kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 30-04-2008 voor het laatst bewerkt.

Jeruzalem



Jeruzalem (Engels: Jerusalem)(Hebreeuws: Jeroesjalajim; Arabisch: al-Qoeds - betekent letterlijk 'Het Heiligdom'), een stad met een gemengde Joodse en Arabische bevolking, is sinds 1949 de hoofdstad van Israël en wordt eveneens geclaimd door de Palestijnse Autoriteit als haar hoofdstad.

De stad was de oude hoofdstad van de koninkrijken Israël, Judea en van het Latijnse Koninkrijk Jeruzalem. Het is een van de meest omstreden gebieden ter wereld. Als een duizenden jaren oude stad is het een bakermat van het jodendom en het christendom, en worden de stad of plaatsen erin door volgelingen van deze twee religies en door de islam als heilig beschouwd. Ondanks de aanslagen die er vrij geregeld plaatsvinden, trekt de uit natuursteen opgetrokken stad jaarlijks honderdduizenden pelgrims en andere toeristen. De stad telt 746.300 inwoners (2007).

Israël verklaarde Jeruzalem tot hoofdstad in 1950; het is de locatie van het presidentsgebouw, het parlement, het oppergerechtshof en de meeste ministeries. De status als hoofdstad is niet internationaal erkend en de meeste ambassades zijn gevestigd in de Israëlische kuststreek. De Palestijnse Autoriteit beschouwt Jeruzalem als hoofdstad van een toekomstige Palestijnse staat en onderhoudt een betwist kantoor in het Orient House. De Verenigde Naties houden nog vast aan het 'corpus separatum' uit het Verdelingsplan (zie Geschiedenis), en hebben een en ander in 1980 nog eens bevestigd (resoluties 476 en 478). De Oslo-overeenkomst tussen de PLO en Israël maakt onderscheid tussen de Westelijke Jordaanoever en Jeruzalem. Over de definitieve status zou in overleg rond de permanente status worden besloten.

Geschiedenis en etymologie
De etymologie en de oorsprong van Jeruzalem zijn niet zeker. Een veelgenoemde theorie stelt dat de naam twee Tenachische steden combineert, die wellicht beide voor Jeruzalem staan: Jebus (genoemd naar de stichter van de Jebusieten) en Salem (een Canaänitische god). Mogelijk ook kan de naam vertaald worden als 'Basis van Salem'. Bijbelse bijnamen van de stad zijn de 'Stad van David' en 'Zion', dat eigenlijk de naam is van een heuvel vlak buiten de muren van de oude stad.

De stad Jeruzalem wordt reeds genoemd in bronnen van het begin van het 2e millennium v.Chr.: in Egyptische vervloekingsteksten (19e en 18e eeuw v.Chr.) worden de namen Wrwshlm en Wrwshmn aangetroffen. Later komt in de zogenaamde brieven (eigenlijk kleitabletten) van Tel el Amarna, gedateerd eerste helft 14e eeuw v.Chr., de naam Urusalim(u) voor. Abdu-cheba, de Egyptische vazalvorst van deze stad, vraagt de farao om militaire bijstand om de aanvallen van de Apiru (misschien de Hebreeën) te kunnen afslaan.

Het eerste deel van de naam (Jeru-) betekent misschien ‘stad’, ‘woning’ of ‘bron’. De volksetymologie heeft van Jeruzalem ‘de stad van de vrede’ gemaakt (‘ir = stad, sjalom = vrede). Volgens sommige Semitische taalkundigen kan Jeru- ‘woning’ (< jarah) betekenen. De herkomst kan echter ook niet-Semitisch zijn: ur(u)- zou van een woord voor ‘bron, waterstroom, rivier’ kunnen komen: ‘de bron van Salem’ (vergelijk de rivieren Jor-daan, Jar-muk, Jabbok (< *Jar-bok?), Jar-kon, de oasestad Jer-icho; bij Jeruzalem was de bron Gihon). Het Griekse hiëro- (in Hiërosolyma) is dus zo gek nog niet, want de betekenis van hiëros in hiëros Pergamos is ‘door een god bewoond of beschermd’.

Het tweede deel (-zalem) vinden we waarschijnlijk in Genesis, waar de ontmoeting tussen Abraham en Melchizedek, de koning van Salem, wordt beschreven (Genesis 14:18). Incidenteel wordt Salem geassocieerd met Beith Shean (Scythopolis). De Assyriërs hielden lijsten met godennamen bij om zich te kunnen oriënteren in de veelheid van goden in het rijk. Volgens zo’n lijst zou in Jeruzalem Isjtar Sjalmanitu genoemd worden. Nu was Sjalmanitu de echtgenote van de oorlogsgod Sjalman. Het is dus mogelijk dat Jeruzalem oorspronkelijk betekent ‘de stad van de god Salem’.

Homerus vermeldt dat de mythische held Bellerophon oorlog voerde tegen de Solymi, een volk in het gebied van de Hethieten (Ilias Z, 184 en 204). Het volk wordt gesitueerd in de buurt van Lycië, waar men kennis had van het schrift. Ook Herodotus (Hist. I, 173) en Tacitus (Hist. V, 2) vermelden de Solymi, en de laatste legt nadrukkelijk een verband: "Anderen noemen een roemrijke oorsprong van de Joden, (namelijk) de in de gedichten van Homerus bezongen Solymi. De stad Jeruzalem (Hiërosolyma) zou zijn naam daaraan hebben ontleend." Nu komt in de archieven van Tel el Amarna een stadhouder van Jeruzalem voor met de naam Abdu-cheba (‘dienaar van Cheba’). De zonnegodin Cheba werd vereerd door de Hurrieten, die nauw aan de Hethieten gelieerd waren. Dit strookt met een uitspraak van Ezechiël over Jeruzalem: ‘Je vader was een Amoriet, je moeder een Hethiet’ (Ezech. 16:2-3, 45). Het is dus niet helemaal uit te sluiten dat de Solymi – misschien ‘de mannen van Sjalman’ – een historische band met Jeruzalem hebben gehad.

In de Hebreeuwse Bijbel komt de naam het eerst voor in het boek Jozua. David is de eerste Israëlitische koning die er zijn troon vestigt. Jeruzalem was het voornaamste centrum van de joodse religie omdat de Tempel van Salomo er gevestigd was en na de Babylonische Ballingschap de Tweede Tempel. Joodse families gingen tot driemaal per jaar op bedevaart naar de tempel en brachten er offers.

Oudheid
In 1004 v.Chr. zou volgens de Bijbel koning David de stad ingenomen hebben en ze tot hoofdstad van het koninkrijk Israël gemaakt hebben. Zijn opvolger, Salomo, zou in 961 v.Chr. met de bouw van de eerste Joodse Tempel begonnen zijn.

Toen na Salomo's overlijden in 922 v.Chr. het koninkrijk in twee delen uiteen viel, werd Jeruzalem de hoofdstad van het koninkrijk Juda. In 587 v.Chr. viel de stad in handen van de Babyloniërs en de Joodse bevolking werd weggevoerd in ballingschap naar Babylon. De tempel werd verwoest.

Toen de Perzen Babylon innamen, mochten de joden terugkeren en ze kregen de toestemming om de tempel weer te herbouwen (538 v.Chr.), maar wel onder Perzische heerschappij. Onder de Perzen werden de joden betrekkelijk ongemoeid gelaten en konden ze hun godsdienst vrijelijk beoefenen.

Omstreeks 330 v.Chr. werd het Perzische Rijk veroverd door de Macedonisch-Griekse koning Alexander de Grote. Hiermee begon de periode van het Hellenisme voor Jeruzalem.

In 312 v.Chr. nam de Egyptisch-Griekse koning Ptolemaeüs I Jeruzalem in. Onder de Ptolemaeën genoten de joden eveneens godsdienstige vrijheid. De tenach werd zelfs in het Grieks vertaald in opdracht van de Ptolemese koningen. Dit was voor zover bekend de eerste vertaling van de Hebreeuwse geschriften in een andere taal; zij staat bekend als de Septuagint. De stad werd echter later (198 v.Chr.) veroverd door de Grieks-Syrische Seleuciden die het hellenisme met geweld wilden opdringen aan hun onderdanen. In 168 v.Chr. poogde de Seleucidische koning Antiochos Epiphanes (de Joden noemden hem al gauw Antiochos Epimanes dat Antiochos de gek betekent) de joodse godsdienst uit te roeien en werd de Joodse Tempel ontheiligd door er een varken te offeren aan Zeus.

Zo wilde hij de Tempel wijden aan de Griekse afgodendienst. De Joden vinden dit een ernstige belediging voor hun geloof en dus brak er prompt een grote volksopstand uit. Na vele wreedheden over en weer wisten de opstandelingen, bekend als de Makkabeeën, in 164 v.Chr. de stad te heroveren en de Tempel weer in gebruik te nemen voor de beoefening van de Hebreeuwse godsdienst. De Makkabeeën stichtten het joodse koningshuis van de Hasmoneeën. In 161 v.Chr. sloten ze een bondgenootschap met de Romeinen die hun invloed in het hellenistische oosten aan het uitbreiden waren. In 143 v.Chr. wisten de Hasmoneeën onafhankelijkheid voor Judea te verkrijgen en werd Jeruzalem opnieuw de hoofdstad van een onafhankelijke Joodse staat.

In 63 v.Chr. vangt de Romeinse tijd aan door de verovering van de stad door Pompeius. Judea werd hierdoor een vazalstaat van Rome waar de Hasmoneese macht geleidelijk overging in die van de Herodianen. Herodes de Grote versterkte en verfraaide Jeruzalem met verschillende vestingwerken en andere bouwwerken, zoals de burcht Antonia, de torens Phasaël, Mariamne en Hippicus, een theater en het Paleis van Herodes. Het meest prestigieus was echter zijn verfraaiing van de tempel. Het was tegen het einde van de regering van Herodes de Grote dat Jezus van Nazareth werd geboren.

In het jaar 66 begon de desastreuze Joodse Opstand. Deze werd onderdrukt door Vespasianus en Titus in het jaar 70. Hierbij verwoestten de Romeinen de stad en de (tweede) tempel werd in brand gestoken. Het enige overblijfsel van de tempel is een deel van de Westelijke muur, die nu bekend staat als de Klaagmuur. Op de ruïnes van de stad werd een Romeins legerkamp opgericht.

Keizer Hadrianus bezocht in het jaar 130 de stad en besloot er een Romeinse kolonie te vestigen. In het jaar 135 werd Jeruzalem door de Joden, onder leiding van Bar Kochba, veroverd. Deze maakten Jeruzalem opnieuw tot hun hoofdstad en richtten er een voorlopige tempel op. De reactie van Hadrianus bleef niet uit en hij heroverde de stad en gaf haar een andere naam (Aelia Capitolina). Op de tempelberg werd een Romeinse tempel gebouwd (ter verering van Jupiter). De Joden werd de toegang tot de stad ontzegd. Pas in het jaar 438 werd dit toegangsverbod opgeheven.

In 326 bezoekt Helena, moeder van keizer Constantijn de Grote de stad en krijgt deze opnieuw de naam Jeruzalem. In 335 beval Constantijn de bouw van de Heilige Grafkerk.

Op het Concilie van Chalcedon (451) werd het patriarchaat Jeruzalem opgericht. De patriarch, de bisschop van Jeruzalem, kreeg jurisdictie over de 3 toenmalige provincies van Palestina.

Middeleeuwen
In 614 werd de stad, met hulp van de Joden, veroverd door de Perzen onder leiding van Chosro II. In 629 konden de Byzantijnen de stad (tijdelijk) heroveren.

In 637 gaf patriarch Sophronius de stad, na de slag bij de Jarmoek, over aan de Arabieren onder leiding van kalief Omar. In het Arabisch werd de stad bekend als Al-Qoeds (de heilige (stad)), en slechts zelden als Oeroesjalim, wat wel wordt uitgelegd als stad van sjalim. Het is ook voor de moslims een heilige stad, onder meer omdat de profeet Mohammed er op een vliegend paard vanuit Mekka naartoe gereisd zou zijn en vanaf de Tempelberg naar de hemelen zou zijn opgestegen. Een voetafdruk in de Rotskoepel (gebouwd 691-692) herinnert hieraan. De kalief liet Joden, die verbannen waren onder de Byzantijnen, terugkeren. Onder druk van patriarch Sophronius werd het aantal beperkt tot 70 families. In het jaar 660 werd de bouw van de Al-Aqsamoskee aangevangen.

In 1071 kwam de stad in handen van de Turkse Seltsjoeken en werden joodse synagogen en christelijke kerken in brand gestoken. Toen men in West-Europa vernam dat de pelgrims werden lastig gevallen vond men dat er (militair) ingegrepen moest worden en kwamen de kruistochten op gang. Ondertussen werd de stad in 1096 ingenomen door de Arabische Fatimiden.

In 1099 bereikte de eerste kruistocht de stad. De kruisvaarders veroverden deze en richtten er vervolgens een verschrikkelijk bloedbad aan. De islamitische en Joodse bevolking werd uitgeroeid of verkocht als slaaf aan Egypte of Europa. Het Koninkrijk Jeruzalem werd door de kruisvaarders gesticht. De eerste hoogste gezagsdrager, Godfried van Bouillon weigerde echter de titel van koning en nam de titel van Beschermer van het Heilige Graf aan omdat hij geen koningskroon wilde dragen op de plaats waar Jezus een doornenkroon droeg. Zijn opvolgers namen echter wel de titel van koning aan (zie Koningen van Jeruzalem). De koning nam oorspronkelijk zijn intrek in de Al-Aqsamoskee. Later werd dit gebouw de residentie van de Tempeliers.

In 1187 werden de kruisvaarders verslagen en de stad gaf zich over aan Saladin. In tegenstelling tot de kruisvaarders 88 jaar eerder richtte Saladin geen bloedbad aan.

Frederik II, Rooms keizer, kon in 1229, via diplomatieke weg, de stad verwerven. Het Latijnse Koninkrijk Jeruzalem was opnieuw een feit tot 1250 de Mamelukken de stad veroverden. De Mamelukken waren weinig tolerant en er braken harde tijden aan voor de christenen.

Nieuwe Tijd
In 1517 werd de stad door sultan Selim I veroverd en kwam zo onder Ottomaanse heerschappij. Onder deze heerschappij beleefde Jeruzalem een korte periode van bloei onder sultan Süleyman. Tussen 1537 en 1541 werden de stadsmuren van Jeruzalem herbouwd en de rotskoepel werd verfraaid. Belangrijk voor de Joden was dat de Turken vrij tolerant waren. Veel joodse vluchtelingen, uit de Spaanse gebieden verdreven door de Inquisitie, vestigden zich in het Osmaanse rijk, waaronder ook Jeruzalem.

De Ottomaanse heerschappij duurde tot 1917, toen de Britten de stad veroverden. Sinds het begin van de 19e eeuw zijn Joden weer de grootste bevolkingsgroep van Jeruzalem en sinds midden 19e eeuw de meerderheid.

20e eeuw
Tijdens de Eerste Wereldoorlog, in december 1917, veroverden Britse troepen Jeruzalem op de Turken. Tot september 1922 bleef Jeruzalem en de rest van Palestina onder Brits militair bestuur. Door de Volkerenbond werd in 1922 het mandaat aan de Britten gegeven om Palestina te besturen en de lokale bevolking voor te bereiden op zelfstandigheid. In dit mandaat werd ook de Balfour-verklaring opgenomen waarin de Britse overheid steun beloofde bij het oprichten van een Joods nationaal tehuis in Palestina, als ook bij de immigratie en vestiging van Joden in het land. Dit was tegen de wil van de autochtone Palestijnse bevolking [1][2] die hier verschillende keren tegen in opstand kwam, en wat culmineerde in de Tweede Palestijnse opstand die het land van 1936 tot 1939 in zijn greep hield.

In 1918 werd de Government Arab College opgericht en in 1925 de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem.

In de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties werd in november 1947 resolutie 181 aangenomen, die de opdeling van Palestina in twee afzonderlijke staten regelde. De resolutie erkende de speciale positie van Jeruzalem en de stad werd toegewezen als een speciaal corpus separatum. Hieronder zou Jeruzalem onder een speciaal bewind komen, dat door de VN bestuurd zou worden. In 1949 werd zelfs een volledige resolutie van de Algemene Vergadering van de VN (resolutie 303) gewijd aan het internationale statuut van de stad.

Op 14 mei 1948 werd de staat Israël uitgeroepen. Tijdens de oorlog die volgde, door de huidige Palestijnen vaak Nakba genoemd (Arabisch voor catastrofe), lukte het de joods-Palestijnse en later Israëlische strijdkrachten niet om Oost-Jeruzalem, waaronder de oude stad, te veroveren. In de oude stad bevinden zich de Tempelberg (ook wel Haram Al-Sjarif genoemd), waarop de voorname Al-Aqsamoskee en de Koepel van de Rots zijn gelegen, en waaraan de Klaagmuur ligt, en vier etno-religieuze wijken: joods, islamitisch, christelijk en Armeens. Slechts met grote moeite lukte het de Israëlische strijdkrachten een corridor tussen West-Jeruzalem en Tel Aviv veilig te stellen. Maandenlang waren de Joden in Jeruzalem van Israël gescheiden.

Oost-Jeruzalem met daarin de Oude Stad werd op verzoek van zo'n 2000 Palestijnse notabelen bezet door het Jordaanse leger, dat Palestina op verzoek van de notabelen was binnengekomen om zo bescherming te bieden tegen 'de zionistische dreiging'. Jordanië annexeerde Oost-Jeruzalem eenzijdig, alsmede de gehele Westelijke Jordaanoever. Hoewel de VN er relatief weinig aandacht aan schonk, werd deze annexatie nooit internationaal erkend. Eén joodse wijk van Jeruzalem werd een Israëlische enclave binnen het door Jordanië bezette gebied. Tussen de jaren 1949 en 1967 was Jeruzalem in tweeën gedeeld door middel van een barrière (muur en hek). De facto lag aan de westzijde van die muur de Israëlische stad Jeruzalem en aan de oostzijde de Jordaanse stad al-Qoeds. In 1965 werd Teddy Kollek burgemeester van (West-)Jeruzalem.

Tijdens de Zesdaagse oorlog (1967) veroverde Israël Oost-Jeruzalem op Jordanië en annexeerde de oude stad en een gebied eromheen. De stad werd herenigd onder één gemeente en de muren en hekken werden neergehaald. De annexatie werd net als die door Jordanië niet internationaal erkend; ditmaal maakten zowel Arabische staten als andere landen aanzienlijk meer bezwaar. Na een oproep van de Veiligheidsraad in 1980, en onder druk van de Arabische landen, verplaatste Nederland de ambassade van Jeruzalem naar Tel Aviv. (In 2003 verhuisde de Nederlandse ambassade in Israël naar Ramat Gan).

Teddy Kollek bleef burgemeester tot 1993, toen hij verkiezingen verloor, waar hij tegen zijn zin aan meedeed. Onder Teddy Kollek groeide Jeruzalem uit tot de grootste stad van Israël, waarin Joodse en Arabische Israëliërs aanvanvankelijk vrij rustig samenleefden. Aanslagen werden vrijwel altijd door inwoners van omringende plaatsen gepleegd. Tijdens de eerste Intifada werden steeds meer toeristen in de oude stad en omstreken neergestoken. Ook waren er rellen in Arabische wijken. Het toerisme naar Jeruzalem nam af en de Arabische en Joodse economieën in Jeruzalem leidden steeds meer een afgescheiden bestaan. Teddy Kollek werd in de verkiezingsstrijd verslagen door Ehud Olmert, die zich tijdelijk terugtrok uit de landelijke politiek. Tegenwoordig is Uri Lupolianski de burgemeester van Jeruzalem.

21e eeuw
In september 2000 breekt de tweede intifada uit. Een van de eerste rellen was in Jeruzalem, op de Tempelberg, na een bezoek van de toenmalige Israëlische oppositieleider Ariël Sharon. Sindsdien werd de stad opgeschrikt door vele aanslagen, onder andere op bussen en restaurants. In een van die aanslagen, de aanslag in het pizzarestaurant Sbarro, kwam ook een Nederlandse familie om het leven. Ook in Oost-Jeruzalem wordt het leven in vele opzichten moeilijk draagzaam, bijvoorbeeld het Israëlische ministerie van binnenlandse zaken aldaar verleent nog maar zeer minimale diensten, zoals reisvergunningen en uitgifte van legitimatiebewijzen. Nadat Olmert weer in de Israëlische regering zitting nam, werd Uri Lupolianski de eerste charedisch (ultra-orthodox joodse) burgemeester in de geschiedenis van Jeruzalem.

In 2004 begon Israël aan de bouw van een barrière die enkele Arabische wijken waar vandaan terroristische aanslagen op burgers van Israël zijn gepleegd aan de noord- een oostrand van Jeruzalem afsnijdt van de rest van de huidige stad. In die wijken zijn de onroerendezaakwaarden scherp gedaald; bewoners die het zich kunnen permitteren vertrekken naar Arabische of Joodse wijken die aan de Israëlische zijde van de muur komen te liggen.

Steeds grotere aantallen seculiere joden verlaten Jeruzalem. Seculiere jongeren voelen zich in het nauw gedrongen door het gebrek aan uitgaansmogelijkheden en het gebrek aan winkels en andere gelegenheden die op sjabbat open blijven. Het percentage charedische joden in de stad stijgt continu, en inmiddels bestaat een aanzienlijke meerderheid van de joodse kinderen in de stad uit charedische joden. De verhoudingen in de stad zijn over het algemeen ongeveer gelijk verdeeld over de drie groepen. Van de circa 750.000 inwoners is een derde charedisch (ultra-orthodox) joods, een derde seculier joods, en een derde Arabisch. Onder de joodse inwoners is een aanzienlijk aantal immigranten uit westerse landen zoals de Verenigde Staten, maar ook enkele duizenden Nederlanders.

Door de vernieuwing van het vervoerssysteem in de stad - zowel autowegen als openbaar vervoer - hoopt de stad de verkeersopstoppingen in te dammen. Een light-rail lijn welke thans gebouwd wordt zal zuidwestelijk Jeruzalem verbinden met het noordoosten. Tevens wordt er gebouwd aan nieuwe snelwegen en worden verschillende stedelijke wegen en kruisingen vernieuwd en uitgebreid, en wordt er een hogesnelheidsspoorlijn van Tel Aviv naar Jeruzalem gebouwd.

In verschillende delen van de stad zijn grootschalige nieuwbouwprojecten onder ontwikkeling, veelal gericht op de snel groeiende charedische sector.

Stadsdelen
De stad Jeruzalem kent een mozaïek van bevolkingsgroepen. De stad kan grofweg in vier delen verdeeld worden. Het zuiden is overwegend seculier joods met daartussen vooral modern orthodoxe bevolking; het noordwesten is overwegend charedisch joods; het oosten is overwegend Arabisch; de verder gelegen wijken van het noorden zijn per wijk afwisselend tussen Arabisch, charedisch, modern orthodox en seculier joods.

Religieuze plekken in Jeruzalem
Zowel joden, christenen als moslims beschouwen Jeruzalem als een belangrijke stad.
Voor gelovige joden is de Westmuur (ook bekend als 'Klaagmuur'), de Westelijke Muur van de voormalige Tweede Tempel, de stenen expressie van hun religieuze traditie.
Moslims komen naar Jeruzalem, omdat op de Tempelberg in de oude stad de Rotskoepel en de Al-Aqsamoskee staan, de belangrijkste islamitische centra na Mekka en Medina.
Voor christenen ten slotte is Jeruzalem de stad waar Jezus leefde en werkte, gekruisigd werd en uit zijn graf herrees.

Joodse bewegingen gevestigd in Jeruzalem
De volgende asjkenazisch-charedisch (ultra-orthodox) joodse bewegingen hebben hun hoofdvestiging in Jeruzalem, met name in en rond de charedische wijk Meah Shearim. Toldos Aharon, Toldos Avrohom Yitzchok, Dushinsky, Slonim, Belz, Ger, Brisk, Biala, Rachmastrivka, Neturei Karta, Karlin-Stolin, Kalev, Lelov, Sadigura ... Veel van deze bewegingen zijn fel anti-zionistisch.
Daarnaast hebben de meeste groepen van enige betekenis in de charedische wereld, zoals Satmar, Bobov en Lubavitch, minstens een of meerdere synagoges in Jeruzalem. Een overkoepelende organisatie van extreme charedische joden is de Edah HaChareidis, die de zogeheten 'rechtervleugel' van de charedische wereld vertegenwoordigt.

Sefardisch
Ook het sefardisch orthodox jodendom is in Jeruzalem sterk vertegenwoordigd met leiders zoals rabbijn Ovadia Yosef en rabbijn Mordechai Eliyahu.

Over Jeruzalem zijn tientallen liederen geschreven, waaronder: Hatikwa, Jeruzalem van goud, Sisoe et Jeroesjalajim, Hakotel, Zot Jeroesjalajim, Sjejibane bet hamikdasj ...


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://en.wikipedia.org/wiki/Jerusalem
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 3498.

Tweets by kunstbus