kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 06 02 2017 14:44 voor het laatst bewerkt.

Alexander de Grote

Romeinse kopie buste Alexander door Lysippus 330 v.Chr.

Rijk van Alexander de Grote bij zijn dood.

Alexander III de Garote (Pella, 26 juli 356 v.Chr. — Babylon, 11 juni 323 v.Chr.), in het Grieks: (Mégas Aléxandros) of (Aléxandros tritos o Makedón) was koning van Macedonië. Hij verenigde de elkaar bevechtende Griekse poleis en veroverde onder meer Perzië en Egypte.

356 Geboorte van Alexander als zoon van koning Philippos II van Macedonië en koningin Olympias

343-340
Opvoeding door Aristoteles, mogelijk samen met Hefaistion
Alexander temt zijn paard Boukefalos

338
Slag bij Chaeronea

336
zomer De Perzische koning Artaxerxes IV wordt vermoord; Darius III volgt hem op
oktober Philippos II wordt vermoord door zijn lijfwacht Pausanias
Alexander volgt hem op en wordt koning van Macedonië

334
mei Alexander zet voet in Azië.
begin juni Slag bij de Granikos: eerste slag van Alexander tegen het Perzische leger

333
april–juli Alexander in Gordion
ca. 5 november Slag bij Issos: eerste treffen tussen Alexander en Darius III

332
januari–juli Beleg en val van Tyrus

331
maart Alexander bezoekt het orakel van Ammon in Siwa
7 april Alexander sticht Alexandrië in de Nijldelta
1 oktober Slag bij Gaugamela: tweede en laatste treffen tussen Alexander en Darius III

330
30 januari Alexander arriveert in Persepolis en blijft daar tot juni
juni Darius III verlaat zijn hoofdstad Ecbatana
ca. 17 juli Darius III wordt vermoord in Choara; Bessus volgt hem op

329
ca 1 juni Alexander trekt op naar de Oxus; neemt Bessus gevangen

328
winter Alexander arriveert in de Bactrische hoofdstad Bactra
herfst Alexander doodt zijn eigen officier Kleitos

327
Alexander trouwt de Sogdische prinses Roxana
late zomer Dood van Alexanders biograaf Kallisthenes

326
april De legers van Alexander en Hefaistion verzamelen bij de Indus
mei Slag bij de Hydaspes tegen de Indiase koning Poros
eind juli Muiterij van Alexanders legers bij de Hyfasis

325
januari Alexander wordt in zijn long geraakt en overleeft maar net

324
maart Bruiloften in Susa
eind oktober Alexanders geliefde Hefaistion sterft

323
april-mei Alexander in Babylon
mei Voorbereidingen voor de campagne naar Arabië

11 juni Alexander sterft op 32-jarige leeftijd

Jeugd
Alexander de Grote werd geboren in Pella als Alexander III, zoon van de Macedonische koning Philippus II en koningin Olympias. Volgens meerdere legenden werd hij niet verwekt door Philippus II, die bang was voor Olympias, die de gewoonte had met slangen te slapen, maar door de god Zeus. Alexander was zich hiervan bewust en buitte dit politiek uit door zich de zoon van Zeus te noemen.

Het ten noordoosten van het klassieke Griekenland gelegen Macedonië werd door de Grieken als half barbaars gezien. Alexanders moeder kwam uit Molossië, Epirus. Zowel Macedonië als Epirus werd bewoond door 'grens'-Grieken. Dat wil zeggen Grieken aan de andere kant van de Olympus. De inwoners waren beduidend minder geciviliseerd dan de Grieken in de stadstaten van het zuiden.

Zijn vader benoemde de beroemde Aristoteles tot zijn leermeester, van wie volgens sommigen zijn levenslange liefde voor poëzie (vooral Homerus) stamde, hoewel dit niet bewezen is. Hij en Alexander bleven lang bevriend, maar uiteindelijk (toen Alexander 30 jaar oud was) keerden ze zich tegen elkaar, waarop Alexander de vriendschap verbrak. Dit kwam omdat Alexanders vriend Callisthenes was overleden door een overdosis gif. (Callisthenes was de neef van Aristoteles. En zo dacht Aristoteles dat Alexander Callisthenes had vermoord).

De jonge Alexander kon uitstekend paardrijden en leidde op jonge leeftijd al een deel van zijn vaders leger ("de Punt": cavalerie) onder meer in de beslissende Slag bij Chaeronea (338 v.Chr.).

In 336 v.Chr. werd Philippus vermoord door Pausanias, een verontwaardigde jongeman die een van zijn minnaars was geweest. De moord was op de bruiloft van zijn dochter Cleopatra. Zowel Alexander als Olympias waren tegen de bruiloft, terwijl geen van hen beiden Philippus hadden vermoord. De moordenaar werd op diezelfde avond gedood. Er werd een onderzoek gestart door Aristoteles om de aanhangers te vinden. Pas in 330 v.Chr. was het onderzoek afgerond.

Bevestiging van de macht in Griekenland
Onder Philippus had Macedonië al diplomatiek en militair gezien de leiding gekregen over Griekenland (definitief na de Slag bij Chaeronea). Toen de dood van Philippus de Grieken ter ore kwam, meenden zij dat onder diens onervaren zoon de Macedonische hegemonie snel zou eindigen, maar na een onverwachte inval van Alexander moesten zij zich toch weer onderwerpen. Hierbij richtte hij in Thebe een bloedbad aan. Daarvoor nog trok hij ten strijde tegen de opstandige gebieden Thracië en Illyrië, in het noorden van Macedonië. Alexander de Grote zou ook de meest bekende cynicus uit de oudheid ontmoet hebben in Athene, namelijk Diogenes van Sinope. Alexander vroeg hem of hij iets nodig had en Diogenes vroeg hem, een stapje opzij te doen, om hem het zonlicht niet te benemen.

Onderwerping van Perzië
Rijk van Alexander de Grote bij zijn dood.In 334 v.Chr. begon Alexander aan zijn beroemde veldtocht tegen Perzië. De eerste twee jaar richtte hij zich op Perzië, dat toen een groot gebied beheerste dat het hedendaagse Iran, Irak, Syrië en Turkije omvatte. Zijn vader had al dit plan opgevat, terwijl ook de Grieken er warm voor liepen om eindelijk met de Perzische erfvijand af te rekenen. Alexander veroverde eerst Klein-Azië. In de ooit door Griekse kolonisten gestichte steden (zoals Halicarnassus) in Klein-Azië zou Alexander vaak als bevrijder worden gezien.

Hij versloeg een Perzisch legertje bij de rivier de Granicus en veroverde daarna stad na stad. Na anderhalf jaar (herfst 333 v.Chr.) versloeg hij de Perzen bij Issos. De Perzische koning liet zich in een engte lokken, tussen het gebergte en de zee, waar hij weinig had aan zijn numerieke overmacht; kwalitatief waren de Macedoniërs hem de baas.

Na Issos rukte Alexander op naar het zuiden, richting de Libanon en Egypte om eerst deze gebieden te bezetten zodat de Perzen hem later niet in de rug konden aanvallen. Aan de voor de Libanese kust gelegen eilandstad Tyrus stelde hij een ultimatum om vrijwillig toegang te geven voor hem en zijn leger. De handelslieden van Tyrus hadden daar geen interesse in en waanden zich onaantastbaar op hun goed beveiligde eiland. Maar Alexander liet een dam aanleggen tot bij de stadsmuren en na een lange belegering wisten zijn soldaten de muren te veroveren. Woedend over het verzet dat Alexander veel tijd had gekost liet hij zijn manschappen de stad plunderen en verwoesten. De bevolking werd grotendeels uitgemoord en de overlevenden als slaaf verkocht. Hierna trok Alexander naar Jeruzalem dat hem na het inmiddels bekend geworden lot van Tyrus wijselijk vrije doortocht verleende. In Egypte werd Alexander als bevrijder ontvangen en kostte het hem niet veel moeite om zijn gezag te vestigen. Hij liet zich als nieuwe Farao eer bewijzen en liet de eerste plannen opstellen voor de bouw van de nieuwe stad Alexandrië aan de monding van de Nijl. Hierna richtte Alexander zich weer naar het oostelijke Perzische kernland om dit definitief te verslaan.

Hij rukte verder op naar het oosten, richting Gaugamela, voor de derde slag. Bij Gaugamela versloeg hij op 1 oktober 331 v.Chr. opnieuw Darius III (zie Slag bij Gaugamela). Darius wist te ontkomen maar werd later vermoord door een van zijn eigen generaals. Daarna veroverde hij de Perzische steden Babylon en Persepolis, de gebieden Medië en Scythië en de steden Susa, Herat en Samarkand. Hij sloot een vriendschapsverbond met het koninkrijk Khorazm bij de Oxusrivier in 328 v.Chr., dat werd beschouwd als een woestijnachtig gebied. Bij archeologische opgravingen bleek echter dat in die tijd bij deze rivier een grote irrigatiecultuur bestond.

De begroeting van Alexander in de Siwa Oase
Toen Alexander in Egypte aankwam met zijn leger, werd hij binnengehaald als redder en tot Farao gekroond. Wie weet hoe de Farao gezien werd door de Egyptenaren, begrijpt dat Alexander in hun ogen vanaf dat moment de op aarde gereïncarneerde oppergod was. Dat de Grieken die Alexander vergezelden dat ongetwijfeld anders zagen, behoeft geen betoog.

In Egypte bevond zich diep in de woestijn een Oase met een wereldberoemd orakel. Dit orakel van Amon werd al eeuwen ook door Grieken bezocht om het hun vragen voor te leggen. De priesters daar spraken Grieks met die bezoekers. En het orakel was bekend komen te staan als het orakel van Zeus-Amon. Zeus was immers de oppergod, maar dan van de Grieken. Men caterde dus voor zijn klanten op een manier die de potentiële klanten aansprak.

Alexander besloot ook het Orakel van Zeus-Amon te bezoeken. Hij trok met een select groepje van makkers door de woestijn naar Siwa om zijn vraag aan het orakel voor te leggen. Bij aankomst van Alexander in Siwa werd hij begroet door de hogepriester met de Griekse woorden 'oh zoon van Zeus'. En aangezien Alexander de Farao van deze hogepriester was en als Farao de manifestatie van de oppergod Amon op Aarde, was die begroeting niet meer dan beleefd. Dit was het tweede moment waarop het lijkt dat Alexander als god begroet werd. Wederom een kwestie van plaatselijke gebruiken - niets anders dan een cultureel bepaald verschil, dat door de Grieken echter anders werd uitgelegd.

Wat vroeg Alexander de Grote aan het Zeus-Amon orakel
Overigens weet niemand, wat nu die vraag was die Alexander hier stelde aan Zeus-Amon. Hij ging helemaal alleen naar binnen en kwam later tevreden met het antwoord naar buiten. Maar hij heeft nooit aan iemand verteld, althans zover wij weten, wat zijn vraag nu was. Er is in de afgelopen 23 eeuwen veel gespeculeerd over die vraag. Misschien ligt het antwoord in de wijze waarop de Grieken over leven en dood dachten. Grieken leefden in hun idee voort door hun daden, die ook eeuwen later nog bezongen en beschreven werden. Het leven na de dood, het hiernamaals, was, in de Griekse gedachte, een gruwelijke wereld, waar een mens nog maar een schim, een zwak aftreksel was van zichzelf. Voortleven deed men alleen in heldendichten die verhaalden over iemands roemvolle daden. En een Griek streefde ernaar om zich in zo'n heldendicht voor eeuwen en eeuwen bezongen te zien.

Op grond van deze gedachte is het mogelijk, dat Alexander aan Zeus-Amon heeft gevraagd of hij 'eeuwig' zou voortleven. Gezien het feit dat hij met de verovering van het Perzische Rijk en het Egyptische Rijk, naast het Griekse Rijk wat hij van zijn vader geërfd had, de beroemdste mens van zijn tijd was, heeft het orakel zonder twijfel met een volmondig 'ja' geantwoord. En dat antwoord is juist gebleken. De roem van Alexander, en daarmee Alexander zelf, leeft nog steeds voort.

Begin van het Hellenisme
Het was Alexanders plan om Griekenland en Perzië niet alleen militair, maar ook cultureel te verenigen. Hij introduceerde aan zijn hof in de voormalige Perzische hoofdsteden Babylon, Persepolis en Susa Perzische kledij en gewoonten. Een ervan was de proskynesis, het zich in het stof werpen voor een een hogergeplaatste. De Grieken verafschuwden dit, wat Alexanders populariteit danig ondermijnde. Ook trouwde hij met enkele prinsessen uit het voormalige Perzische rijk, te weten Roxane van Bactrië, Darius' dochter Statira en Ochus' dochter Parysatis. Hoewel zijn beste vriend en erastes (minnaar) Hephaestion als de liefde van zijn leven wordt beschouwd, verwekte Alexander bij Roxane vermoedelijk Alexander IV ("Aegus") (323 - 309 v.Chr.). Hij had ook nog een bastaardzoon, Herakles (327 - 309 v.Chr.). Tevens dwong Alexander veel van zijn officieren met Perzische vrouwen te trouwen.

India
In 327 v.Chr. trok Alexander naar India. Hij wilde "tot het einde van de wereld" zijn tocht voortzetten, wat, zo meende hij, bij de uitmonding van de Ganges was. Hij versloeg bij de rivier de Hyadaspes in Punjab de Indiase vorst Porus, maar uiteindelijk weigerden zijn soldaten verder te gaan vanwege de maandenlange tropische regenval. De dramatische terugtocht, onder meer door de Gedrosische woestijn, kostte duizenden van zijn mannen het leven.

Rond deze tijd stierf Alexanders beroemde paard Bucephalus ("koeienkop"), waarover de legende ging dat het afstamde van de woeste paarden van Diomedes, getemd door Herakles in zijn achtste werk.

Alexanders dood
Alexander maakte plannen voor veldtochten naar het Arabische schiereiland en tegen Carthago, maar in 323 v.Chr. stierf hij op 32-jarige leeftijd in het paleis van Nebukadnezar II in Babylon aan een plotselinge koorts. Mogelijk is een overdosis nieskruid dat in die tijd dikwijls werd voorgeschreven tegen psychische aandoeningen, hem fataal geworden. Een andere theorie is dat Alexander syfilis had. Dit zou hij opgelopen hebben via één van zijn escapades. Alexander zou dan de eerste persoon zijn waarbij syfilis is aangetoond.

Een andere gedachte is dat Alexander, die voor hij deze laatste keer Babylon binnentrok, verbleef in een kamp in de moerassen rond Babylon, een aandoening aan zijn longen heeft opgelopen. Dit zou hebben geresulteerd in een longontsteking, die hem fataal is geworden. Voor de theorie van de longontsteking pleit ook het feit dat Alexander enige tijd daarvoor een steekwond in zijn borstkas had opgelopen bij de verovering van een stad. Natuurlijk was Alexander ook zelf met zijn makkers de muur overgeklommen om de stad te veroveren en had daarbij een pijl in zijn borst gekregen. Daarvan leek hij te zijn genezen, maar het is niet onmogelijk dat zijn longen toch een zwakke plek waren gebleven.

Rond Alexanders dood zijn veel raadselen, waarvan sommigen aan de legendevorming van Alexander als god hebben bijgedragen. Zo is er het verhaal dat de balsemers van zijn lichaam pas dagen na zijn dood, terwijl de generaals vochten over de erfenis van Alexander, bij zijn lichaam kwamen. Maar dat dit vreemd genoeg in het zeer warme Babylon niet stonk. Indien Alexander een tijd schijndood was geweest, of beter gezegd in coma, zou dat verklaren waarom hij nog niet was gaan ontbinden. Niks goddelijks dus, maar gewoon een gebrek aan medische kennis van die tijd. De veer die voor Alexanders mond was gehouden om te kijken of hij nog ademhaalde, had niet bewogen. Maar als hij bijvoorbeeld een longontsteking heeft gehad, kan zijn ademhaling zeer oppervlakkig en moeilijk waarneembaar zijn geweest.

Het is vanuit dat standpunt jammer dat het graf van Alexander nooit gevonden is. Dan had de moderne medische wetenschap ons wellicht kunnen vertellen, wat nu zijn doodsoorzaak is geweest. Aan de andere kant is zijn laatste rustplaats zo ook niet verstoord.

Na zijn dood
Bij zijn overlijden strekte Alexanders rijk zich in oost-westelijke richting zo'n 4000 km uit. De grote afstanden droegen, samen met het feit dat het in relatief korte tijd tot stand was gekomen, bij aan het snelle uiteenvallen ervan. In eerste instantie werd er een soort staatsraad gevormd, bestaande uit de voornaamste generaals van Alexander, zijn moeder, zijn halfbroer Philippus Arrhidaeus en enkele raadgevers, om de zaken waar te nemen voor de beoogde opvolger Alexanders jonge zoon Alexander IV. Al snel trokken de sterkste generaals de werkelijke macht naar zich toe. Deze generaals bekend als de "Diadochen", bevochten elkaar hevig, wat uiteindelijk ook velen in Alexanders omgeving het leven kostte: zijn moeder Olympias, zijn vrouw Roxane (Perzisch: Rhoxane), zijn zoons Alexander IV en Heracles, zijn zus Cleopatra, zijn halfzus Eurydice, zijn halfbroer Philippus Arrhidaeus en de meeste van zijn hoogste officieren werden uiteindelijk vermoord. In eerste instantie viel zijn rijk uiteen in vier delen, na verdere ontwikkelingen drie en uiteindelijk twee.

Legendevorming
De legendevorming rond Alexander de Grote is aanzienlijk. Hierboven is al genoemd zijn zogenaamde afstamming van Zeus. Tevens zou het Orakel van Delphi hem onoverwinnelijk genoemd hebben. In Europa en delen van het westen van Azië wordt hij veelal als held en geniaal veldheer gezien, maar in Iran geldt hij als vernietiger van hun eerste grote rijk en verwoester van Persepolis. Uit vele culturen, van de Britse tot verschillende culturen in Zuidoost Azië, zijn legenden over hem bewaard gebleven, waarin hij dan soms wordt afgebeeld als lokale vorst.

Bij de Minangkabau van West-Sumatra bestaat een legende dat één van zijn nakomelingen met zijn boot op de Gunung Merapi bleef steken (toen alleen met de top boven de zee uitstekend). Zijn nakomelingen bevolkten later de Minanglanden, zo vertelt de legende. De koningen van de Minangkabau claimden afstamming van Iskandar Zulkarnain (zie hieronder).

In het oosten wordt hij vaak als "Iskander" aangeduid. Onder de klassieke geschiedschrijvers die over zijn veldtochten verhalen zijn Arrianus, Plutarchus en Quintus Curtius. Beroemd is ook zijn methode om de legendarische Gordiaanse knoop te ontwarren, te weten met zijn zwaard. Alexander wordt in de Koran (Soera De Nachtreis, Vers 82) Dhoulkarnain (de tweehoornige) genoemd.

Van Alexander wordt beweerd, dat hij het scheren zou ingevoerd hebben, opdat tegenstanders zijn soldaten tijdens het gevecht niet bij de baard zouden kunnen grijpen. Scheren zou in zijn leger uitgevoerd zijn met de wapens. Afbeeldingen tonen Alexander zonder baard, terwijl Griekse helden en Goden dikwijls baarden dragen.

Alexanders karakter
Oude geschriften over Alexander zijn weinig objectief, bedoeld òf om hem op te hemelen òf om hem door het slijk te halen, zodat we weinig zeker weten over zijn karakter. Zo vermoordde hij zijn vriend Cleitus tijdens een ruzie bij een drinkgelag, iets waar hij later veel spijt van had. Ook liet hij Philotas en diens vader Parmenion vermoorden, die weigerden details van een samenzwering tegen hem te onthullen, maar dat kan ook als verstandig worden aangemerkt. De filosoof Anaxarchos zou, toen Alexander zichzelf te veel als god begon te zien, gezegd hebben, wijzende op zijn bloedende vinger: "Zie hier het bloed van een sterveling, niet van een god." In andere versies van het verhaal zou Alexander dit juist zelf hebben gezegd tegen een overdreven onderdanige soldaat.

Recent is men meer gaan letten op de negatieve kanten van Alexander: vooral A.B. Bosworth was hier als wetenschapper zeer belangrijk:

"We moeten ophouden ons Alexander voor te stellen als Alexander "de Grote": de jonge, charismatische veroveraar, die de wereld wou vergrieksen en cultuur brengen, en waarover zoveel anekdotes bestaan; eerder moeten we ons hem voorstellen als een brutale vechtjas, die talloze stammen op zijn weg uitmoordde, zich op talloze zuippartijen ziek dronk en daarop agressief werd. Hij was zonder een greintje respect voor de onderworpen gebieden; zijn beleid beperkte zich tot genadeloze repressie en miste elke visie op lange termijn. Wie zich niet onvoorwaardelijk onderwierp, hoefde vaak niet meer op genade te rekenen, wat de anekdotes dan ook vertellen. Bijvoorbeeld bij de verovering van Tyrus werd bijna de gehele bevolking uitgemoord omdat de stad zich verzette tegen annexatie. Ook het lot van Persepolis was niet beter. In Griekenland zelf was het lot van een opstandige stad trouwens even gruwelijk zoals bij de verwoesting van Thebe bleek. De vergelijking met Attila de Hun of Dzjengis Khan, berucht om hun wreedheid, is misschien dan ook meer op zijn plaats dan die met de blonde halfgod. Alexander "de Gruwelijke" is misschien wel meer op zijn plaats."

Aldus de mening van Bosworth. Volgens andere historici moet men dit echter in de context van die tijd zien. Veroveraars en machthebbers waren nooit mensen die het bij het opbouwen van een imperium nauw met de 'mensenrechten' namen en daarbij genadeloos voor tegenstanders en onwilligen waren. In een volgende fase, als het Imperium eenmaal tot stand is gekomen, komt er door een sterk centraal gezag pas ruimte voor handel en kunst om tot bloei te komen.

Alexander wordt als leerling van Aristoteles en door de beelden die van hem als Griekse halfgod zijn gemaakt in de beeldvorming vooral gezien als de stichter van het Hellenisme. Dat kwam echter pas na zijn dood tot volle wasdom. Ook na de dood van Dzjengis Khan brak onder diens opvolgers een bloeiperiode voor het veroverde rijk aan.

Nog steeds omstreden blijft Alexanders seksuele geaardheid; was hij hetero-, homo of biseksueel? Niet alleen trouwde hij drie keer met een vrouw, tevens hield Alexander er diverse vriendjes op na. Hephaestion zou in Alexanders wereld de meest dierbare persoon in zijn leven zijn. Maar ook dit moeten we in de tijdsgeest plaatsen; in het oude Griekenland (en dus in Alexander's tijd ook Makedonië) was de mannen-, of beter gezegd de knapenliefde een normale zaak. Opmerkelijk zou dan wel zijn dat Hephaestion altijd zoveel voor hem is blijven betekenen.

Alexanders erfenis
Alexanders veroveringen leidden tot een grote verspreiding van de Griekse taal en cultuur, tot in India toe. Hier kan men nog de Griekse invloed zien in bijvoorbeeld beeldhouwwerk en architectuur. De periode na zijn dood wordt dan ook het Hellenistische tijdperk genoemd. Andersom werden ook de Grieken beïnvloed door wat zij in het Oosten aantroffen, bijvoorbeeld door de Babylonische astrologie, religies en andere oosterse cultuuruitingen.

Invloed van Alexander
Maar ook begonnen de nieuwe Griekse machthebbers de weelderige levensstijl van de oosterse potentaten te imiteren wat vroeger onder de Grieken zeker afgekeurd zou zijn. Het koningschap nam ook een goddelijk air aan. Dit was gebruikelijk in Perzië en Egypte waar de koning gezien werd als een levende god op de troon. Dit aspect kwam via het hellenisme ook terecht bij de latere Romeinse keizers die tenslotte ook goddelijke eer opeisten.

Alexander was ook van grote invloed op de economie. Zo stimuleerde hij de handel door havens en wegen aan te leggen en nieuwe steden te stichten. Ook van belang was de economische impuls die uitging van de verdeling van de Perzische kostbaarheden, die daarvoor nutteloos in schatkelders hadden gelegen. Hij liet namelijk een groot gedeelte van de Perzische schatkist omsmelten en tot muntgeld slaan en stimuleerde zo flink de geldeconomie.

Ten slotte waren Alexanders tochten feitelijk ook wetenschappelijke expedities, op onder meer geografisch, geschiedkundig en biologisch gebied. Hiervan profiteerde bijvoorbeeld Aristoteles die geregeld verslagen over voordien onbekende zaken toegestuurd kreeg. Hierdoor werd het Griekse wereldbeeld aanzienlijk verruimd.

Tijdens zijn regering werden er vele steden naar hem genoemd, waarvan Alexandrië in Egypte de bekendste is. Ook van grote betekenis was dat door de hellenisering van het Midden-Oosten het Grieks als lingua franca gebruikt werd waardoor rond het begin van de jaartelling de meeste bewoners dit konden verstaan. Hierdoor kon het jonge christendom zich snel verspreiden en wortel schieten.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article v.Chr.) dankt zijn bijnaam ‘de Grote’ aan het enorme gebied dat hij wist te veroveren: van Griekenland in het westen tot aan de Indus in het oosten, het grootste rijk dat de oudheid gekend heeft. Helemaal bijzonder als je bedenkt dat hij dit reusachtige gebied binnen elf jaar onder zich bracht, en dat terwijl hij nog maar twintig jaar was toen hij aan de macht kwam.

Wie op zijn dertigste levensjaar ‘de hele wereld’ veroverd heeft, moet wel over bovenmenselijke krachten beschikken. In de geschiedschrijving zijn werkelijkheid en mythe moeilijk te onderscheiden. Van het begin af aan bevatten biografieën van Alexander toespelingen op een goddelijke afkomst. Het is niet ondenkbaar dat hij daar zelf aan bijgedragen heeft. Hij liet zijn hofdichter en -geschiedschrijver Kallisthenes de gebeurtenissen optekenen tijdens zijn grote veldtocht. Deze beschrijvingen zijn alleen via latere bronnen overgeleverd.

In de literatuur wordt Alexander de Grote als een held neergezet, een briljant veldheer die in durf, strategisch inzicht en slagkracht zijn gelijke niet kende. Maar ook komt hij naar voren als een megalomane alcoholist, die driftbuien had die zelfs zijn naasten soms met de dood moesten bekopen. In de Grieks/Romeinse en latere westerse geschriften werd hij aangeduid als Alexander de Grote. In het Oosten hebben ze het echter al enkele decennia over Alexander de Gruwelijke.

De Macedoniërs
Alexander was de zoon van Philippos, koning van Macedonië, het gebied ten noordoosten van Griekenland. De Macedoniërs meenden af te stammen van Macedon, de zoon van Zeus. Ze zagen zichzelf als Grieken, maar de Grieken vonden hen achterlijk en ongeciviliseerd: gewelddadige barbaren die hun wijn onverdund dronken.

Philippos, die koning werd in 360 v.Chr., wist Macedonië op te stoten in de vaart der volkeren. Hij voerde Griekse gewoonten in, stimuleerde de kunsten en de economie én organiseerde een ongekend sterk, professioneel leger. Onder zijn bewind werd Macedonië de grootste macht in de regio. Hij veroverde heel Griekenland. De voorheen autonome Griekse stadstaten stelde hij onder zijn bestuur in de Korinthische Bond. Hij ging verscheidene (politieke) huwelijken aan met prinsessen uit de verslagen gebieden, om zich van de trouw van die gebieden te verzekeren. De moeder van Alexander, prinses Olympias uit Epirus, was de vierde van zijn zeven vrouwen.

Alexanders jeugd
Op 21 juli 356 v.Chr. werd Alexander geboren. Van zijn vader heeft hij niet veel gezien; die was als koning-veldheer voortdurend op veldtocht. Alexander bleef achter met zijn moeder Olympias, die dat niet erg gevonden moet hebben, want steeds meer leek zij een hekel aan haar man te hebben.

Philippos had ervoor gezorgd dat zijn zoon een Griekse opvoeding kreeg: lichamelijk werd Alexander getraind door Leonidas, intellectueel werd hij gevormd door onder anderen de beroemde filosoof Aristoteles. Hij groeide op met de Griekse helden Achilles en Herakles als voorbeeld, die hij tijdens zijn veldtochten ook veelvuldig zou eren met offers en spelen. De Ilias van Homeros werd Alexanders leidraad. Hij streefde ook het Homerische ideaal na: de strijd voor het persoonlijk succes, de eer en de roem. Een Homerische held gold toen als de enige echte held.

Als kind al toonde Alexander dat hij niet bang was. Op de paardenmarkt werd een groot paard te koop aangeboden, Boukefalos (‘Runderkop’), dat zich door niemand liet berijden. Het steigerde en schopte om zich heen. Alexander had gemerkt dat het dier bang was voor zijn eigen schaduw. Hij keerde het paard naar de zon toe en kalmeerde het. Na een tijdje lukte het hem op het paard te rijden. Philippos was geroerd en kocht het paard voor Alexander. Boukefalos heeft Alexander in de jaren die volgden trouw gediend en is in 326 v.Chr. in de strijd gesneuveld.

Op zijn achttiende mocht Alexander laten zien wat hij waard was op het strijdtoneel: hij werd aanvoerder van de linkerflank van het leger bij de beslissende slag tegen Athene, waar hij ondanks zijn jonge leeftijd al liet zien een zeer goede aanvoerder te zijn. Macedonië won de slag, Philippos was koning van heel Griekenland. De autonomie van de Griekse stadstaten was ten einde.

Als Alexander gedacht had dat zijn vader hem zou belonen voor zijn moed, had hij het mis. In de verdere militaire plannen van Philippos speelde hij geen rol; hij was beoogd regent in Macedonië als zijn vader op veldtocht ging. Zeer tegen de zin in van Alexander. De verhouding tussen vader en zoon werd behoorlijk gespannen.

Koning Alexander
Niet veel later werd Philippos vermoord. Er gingen geruchten dat Olympias en Alexander achter deze moord zaten. Of dat werkelijk waar was, is niet meer te achterhalen. In ieder geval was Alexander klaar om de troon over te nemen. Hij had alleen een oudere halfbroer, van een eerdere vrouw van Philippos, maar die kwam niet in aanmerking vanwege beperkte geestelijke vermogens. Alle anderen die aanspraak maakten op de troon – neven van Philippos – werden door Alexander uit de weg geruimd, samen met hun familie, zodat er geen oppositie meer overbleef. Het was een staaltje van Alexanders niets en niemand ontziende optreden, zoals hij dat nog vele malen ten beste zou geven. In 336 v.Chr. was Alexander op twintigjarige leeftijd koning van Macedonië en hegemon, heerser, van de Korinthische Bond van Griekse stadstaten. Hij omringde zich met de trouwste generaals van zijn vader en met zijn jeugdvrienden, die hij allemaal hoge posities in zijn leger zou bezorgen. Een van hen was Hefaistion, Alexanders beste vriend én geliefde.

Toen Philippos overleden was, roken de Griekse stadstaten en de andere door hem onderworpen gebieden een kans op hernieuwde autonomie en kwamen in opstand. Alexander, die het strategische inzicht én het sterkste leger in de regio van zijn vader geërfd had, herstelde zijn macht met veel geweld, en soms met diplomatie.

Bij elke opstand – en dat waren er nogal wat – bleken Alexanders slagkracht en strategisch inzicht zo groot, dat het verzet snel gebroken was. Zijn vuurproef als koning en veldheer had hij met glans doorstaan. In 335 v.Chr. leek Thebe nog even met succes in opstand te komen, maar ook die werd neergeslagen. Als straf en afschrikwekkend voorbeeld voor de andere steden werd de stad totaal met de grond gelijk gemaakt. Het werkte: Griekenland hield zich rustig tot aan Alexanders dood in 323 v.Chr.

De tocht naar Azië
Daden van goden en helden vormden volgens de antieke literatuur vaak een drijfveer voor Alexander. Niet alleen nam hij een voorbeeld aan Herakles en Achilles, ook de wijngod Dionysos was een bron van inspiratie. Dionysos, die in het dagelijks leven van de Grieken een belangrijke rol speelde, was de zoon van Zeus en een Thebaanse prinses. Hij trok door de wereld en introduceerde daarbij overal de wijnstok. Zijn tocht ging zover als India. Dionysos, slechts een halfgod, had overal waar hij kwam de volkeren aan zich gebonden en zijn eredienst gevestigd. Bij terugkeer werd hem het verblijf op de Olympos toegestaan. Hij werd door de goden dus geaccepteerd als één van hen. Alexander lijkt voor zichzelf iets dergelijks voor ogen te hebben gehad.

Nadat hij de rust had teruggebracht in het Macedonische rijk, kon Alexander de aandacht richten op zijn grootse plannen. Hij wilde het grote Perzische Rijk onderwerpen. Zijn vader had de weg voor hem geplaveid. Philippos had de Griekse steden al zover gekregen om een veldtocht in Perzisch gebied te steunen (en manschappen te leveren), met het argument dat hij de oorspronkelijk Griekse kuststeden zou bevrijden die in de vijfde eeuw voor Christus door de Perzen waren ingenomen. Alexander zette het plan van zijn vader voort.

Voor de veldtocht bracht Alexander een leger bijeen van zo’n 48.000 soldaten, 16.000 man ondersteunend personeel en een vloot van meer dan honderd oorlogs- en transportschepen. Hij wees Antipater aan als plaatsvervangend koning en hegemon van de Korinthhische Bond en trok de Hellespont over naar Troje, waar zijn grote voorbeeld Achilles gesneuveld was. Net buiten Troje bracht hij een bezoek aan het graf van Achilles en diens dierbare vriend Patroklos. In de tempel (voor Athena) bij het graf hingen wapens, die naar men zei van Achilles geweest waren. Alexander nam het schild en de speer en hing de zijne ervoor in de plaats. Toen achtte hij zich klaar voor de strijd tegen de Perzen.

Het eerste treffen vond plaats bij de rivier de Granikos. Hoewel Alexander maar een deel van zijn leger had meegenomen, wist hij dankzij een ingenieuze strategie het gigantische Perzische leger, met 20.000 ruiters en 20.000 (Griekse!) huurlingen, te verpletteren.

Hij trok na deze overwinning verder naar het zuiden, langs de west- en zuidkust van het huidige Turkije. Zijn roem was hem vooruit gesneld en had de plaatselijke bestuurders angst ingeboezemd. Diverse steden gaven zich al over voordat Alexander in de buurt was. Overigens was de solidariteit met de Perzische koning in de voormalige Griekse steden ook niet overal even groot. Andere steden kwamen in opstand, maar staakten al snel hun verzet tegen de enorme overmacht van het Macedonische leger.

De voortdurende overwinningen leverden niet alleen geld op (oorlogsbuit), maar zorgden ook voor een continue aanwas van strijdkrachten; de lokale jongens werden getraind in de Macedonische krijgstechnieken. In alle onderworpen steden benoemde Alexander een Griekse bestuurder (satraap) en liet hij een deel van zijn garnizoen achter om de macht te handhaven.

Heerser over Azië, zoon van Zeus?
Zijn ambities werden duidelijk toen hij in 333 v.Chr. in Gordion kwam, in het binnenland. Hier stond een wagen die gewijd was aan Zeus. Het verhaal wilde dat wie de knoop van het juk van de wagen loskreeg – de Gordiaanse knoop – zou heersen over heel Azië. Ook voor Alexander bleek de knoop onontwarbaar. Hij loste dat op door met één machtige zwaardslag de knoop doormidden te hakken. En vervolgens te verklaren dat de knoop los was. Volgens de overlevering kreeg ieder die twijfelde aan de rechtmatigheid van zijn claim het zwijgen opgelegd met donder en bliksem – door Zeus zelf dus.

Hij trok verder naar Egypte. Onderweg, in Syrië, vond het eerste treffen plaats met Darius III, de Grote Koning van Perzië zelf. Darius, natuurlijk al op de hoogte van de overwinningen van Alexander, had een indrukwekkend leger bijeengebracht, om bij Issos de confrontatie aan te gaan. Darius leek eerst aan de winnende hand, maar toen de Macedoniërs zijn lijfgarde versloegen en hemzelf bedreigden, trok hij zich terug. Hij deed dit niet uit lafheid, maar vermoedelijk omdat hij vreesde dat zonder hem het Perzische rijk uiteen zou vallen. Daarmee was natuurlijk wel de kans op een Perzische overwinning verdwenen. Alexander doodde vele manschappen van Darius. Tegelijkertijd spaarde hij diens familie; hij behandelde ze zelfs met alle egards. Zo beloofde hij om geschikte partners te vinden voor de dochters van Darius. Later zou hij zelf één van hen huwen en een ander schenken aan Hefaistion.

Hij liet Darius gaan, want hij wilde voortmaken met zijn tocht naar Egypte. Dat land was om diverse redenen aantrekkelijk voor Alexander: het was rijk, had goede handelsbetrekkingen en behoorde tot het Perzische rijk. Egypte gaf zich zonder slag of stoot aan Alexander over. Hij wist de Egyptenaren aan zich te binden door hun godsdienst en tradities te respecteren. Al snel werd hij de koning, met alle bijbehorende titels, zoals Zoon van Ra.

Alexander ontwikkelde in deze tijd goddelijke aspiraties. Dat bleek na zijn bezoek aan het orakel van Zeus-Ammon in de woestijn van Egypte. Hij keerde terug met de boodschap dat hij als regelrechte zoon van Zeus was erkend. Vanaf toen kwamen ook verhalen in omloop over een goddelijke afkomst: zijn moeder Olympias zou bevrucht zijn door Zeus, in de incarnatie van een slang. Alexander kreeg telkens meer allures. Hij wenste steeds vaker als een god aanbeden te worden – voor de Egyptenaren en de Perzen niet ongewoon, maar de Grieken vonden dat godslastering.

Heer van Azië
Onvermoeibaar trok Alexander verder, in oostelijke richting. Soms ondervond hij weerstand, maar het Macedonische leger maakte korte metten met iedere tegenstander. In alle gebieden die hij onderwierp benoemde hij nieuwe, hem goed gezinde Perzische bestuurders. Om zijn macht te verzekeren stichtte Alexander her en der steden, die hij bijna allemaal Alexandrië noemde en bevolkte met Griekse en Macedonische legereenheden. Hij liet zijn manschappen met lokale vrouwen trouwen om de Grieks-Macedonische hegemonie te versterken.

Ondertussen had Darius zijn leger heropgebouwd. De beslissende veldslag vond plaats bij Gaugamela op 1 oktober 331 v.Chr. Ondanks zijn enorme aantallen soldaten werd het Perzische leger verslagen, doordat Alexander een uitgekiende strategie had uitgedacht. Darius vluchtte, maar werd later (zomer 330 v.Chr.) vermoord door een van zijn vroegere satrapen.

Alexander werd door zijn leger uitgeroepen als Heer van Azië. De overwinning werd uitgebreid gevierd vlakbij Persepolis, de ‘hoofdstad’ van het Perzische rijk. De stad werd geplunderd door Alexanders soldaten en Alexander stak het paleis van Xerxes, de vroegere Perzische koning, in brand. Volgens sommigen als gevolg van teveel drank, anderen beschrijven het als een welbewuste daad, een revanche op Xerxes, die de Atheense Akropolis had laten afbranden in de Grieks-Perzische oorlogen van de vijfde eeuw voor Christus.

Protest
Alexander was geenszins van plan op zijn lauweren te rusten en naar huis terug te keren. Hij wilde verder, naar India. Ondertussen groeide de onrust onder zijn manschappen. De soldaten waren moegestreden. De generaals ergerden zich aan wat zij zagen als goddelijke allures van hun koning. Zo had Alexander ingevoerd dat iedereen zich in het stof moest werpen alvorens hem te benaderen. Dit was een ritueel volgens Perzische traditie, proskynesis genaamd, door Alexander ingevoerd om de Perzen tegemoet te komen. De Macedoniërs vonden het echter blasfemie: een sterveling die zich als een god liet vereren. Alexander zou steeds vaker problemen krijgen om zowel zijn landgenoten als de Perzen aan zijn kant te houden, temeer daar hij moeilijk kritiek duldde. Tijdens een van de regelmatige drinkgelagen van Alexander en zijn staf ontstond een woordenwisseling tussen Alexander en Kleitos, een van zijn trouwe bevelhebbers en vrienden. Kleitos hij had in de strijd bij de Granikos Alexanders leven gered . Maar dat weerhield de koning er niet van om in zijn dronken drift een lans te grijpen en Kleitos neer te steken.

In het voorjaar van 327 v.Chr. deed Alexander iets verrassends: hij trouwde. Eerder had hij al met een Perzische adellijke dame samengeleefd en een kind verwekt, maar met haar was hij niet getrouwd. Zijn bruid was Roxana, een prinses uit Bactrië, naar verluidt het mooiste meisje van heel Azië. Ook dit viel verkeerd bij zijn eigen Macedonische vertrouwelingen; als er een kind zou komen, zou het niet geheel Macedonisch zijn.

Muiterij
In India kreeg Alexander te maken met verzet. De manschappen weigerden verder oostwaarts te trekken, welke beloningen hun ook in het vooruitzicht werden gesteld. Alexander capituleerde.

Hij leidde zijn leger terug, dwars door de meedogenloze Gedrosische woestijn. Het was volgens de verslagen een helse tocht. Waarbij Alexander het lot van zijn mannen deelde. Er was groot gebrek aan water, en de zinderende hitte maakte het er niet beter op. Toen ergens een beetje water werd gevonden, werd dat naar Alexander gebracht. Maar omdat zijn mannen niets kregen, wilde hij ook niet drinken. Deze houding voedde zijn legende. Uiteindelijk bereikten de troepen het einde van de woestijn, aan het einde van 325 v.Chr. De ergste ontberingen leken voorbij, de soldaten waren opgelucht. Alexander had zijn mannen nog niet verteld over zijn plannen voor de volgende veldtocht.

De ondergang van Alexander en zijn rijk
Vanuit Babylon aan de Eufraat wilde hij Arabië binnenvallen. Hij had in 323 v.Chr. alle voorbereidingen getroffen. Er was een enorme haven, met plaats voor 1000 oorlogsschepen, aangelegd in Babylon en er stond een invasiemacht klaar. Maar het zou er niet van komen: Alexander stierf op 13 juni 323 v.Chr. op bijna 33-jarige leeftijd.

De omstandigheden rondom zijn dood zijn in nevelen gehuld. Vermoedelijk is Alexander bij een van de drankfestijnen bewusteloos geraakt en niet meer bijgekomen. Volgens sommige bronnen kreeg hij koorts die zo hevig werd dat hij eraan stierf. In weer een ander verhaal werd hij vergiftigd.

Eén belangrijke zaak had Alexander niet geregeld: zijn opvolging. Na zijn dood was er geen wettige erfgenaam of onbetwiste opvolger. Zijn oudste zoon Herakles was een onwettig kind: Alexander was nooit getrouwd met de moeder, een Perzische prinses. Zijn eerste vrouw Roxana was nog in verwachting van haar eerste kind toen Alexander stierf. Ze beviel weliswaar in augustus van een zoon, maar diens gezag werd nauwelijks erkend. Alle belangrijke generaals claimden een aandeel in de macht. Er volgde een periode van chaos en verdeeldheid. De strijd om de erfenis van Alexander duurde tot 301. Zo snel als het ontstaan was, is het grote rijk van Alexander ook weer ten ondergegaan. Het gebied viel uiteen in verscheidene koninkrijken. Macedonië speelde geen rol van betekenis meer.

Invloed en inspiratie
Alexanders invloed op de wereld is ongekend groot geweest. Hij bracht welvaart in het gehele rijk. Hij heeft steden gesticht, havens gebouwd en handelswegen geopend. Hij stimuleerde kunsten, filosofie en wetenschap; in zijn hofhouding had hij biologen, historici en geologen die hij alles liet vastleggen wat ze tegenkwamen. Doordat hij overal steden stichtte en (Griekse en Macedonische) manschappen achterliet, kwam de oorspronkelijke bevolking in aanraking met de Griekse gewoonten. Omgekeerd namen de achtergelaten soldaten ook lokale gebruiken over. Het was het begin van het hellenisme: de verspreiding van de Griekse cultuur en de vermenging ervan met diverse lokale culturen. De Gandhara-boeddha’s vormen een mooi voorbeeld van Graeco-boeddhistische beeldhouwkunst. De wederzijdse invloeden bleven nog eeuwen na Alexanders dood bestaan.

Door de eeuwen heen en over de hele wereld is Alexander een bron van inspiratie gebleven voor schrijvers en kunstenaars. De Romeinen waren grote bewonderaars van Alexander. Zijn moed, zijn successen en de grote aantallen verslagenen spraken tot hun verbeelding. Er bestaan uit die tijd dan ook diverse series (!) boeken over Alexander, zoals de tiendelige serie van Quintus Curtius Rufus uit de eerste eeuw na Christus. Vermoedelijk in de derde eeuw na Christus ontstond de ‘Alexanderroman’, een meeslepend, deels fictief verslag van Alexanders regeerperiode. In de eeuwen daarna is deze herschreven en uitgebreid in diverse talen en gebieden, meestal aangepast aan de smaak van tijd en regio. In de middeleeuwen bijvoorbeeld waren de verhalen niet alleen doortrokken van christelijke vroomheid, maar ook van allerhande verzinsels. Op verluchtingen in vroegmiddeleeuwse handschriften verschijnt Alexander in een duiktoestel op reis naar de bodem van de zee. In de late middeleeuwen ligt de nadruk meer op zijn hoffelijkheid en ridderlijkheid. Hij werd een van de favoriete historische figuren in de Italiaanse renaissance. Scènes uit zijn leven sierden interieurs van de paleizen van vorsten en aristocraten.

Verscheidene Europese vorsten hebben zich aan Alexander gespiegeld. Een van zijn grootste bewonderaars was Lodewijk XIV (1638-1715). De Franse koning had goddelijke aspiraties vergelijkbaar met die van Alexander. Hij riep zichzelf uit tot ‘de nieuwe Alexander’ en liet Charles Le Brun een serie Alexanderschilderijen maken voor het Louvre. Doordat het Franse hof de mode in heel Europa bepaalde, kreeg de belangstelling voor Alexander een zeer sterke opleving. In Italië, Spanje, Oostenrijk en Duitsland werden paleizen voorzien van schilderijen met scènes uit het leven van Alexander.

In de Perzische literatuur kreeg hij als de goede vorst Iskander vaak een hoofdrol. Hij was ook geliefd bij islamitische vorsten uit Perzië en India. In de Russische cultuur is de bewondering voor Alexander met de Byzantijnse traditie doorgedrongen. De Byzantijnse vorsten beschouwden de Macedonische koning als hun rechtstreekse voorvader. De machthebbers van de eerste Russische staat (van de tiende tot de dertiende eeuw) namen niet alleen het orthodoxe geloof over, maar adopteerden ook Alexander als ‘hun’ held.

In de achttiende eeuw liet Catharina de Grote (reg. 1762-1796) zich inspireren door Alexander de Grote. Ze noemde haar kleinzoon naar Alexander en voedde hem aan de hand van diens geschiedenissen op. Haar politiek toonde overeenkomsten met die van Alexander: net als hij had zij de ambitie om een groot imperium te creëren. Het was tijdens haar regeringsperiode dat de absolute monarchie in Rusland definitief werd gevestigd.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 302.