kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 14-08-2008 voor het laatst bewerkt.

Wendingen

Wendingen, Maandblad voor Bouwen en Sieren

Kunstblad dat maandelijks verscheen van 1918 tot 1931. Het tijdschrift werd uitgegeven door de Amsterdamse uitgeverij 'De Hooge Brug' en was een orgaan van architectuurgenootschap 'Architectura et Amicitia'.

Het tijdschrift Wendingen werd vooral de spreekbuis van de beweging de Amsterdamse School. In totaal verschenen er 116 afleveringen.

Ondanks de band van Wendingen met Architectura et Amicitia beperkte het blad zich allerminst tot de architectuur; design, diverse vormen van beeldende kunst, ja zelfs exotische onderwerpen als schelpen en kristallen, kregen in themanummers evenzeer aandacht. De internationale faam die het periodiek zich verworven heeft, is niet alleen terug te voeren op de inhoud: de vormgeving is daar in belangrijke mate debet aan. Naast het eigenwijze grote vierkante formaat (33 x 33 cm) en de op Japanse wijze met raffia bijeengebonden pagina's die telkens uit een naar binnen gevouwen bifolium bestaan, is het vooral de typografie die het blad zo opvallend maakt. De grote man hierachter was de architect H.Th. Wijdeveld.

Historie
Tijdschriften als Wendingen, Bouwkundig Weekblad, Architectura en Bouwkundige Bijdragen zijn uitgaven van twee verenigingen die een belangrijke rol gespeeld hebben bij de professionalisering van de architectuur en het beroep van de architect: de Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst - later gefuseerd met de Bond van Nederlandse Architecten - , en het genootschap Architectura et Amicitia (A et A). Hun verenigingsorganen zijn nog steeds belangrijke informatiebronnen voor studenten en onderzoekers.

Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst
De Maatschappij werd in 1842 opgericht, enerzijds uit optimisme over een opbloei van de bouwkunst, anderzijds uit frustratie over het lage artistieke niveau van de ontwerpen van ingenieurs en ambachtslieden. Voor het eerst werd in Nederland een scheiding aangebracht tussen ontwerp en uitvoering van een gebouw, waarbij het ontwerp het domein zou moeten zijn van de professionele, theoretisch aangelegde architect. De Maatschappij hing een beschavingsideaal aan dat het overdragen van kennis en het geven van goede voorbeelden tot doel had. De vereniging bracht van 1842 tot 1881 de Bouwkundige Bijdragen uit, gevolgd door het Bouwkundig Tijdschrift (1881-1908). Met de BNA werd het Bouwkundig Weekblad (1881-1926) uitgegeven, dat vanaf 1927 Bouwkundig Weekblad (en) Architectura (1927-1945) heette.
Een van de eerste initiatieven van de Maatschappij was het uitschrijven van prijsvragen. De uitgebreide juryrapporten werden jaarlijks gepubliceerd in Bouwkundige Bijdragen. Die rapporten vormden, samen met de bekroonde tekeningen en hun toelichtingen, een unieke combinatie van ontwerp en architectuurbeschouwing. Hierin werd de discussie gevoerd over kernbegrippen uit die tijd zoals schoonheid, waarheid, karakter, stijl en orde. In het toenmalige denken over bouwkunst waren dit deugdelijke, efficiënte toetsstenen voor het beschouwen en beoordelen van architectuur. Bouwkundige Bijdragen was niet het eerste Nederlandse architectuurtijdschrift, maar wel het eerste met een substantiële hoeveelheid oorspronkelijke bijdragen van Nederlandse auteurs.

Architectura et Amicitia
Architectura et Amicitia werd opgericht in 1855 op initiatief van J.H. Leliman. Leliman was al lid van de Maatschappij, maar hij miste binnen die wat formele vereniging de begeestering en de vernieuwingsdrift van de jongere generatie. Het was een kleine vriendenclub van jonge Amsterdamse bouwkundigen die elkaar stimuleerden bij de beoefening van hun vak. In die beginjaren was het niet veel meer dan een Amsterdamse afdeling van de Maatschappij, met overeenkomstige doelstellingen, zoals het realiseren van een goede bouwkunstopleiding in Nederland. Pas in de jaren tachtig voer A et A meer een eigen koers. Ze ageerde tegen de neogotiek als een door de overheid gepropageerde 'officiële stijl', en tegen de Maatschappij die in deze kwestie geen duidelijk standpunt innam. A et A werd de spreekbuis van verschillende vernieuwende stemmen in de architectuur.

Van de zeven tijdschriften die de vereniging heeft uitgegeven behoren Architectura, Wendingen en Forum tot de - ook internationaal - meest gewaardeerde. Als verenigingsorgaan verscheen van 1865 tot 1892 De Opmerker, in 1893 opgevolgd door Architectura (1893-1917/1922-1926). De Opmerker richtte zich op architecten, ingenieurs, fabrikanten, aannemers en werkbazen. Het wekelijks verschijnende tijdschrift was actueel en praktisch, zelfs technisch van aard. Het wordt wel beschouwd als voorloper en 'oefening' voor het polemische Architectura.

Tijdens de eerste wereldoorlog groeide de zucht naar vernieuwing, geïnspireerd door het gedachtegoed van de Sociaal Democraten en de Communisten in Rusland. Grootschalige uitbreidingen om iedereen van fatsoenlijke woonruimte te verzekeren was een van de idealen. Het genootschap werd door J.F. Staal en J. Gratama naar bolsjewistisch voorbeeld gereorganiseerd en excursies, prijsvragen en ledenbijeenkomsten werden geschrapt.

Van 1917 tot 1932 verscheen het cultureel breed georiënteerde Wendingen, tot 1925 onder hoofdredactie van architect H.Th. Wijdeveld (1885 - 1987), als boegbeeld van een vernieuwd 'A et A'. Wijdeveld, die actief betrokken was bij de discussies van de modernisten en avant-gardisten (Van Doesburg, Stam, Mondriaan, Rietveld e.d.) werd zelf wereldberoemd met de door hem verzorgde typografische vormgeving van het tijdschrift Wendingen. Zo beroemd dat hij door Frank Lloyd Wright als docent naar Amerika werd gehaald.

Wendingen, ongeëvenaard in visuele schoonheid en baanbrekend door de aandacht voor internationale avant-garde, betekende bijna de ondergang van A et A. De uitgave van het befaamde tijdschrift was een bestuurlijke en financiële krachttoer die ten koste ging van het genootschapsleven. Wendingen slokte jarenlang vrijwel al het geld en alle aandacht van het bestuur op, terwijl steeds meer leden hun lidmaatschap opzegden. Om het tij te keren werd in 1921 de uitgave van Architectura weer hervat, maar zonder langdurig succes. In 1926 fuseerde Architectura daarom met het Bouwkundig Weekblad van de BNA tot Bouwkundig Weekblad (en) Architectura. Twee jaar later werden ook de vertrouwde verenigingsactiviteiten, excursies en prijsvragen weer nieuw leven ingeblazen. Het samengaan van de twee bladen duurde tot 1941, toen de Duitste bezetter het bestuur van de BNA afzette en er een stroman installeerde. A et A onthield zich van elke medewerking en de naam Architectura verdween uit de titel.

Wendingentypografie
Geïnspireerd door het werk van J.L.M. Lauweriks, die al in 1908 in Duitsland het op Wendingen preluderende luxueuze, moderne kunsttijdschrift Ring had verzorgd, kwam Wijdeveld tot de 'Wendingentypografie'. Lauweriks en hij ontmoetten elkaar bij Architectura et Amicitia, dat zeker net na de Eerste Wereldoorlog een trefpunt was van jonge, moderne architecten.
Kenmerkend zijn het gebruik van een schreefloze letter (een grotesk) voor de teksten, de in verticaal opzicht excentrische plaatsing van tekst en illustraties op de pagina's, en - het meest opvallende - het opbouwen van letters voor de titels en diverse kopjes uit elementen uit de zogenaamde 'blikvangerskast'. Vooral dit laatste stuitte op veel weerstand. Niet geheel ten onrechte was 'onleesbaar' een veel gehoord verwijt. Een opmerkelijk aspect van het blad is voorts dat de advertenties - hoe verschillend onderling ook - door een consequente inkadering in dikke lijnen en het gebruik van slechts één kleur, een zeer homogeen karakter hebben en zich naadloos in de vormgeving voegen. De eigenzinnige belettering is goed te zien op het gewijd aan de Hilversumse stadsarchitect W.M. Dudok. - (Wendingen waren niet alleen de internationale moderne architectuur, maar bijvoorbeeld ook het werk van symbolistische kunstenaars als Jan Toorop en Odilon Redon, moderne theaterdecors en de 'natuurvormgeving' van kristallen en schelpen. Wendingen werd algauw het Gesammtkunstwerk waar Wijdeveld van gedroomd had, met de krachtige nieuwe typografie van zijn eigen hand en elke aflevering een nieuw omslag gemaakt door een toonaangevende kunstenaar.
Halverwege de jaren twintig maakte Wijdeveld zijn mooiste en belangrijkste nummers: de aflevering over kristallen en de liefst zevendelige reeks over de door hem verafgode Amerikaanse architect Frank Lloyd Wright.

De schulden van het blad waren inmiddels ook opgelopen en de architect H. Verkruysen nam het hoofdredacteurschap van Wijdeveld over. Onder Verkruysen werden nog enkele prachtige nummers gemaakt, maar de bezielende leiding van Wijdeveld werd flink gemist en in 1932 werd de publicatie gestaakt.

Websites:
. 73 willekeurige covers van het maandblad Wendingen uit de periode 1918 t/m 1931 (Wendingen nr. 4 uit 1923 Houtsneden afkomstig uit het houtsnede nummer van Wendingen 1919 (Technische Universiteit Delft heeft in samenwerking met het NAi en de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een aantal belangrijke bouwkundige tijdschriften uit de periode 1850-1945 laten digitaliseren. Het gaat om uitgaven als Wendingen, Bouwkundig Weekblad, Architectura en Bouwkundige Bijdragen. De gedigitaliseerde tijdschriften zijn uitgaven van twee verenigingen die een belangrijke rol gespeeld hebben bij de professionalisering van de architectuur en het beroep van de architect: de Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst - later gefuseerd met de Bond van Nederlandse Architecten - , en het genootschap Architectura et Amicitia (A et A). Hun verenigingsorganen zijn nog steeds belangrijke informatiebronnen voor studenten en onderzoekers. - (libserv.tudelft.nl)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 33.