kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 25-01-2009 voor het laatst bewerkt.

Robert Mallet-Stevens

Frans architect, geboren 24 maart 1886 Parijs - overleden 8 februari 1945 aldaar.

Robert Mallet-Stevens was naast Le Corbusier (eigenlijk een Zwitser) een van de belangrijkste Franse vertegenwoordigers van het Nieuwe Bouwen tijdens het interbellum. Mallet-Stevens maakte deel uit van de van de avant-gardebeweging en was vertrouwd met de architectuur van Le Corbusier en de picturale theorieën van Van Doesburg en Mondriaan.

Meestal wordt de naam Mallet-Stevens in de rij geplaatst met August Perret, André Lurçat en Le Corbusier. Robert Mallet-Stevens was als architect lang niet zo radicaal als Le Corbusier. Hij hield er geen uitgesproken sociale ideeën op na, wel esthetische. In die zin is hij een soort brugfiguur tussen de art deco en het modernisme.

Over Mallet-Stevens' denkwijze is relatief weinig bekend, daar zijn archieven op eigen verzoek na zijn dood vernietigd zijn. Mallet-Stevens, die half van Belgische afkomst was, overleed te vroeg om echt bekend te worden bij het grote publiek. Vele bouwwerken van zijn hand zijn in verval geraakt.

Twee van Mallet-Stevens' beroemdste gebouwen zijn de Villa Noailles (1923-1932) in het Zuid-Franse Hyères en de Villa Cavrois (1932) in Croix bij Rijsel. In een tijd waarin de sociale dimensie van architectuur, het bouwen voor de massa en de vraagstelling naar het “minimum existens” van de woning, belangrijke items waren in het architectuurdebat, bouwde hij deze twee “nieuwe kastelen” voor de zeer welstellende burgerij. Deze soort opdrachten zijn medebepalend geweest voor de positionering van zijn persoon en zijn werk binnen de Europese architectuurgeschiedenis.

“De verscheidenheid bij Mallet-Stevens heeft een esthetische, decoratieve grond... Hij is een illusionist, dat wil zeggen gaat van een vooropgestelde, optische vormschoonheid uit. Hij is estheet, decorativist en daarom een minder gewetensvolle architect dan bijvoorbeeld Scharoun of Mies van der Rohe. Verdient bij Mallet-Stevens de indeling der woonruimten, de verzorging der details, geprezen te worden, het geheel mist eenheid, ‘module’. Deze verbrokkeling is het gevolg der ‘fantasie’ bij het bouwen.” - Theo van Doesburg.
Ook andere tijdsgenoten zoals Philip Johnson, Siegfried Giedion en J.J.P. Oud hadden veel kritische bedenkingen. Zij rekenen zijn werk niet tot de avant-garde van de moderne architectuur. - (Desny en diverse opmerkelijke gebouwen met vast meubelair, veelal met stalen buizen.

Biografie
De ouders van Mallet-Stevens waren van Belgische afkomst. Zijn vader was kunstexpert in Parijs en vriend van de impressionisten. Zijn moeder was de dochter van Arthur Stevens, een belangrijke verzamelaar.

Robert voelde zich sterk aangetrokken tot het Kubisme en het werk van Charles Rennie Mackintosh. In zijn eerste ontwerpen is vooral de invloed van Hoffmann en de Wiener Secession prominent aanwezig. Dit is zeker niet toevallig: hij was de neef van Adolph Stoclet wiens vrouw Suzanne Stevens de zus was van zijn moeder. Stoclet liet zijn riante woning “Palais Stoclet” (1906-1911) in Brussel bouwen door de Oostenrijkse architect Jozef Hoffmann. Als architect in opleiding aan de Parijse École Spéciale d'Architecture van 1903 tot 1906 bracht Mallet-Stevens tijdens de bouw en ook later verschillende bezoeken aan dit hoogtepunt van de Wiener Secession. Nadat hij in 1910 zijn opleiding had afgerond, werkte hij nog enige tijd op Hoffmanns bureau aan diens Stocletpaleis. De invloed van Josef Hoffmann op de jonge Robert zie je dan ook in zijn vroege ontwerpen, prachtige tekeningen in wat later de 'klare lijn' genoemd zou worden.

In 1911 en 1912 schreef hij diverse artikelen voor de tijdschriften Le Home, Tekhné, L'Art Ménager en Lux.

Vanaf 1912 exposeert hij zijn werk op de Salons d'Automne en in 1913 werd zijn moderne 'Salon de Musique' met geometrische lijnen en rationeel meubilair lovend ontvangen.

In 1922 publiceerde hij het bouwkundige manifest Une Cité Moderne met een door Frantz Jourdain (1847-1935) geschreven voorwoord. Vanaf 1923 schreef hij net als Theo van Doesburg en Ludwig Mies van der Rohe voor L'Architecture Moderne.

Het gebouwde oeuvre van Mallet-Stevens is beperkt in tijd, amper twintig jaar, van 1922 tot 1939. Het start met een grote woning voor de modeontwerper Paul Poiret in Mézy en eindigt in 1939, met de bouw van het “Pavillon de la Presse” voor de expo te Rijsel.

1923-1928 Villa Noailles, Hyères
In 1923 gaf burggraaf en kunstverzamelaar Charles de Noailles de jonge architect Robert Mallet-Stevens de opdracht om een huis te bouwen. Ook andere kunstenaars, waaronder Theo van Doesburg, werkten aan dit Gesamtkunstwerk mee.
Aan de voet van het kasteel van Hyères, wilden Charles en Marie-Laure de Noailles een vakantiehuis creëren, waar ze de winters zouden doorbrengen en 's zomers vrienden konden ontvangen. Hij wou een eenvoudig en modern huis, "met alle hedendaagse snufjes om zo praktisch en aangenaam mogelijk te leven". Villa Saint-Bernard werd uiteindelijk een paleis van 2000 m2, met zestig slaapkamers, zwembad en tennisveld
De villa zou een compromis worden: eenvoud gekoppeld aan luxe; geïnspireerd op de moderne architectuur van de groep De Stijl, met rechte en diagonale constructielijnen, opgetrokken met de nieuwe materialen zoals gewapend beton. Weinig of geen houtwerk en oude pannen, karakteristiek voor de streek. Wel glas, staal, schuiframen, afwasbare materialen, gemakkelijk te onderhouden. Terrassen, koertjes en tuinen: zon en zee zijn overal aanwezig. Men waant zich op een pakketboot, wanneer men uitkijkt op de eilanden van Porquerolles, Port-Cros, de Levant.
De villa is beroemd vanwege het jaarlijks terugkerende modefestival en de daaraan verbondene Wedstrijd voor jonge ontwerpers. - (Man Ray vereeuwigd in 1929 in zijn film “Les mystères du château du Dé”.

Naast Villa Noailles had ook zijn functionele en ongekunstelde Alfa Romeo-showroom in Parijs (1925) in de jaren '20 en '30 grote invloed op de Franse avant-gardistische ontwerpen.

Mallet-Stevens werkte ook samen met kunstenaars in de film en decorbouw. Hij ontwierp het decor voor verschillende films, waaronder L'inhumaine (1924) en Le Vertige (1926) van Marcel L'Herbier.

Ook de decors die hij maakte voor stomme films als L'Inhumaine (1923) en Le vertige (1926) van Marcel L'Herbier,

1925: Pavillon du tourisme, Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes, Parijs
Zijn bijdrage aan de grote expositie waaraan de art deco zijn naam dankt n Parijs “Exposition internationale des arts décoratifs” in 1925 ging niet onopgemerkt voorbij. Veel media-aandacht ging naar zijn “Pavillon des renseignements et du tourisme” en naar een tuin met betonnen bomen, omschreven als “Les arbres cubistes” van Jan en Noël Martel (1896-1966).
Een van de personen die onder de indruk kwam was de textielindustrieel Paul Cavrois. In tegenstelling tot het erg traditionele paviljoen van de textielindustrie van Noord-Frankrijk was de bijdrage van Mallet-Stevens vernieuwend.

Villa Cavrois (1925-1932)
Begin 1925 had Cavrois aan architect Jacques Gréber de opdracht gegeven voor een grote landelijke villa, een project dat hetzelfde jaar nog werd stopgezet. Pas in 1928 neemt hij contact op met de architect en de eerste tekeningen voor de villa dateren van de lente 1929.
In de Villa Cavrois nabij Rijsel, dat tussen 1925 tot 1936 in opdracht van de textielindustrieel Paul Cavrois werd gebouwd, zijn Mallet-Stevens' inspiratiebronnen, het Brusselse Stocletpaleis, van Josef Hoffmann, de Nederlandse kunststroming De Stijl, alsook het Kubo-Futurisme, te herkennen.
In de fase van de technische
uitwerking van het project gaan beiden in 1930 op reis naar België en Nederland. Na een bezoek aan Palais Stoclet in Brussel is de eindbestemming Hilversum. Deze stad was een “bedevaartsoord” voor de nieuwe architectuur, met het werk van Duiker en vooral van W.M Dudok. Het Raadhuis van W.M. Dudok was in 1930 in fase van afwerking. Mallet-Stevens kende dit meesterlijke project ongetwijfeld via een publicatie van het ontwerp in het tijdschrift Wendingen uit 1924, een tijdschrift waarin hij ook een artikel publiceerde betreffende Frank Lloyd Wright. De verwantschap tussen het Raadhuis en Villa Cavrois is frappant, niet enkel omwille van de plastische volumetrie (maatanalyse) maar ook door de keuze van lichtgele bakstenen.
Om in het interieur kunstlicht op verschillende manieren aan te wenden deed Mallet-Stevens een beroep op de verlichtingsexpert André Salomon.
De bouw duurt twee jaar en de villa wordt op 5 juli 1932 ingehuldigd met het trouwfeest van de dochter Cavrois.
Na 1945 wordt de villa aangepast en verbouwd door architect Pierre Barbe.

1925-1927 Rue Mallet-Stevens 3-12 (16e arr. Auteuil)
Ondanks zijn voorliefde voor pure geometrische vormen, hield hij ook van raffinement en luxueuze afwerking. Hij zette villa's voor rijke klanten uit zijn eigen mondaine kennissenkring neer. In de wijk Autueil bouwde hij een volledige straat, inclusief het straatmeubilair, die naar hem is genoemd. Zes huizen, afgesloten door een conciërgewoning.
Mallet-Stevens volgde voor zijn huizen deels de puristische bouwstijl van le Corbusier maar maakte geen gebruik van de bouwtechnieken die le Corbusier toepaste, zoals beton en draagpijlers. Het puristische karakter hebben zijn huizen te danken aan de strakke lijnen, afgewisseld met ronde vormen en een strak uiterlijk door het witte pleisterwerk.
Maison Martell is als enige nog in originele staat en de meest bijzondere woning door het ronde trappenhuis dat boven het huis uitsteekt. In dit pand hadden de beeldhouwers Jan en Joël Martel hun en atelier. Om de hoek, in de Rue du Docteur Blanche, staat nog een huis van Mallet-Stevens. Dit is meer een appartementengebouw dat naar boven toe trapsgewijs terugloopt, net als het appartementengebouw La Sportive van Sauvage aan de Rue Vavin (5e arr.). - (Mallet-Stevens wilde met de rustige lijnen van gladde, witte kubussen één harmonieus architecturaal geheel vormen. De woningen hadden geen tuin, wel terrassen op verschillende verdiepingen aan de straatkant.
In het huis op nr. 12 had de architect zijn eigen woning en atelier. In de ronde toren met een bekronende betonschijf zit een kleurig glasraam van de kunstenaar Barillet. De poorten zijn van Jean Prouvé.
Ook voor de interieurs werkte Mallet-Stevens samen met uitstekende kunstenaars.
De inhuldiging van de straat in 1927 was een druk bijgewoond society-gebeuren. - (Paul Poiret bouwde hij in 1925 een villa in in Mézy-sur-Seine nabij Parijs, die wegens het faillissement van zijn opdrachtgever nooit is afgeraakt. Mallet-Stevens ontwierp in 1931-1932 ook een woning en atelier voor Louis Barillet, de glas-in-loodkunstenaar die ook aan de Villa Noailles en aan het Martelhuis had bijgedragen. Hij was tevens de architect van het gebouw waar Tamara de Lempicka in 1930 een atelierwoning in de Rue Méchain 7 betrok.

In 1930 richtte Mallet-Stevens samen met onder anderen Charlotte Perriand, Jean Puiforcat, Pierre Chareau en Eileen Gray de U.A.M. op (Union des Artistes Modernes), waarvan hij de eerste voorzitter was.

Evenals Hoffmann ontwierp Mallet-Stevens voor zijn huizen ook het meubilair. Bekend is zijn metalen stapelstoel uit het begin van de jaren dertig, die in de jaren tachtig door Andrée Putman opnieuw werd uitgebracht.

Een ander gebouw van Mallet-Stevens, het casino van Saint-Jean-de-Luz aan de Frans-Baskische kust, opgetrokken in de internationale stijl versierd met art deco-elementen, was al een tweedehandse opdracht. Het werd in de jaren vijftig en tachtig bovendien duchtig verbouwd, zodat het vandaag nog moeilijk aan hem kan worden toegeschreven. Sommige van zijn realisaties zijn echter een mythe gebleven. Zo is er de grote villa in Brazilië die nooit werd teruggevonden, of de woning in Westende, die nog altijd niet gelokaliseerd is.

Ook de ontwerpen die niet zijn uitgevoerd, geven een idee van zijn genie. Zo maakte Mallet-Stevens een ontwerp voor het Musée d'art moderne de la Ville de Paris en het Palais de Tokyo, maar zijn modernistische ontwerp werd minder interessant gevonden dan het ietwat bombastische neoklassieke gebouw van vier vergeten architecten dat er nu staat.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Robert_Mallet-Stevens.

Websites:
. www.onserfdeel.be


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1874.