kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 25 10 2016 16:00 voor het laatst bewerkt.

hindoeïsme

'Hindoeïsme', is een term die pas per ca 1830 in de Engelse literatuur zijn intrede deed en globaal de Indische (India, Voor-Indië) cultuur van ongeveer de laatste 2 millennia aanduidt, als voortzetting van de oudere vedisch-brahmanistische beschaving.

De historische lijn is dus: vedisme - brahmanisme - hindoeïsme.
(Het boeddhisme is min of meer te beschouwen als een zijlijn naast het hindoeïsme, met andere kenmerken)

De hindoereligie is heel gecompliceerd van aard maar niettemin belangwekkend genoeg voor de leek of niet-Hindoe om er toch wijsheid over te kunnen bezitten.

DE EEUWIGE GODSDIENST.
Zoals gezegd is het hindoeïsme een voortzetting van het veel oudere vedisch- brahmanisme3. Het brahmanisme verwijst veeleer naar de religie zelf. Het woord is afgeleid van de Indische (India) priester-magiërkaste (= brahmanen. En brahmaan is weer afgeleid van 'brahmana' = heilige boeken) Het oorspronkelijke brahmanisme stamt zelfs uit ca.1000 .v.Chr. waarbij de priestermagiërkaste een religieus monopolie verkreeg. De hoofdstroom van deze cultuur vormt een continuïteit die zich voortdurend door assimilatie en integratie heeft 'verrijkt'.

In het hindoeïsme valt heel uitdrukkelijk op, de veelvormigheid van zowel de religie als het sociale leven; het gaat om een uiterst creatieve en flexibele godsdienst. De samenhang wordt niet ontleend aan een 'stichter' noch een 'heilige schrift', maar aan een doorlopende ontwikkeling vanaf de Oudheid tot in onze tijd. Vandaar dat de hindoe zijn/haar religie snatana-dharma noemt (DE EEUWIGE GODSDIENST) die in verschillende tijdperken steeds opnieuw door religieuze leermeesters op uiteenlopend wijze wordt verkondigd.

Kenner Helmuth von Glasenapp onderscheidt 3 kenmerken:
a) het is geen gestichte maar een organisch gegroeide godsdienst;
b) het kent geen vastomlijnde dogma's;
c) het vertegenwoordigt een specifiek indisch (India) wereldbeeld.

De hindoes geloven in de zich eeuwig vernieuwende wereld en spreken niet van een 'begin der tijden' of van een eenmalig proces van 'verlossing'. (zoals bij o.a. christenen)

We vinden geen centrale persoonlijkheid die één leer heeft 'geopenbaard', maar verschillende stromingen, cultussen en opvattingen die alle even zwaar wegen en alle de waarheid vertegenwoordigen. Aanvaarde dogma's kent men niet, dus een specifiek geloof wordt er niet voorgeschreven. De gelovige kan zowel uitgaan van een personalistische scheppingsgod als van een apersonalistische natuurwet.

In de jaren '60 en '70 werd het hindoeïsme heel vlot modistisch (mode) in Europa en de Verenigde Staten, als tegenhanger van o.a. christelijke stromingen.

Het hindoeïsme is, in sociale en culturele zin, traditie van ca 83% van de bevolking van India; van de meerderheid van de bevolking van Nepal en Bali; en van minderheden in Guyana, Suriname, Trinidad, Sri Lanka, Fiji en in landen van Oost- en Zuidelijk Afrika.

In Nederland zijn naar schatting 80000 hindoes, vnl. van Surinaamse herkomst. (De twee belangrijkste hindoe-organisaties zijn, Sanatan Dharm en Arya Samaj)

IDEEËN.
De schepping wordt opgevat als een ontvouwing van één goddelijk principe, het brahman. Een rangorde van doordrongen zijn met dit principe van goddelijkheid en reinheid loopt via de goden, de priesters-magiërs (brahmanen) en de lagere kasten mensen, naar de dieren en al het overige der dingen. De mens is door zijn mate aan gehechtheid aan de wereld, karma, gedoemd steeds opnieuw geboren te worden. Hoe beter iemands karma, des te goddelijker en reiner hij is en des te hoger zijn sociale positie. Dit maakt voor de hindoe de maatschappelijke ongelijkheid aanvaardbaar. Moksja (= verlossing) kan bereikt worden via het inzicht in de samenhang van de atman (=ziel; het eeuwig onveranderlijke onstoffige) met het brahman.

Ouder wordende hindoes bereiden zich soms op de verlossing voor, door het verbreken van alle bindingen met de sannyasa (= maatschappij). De meesten houden zich echter vooral aan hun religieuze en maatschappelijke darma (= plichten).

GESCHIEDENIS.
De 'vorming' van het hindoeïsme ontstond gedurende 400 vC en 1500 nC Naast de oppergod Brahman kwamen o.a. Visjnoe, Sjiva en vele andere goden en godinnen in zwang, waarvan menig eigen aanhangers kregen in de vorm van sekten - b.v. sjaktisme en tantrism. In dezelfde periode werd de hand gelegd aan de ontwikkeling van de zgn. zes filosofische systemen, elk met een eigen verlossingsweg - o.a. Yoga, Samkhya en Vedanta. Geschriften uit deze tijd zijn de epische gedichten: Mahabharata en Ramayana, de Soetra's en de Perna's.

GEBRUIKEN.
Van groot belang zijn de rituele reinheid van het lichaam, offeren, bidden, mediteren en reciteren van heilige boeken en spreuken, geboorte-, huwelijks- en begrafenisrituelen (lijkverbranding).

Godenverering kan in de puja (= tempel) plaatsvinden o.l.v. brahmanen.

In heel India vindt men bedevaartplaatsen: o.a. de rivier de Ganges en de stad Varanasi.

In het traditionele huwelijk is de vrouw onderworpen aan de man; na zijn overlijden verliest zij nog meer zelfstandigheid.

zie volledige bron...


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 522.

Tweets by kunstbus