kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 19-06-2008 voor het laatst bewerkt.

Wiel Arets

Wiel Arets (Heerlen, 1955)

Nederlands architect.

Het werk van Wiel Arets kenmerkt zich door het gebruik van materialen als in het werk gestort schoon beton, glazen bouwstenen en prefab beton-elementen. Wit, grijs en zwart overheersen in zijn ontwerpen. De Academie voor Beeldende Kunsten in Maastricht verwierf hij de meeste bekendheid mee.

Wiel Arets studeerde bouwkunde aan de Technische Universiteit van Eindhoven waar hij in 1983 zijn studie afrondde. In 1984 begon hij zijn eigen architectenbureau in Heerlen: Ir. Wiel Arets Architect & Associates.

Al tijdens zijn studies begin jaren tachtig zoekt Wiel Arets aansluiting bij het internationale architectuurdebat. Hij is een van die 'nieuwe' architecten die relatief weinig bouwen maar daarentegen aandacht besteden aan onderwijs en theorievorming. Wat voor hem in discussies en artikels duidelijk wordt, is dat de architect niet alleen verantwoording verschuldigd is aan opdrachtgevers en inspraakgroepen maar vooral ook aan de geschiedenis van de architectuur en de cultuur.
Voor jonge architecten is dit uiteraard een inspirerend perspectief, zo ook voor Wiel Arets. Hij absorbeert intens het actuele architectuurdebat en oriënteert zich in de geschiedenis. Hij onderneemt studiereizen naar de Sovjet-Unie en Japan. Hij publiceert over de Limburgse architect Peutz en samen met Wim Van den Bergh maakt hij publicaties over Libera's villa Malaparte en over de Mexicaanse architect Barragan. Gaandeweg formuleert hij een eigen ontwerpfilosofie, sterk geïnspireerd door de ideeën van Rossi en Grassi. "Zij beschouwen architectuur als een samenspel van theorie, ontwerp en individuele interpretatie, waarin heden, verleden en toekomst vervat zijn. De architectuur wordt beschouwd als een dynamisch proces, waarbij de continuïteit in ruimte en tijd centraal staat, en waarbij men stelt dat de architectuur een antwoord moet geven op het probleem van de realiteit door zichzelf te zijn..."

Inmiddels krijgt Arets de eerste opdrachten: verbouwingen en woonhuizen. In 1989 ontvangt hij de Maaskantprijs voor Jonge Architecten.

Hij krijgt nog meer opdrachten, onder andere voor gebouwen die een belangrijke functie hebben in het culturele leven: een theater en kunstacademies. De filosofisch-theoretische aspecten blijven van belang, want elk ontwerp beschouwt hij in feite als een essay. "Architectuur is een instrument van gedachten, constant in opwachting. Het is een feest voor de geest, met als belangrijkste functie de 'potentie'. Ze probeert in een gerealiseerd fragment uit te drukken wat in feite niet uit te drukken is, wat we niet kunnen vatten binnen een enkelvoudige uitdrukking; ze probeert door de uitdrukking van het fragment een oneindig aantal uitdrukkingen op te roepen."

Academie_van_Beeldende Kunsten, Herdenkingsplein 12 Maastricht 1989 - 1994
Met zijn ontwerp voor de uitbreiding aan de Academie voor Kunst en Architecuur uit 1962 aan het door Mecanoo ontworpen Herdenkingsplein in het historische centrum van Maastricht vestigde Arets binnen en buiten Nederland zijn reputatie.

De kwaliteit van Arets' architectuur berust niet alleen op deze theoretische inhouden. Elk gebouw toont dat hij alle facetten van het bouwen beheerst. Het gebouw als geheel maar ook elk detail of constructief probleem is bestudeerd en beantwoordt aan de opzet van de architect. De esthetische armoede van beton, staal en glazen bouwstenen treedt op de voorgrond. Arets reduceert de ruimte, het materiaal en het licht tot de naakte essentie. Zo realiseert hij mystiek en dramatiek in zijn architectuur en voorziet haar van een spirituele raadselachtigheid. Zijn gebouwen zijn 'sober, maar eerlijk', en wie erin rondloopt voelt zich 'heel prettig'.

Arets' ontwerpen verschijnen als streng geometrische en abstracte figuren in de stad: als samenstellingen van blokken en balken die een fascinerende, formele complexiteit laten zien. De gevels geven niets prijs over hetgeen binnen gebeurt. Ze spreken alleen over zichzelf, over hun interne compositorische structuur en over de wijze waarop ze gemaakt zijn. De glazen bouwstenen zorgen voor voldoende licht binnen. Kleine ramen, vaak geordend als een raster, maken het naar buiten kijken mogelijk. Het gewapend beton verwijst uitsluitend naar de eigen fractuur en interne structuur. Een ander fascinerend aspect van Arets' ontwerpen en gebouwen is de wijze waarop ze ontsloten worden. Gewone deuren zijn zeldzaam. De ingangen bevinden zich regelmatig ondergronds of half ondergronds.

Arets' gebouwen zijn 'reconstructies' in de breedste zin van het woord, omdat hij telkens probeert in de ontwerpen het verband zichtbaar te maken met historische en topografische gegevenheden die latent aanwezig zijn in de site. Ondanks hun minimalistische vorm gaan de ontwerpen een duidelijke relatie aan met de bestaande, stedelijke morfologie. Arets werkte tot nog toe op diverse locaties in historische binnensteden: Maastricht, Amsterdam, Groningen en Delft. Het gaat nooit om een letterlijke reconstructie van een historische situatie: spijt over iets dat verloren gegaan is, is niet het motief. Het gaat om het besef dat de historische continuïteit een reëel gegeven is dat niet te ontkennen valt.
Daarenboven vindt Arets dat de traditionele structuren van wegen tussen bouwblokken niet meer voldoende zijn toegerust om alle moderne verkeers-, communicatie-, productie-, handels- en verlangstromen (wat Deleuze en Guattari het 'rhizoom' noemen) in zich op te nemen. Daarom voorziet hij regelmatig verkeersverbindingen als een aparte laag in het ontwerp. Dat resulteert in onverwachte doorzichten, veranderende lichtinval en alternatieve bewegingen.
Juist door de onoverzichtelijkheid van het rhizoom gaan Arets' gebouwen als sociale condensatoren functioneren. Arets spreekt dan ook over 'a virological architecture', over een architectuur die als een virus onzichtbaar en onvoorspelbaar sociale veranderingen in de stad teweegbrengt. Met het virale model heeft Arets een sociale theorie gevonden waarin "het subject van zijn vermeende autonomie wordt ontdaan" en waarmee een einde wordt gemaakt aan de "almachtsfantasieën van de cultuurkritiek." "Voor het denken over de stad betekent dat, dat men afziet van het idee om een perfecte stad te maken en werkt aan onperfecte perfectie, aan onvolmaakte volmaaktheid ... Het gaat erom ruimte te scheppen voor het onvoorspelbare en de stad spanning te laten krijgen: niet dat het gebeurt, maar dat het kan gebeuren." Aldus Arets. (Bron: Wiel Arets doceerde aan de Architectural Association in Londen en was ‘visiting professor' aan Cooper Union, Colombia University in New York en de Hogeschool voor de Kunsten in Wenen. Zijn werk werd met verschillende onderscheidingen bekroond.

Universiteitsbibliotheek, Heidelberglaan 3 Utrecht 1998 - 2004
Kenmerkend voor het exterieur zijn zwarte betonpanelen en glazen puien voorzien van een bladpatroon naar een foto van Kim Zwarts.
In het interieur hangen boven de publieksruimten de twee depots, door Arets "wolken in de lucht" genoemd.

In 2005 kreeg Arets de Rietveldprijs voor zijn ontwerp van de Universiteitsbibliotheek op De Uithof in Utrecht.

Wiel Arets kreeg in 2005 de BNA-Kubus, de oudste prijs voor architectuur in Nederland. De jury waardeert de bijzondere kwaliteit van zijn werk en prijst zijn bijzondere bijdrage aan de architectuur.

Websites: www.wielarets.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 326.