kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 18-01-2016 voor het laatst bewerkt.

hiv

Hiv / Aids

Hiv is een virus, de volledige naam is Human Immunodeficiency Virus (menselijk immuundeficiëntievirus). Het is een snel muterend retrovirus, en verantwoordelijk voor de ziekte aids (acquired immuno-deficiency syndrome - verworven immunodeficiëntiesyndroom).

In 2000 publiceerden 5000 wetenschappers de Verklaring van Durban, waarin zij stellen dat hiv volgens de geldende wetenschappelijke inzichten de oorzaak is van de ziekte aids.

Ziektebeeld
Hiv veroorzaakt aids doordat het de CD4+ T-cellen aanvalt en vernietigt. Dit is een groep van lymfocyten (witte bloedcellen) die normaal gesproken het immuunsysteem coördineert in het geval van een infectie. Op deze wijze is het virus niet alleen in staat zichzelf te vermenigvuldigen, maar schakelt het ook het mechanisme uit waardoor het lichaam zich tegen het virus beschermt.

De sterke vermindering van het aantal CD4+ T-cellen zorgt ervoor dat andere ziekteverwekkers, die normaal gesproken zonder problemen door het immuunsysteem in de hand worden gehouden, in staat raken een ziekmakende infectie te veroorzaken. Het zijn in de meeste gevallen deze opportunistische infecties waaraan een aidspatiënt overlijdt. Veel aidspatiënten ontwikkelen ook zeldzame vormen van kanker (bekend is het kaposisarcoom) die onder normale omstandigheden door het immuunsysteem tot staan kunnen worden gebracht.

Varianten
Er zijn 2 varianten van het aidsvirus bekend. Hiv-1 is de veroorzaker van aids. De oorsprong van dit virus is onbekend, maar over het algemeen wordt het aangenomen uit Oost-Afrika te stammen. Hiv-2 veroorzaakt ook aids, maar niet altijd en meestal in minder ernstige vorm. Het wordt aangetroffen in West-Afrika. Beide typen zijn vermoedelijk van apen op de mens overgegaan, in het bijzonder hiv-2 is zeer nauw verwant aan SIV, dat een op aids gelijkende ziekte bij apen veroorzaakt.

Verspreiding
In 2004 raakten meer dan 5 miljoen mensen besmet met het virus. Dit is het hoogste aantal tot nu toe. De directeur van het Aids-programma van de Verenigde Naties, Peter Piot, stelt dat de epidemie zich pas in de aanloop bevindt. Hij verwacht een sterke stijging in de komende jaren.

De geschiedenis van aids

Een onbekende ziekte
Aan het eind van de jaren '70, begin jaren '80 stak er een onbekende ziekte de kop op in Amerika en iets later in Europa. Kenmerken van de ziekte was dat de ziekte de weerstand van de getroffen personen aantastte, negen van de tien homoseksueel was en 98 % man. Het leek een 'homoziekte', zoals veel kranten toen berichtten en daarom sprak men in eerste instantie over GRID (Gay-Related Immune Deficiency). Later bleek deze aanduiding onjuist te zijn. In 1982 werd duidelijk dat ook gebruikers van verdovende middelen en lijders aan de bloederziekte hemofilie de ziekte kregen. Deze laatstgenoemden kregen bloedtransfusies met besmet bloed. De ziekte kreeg een naam al voordat de verwekker gevonden was: Acquired Immuno-Deficiency Syndrome, afgekort aids.

Afweersysteem
Medici veronderstelden dat de ziekte te maken had met het afweersysteem, omdat een belangrijke groep bloedcellen die onze immuniteit regelen, de CD4 cellen, afnamen bij mensen met aids. Hierdoor kregen mensen met aids zogenaamde 'opportunistische infecties': infecties dus die gezonde mensen niet krijgen, maar die dankzij de verminderde afweer van mensen met aids de kans krijgen om toe te slaan. Infecties die gezonde mensen overleven, bleken dodelijk voor personen die getroffen waren door de onbekende ziekte. Dat was bijvoorbeeld het geval met longontsteking, die door het meestal niet ziekmakende organisme pneumocystis carinii bij deze mensen ontstond.

Ouder dan gedacht
Professor dr. Jaap Goudsmit schreef dat het aids-veroorzakende virus, hiv, al tientallen jaren eerder dan gedacht voorkwam in Europa. Het virus zou verantwoordelijk zijn geweest voor enkele epidemieën van de bovengenoemde Pneumocystis-longontsteking. De eerste epidemie was in de Poolse stad Danzig (Gdansk) in 1939 en het virus was waarschijnlijk meegekomen met Duitse soldaten vanuit Kameroen. De tweede epidemie stak de kop op tussen 1955 en 1958 in de Kweekschool voor Vroedvrouwen in Heerlen. Er zijn in enkele decennia oude weefselmonsters van patiënten die aan toen onverklaarbare ziekten waren gestorven wel aidsvirussen aangetroffen.

Apen
Volgens Goudsmits is het aidsvirus oorspronkelijk een apenziekte. Het virus is bij de mens terechtgekomen door de jacht op en de handel in apen, het kappen van het Afrikaanse regenwoud en de kolonisatie van Afrika. Hiv is een virus, heeft dus gastheren nodig, het aidsvirus stapte dus van de ene gastheer (de aap) over naar een andere gastheer, de mens, en evolueerde verder. In het volgende hoofdstuk staat er meer over de verwantschap van aids met een apenziekte.

Controverse rond de oorzaak van aids
Naar aanleiding van een controverse rond president Thabo Mbeki van Zuid-Afrika publiceerden 5000 wetenschappers in 2000 de Verklaring van Durban, waarin zij stellen dat hiv de oorzaak is van aids. Desondanks trekt een minderheid van enkele wetenschappers dit verband nog in twijfel.

Verenigde Naties
In de schoot van de Wereldgezondheidsorganisatie wordt AIDS als een belangrijk fenomeen beschouwd, wat tot de oprichting geleid heeft van UNAIDS, waarvan de Belg Peter Piot momenteel voorzitter is.

Oorzaak
Aids was in de eerste decennia na de ontdekking een verschrikkelijk syndroom, dat in de meeste gevallen een dodelijke afloop had (zie hiv). Hiv is een virus en kan worden overgedragen op andere personen door onveilig seksueel contact of door besmetting met bloed. Dit laatste kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld bij verslaafden die elkaars naalden lenen of bij een bloedtransfusie. Ook kunnen seropositieve vrouwen het virus doorgeven aan hun baby tijdens de zwangerschap, bij de bevalling of bij het geven van borstvoeding.

Een virus heeft altijd een incubatietijd, dat is de tijd tussen de besmetting en het uitbreken van de ziekte. Bij aids is de gemiddelde incubatietijd 9 à 10 jaar. Na deze periode wordt men dus pas echt ziek en heeft men aids. De eerste 9 à 10 jaar is men seropositief.

Preventie
Condoomgebruik
Aidsvoorlichting in IndonesiëHet is niet mogelijk om zich als persoon te beveiligen tegen alle mogelijke risico's op aarde en dat geldt ook voor aids.

Het gebruik van een condoom maakt de kans op besmetting door aids zeer klein maar (vooral bij onzorgvuldig gebruik) blijft de kans op besmetting aanwezig. Bij zeer massaal, langdurig en zorgvuldig condoomgebruik worden het aantal besmettingen uiteindelijk zo laag dat de epidemie uitwoedt. Het bevorderen van het gebruik van condooms in onder andere derdewereldlanden is een middel om ervoor te zorgen dat aids en hiv zich minder verspreiden.

Het standpunt van het Vaticaan dat het aidsvirus door het condoom heen kan dringen, is zeer waarschijnlijk onjuist en in ieder geval epidemiologisch van geen belang - het is geen reden om geen condooms te gebruiken.

Orthodox-christelijk standpunt
De orthodox-christelijke benaderingswijze om aids te beperken is ingebed in een breder ethisch kader waarin onder meer wordt aangespoord geen seksuele omgang voor het huwelijk te hebben en geen seksuele omgang buiten het huwelijk.

Wetenschappelijk gezien zijn er geen aanwijzingen dat het hebben van seksuele relaties zonder een huwelijk meer risico's zou inhouden dan relaties binnen het huwelijk. Wat wetenschappelijk alle verschil uitmaakt is of er geen relaties plaatsvinden buiten het huwelijk. Als dit het geval is, is er geen kans op seksuele infectie tenzij een van de partners via naalden (bijvoorbeeld door intraveneus druggebruik, of via een bloedtransfusie in landen met minder veilige bloedvoorraden) besmet is geraakt.

Exclusieve en wederzijdse trouw aan de (al dan niet huwelijkse) partner is daarom eveneens een effectieve maatregel.

Situatie in 2007
In Washington is nu één op de twintig inwoners besmet met hiv. Dat is meer dan in Afrikaanse landen als Angola en Nigeria. Tegen hiv bestaat geen vaccin en er zijn geen medicijnen die aids kunnen genezen. Er zijn wel zogeheten aids-remmers, die de ziekte zodanig onderdrukken dat seropositieve mensen soms nog gedurende tientallen jaren een normaal leven kunnen leiden. Steeds meer aids-patiënten sterven aan een andere aandoening vooraleer aids echt doorbreekt. Probleem is wel dat die aids-remmers in de meeste Afrikaanse landen, waar de ziekte de grootste ravage aanricht, zeer moeilijk verkrijgbaar en vaak onbetaalbaar zijn. Het relatieve succes van de aids-remmers heeft bovendien een keerzijde. Aangezien ze de ziekte lange tijd kunnen onderdrukken, is de laksheid toegenomen en het condoomgebruik, de enige echte beveiliging tegen aids, geleidelijk gedaald. Op de wereld zijn 39,5 miljoen mensen geïnfecteerd met hiv. Elke zes seconden loopt iemand hiv op. Elke tien seconden sterft iemand aan aids. Negentig procent van de getroffenen leeft in ontwikkelingslanden. In Nederland raken elke week twee á drie mensen geïnfecteerd met hiv.

Websites: GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Hiv and http://nl.wikipedia.org/wiki/Aids


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 52.