kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 05-05-2008 voor het laatst bewerkt.

Hamburg

Hanzestad Hamburg (Nedersaksisch: Hamborg) is een stad en metropool in Duitsland. Het is de op één na grootste stad van het land en tevens de belangrijkste havenstad. De stad ligt aan de rivier de Elbe.

De stad maakt geen deel uit van een deelstaat, maar vormt er zelf een. Binnen de officiële grenzen, die ongeveer 755 km² omsluiten, wonen 1,7 miljoen mensen. In aangrenzende stedelijke gebieden wonen er nog eens 750.000. In de agglomeratie als geheel wonen, op 18.100 km², 4 miljoen mensen.
Op 31 augustus 2006 had Hamburg 1.750.194 inwoners. Daarvan had 14,2% niet de Duitse nationaliteit (vooral Turken, ex-Joegoslaven en Polen). De bevolkingsprognose is dat Hamburg op 31 december 2020 1.813.900 inwoners zal hebben. Dit is niet het hoogste aantal ooit, want in 1964 had Hamburg een bevolkingsaantal van bijna 1,9 miljoen.
42,3% van de Hamburgse bevolking is religieus en 57,7% heeft geen religie (bron: Statistik der EKD, stand december 2004). Van de religieuze bevolking is het grootste deel protestant; 10,3% is katholiek. Ook zijn er grote gemeenschappen van moslims en hindoes.

Tot ver in de 19e eeuw was het Nederduits de omgangstaal van de Hamburgers. Deze plaats werd langzamerhand verdrongen door het Hoogduits, dat al vanaf de 16e eeuw de schrifttaal was. Het Hamburgs wordt echter nog steeds gesproken, en heeft veel kenmerken uit het Nederduits. Door de komst van immigranten in de jaren '60 is de taal ook beïnvloed, vooral door het Portugees, Turks, Russisch en het Pools.

De haven is de grootste zeehaven van Duitsland. Het zwaartepunt ligt op containeromslag. Hamburg is in dat opzicht de tweede Europese haven en de negende op wereldschaal (2004). Het havenareaal telt 7399 ha (waarvan 6480 ha in gebruik), hiervan is 4331 ha landoppervlak. Door steeds groter wordende schepen dreigt verlies van omslag aan andere havens. Om dit te keren zou een uitdieping van de Elbe noodzakelijk zijn.

Hamburg kent diverse vormen van industrie, en heeft een metro en vliegvelden (Hamburg Airport). De Alte Elbtunnel (1911) was de eerste rivierondertunneling op het Europese continent. Er zijn diverse wetenschappelijke instellingen, onder andere een universiteit en het Max-Planck-Institut. De meeste historische gebouwen zijn in de Tweede Wereldoorlog verwoest tijdens het bombardement van Hamburg.

Stadt Hamburg an der Elbe Auen is al sinds 1828 het volkslied van Hamburg.

Geschiedenis
De ontwikkeling tot handelsstad
De geschiedenis begint omstreeks 825 met de aanleg van de "Hammaburg", een klein kasteel aan de noordoostgrens van het Karolingische Rijk onder keizer Lodewijk de Vrome. In 834 wordt het kerkje binnen de burcht de zetel van het nieuwe aartsbisdom Hamburg. De zetel van het aartsbisdom wordt echter al in 848 naar Bremen verlegd, waarna er sprake is van het aartsbisdom Hamburg-Bremen. Bijna 300 jaar lang speelt Hamburg alleen een rol in de kerkgeschiedenis als basis voor de kerstening van Noord-Europa.

De belening van de graaf van Schaumburg met de graafschappen Holstein en Stormarn vormt een keerpunt in de geschiedenis van Hamburg. De graaf van Holstein wordt beschouwd als de tweede stichter van de stad. In 1143 sticht hij Lübeck, maar hij raakt deze stad in 1158 kwijt aan hertog Hendrik de Leeuw van Saksen. Daarop besluit hij bij Hamburg een handelsstad te stichten. Deze koopmansstad Nieuw-Hamburg ontwikkelt zich in hetzelfde tempo als Lübeck. Op 7 mei 1189 krijgt de nieuwe stad handels- en scheepvaartprivileges van keizer Frederik I. Als aan de bedreiging door Denemarken in 1227 door de slag bij Bornhöved een eind is gekomen, groeit de stad gedurende die eeuw uit tot de viervoudige omvang. De oude aartsbisschoppelijke stad wordt door de graaf van Holstein in 1228 gekocht, zodat beide stadsdelen nu in handen van de graaf van Holstein zijn.

De sterke groei is te danken aan de centrale ligging ten opzichte van de belangrijkste handelsroutes op de Noordzee en de Oostzee en het lidmaatschap van de Duitse Hanze, een handelsverbond.

Vorming van het territorium
Om de handelsroutes te beschermen voert de stad een actieve territoriale politiek. In eigendom of pandbezit krijgt de stad: Tatenberg (1434), Billwärder Ausschlag (1375), Hammer Brook (1383), Billwärder (1385), Ochsenwärder en Moorwärder (1395), en Bergedorf en de Vierlanden (1420). Ten westen van Harburg koopt de stad in 1375 het Glindesmoor en bouwt daar in 1390 de Moorburg. Vervolgens in 1445 als pand de noordelijke helft van Finkenwärder. In 1393 worden het ambt en het slot Ritzebüttel veroverd, waardoor de stad ook de monding van de Elbe beheerst. In 1359 krijgt Hamburg van keizer Karel IV het recht rovers op haar gebied te berechten. De stad interpreteert dit recht zeer ruim. Van 1433 tot 1493 bezit Hamburg de stad Emden in Oostfriesland.

Om de defensie van de stad te versterken worden de volgende dorpen gekocht: Wohldorf, Volksdorf (1437), Groß Hansdorf (1444) en Ohlstedt (1463).

Van Holsteinse stad tot Vrije Rijksstad
Sinds het midden van de veertiende eeuw gedraagt Hamburg zich als een vrije stad, hoewel het die status niet heeft. De stad betaalt geen belasting aan de graaf van Holstein maar weigert ook rijksbelasting met als argument dat Hamburg geen rijksstad is, maar een Holsteinse stad. Als de Rijksdag van Augsburg in 1510 de stad Reichsunmittelbar verklaart, begint de stad een proces om dit besluit te annuleren.

In 1529 wordt de reformatie ingevoerd. Door de secularisatie van geestelijke bezittingen komen de dorpen Eimstbüttel, Harvestehude, Eppendorf, Winterhude, Groß-Borstel, Ohlsdorf en delen van St. Pauli in het bezit van de stad.

Na 1550 streeft de stad Lübeck voorbij en wordt de grootste handelsplaats van Noord-Europa. In deze tijd wil de koning van Denemarken, die als hertog van Holstein de landsheer van Hamburg is, meer macht over de stad uitoefenen. Enkele tientallen jaren strijd zijn het gevolg. In 1643 erkent Hamburg zijn onderdanigheid en doet afstand van zijn jurisdictie over de Elbe. Onder deze omstandigheden wil de stad wel Reichsunmittelbar worden. In 1618 doet het Rijkskamergerecht uitspraak ten gunste van Hamburg, maar omdat de Deense koning de uitspraak aanvecht, kan Hamburg zijn zetel in de Rijksdag en de Nedersaksische Kreits niet innemen. Ook sticht de koning van Denemarken op zijn eigen gebied de handelsstad Altona om Hamburg te beconcurreren.

Pas in het verdrag van Gottorf 27 mei 1768 tussen Denemarken en Hamburg komt er een eind aan de onduidelijkheid rond de status van Hamburg. Het is nu een keizerlijke vrije rijksstad en kan zijn zetels innemen op de Rijksdag en de Kreitsdag. Ook verwerft de stad de eilanden in de Elbe, waar een eeuw later de nieuwe havens zullen worden aangelegd.

In de Reichsdeputationshauptschluss van 25 februari 1803 wordt in paragraaf 27 geregeld dat Hamburg als één van de weinige (6) Rijkssteden zelfstandig blijft. Alle bezittingen en rechten die het domkapittel nog binnen zijn gebied heeft, vallen aan de stad. Ook wordt de neutraliteit van de rijkssteden gegarandeerd. Als echter drie maanden later Franse troepen het neutrale Hamburgse ambt Ritzebüttel bezetten, grijpt geen enkele van de ondertekenende staten in.

Vrije en Hanzestad
Als keizer Frans II op 6 augustus 1806 de kroon neerlegt, komt er aan het Heilige Roomse Rijk een einde. Hamburg wordt daardoor een soevereine staat onder de titel Vrije Hanzestad.

Aan deze zelfstandigheid komt al in 1810 een eind, doordat de stad wordt ingelijfd in het keizerrijk Frankrijk. Wanneer op 30 mei 1814 de Franse troepen de stad verlaten, nemen de bestuurders van het oude bewind de regering in handen. Het congres van Wenen in 1815 bevestigt de zelfstandigheid van de stad binnen de Duitse Bond. Sinds 1819 noemt de stad zich Vrije en Hanzestad.

In 1867 wordt de stad lid van de onder Pruisische leiding staande Noord-Duitse Bond, waardoor op 31 maart 1868 een eind komt aan de soevereiniteit. De Hamburgse consulaten worden gesloten en er varen niet langer schepen onder de vlag van Hamburg. Economisch blijft Hamburg nog tot 1881 los van het Duitse Rijk.

De stad leverde een infanterieregiment aan het Duitse leger en een groot aantal matrozen. Voor de militairen werd in 1915 het Hanseatenkruis ingesteld.

Het gebied van Hamburg wordt tijdens het Derde Rijk sterk uitgebreid. In de Groot-Hamburgwet van 26 januari 1937 worden onder andere de Pruisische steden Altona, Harburg en Wandsbek bij de stad gevoegd.

Stadsbeeld
Het traditionele bouwmateriaal in de stad bleef tot ver in de 20e eeuw baksteen, waardoor Hamburg zowel de stad van de baksteengotiek als de stad van het baksteenexpressionisme is.

Hamburg leed door luchtbombardementen in de Tweede Wereldoorlog grote schade, die slechts gedeeltelijk werd hersteld. Het stadsbeeld wordt gedomineerd door vijf kerktorens en de toren van het uit 1897 daterende raadhuis. Van de torens van de vijf hoofdkerken was die van de St. Nikolai van 1874 tot 1876 kortstondig de hoogste van de wereld. De bijbehorende kerk is na de oorlog niet meer herbouwd. Als het symbool van de stad geldt een andere toren, die van de Sint-Michaelskerk (1751-1762). De andere belangrijke kerken zijn de neogotische Sint-Petruskerk (1842, met 14e-eeuwse delen), de Sint-Jacobuskerk met zijn beroemde Drievuldigheidsaltaar (1518; meester Johan van Collen) en de Catharinakerk (1380-1426). Slechts enkele recentere gebouwen in de binnenstad steken boven de kerktorens uit.

Op een eiland in de Elbe bevindt zich de Speicherstadt, een groot complex van op palen gebouwde pakhuizen uit het eind van de 19e eeuw. Karakteristieke 20e-eeuwse bakstenen gebouwen bevinden zich in het Kontorhausviertel, waaronder het Chilehaus van Fritz Höger (1924).

Ten westen van het stadscentrum ligt de uitgaanswijk Sankt Pauli, waar de Reeperbahn, bijgenaamd die sündige Meile, de bekendste straat is.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Hamburg
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 789.