kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 03-06-2008 voor het laatst bewerkt.

John Ruskin

Brits criticus en essayist, geboren 8 februari 1819 Londen - overleden 20 januari 1900 Brantwood (Lancashire).

Ruskin is bekend om zijn werk als kunstcriticus en sociaalcriticus, maar wordt ook herinnerd als schrijver, dichter en artiest. Hij verdedigde de schilder Turner tegen de Royal Acadamy en schreef meer dan 250 essays over kunst en architectuur welke zeer invloedrijk waren in het Victoriaanse en het Edwardiaanse tijdperk.

John Ruskin bleef vooral bekend als de instigator van de Neogotiek en voorvechter van de Prerafaëlieten (Modern painters). Hij schreef onder andere over gotische architectuur, de schilderkunst van de vroege Renaissance en over Venetië (The stones of Venice). Hij opende de ogen van tallozen voor sociale moraal, kunst en schoonheid, waaronder die van Proust.

De aandacht voor de kunstnijverheid werd door hem gestimuleerd. Hij meende dat de corruptie van de negentiende eeuwse stijlen zou worden teruggedrongen door inspirerende ambachten.
John Ruskin had een groot probleem met de industrialisatie. Hij miste daarin de persoonlijke touch en de deskundigheid van de arbeider. De haat van John Ruskin tegen de moderne beschaving resulteerde in een leer waarin de kunstenaar of ambachtsman elke stoel, elke beker en elk glas elke keer opnieuw zou moeten uitvinden. Deze beweging kreeg de naam Arts and Crafts.
Consistentie en orde, de eliminatie van overbodige details, een terugkeer naar natuurlijke vormen, respect voor materiaal: het klonk als een manifest voor een nieuwe orde – en dat was het ook. De Arts and Craft Movement, zoals die in de jaren tachtig van de negentiende eeuw in Engeland was opgekomen, zette zich af tegen jaren van massaproductie. De beweging betekende een heropleving van het concept van middeleeuwse gilden en mooie, handgemaakte objecten. De toonaangevende beoefenaar van het genre was William Morris, de leidende theoreticus John Ruskin.
John Ruskin en William Morris wilden voornamelijk reageren tegen de lelijkheid van het moderne leven en de onmenselijkheid van de arbeid, ondermeer ten gevolge van de mechanisatie. Volgens Ruskin en Morris was de decadentie van de toenmalige maatschappij te wijten aan de verbreking van de oude 'eenheid der kunsten' die uitmondde in de suprematie van de Schone Kunsten op de toegepaste kunsten. De oplossing moest gezocht worden in de richting van een geïntegreerde kunstenaar en van een kunst die zou beantwoorden aan de behoefte van het dagelijkse leven van alleman, waarbij de toegepaste kunst uiteraard op een hoger peil zou worden gebracht. Dit alles zou slechts mogelijk zijn in het kader van een nieuwe maatschappij.
Het idee om uiteenlopende studies, zowel kunst, architectuur en kunstnijverheid onder één dak bijeen te brengen ontstond aldus in Engeland. Nadat in Oostenrijk onder invloed van de soortgelijke beweging Jugendstil een museum voor Kunst en Nijverheid was opgezet, kwam ook in Berlijn in 1871 een soortgelijk initiatief van de grond. Jugendstil bepaalde vijftien jaar de kunst in Europa. De combinatie kunst en ambacht zou kenmerkend worden voor Bauhaus, met dit verschil, dat in Duitsland geen aversie tegen de moderniteit en industrialisatie bestond.

In politieke werken bepleitte hij onder meer voor een betere positie van de arbeiders. Velen vonden hem een salon socialist. Hij vond zichzelf een conservatief.

John Ruskin was een man die dezelfde ideeën als de Prerafaëlieten en hij steunde hen ook. Hij zei onder andere: “De schilder is met dezelfde taak belast als de prediker; schoonheid spreekt tot ons morele besef”. Zijn boek “Modern Painters” leerde dat de natuur als een wetmatig geordend organisme was. Dit boek effende de weg voor de Prerafaëlieten.

Ruskins opvattingen over kunst en moraliteit zouden ook een diepe indruk nalaten op Oscar Wilde.

Voor John Ruskin is de precieze vorm niet datgene waar het in de kunst om draait. Hij stelt dat het bij kunst in de eerste plaats gaat om de gedachte, en niet om de afwerking: “Always look for invention first, and after that, for such execution as will help the invention, and as the inventor is capable of without painful effort, and no more. Above all, demand no refinement of execution where there is no thought, for that is slaves’ work, unredeemed.”

Biografie
Over zijn liefdesleven werd in het openbaar niet gesproken. Hij leefde immers in de Victoriaanse tijd waarin dit taboe was. Als John Ruskin nu zou leven zouden alle roddelbladen volstaan over zijn gedrag en zijn seksuele voorkeur. Waarschijnlijk zou hij een pedofiel worden genoemd. In 1848 trouwde hij met Euphemia Chalmers (Effie) Gray, de dochter van een handelaar. In zijn huwelijksnacht werd hij door het zien van het schaamhaar van zijn vrouw zo geschokt dat hij zijn gehele leven seksueel abstinent bleef. Andere auteurs stellen dat Ruskin niet opgewonden kon raken door volwassen vrouwen: hij had een sterke emotionele en seksuele voorkeur voor prepuberale meisjes. Ruskin werd een obsessief zelfbevrediger - 'een dagelijks gepleegde zelfmoord' noemde hij het. De seksuele frustratie maakte hem gek. Hij hield een dagboek bij van zijn seksdromen en stierf als maagd.

Na vijf jaar huwelijk zonder erotiek zijn zij gaan scheiden. John Millais, een van de grondleggers van de Pre-Raphaellitische beweging in de schilderkunst, en Effie krijgen in 1853 een verhouding. In 1854 verliet Effie haar echtgenoot en vervolgens werd hun huwelijk nietig verklaard. Medici stelden vast dat Effie nog maagd was en zij trouwde met de beroemde schilder, ze kregen samen 8 kinderen.

In 1858 werd Ruskin verliefd op Rose la Touche, een tienjarig meisje dat hij les gaf. Toen Rose 17 jaar werd vroeg hij haar ten huwelijk, maar zijn ex-vrouw Effie Gray had de moeder van Rose gewaarschuwd dat Ruskin "onnatuurlijk" was en het huwelijk ging niet door. Rose stierf krankzinnig in 1875.

Jaren achtereen kreeg Ruskin last van depressies en andere mentale aandoeningen.

Na zijn vele publicaties in voorgaande jaren ging hij in 1885 verder met The Pleasures of England en publiceerde zijn autobiografie Praeterita in juli 1889.

In 1887, toen hij bijna 70 jaar was wilde hij trouwen met de tiener Kate Olander. Ook dat ging niet door.

John Ruskin stierf in 1900 op 81 jarige leeftijd in een krankzinnigen gesticht. Hij overleed aan influenza en werd begraven op het kerkhof in Coniston.

Onder de titel Sur la lecture publiceerde Proust in 1905 in het tijdschrift La Renaissance latine de inleiding voor de vertaling van Sesame and Lilies, die een jaar later bij uitgeverij Mercure de France verscheen. Sesame and Lilies bestaat uit twee voordrachten die Ruskin in 1864 in Manchester hield: Of king’s treasuries en Of queen’s gardens. De eerste voordracht, Of king’s treasuries, gaat onder andere over het belang van boeken en was de aanleiding voor het artikel van Proust. Hij was het niet geheel met Ruskin eens. Ruskin zag lezen als een doel, Proust als een middel. Eerstgenoemde vergeleek lezen met een goed gesprek dat je kunt voeren met gecultiveerde mensen van voorgaande generaties. Voor Proust gaf lezen je op een magische manier toegang tot kamers van de ziel die tot dan toe gesloten bleven, het vormde de kritische geest en maakte de lezer bewust van het eigen gevoelsleven. - (Meer hierover op John Ruskin, een der oorspronkelijkste figuren van de hedendaagsche Engelsche kunst: hij was de profeet van de préraphaelische school en een der overlevenden van die schitterende schaar kunstenaars, waaraan toebehoorden Roselli, William Morris, Burne Jones, Halmann Hunt en Millais, die de kunst met een nieuw ideaal begiftigden.
Hij was geboren te Londen in 1819, hij legde zich op de schilderkunst toe, doch alhoewel hij nooit vaarwel aan de practijk gezegd heeft, deed hij zich inzonderheid gelden als estheticus en criticus.
In zijn eerste werk nam hij de verdediging van Turner en de Engelsche landschapschilderschool. Verder schreef hij over de moderne schilders, over de school van Venetië, over Giotto, over methodeleer, bouwkunde, zedenleer, huishoudkunde enz., doch zijn standaardwerk is en blijft ‘Modern Painters’. Zijn invloed was overgroot en hij is de voorlichter van het Engelsch schoonheidsgevoel. ‘Ruskin houses’, gezelschappen naar zijnen naam, zijn opgericht en met Morris is hij de ware stichter van de ‘Modern Style’.
Zooals wij zagen was Ruskin niet enkel kunstcriticus, hij was schilder, dichter, bouwmeester, leeraar, staatkundige, hervormer, economist en bijkans socialist. Immer was hij geheimzinnig en geestdriftig, bewonderaar overal en in alles van het Schoone. Leeraar te Oxford gaf hij zijn ontslag wanneer de ontleding van levende dieren in die Hoogeschool ingevoerd werd. Op zedelijk gebied dwaalde hij ver af van de christelijke opvatting. Niet verstaan door zijne vrouw, jufvrouw Chalmers Gray, vroegen de echtgenooten bij gemeene overeenkomst en zonder vijandschap echtscheiding, en in 1878, woonde hij haar huwelijk bij met zijnen vriend Millais.
Die man, waarvan somwijlen de zonderlingheid aan den waanzin grensde, die in postsjees reisde om zich door het aanraken van den ijzerenweg niet te bevuilen, die een schrik gevoelde van het stoomtuig en in het eiland Man een werkhuis stichtte, waar de wol der zwarte schapen met werktuigen door water bewogen moest geweven worden, was een schrander en machtige denker. Hij muntte uit in het vatten van de verborgen schoonheden in een kunststuk en wist het verband te doen zien tusschen de esthetiek en het zedelijk leven.
Vele zijner werken hebben geheimzinnige en wonderlijke titels: Seven lamps of architecture (1849), Stones of Venice (1853), Proeterita, Hortus inclunes, Fors Clavigeria, Deucalion, Aratra Pontelici, Ariadne Florentina, Sesame en de Leliën, De Koningin der lucht, De Mesme der Liefde, De Kroon van wilde Olijfblaren, Op den ouden weg, Onze vaders hebben ons gezegd... Notas over den bouw der schaapskooien. Schaapboeren die naar den titel dit laatste werk kochten, bevonden niet zonder verwondering dat er enkel spraak in was van zedelijke schapen en van de zending van den goeden Herder.
De opvoeding der kinderen, volgens Ruskin, is begrepen in dezen grondregel: bij hen de gave der bewondering ontwikkelen. Hij verlangde dat men hun het teekenen veeleer dan het schrijven zou leeren, omdat dit laatste zulke schoone zaken niet leert dan het eerste.
Hij was geen oorlogsgezinde; hij zou gewild hebben dat de soldaten altoos rouwkleederen zouden gedragen hebben, zoo somber mogelijk.
Ruskin beminde het geld niet, omdat het leelijk is. Zijn wensch was dat men schoone gouden dukaten zou slaan langs den eenen kant den aartsengel Michaël verbeeldende en langs den anderen eenen tak Alpenrozen.
Na veelvuldige bezoeken in de musea van Europa, had hij zelf te Sheffield een groot muzeum gesticht, dat heden zeer beroemd is.
Die zonderlinge maar sympatische man is bezweken aan influenza, in zijn eigendom te Brantwood. Hij was 81 jaar oud, gelijk Koningin Victoria.
Het leven en de werken van Ruskin zijn prachtig beoordeeld door Robert de la Sizeranne in een boek drie jaar geleden verschenen bij Hachette. De schrijver van ‘Modern Painters’ verdiende eene grondige studie. Hij vertegenwoordigt eene der zonderlingste en minst bekende zijden van het Engelsch-Saksisch karakter, buigzamer en verscheidener dan men op eerste zicht zich voorstelt, en dat, eerst uitsluitelijk naar den practischen kant der zaken en de stoffelijke oogpunten gericht, zich sedert eenige tiental jaren begint te richten naar eene huldiging sui generis van het esthetisch droombeeld. - (Dietsche Warande en Belfort. Jaargang 1 (1900) www.dbnl.org )

Websites: www.w8.nl/ruskin.htm, eindhovenseschool.net


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 907.