kunstbus
Test je algemene kennis op YaGooBle.
Dit artikel is 18-01-2016 voor het laatst bewerkt.

heilige

De heilige (heiligen)

1 persoon die door de rooms-katholieke kerk openlijk vereerd mag worden, heilig verklaard is.
2 iem. die een bij uitstek vroom, godgewijd leven leidt.

In algemene zin is een heilige een bijzonder goed en rechtvaardig persoon, wiens invulling van het leven puur en boven alle partijdigheid verheven is.

Binnen de verschillende religies heeft het begrip heilige echter verschillende specifieke betekenissen. In monotheïstische religies is een heilige vaak iemand die zijn leven geheel aan God wijdt en zich geheel overgeeft aan de wil van God. In het boeddhisme is een heilig persoon iemand wiens geest volledig zuiver is en vrij is van begeerte, haat en verwarring.

In het animisme, zoals de Shinto-religie in Japan, worden bijzondere objecten "heilig" genoemd. Er zijn heilige bergen, rotsen en wouden.

Boeddhisme
In het Theravada boeddhisme zijn zowel de Boeddhas als zijn verlichte discipelen (de Sotapannas, Sakadagamis, Anagamis en Arahants) heilig. Iemand kan dus al tijdens zijn leven heilig zijn. In het Mahayana boeddhisme en het Tibetaans boeddhisme zijn daarnaast ook de Bodhisattvas heilig.

Christendom
In de Rooms-Katholieke Kerk en de Oosters-Orthodoxe kerken is een heilige iemand die na zijn dood door de kerkelijke instanties heilig is verklaard; hij krijgt een feest(datum), een patronaat en mag vereerd worden. In de middeleeuwen werden ook veel personen of legendarische personen heiligen omdat zij in de volksdevotie werden vereerd. Veel plaatsnamen herinneren nog aan dergelijke heiligen.

Het Nieuwe Testament gebruikt de term heilige vaak om de eerste christenen mee aan te duiden.

In Evangelische gemeenten binnen het protestantisme is iemand heilig, zodra hij/zij beslist zijn/haar leven aan de Heer te geven en Zijn wil te volgen.

In het christendom wordt de titel Heilige gegeven aan personen die bijzonder rechtschapen en gelovig hebben geleefd. In een aantal kerken spelen heiligen een grote rol; in andere kerkgenootschappen is dat niet zo.

Heiligen in de geschiedenis van het christendom
In de eerste eeuwen van onze jaartelling vereerde men uitsluitend martelaren. In de vroege Middeleeuwen werden ook kerkvaders, woestijnvaders (heremieten) en vooraanstaande bisschoppen "heiligen" genoemd. Zij waren na hun dood, zo meenden de gelovigen, in de hemel en konden dus God beïnvloeden. Deze gedachte staat haaks op de officiële theologische opvatting dat God volmaakt, in zijn altijd gelijkvormig en in zijn liefde steeds tot het hoogste neigend is. De volksdevotie had echter behoefte aan tastbare heiligheid en er ontstonden lokale heiligen. De liturgie van de kerk was nog niet centraal geregeld en plaatselijke devoties speelden een grote rol.

Een bekende verzameling van beschrijvingen van heiligenlevens uit de Middeleeuwen is de Legenda Aurea. In de Middeleeuwen werden ook veel personen of legendarische personen heiligen omdat zij in de volksdevotie werden vereerd. Veel plaatsnamen herinneren nog aan dergelijke heiligen. Ook mensen die nog in leven waren, werden soms "heiligen" genoemd en werden na hun dood vereerd. Pas in de late Middeleeuwen trok de kerk de bevoegdheid om mensen heilig te verklaren geheel aan zich: er kwam een streng reglement.

Als curiosum zij vermeld dat in de geschiedenis (hoewel slechts zelden) ook dieren als heilige werden vereerd. Een voorbeeld is Guinefort van Bourgondië.

In alle kerken komen heiligennamen als voornaam veel voor. In de Germaanse landen zijn de oude Germaanse namen desondanks nooit in onbruik geraakt. Opvallend is het gebruik om veel heiligennamen (soms meer dan tien) als voornamen aan een kind te geven, maar heet het kind Michaël, dan is het gebruikelijk om het bij deze ene naam (van een aartsengel) te laten.

Heiligen in de Rooms-katholieke Kerk
Een heilige bij de oosters-orthodoxen en rooms-katholieken is iemand die bijzonder rechtschapen en gelovig heeft geleefd, men spreekt ook van " heroïsche zedelijke deugd", en van wie wordt aangenomen dat hij of zij daardoor invloed kan uitoefenen op het leven op aarde. Hij of zij doet dat, volgens de katholieke leer, door middel van voorspraak bij God, dus niet zoals soms in andere religies door rechtstreeks ingrijpen of het schenken van krachtige zegen; dat zou immers de soevereiniteit van de ene God aantasten.

Heiligheid is niet voorbehouden aan de gecanoniseerde heiligen. Allen die leven of geleefd hebben in geloof en rechtschapenheid, zijn heilig. De gecanoniseerde heiligen zijn die heiligen voor wie er bij de bevolking een bijzondere verering is ontstaan, welke vervolgens door de kerkelijke autoriteiten wordt goedgekeurd. Het heiligverklaren of canoniseren van iemand kan tegenwoordig alleen gebeuren na zijn of haar dood, omdat iemand tijdens zijn leven nog in zonde kan vervallen. Vanaf het moment van overlijden geldt onder normale omstandigheden een minimale wachtperiode van twaalf jaar. Het is ook mogelijk dat een overledene zonder dat deze periode wordt afgewacht en zonder verder onderzoek "bij acclamatie" heilig wordt verklaard. In de Rooms-katholieke Kerk behoudt de paus zich sinds de late Middeleeuwen het recht van heiligverklaring voor.

Om heilig te kunnen worden verklaard, is het binnen de Rooms-katholieke Kerk noodzakelijk om postuum twee wonderen te hebben verricht, die door de kerk als zodanig erkend zijn. Bij een erkend wonder kan iemand zalig worden verklaard: dit is vaak een opstap naar een heiligverklaring. Een heiligverklaring kan tegenwoordig alleen door de paus worden uitgesproken. Tot de Middeleeuwen kon ook een willekeurige bisschop dit doen, of soms werd ook wel een spontaan gegroeide cultus achteraf bevestigd (Confirmatio Cultis). Dit laatste kan tegenwoordig ook nog, zij het wel alleen door de paus. In Nederland is zo bijvoorbeeld de verering van de heilige Liduina van Schiedam kerkelijk bevestigd in de 19e eeuw, terwijl die verering zelf al vlak na haar dood in 1422 begonnen was.

De Rooms-Katholieke Kerk onderscheidt vier soorten heiligenvieringen: hoogfeest, feest, verplichte gedachtenis en vrije gedachtenis. Zo is 1 januari het hoogfeest van Maria, Moeder Gods, 9 augustus het feest ter nagedachtenis van Edith Stein, 20 augustus de verplichte gedachtenis van Bernard van Clairvaux en 14 oktober de vrije gedachtenis van Paus Callistus I.

Men roept een heilige, vaak herkenbaar aan zijn attribuut, te hulp bij ziekte of gevaar en men vereert zijn relieken. Elke dag is een feest of gedachtenis van een heilige, iedere stad kent zijn patroonheilige en bij het doopsel krijg men de naam van een of meer heiligen. Op hoogtijdagen, dat wil zeggen een dag van een belangrijke heilige, was men vroeger vaak vrij (holyday). Bijvoorbeeld met Sint-Barbara, patrones van de mijnwerkers of met Maria-Tenhemelopneming. Er zijn veel met heiligen verbonden feesten, zoals de kermis of grote marktdagen. Er werd - en soms wordt - dan druk gehandeld in beelden van de betreffende heilige, zoals dit gebeurt in Santiago de Compostella, Fátima en Lourdes. Het woord santenkraam is hier ook van afkomstig: een marktkraam vol heiligen.

Heiligverklaringen hebben vaak een politieke achtergrond. Elke kloosterorde wilde, en wil, een heilige in de eigen rijen tellen en oefent daarom druk op het Vaticaan uit. Ook vorstenhuizen willen heilige voorouders kunnen vereren. De nog steeds vereerde Lodewijk de Heilige van Frankrijk is daarvan een voorbeeld. Karel de Grote werd door (tegen)paus Paschalis III, in het jaar 1165, heiligverklaard maar hij wordt alleen in Aken vereerd. De Nederlandse Militaire Willems-Orde werd naar een heiligverklaarde voorganger van de Nederlandse Prinsen van Oranje genoemd.

In de snelle heiligverklaring van de oprichter van Opus Dei zien progressieve katholieken een politiek signaal. De heiligverklaring van de zaligverklaarde Paus Johannes XXIII lijkt daarentegen op de lange baan te zijn geschoven.

Heiligen in de Oosters-Orthodoxe Kerken
De Oosters-Orthodoxe Kerken vereren martelaren en heiligen. De verering heeft vaak een politieke achtergrond; zo werden Tsaar Nicolaas II van Rusland en zijn gezin heilig verklaard. In de liturgie en de inrichting van de kerken zijn heiligen en hun afbeeldingen, (iconen), erg belangrijk.

Heiligen in de Protestantse Kerken
Luther en Calvijn verwierpen de gedachte dat sommige gestorven christenen vereerd moesten worden. Deze gedachte staat immers haaks op de theologische opvatting dat god volmaakt, in zijn altijd gelijkvormig en in zijn liefde steeds tot het hoogste neigend is. In plaats van een verering van heiligen gaat alle aandacht uit naar het veronderstelde Opperwezen.

De ontdekking van onveranderlijke natuurwetten heeft het geloof aan wonderen, kenmerkend voor de heiligen, sterk ondermijnd.

In het Nieuwe Testament wordt de term heilige vaak gebruikt om de eerste christenen mee aan te duiden. Daarom is bij bepaalde protestantse (evangelische) gemeenten iemand heilig, zodra hij/zij beslist zijn/haar leven aan de Heer te geven en Zijn wil te volgen.

In de Apostolische geloofsbelijdenis wordt de kerk de gemeenschap der heiligen genoemd.

Overig
In een aantal godsdiensten zijn dieren heilig. Zij zijn aan een god gewijd en maken dus uit van een goddelijke orde. In het oude Egypte waren katen en ibissen heilig maar een bepaalde tekening van de huid kon ook een kalf (Apis)heilig maken.

Heiligenbeeld(en) == beeld van een heilige.

Een devotieprentje, heiligenprentje of heiligenbeeldeken is een prentje met een afbeelding van Jezus, Maria of een andere heilige en op de achterkant een gebed. In Noord-Brabant en Vlaanderen wordt zo'n prentje ook wel een santje genoemd. In vele kerken en bedevaartsoorden kan men ze verkrijgen. De oudste exemplaren komen uit de 15de eeuw. Centra voor het maken van santjes in kopergravure waren Vlaanderen (17de-18de eeuw) en Augsburg (18de eeuw).
In de zgn. kantprentjes uit de 18de eeuw werd rondom een kleine, uit de hand op perkament geschilderde voorstelling een met de schaar geknipte en met spelden geprikte omlijsting uitgevoerd, die in fijnheid en tekening het kantwerk imiteert.

Santons of op zijn provençaals "santoun". Santon staat voor kleine heilige.
Santons zijn kleine handbeschilderde gipsen, terracotta of houten figuurtjes uit de Provence, bestemd om in een crèche (kribbe) te worden geplaatst.
Tijdens de Franse Revolutie zijn deze beeldjes ontstaan. Graveson, een dorpje tussen Avignon en Arles, zou het geboortedorpje zijn van de Santons. Tijdens de kerstperiode waren de kerken toen gesloten en de inwoners hebben toen thuis een kerststal gemaakt. Ze sneden beeldjes uit hout, beschilderden deze en voorzagen deze van de typische Provençaalse klederdracht. Sinds de 19e eeuw zijn er ook een aantal veelkleurige personages bijgekomen zoals de herder, de jager, de molenaar, de gek, de dronkenlap en de vrouw met de takkenbos, die geschenken aan het kindje Jezus kwamen brengen.
Het betreft Provençaalse volkskunst, te vergelijken met de presepio in Napels. Vooral gemaakt in Aubagne en Marseille waar ieder jaar tegen Kerstmis een ‘santon-markt’ wordt gehouden en de ‘santonniers’ hun waar te koop aanbieden. Van de van oorsprong door "huisvlijt" gemaakte beeldjes zijn de Santons inmiddels echte kunstwerken geworden. In Fontaine-de-Vaucluse is een klein museum van Santons.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Heilige.



Test je algemene kennis op YaGooBle.

Je kunt ook zelf een opinie of encyclopedisch artikel op Kunstbus of Muziekbus plaatsen!

lexicon opinie

Test je algemene kennis op YaGooBle.

Pageviews vandaag: 67.