kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 15 11 2016 15:58 voor het laatst bewerkt.

Georg Lukács


Georg Lukács of György Lukács (Boedapest, 13 april 1885 - aldaar, 4 juni 1971) was een Hongaarse marxistische filosoof, schrijver, cultuur- en literatuurcriticus en estheticus. Marx en Hegel (1770-1831) waren zijn inspirators.

Lukacs heeft veel bijgedragen aan de vernieuwing van marxistische filosofie. Hij wordt gezien als de grondlegger van het westerse marxisme en wegbereider voor een kritische filosofie van het consumentisme, schiep een marxistische esthetica, verdedigde humanisme, en werkte een vervreemdingstheorie uit: 'verdinglijking'.

Georg Lukacs kwam uit een Joods, rijk en burgerlijk milieu. In 1908 promoveerde hij aan de r.k. universiteit van Budapest. Van 1912 tot ’17 was hij in Heidelberg.

Georg Lukács studeerde in Duitsland, onder meer bij Georg Simmel en Max Weber, grondleggers van de sociologie.

In 1918 sloot hij zich aan bij de Hongaarse Communistische Partij en maakte deel uit van de kortstondige socialistische radenrepubliek onder Béla Kun. In 1919 was hij korte tijd vice-volkscommissaris/minister van cultuur en opvoeding. Na de val van Kun vluchtte hij naar Moskou/Wenen?

Geschiedenis en klassenbewustzijn
Hij had zich inmiddels verdiept in het werk van Marx en publiceerde in 1923 in Wenen het boek Geschiedenis en klassenbewustzijn (Geschichte und Klassenbewusstsein of History and Class Consciousness) waarin het probleem van de vervreemding en daarop aansluitend verdinglijking (Verdinglichung) centraal staat. Het boek zou een klassieke filosofische basistekst worden voor een groot deel van de 20ste-eeuwse filosofische grootheden, waaronder de Frankfurter Schule, Herbert Marcuse (1898-1979), Karl Mannheim (1893-1947), Walter Benjamin (1892-1940), Jürgen Habermas (1929) en Guy Debord (1931-1994) .

Lukács schetst twee vormen van klassenbewustzijn: het burgerlijke en het proletarische. Het burgerlijke manifesteerde zich het sterkst in het Duitse idealisme dat volgens Lukács wel op het punt stond het probleem van de  'verdinglijking' te doorgronden -zo besefte Kant dat de wereld der dingen niet autonoom is, maar het resultaat van het samenspel tussen kennend subject en werkelijkheid- maar op de grens stuitte van zijn burgerlijke klassenbewustzijn en niet kon toegeven dat de burgerlijke wereld conflictueus is: dat de ene klasse de andere uitbuit en dat zijn filosofie de belangen van de burgerlijke klasse dient.

Dat de revolutie in West Europa niet was gelukt kwam volgens Lukács doordat de proletarische of arbeidersklasse geen duidelijk bewustzijn had van zijn situatie in een alomvattende maatschappelijke structuur die de mensen als het ware in haar ban hield. Alleen een even omvattende dialectische uiteenzetting (waarin door middel van het gebruik van tegenstellingen naar de waarheid wordt gezocht) over de maatschappelijke werkelijkheid kon die ban breken en de arbeiders tot het proletarisch klassenbewustzijn brengen waaruit dan vanzelf een revolutionair handelen voort zou komen om subjectiviteit en objectiviteit weer harmonisch samen te laten vallen. Voor zo'n omvattende analyse van de burgerlijke maatschappij viel Lukacs terug op de ideeën die Marx had ontwikkeld over 'entfremdung'  en het ‘warenfetisjisme’  aan het einde van het eerste hoofdstuk van Marx' Kapital en wat de dialectische methode betreft op Hegel.

Volgens Lukács is de vervreemding historisch ontstaan en kan ze dus ook weer ophouden te bestaan. Daarvoor is het nodig de oorzaak ervan weg te nemen. En die oorzaak is de moderne, kapitalistische warenproductie zoals die door Marx was geanalyseerd. Bij Marx is sprake van ‘vervreemding’ als het product van arbeid in economische zin niet eigen is aan degene die de arbeid verricht. Marx liet zien dat de economie alleen maar denkt in goederen en de distributie daarvan en niet geïnteresseerd is in de manier waarop die goederen zijn ontstaan. Door de ontstaansgeschiedenis van koopwaar te negeren, werkt de klassieke economie de vervreemding in de hand.

Lukács voegde een nieuw begrip toe aan Marx theorie over vervreemding: de reïficatie, ofwel: de ‘verdinglijking’ in het bewustzijn van de burgerlijke klasse. De burger verkoopt een steeds groter deel van zijn leven in de vorm van een steeds meer gespecialiseerde arbeid om zijn marktwaarde te vergroten. Hiermee verandert in zijn bewustzijn zijn bestaan en zijn verhouding tot andere mensen steeds meer in een economisch ding of zaak (res) om mee te ruilen en speelt zijn eigen menselijke bestaan en tijd in de gehele context een steeds kleinere rol waar hij dan uiteindelijk ook steeds meer het zicht op kwijt raakt. Deze kloof tussen subject en object, tussen de wereld waarin mensen leven en de cultuur die hen omringt, wordt omdat het proces van de verdingelijking een zichzelf versterkende structuur heeft ook nog eens steeds groter.

Op steeds meer gebieden van het leven worden kwalitatieve elementen uitgesloten door het rationele streven naar optimale beheersbaarheid. Lukács ziet dit verschijnsel in het economische streven naar steeds meer efficiëntie en specialisering en in een toenemende bureaucratisering. In het hoofdstuk "Die Verdinglichung und das Bewusstsein des Proletariats" laat hij zien dat de verdingelijking niet alleen geldt voor produktie en ruil, maar (verwijzend naar het onderzoek van Max Weber naar de bureaucratie van het recht en het politieke gezag) ook voor recht en staat. 0ok de wetenschap wordt beheerst door de warenstructuur waarin de steeds verder gaande specialisering betekent dat slechts deelsystemen in hun rationele opbouw worden begrepen. In de wetenschap is dat zichtbaar als de chaotische verzameling van onsamenhangende feiten waarvan over de samenhang ertussen of het geheel ervan geen rationele uitspraken meer mogelijk zijn. Lukacs verwerpt de wetenschappelijke pretentie van objectiviteit en het fetisjisme van 'feiten'. Door het kennende subject strikt te scheiden van de objectief te kennen werkelijkheid, wordt dat subject geïsoleerd en die werkelijkheid gefragmenteerd in losse feiten. Lukács wil feiten zien in hun sociale en historische samenhang, terwijl het subject zich ervan bewust moet zijn dat hij deel uitmaakt van een groter geheel.

De verhoudingen van de universele warenstructuur en de burgerlijke maatschappij kunnen alleen worden overwonnen als individuen zichzelf als de handelende instanties in de geschiedenis leren begrijpen. Deze zeggings- en daadkracht kan echter nooit tot individuele proporties worden teruggevoerd. Alleen een ruime meerderheid van de mensen die onder het kapitalisme tot waar zijn gereduceerd en tot passief object van de geschiedenis zijn verworden, kunnen in de geschiedenis een omslag bewerkstelligen. Juist het proletariaat dat hoogstens in het bezit is van hun kroost (proles) en slechts hun arbeidskracht als waar kunnen verkopen en daardoor bijna volledig tot passief object van de geschiedenis is geworden vormt de overgrote meerderheid. Als zij voor de kwaliteit van hun eigen leven willen opkomen, markeert dit een keerpunt in de geschiedenis. Daarmee treedt het proletariaat uit deze volledige passiviteit. De arbeiders moeten zich alleen nog bewust (willen) worden van deze mogelijkheid. Eenmaal ingelicht en verlicht zullen zij op deze weg verder gaan en de strijd voor hun zelfbevrijding tot een goed einde brengen.

De boodschap van Lukács wordt net als een soortgelijke theorie van Korsch  door de arbeidersklasse en de leiders van de communistische IIIe Internationale als revisionistisch bestempeld; een binnen communistisch/socialistische kringen ernstige beschuldiging en reden voor uitzetting uit de partij of erger. Revisionisten bepleiten dat het socialisme kan worden opgebouwd via burgerlijke parlementaire weg (sociaaldemocratie) in plaats van via een proletarische revolutie. Na de verschijning van zijn boek brandmerkte de communistische orthodoxie de schrijver als “een burgerlijke idealist die het wezen van het 'ware' marxisme volledig miskent”. Terwijl Korsch hieruit de consequentie trekt dat hij de partij moet verlaten, komt Lukacs tot een principiële zelfkritiek. Of dit afgedwongen werd door de ijzeren partijdiscipline is nooit duidelijk geworden. Hij trekt zijn boek terug en wijdt zich in de daaropvolgende jaren aan studies over literatuur en esthetiek. Decennialang was Lukács tegen heruitgave. Als het daarvan eind jaren zestig toch komt schrijft hij in een voorwoord, dat hij toen in 1923 - de rol van het bewustzijn verkeerd heeft ingeschat en niet duidelijk genoeg van de arbeid als het substraat van de dialectiek is uitgegaan. Hij spreekt letterlijk van een "messianischen Utopismus" en van een "Überhegeln Hegels".

In 1931-33 is hij  aktief voor de KPD in Berlijn.

Hij woonde van 1933 tot 1945 weer in de Sovjet-Unie, waarna hij terugkeerde naar Budapest in Hongarije.

Na de oorlog werd hij parlementslid en hoogleraar esthetica en cultuurfilosofie in Hongarije. Tot z’n dood woont hij aan de Belgrád  rakpart aan de Donau.

Maar ook híj loopt niet altijd precies in de pas met de  partij en gedurende een aantal jaren na 1945 raakt hij op de achtergrond m.n.  door een conflict met dè partij-ideoloog, de scherpslijper József Révai, die nu  eenmaal vóór alles op Moskou is gefixeerd terwijl de wat meer wijze en  tolerante cultuurfilosoof Lukács zijn alomvattende kennis van de Duitse cultuur, filosofie en historie niet op bevel kan vergeten….

In 1956 nam hij deel aan de Hongaarse opstand tegen het stalinisme. Na het neerslaan ervan wordt hij gedeporteerd naar Roemenië.

Vanaf 1957 tot zijn dood woont hij weer in Hongarije.

Lukács' ideeën over een hervormd communisme (The Process of Democratization, 1968) hadden een grote invloed op Michaïl Gorbatsjov, onder wiens verantwoordelijkheid de Sovjetunie ophield te bestaan.

Zijn latere hoofdwerk Georg Lukacs Zur Ontologie des gesellschaftlichen Seins 1973 behandelt een ontologie van het maatschappelijke zijn en stelt de arbeid en de arbeidsverhoudingen van de mens centraal.

Een van zijn bekendste leerlingen is de Spaans-Catalaanse schrijver, filosoof en hoogleraar Manuel Sacristán Luzón (1925-85), een van de belangrijkste marxisten van het Iberisch Schiereiland.

Bovenstaand artikel is samengesteld uit onderstaande artikelen:

http://www.trouw.nl/tr/nl/5009/Archief/article/detail/2556522/1998/08/05/Wetenschap-en-het-fetisjisme-der-feiten.dhtml
http://www.huubmous.nl/2010/11/13/georg-lukacs-en-het-valse-bewustzijn/
http://rjh.ub.rug.nl/index.php/groniek/article/viewFile/17023/14513
http://www.dbnl.org/tekst/_ras001199001_01/_ras001199001_01_0070.php
http://www.twosmallthings.com/files/essay-neo-marxisme.pdf
http://www.dbnl.org/tekst/_ras001199001_01/_ras001199001_01_0070.php
http://www.kabk.nl/docu/neomarxisme.pdf
http://www.henkoosterling.nl/Hegelprop/lenin.html
http://ruudwelten.blogspot.nl/2014/10/ons-leven-met-de-dingen-over-georg.html


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 318.

Tweets by kunstbus