartier van Universal (tegenwoordig Vivendi), voor het eerst geconfronteerd met snelle veranderingen in de mediawereld en een steeds belangrijker wordend virtueel domein. Om hier in de ontwerppraktijk adequaat op te kunnen reageren, werd door Rem Koolhaas en OMA besloten AMO op te richten. Terwijl OMA zich met de concrete bouwopgave blijft bezighouden, richt AMO zich volledig op het onderzoek en houdt het zich bezig met vragen ten aanzien van organisatie, identiteit, cultuur en programma. AMO ontwikkelt bovendien manieren waarop alle mogelijke ingrediënten van een bepaalde situatie kunnen worden ingezet. In AMO komen een aantal inhoudelijke lijnen samen: de expertise van OMA en de inhoud die binnen de onderzoeksprojecten aan de Harvard University wordt gegenereerd. OMA en AMO werken vaak samen aan opdrachten, waarbij AMO zich vooral op de organisatie en identiteit van de opdrachtgever richt. Een zeer duidelijk voorbeeld is de opdracht voor Prada. AMO hield zich toen bezig met de informatietechnologie, de website en de media-inhoud van de Pradawinkels. Sinds de oprichting is AMO ook zelfstandig betrokken bij opdrachten en adviseert bijvoorbeeld het tijdschrift WIRED. Het meest bekende project tot op heden is de deelname aan een brainstorm over de visuele communicatie van Europa, dit op verzoek van de Europese Commissie. De 'nieuwe' vlag met de gekleurde streepjescode trok alom de aandacht.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 619.