kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 20-04-2008 voor het laatst bewerkt.

Kiev

Kiev (of Kiew)

Kiev (Oekraïens: (Kyjiv), Russisch: (Kiejev); in het Nederlands ook Kiëv) is de hoofdstad en grootste stad van Oekraïne, en telde tijdens de volkstelling van 2001 2.611.327 inwoners. De stad is gelegen aan weerszijden van de rivier de Dnjepr (Oekraïens: Dnipro).

Geschiedenis
Kiev ontstond aan de rivier de Dnjepr, op de handelsroute tussen Scandinavië en Constantinopel. De Noordse legende dat de stad door de Vikingen zou zijn gesticht, is onjuist gebleken, omdat Kiev zeker ouder is. Volgens de kroniek van de monnik Nestor werd Kiev gesticht door drie broers, genaamd Kyj, Sjtsjek en Choryv en naar de oudste van hen genoemd ("Kiev" = 'Stad van Kyj', Oekraïens: Kyjiv). Dit moet op zijn laatst begin zesde eeuw hebben plaatsgevonden, omdat de naam van de Slavische vorst Kyj in deze tijd in Byzantijnse kronieken wordt genoemd. Sommige middeleeuwse bronnen plaatsen de stichting van Kiev nog eerder, in de jaren 430-460. Ook zijn er aanwijzingen dat de stad nog ouder is en al met de door Jordanes genoemde Gotische stad DanparstaÞir (= "Stad aan de Dnjepr") moet worden geïdentificeerd.

Het Kievse Rijk
Kiev beleefde haar bloeitijd tussen 882 en 1169, toen het de hoofdstad was van het Oostslavische Kievse Rijk. In 968 kon de stad een belegering door de Turkse Petsjenegen afslaan. In 988 lieten de stadsbewoners zich massal dopen in de rivier. Uit die periode, waarin de Slaven overgingen op het (oosterse) christendom, dateren de belangrijkste monumenten in de stad, de Sint-Sophiakathedraal en het holenklooster. Beide staan op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Van veel recenter datum zijn de Sint-Andrieskerk, met de groene "ui-daken", en de Sint-Volodymyrkathedraal.

Verwoesting en afhankelijkheid
In 1240 werd Kiev, dat met zijn ruim 30.000 inwoners toen een van de grootste steden van Europa was, door Batu Khan en zijn leger Mongolen verwoest. Meerdere redenen hiervoor zijn aan te voeren. Ten eerste was Kiev een rijke stad die geplunderd kon worden. Ten tweede hadden de inwonders van Kiev de fout gemaakt de Mongoolse ambassadeurs die om overgave kwamen vragen van de torens gegooid. Dit gold onder de Mongolen als heiligschennis. Een andere reden voor de verwoesting van Kiev was dat de Venetiaanse handelaars rond de Zwarte Zee de Mongolen hadden opgestookt tegen het rijke Kiev, dat tot dan toe de belangrijkste handelspost op dat deel van de handelsroutes naar Azië was.

De komende 6 eeuwen zou Kiev niet meer dan een provinciestad zijn, afhankelijk van de naburige rijken: het rijk van Halich-Volodimir, het grootvorstendom Litouwen, het Pools-Litouwse Gemenebest (binnen het woiwodschap Kiev), Moskovië en het Russische Rijk. Tijdens de 'Litouwse' periode werd de stad nog maar eens verwoest door de Krim-Tataren (1482).

Ondanks deze afhankelijkheid blijft Kiev een belangrijk centrum van de Slavische cultuur en van de orthodoxe religie.

Industrialisering en sovjetperiode
Door de beginnende industrialisering aan het eind van de 19e eeuw begon de stad weer te groeien; omstreeks 1900 had zij 250.000 inwoners.

In de verwarde situatie na de Eerste Wereldoorlog en de Russische Revolutie werd Kiev herhaaldelijk veroverd door de verschillende strijdende partijen: Oekraïense nationalisten, Polen, de anti-communistische Russische generaal Denikin en de bolsjewieken. Van 1917 tot 1919 was Kiev de hoofdstad van de Volksrepubliek Oekraïne. In 1922 werd Oekraïne een sovjetrepubliek, maar de hoofdstad werd Charkov, tot in 1934 Kiev weer de hoofdstad werd. De sovjetperiode vóór de Tweede Wereldoorlog was een zware tijd voor Oekraïne, getekend door hongersnood en politieke repressie. Vele gebouwen werden verwaarloosd of vernield, zo bijvoorbeeld de Sint-Michielskerk, die intussen heropgebouwd is.

De uiteindelijke overwinning van de bolsjewieken had tot gevolg dat Kiev en Oekraïne voor ongeveer 70 jaar een deel van de Sovjet-Unie zouden worden (tot deze in 1991 opgeheven werd).

Tweede Wereldoorlog
In 1941 werd Kiev veroverd door Nazi-Duitsland. 33.000 joodse inwoners van de stad werden kort daarop vermoord in het ravijn Babi Jar, dat destijds nog buiten de stadsgrenzen van Kiev lag. Op 9 augustus 1942 werd de zogenaamde dodenwedstrijd gespeeld tussen een elftal van Dynamo Kiev en een Duits elftal. De spelers van Dynamo moesten hun overwinning met de dood bekopen.

Na de onafhankelijkheid
Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 werd Kiev de hoofdstad van het onafhankelijke Oekraïne. In november/december 2004 was Kiev het toneel van felle protestdemonstraties van aanhangers van Viktor Joesjtsjenko tegen de vervalsing van de verkiezingsuitslag door aanhangers van Viktor Janoekovytsj, die uiteindelijk leidden tot de verkiezing van eerstgenoemde tot president (deze periode staat bekend als de Oranje Revolutie).

Bezienswaardigheden
Het Plein van de Onafhankelijkheid (Majdan Nezalezjnosti)
Sint-Andrieskerk
De hoofdstraat van Kiev is de Chresjtsjatyk
Holosiiv-bos (park)
Andrijivsky Oezviz
Graf van Askold
Gouden Poort (Zoloti Vorota)
Petsjersk-Lipki
De wijk Podil

Holenklooster
Het Holenklooster van Kiev is de zetel van de Russisch-orthodoxe kerk in Oekraïne. Het werd in 1051 in de heuvels bij Kiev gesticht door de monniken Antonius en Theodosius. Het klooster draagt de titel lavra, wat aangeeft dat het één van de vier belangrijkste religieuze centra van de Russisch-orthodoxe kerk is. In 1990 werd het klooster tot werelderfgoed uitgeroepen.
In een ondergronds gangenstelsel met een lengte van ongeveer 30 km bevinden zich kapellen en gebedsruimtes. De gangen dienen ook als begraafplaats voor de monniken van de lavra. Gezien de constante (lage) temperatuur gaan deze niet over tot ontbinding (een soort mummificatieproces) waarbij zeer oude overledenen er uitzien als waren ze gisteren begraven. Een deel is open voor bezichtiging.

Sint-Michielsklooster
Het Sint-Michielsklooster in Kiev is een klooster gewijd aan de aartsengel Michaël. Het bevindt zich op een rots aan de westelijke oever van de Dnepr. De belangrijkste gebouwen in het klooster zijn de kathedraal en de klokkentoren. Zij werden in de jaren dertig door de sovjets afgebroken en na de onafhankelijkheid van Oekraïne heropgebouwd.

Sint-Sophiakathedraal
De Sint-Sofiakathedraal in Kiev is een van de meest gekende Oekraïense monumenten op de Werelderfgoedlijst. De naam van de kerk komt van de Hagia Sophia in Constantinopel. Zij werd opgetrokken in de 11e eeuw en was de begraafplaats van de heersers van het Kievse Rijk. Na de plundering door de Mongolen in 1240 bleef de kerk in verval tot zij in 1633 werd ingenomen door de metropoliet van Kiev.
Onder het antireligieuze beleid (Bolsjewisme) van de Sovjet-Unie wilde men de kathedraal laten afbreken, maar na protest van historici werd zij geconfisqueerd en omgevormd in een museum voor architectuur en geschiedenis.
Sinds de jaren 80 wilde de overheid de kerk teruggeven aan de Russisch-Orthodoxe Kerk, maar verschillende fracties bewisten elkaar het gebouw, en ook de katholieke gemeenschap is vragende partij. Daardoor blijft het een museum, dat soms ter beschikking gesteld wordt voor religieuze plechtigheden.

Babyn Jar
Babi Jar is de naam van een ravijn in Kiev. In 1941 werden er door de nazi's meer dan 100.000 mensen (meest joden) vermoord (sommige bronnen vermelden 250.000 slachtoffers).

Mariinski Paleis
Het Mariinski Paleis is een Barokpaleis in Kiev, aan de over van de Dnjepr. Het is de officiële, ceremoniële residentie van de President van Oekraïne en ligt naast de gebouwen van het Verchovna Rada.
In 1744 gaf de tsarina Elisabeth I van Rusland opdracht voor de bouw van een paleis, dat ontworpen moest worden door haar favoriete architect, de Italiaan Bartolomeo Rastrelli. De bouw werd pas in 1752 voltooid. De tsarina zelf leefde echter niet lang genoeg om het voltooide paleis te kunnen zien. De eerste vorstin die in het paleis verbleef, was tsarina Catharina II. Zij bezocht Kiev in 1787 en bewoonde het paleis drie maanden, die in het teken stonden van bals en banketten. Aan het eind van de achttiende en het begin van de negentiende eeuw werd het paleis voornamelijk gebruikt als hoofdresidentie van gouverneur-generaals.
Aan het begin van de negentiende eeuw had het paleis te kampen met verwoestende branden. In 1812 brandde de rechtervleugel weg en in 1819 verwoestte een brand de tweede etage. Pas in 1834 begonnen de herstelwerkzaamheden. In 1868 gaf tsaar Alexander II de opdracht het paleis in zijn oude glorie te herstellen aan de hand van oude tekeningen en aquarellen. Tsarina Marie Alexandrovna doneerde geld voor de heropbouw en op haar verzoek werd er een groot park aangelegd ten zuiden van het paleis. Het park kreeg de naam Mariinski, ter ere van de tsarina, maar later werd het hele paleis zo genoemd. Het Mariinski Paleis werd vervolgens tot 1917 gebruikt als residentie voor gasten van de keizerlijke familie.
Tijdens de Russische Burgeroorlog van 1918 tot 1921 werd het paleis gebruikt als militair hoofdkwartier. In de jaren twintig behoorde het gebouw toe aan een landbouwschool. Later werd het een museum. Het paleis raakte ernstig beschadigd tijdens de Tweede Wereldoorlog en werd aan het eind van de jaren veertig gerestaureerd. Een andere grote restauratie werd voltooid in het begin van de jaren tachtig.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Kiev
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 805.