kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 27-12-2009 voor het laatst bewerkt.

Modernisme

Het modernisme, eigenlijk meer een geesteshouding dan een specifieke kunststijl, was een verschijnsel dat op kwam in het begin van de twintigste eeuw als een soort belijdenis van het geloof in de traditie van het nieuwe. Variërend van de schildering van de beau monde door de impressionisten (Liebermann) tot de radicale nieuwe stijl van de kubisten (Braque en Picasso) gingen kunstenaars meer en meer op zoek naar een visueel equivalent voor het moderne leven en denken. Het modernisme omvat tal van avant-garde bewegingen uit de eerste helft van de twintigste eeuw.

De modernistische ideologie is anti-traditioneel te noemen. De modernisten zagen hun bezigheden en belangstelling als een breuk met de tradities van de kunst. Keek men in de negentiende eeuw vooral naar een tamelijk mythisch verleden, in het modernistische hield men de blik gericht op een even vage en mythische toekomst. De vrij algemene afkeer van het gebruik van ornament kan men dus in deze zin begrijpen: het ornament in de negentiende eeuw was veelal historisch van afkomst, behoorde niet tot de pure, formele middelen van architectuur en vormgeving en ook het psychologisch mechanisme van associatie behoorde in de ogen van de modernisten niet tot deze middelen, die het wezen van architectuur en vormgeving uitmaken.

Zie ook
. Moderne Beweging (Modern Movement)
Modernisme vaak gebruikt als synoniem voor de Moderne Beweging, de fundamenteel nieuwe architectuurstroming die begin 20e eeuw ontstond. In het Duitstalige gebied en in Nederland kwam deze beweging tot stand onder de naam Nieuwe Bouwen (of Nieuwe Zakelijkheid). Om deze stroming in de Verenigde Staten aan te duiden werd in 1932 de overkoepelende term Internationale Stijl in het leven geroepen.

. modernisme kan ook op Modernismo duiden, de verzamelnaam van de Spaanse (en Catalaanse) jugendstil rond 1900.

Modern (taal) (bijvoeglijk naamwoord; moderner, modernst)
1 tot de nieuwere tijd behorend
2 passend bij of geneigd tot de nieuwste opvattingen

moderniseren (overgankelijk werkwoord; moderniseerde, heeft gemoderniseerd; modernisering)
1 naar de hedendaagse smaak, stijl of eisen inrichten

modernisme (het; modernistisch, modernist)
1 de geest van het nieuwe in maatschappij en kunst en de uitingen daarvan
2 vrijzinnigheid op het gebied van de geloofsleer

moderniteit (dev; moderniteiten)
1 hedendaags verschijnsel

Het modernisme
De term modernisme refereert aan een culturele beweging die vooral na de eerste wereldoorlog in verzet komt tegen de traditionele opvattingen en vormen van kunst, architectuur, literatuur, geloof, sociale organisatie en het dagelijks leven. De moderne roman, het moderne toneel, de architectuur en de poëzie moesten vernieuwd worden zodat zij de moderne geïndustrialiseerde maatschappij beter weerspiegelden.

Modernisme heeft vele betekenissen, maar als geest van moderniteit die kunst, architectuur en literatuur vernieuwde heeft het betrekking op het volgende:

. In de schilderkunst was al sinds het Parijse Le Salon des Refusés uit 1883 een vernieuwing op gang gekomen met de impressionisten die een eigen 'salon' inrichten omdat ze met hun werken geweigerd werden op het officiële Parijse salon. In de schilderkunst is modernisme een brede avant-gardistische beweging van de eerste helft van de 20e eeuw. Men zocht antwoorden over de aard van de kunst en het leven. Kenmerken van het modernisme zijn: experimenteel, radicaal, readymade, primitief, internationaal, expressieve waarheid, kunst en kunstnijverheid en het onderbewustzijn. In de 20e eeuw vallen ook kunststromingen als expressionisme, dada, kubisme, surrealisme, fauvisme, primitivisme, futurisme, suprematisme, constructivisme, neo-plasticisme, spatialisme, abstract-expressionisme en sociaal-realisme onder modernisme.

Abstracte kunstenaars, geïnspireerd door het voorbeeld van de impressionisten, alsook door Paul Cezanne en Edvard Munch, begonnen met de veronderstelling dat kleur en vorm de essentie van kunst uitmaakten, en niet de nabootsing van de natuur. Wassily Kandinsky, Piet Mondriaan en Kazimir Malevich geloofden allen in het herdefiniëren van kunst als een arrangement van pure kleur. De fotografie had feitelijk de uitbeeldende, mimetische functie van de beeldende kunst overgenomen. Kunstenaars geloofden ook dat een afwijzing van de uitbeelding van de materie de kunst op een hoger niveau bracht, van een materialistische naar een spiritualistische fase.

. in de muziek (1910-1945) werd er net als in de schilderkunst in de eerste helft van de 20e eeuw veel onderzoek gedaan naar experimentele nieuwe vormen. Bekende componisten die nieuwe stromingen ontwikkelden zijn Igor Stravinsky, Béla Bartók, Arnold Schönberg, John Cage, Harry Partch en La Monte Young. Maar er zijn nog talloze anderen. Veel modernisten waren van mening dat de verwerping van de traditie mogelijkheden zou opleveren om nieuwe manieren voor het maken van kunst te ontdekken. Zo wees Arnold Schönberg de traditionele tonale harmonie in de muziek af, een georganiseerde manier van componeren die de de muziek voor minstens een eeuw en een half had gedomineerd. Hij geloofde dat hij een geheel nieuwe manier had gevonden om geluiden te organiseren, met gebruikmaking van twaalf-noten rijen.

In de muziek zijn er verschillende stijlen binnen het modernisme:
.. Het Futurisme van Luigi Russolo was de eerste stroming die opriep tot een nieuwe muziek voor een nieuwe tijd. Later zou Edgar Varèse dit verder uitwerken;
.. In Duitsland ontstond Arnold Schoenberg's expressionistische 12-toons atonaliteit, waarmee hij de 2e Weense School grondvestte, bestaande uit Schoenberg zelf en zijn leerlingen Alban Berg en Anton Webern;
.. Voortbouwend op het impressionisme van Claude Debussy, ontstond in Frankrijk de Groupe des Six, waarvan Francis Poulenc, Arthur Honegger en Darius Milhaud de belangrijkste vertegenwoordigers waren.
.. Igor Stravinsky en Béla Bartók nemen beiden een plaats op zich in: zij hebben in de loop van de jaren in diverse stijlen gecomponeerd. Toch is hun signatuur uniek en in elk werk duidelijk aanwezig, waardoor -onafhankelijk van de zogenaamde stijl- de luisteraar altijd Stravinsky, respectievelijk Bartók hoort. Beiden hebben zich laten inspireren door vrijwel alle periode uit de Westerse muziekgeschiedenis en uit de volksmuziek.
Zie ook Aleatoriek, Dodecafonie, Minimal music, Microtonale muziek en Serialisme

. In de literatuur waren het vooral Angelsaksische schrijvers die reageerden tegen de traditionele 19e eeuwse literatuur en de vernieuwing op gang brachten. Hoewel de historische avant-gardebewegingen (zoals expressionisme, futurisme, dadaïsme en surrealisme) zeker tot het modernisme behoren, wordt de term ook gebruikt voor afzonderlijke schrijvers die geen deel uitmaakten van een van die radicale bewegingen. Zo zijn James Joyce, Virginia Woolf, T.S. Eliot, Marcel Proust, André Gide, Thomas Mann en Robert Musil typisch modernistische schrijvers. Ook de dichter Martinus Nijhoff is wel eens een 'niet-spectaculair' modernist genoemd.

Kenmerkend voor het modernisme in de literatuur zijn het gebruik van niet-traditionele technieken (zoals Stream of consciousness in de roman en montage in de poëzie) en het hyperbewustzijn waarmee de werkelijkheid wordt geregistreerd en geïnterpreteerd. In de Nederlandse literatuur vinden we daarvan een goed voorbeeld in de sombere novelle 'Bed en Wereld' (1932) van de auteur J.F. Otten (1901-1940).

Modernistische schrijvers doen aan zelfreflectie, ook in hun creatieve werk. Ze zijn er zich van bewust dat alle waarneming en kennis afhankelijk is van het ingenomen standpunt (perspectivisme). Daarom zetten ze conventionele denkkaders op de helling en doorprikken ze graag vertrouwde gedrags- en waarnemingspatronen. Toch zijn ze nog vaak op zoek naar een nieuwe, alomvattende verklaring van de verschijnselen, naar een andere zingeving - ook al beseffen ze dat die nooit definitief zal zijn. Het postmodernisme daarentegen voelt die behoefte aan zingeving niet meer.

De term modernisme werd, in de Spaanse vorm modernismo, voor het eerst gebruikt door de Nicaraguaanse dichter Rubén Darío in een Guatamalteeks literair tijdschrift, in 1890. Darío wilde met de nieuwe, modernistische school literaire onafhankelijkheid van Spanje bewerkstelligen; hij leunde hierbij vooral op de Franse stromingen van zijn tijd.

In de literatuur en de beeldende kunsten trachtten de kunstenaars de traditie te doorbreken door de lezer/beschouwer te verrassen en zijn verwachtingspatroon te doorbreken. Het is alsof ze ermee willen bereiken dat de consument de moeite zou nemen om zijn eigen vooroordelen in vraag te stellen. De kunstcriticus Clement Greenberg zette zijn theorie van het modernisme uiteen in zijn essay 'Avant-Garde and Kitsch'. Daarin noemt Greenberg de producten van de consumentencultuur '"kitsch", omdat het ontwerp gewoon gericht was op behagen, en daaraan werden alle andere 'functies' van het kunstwerk opgeofferd.

Van eensgezindheid in standpunten was eigenlijk onder de modernisten geen sprake. Sommige modernisten zagen zichzelf als onderdeel van een revolutionaire cultuur, maar de meesten waren apolitiek. Anderen, zoals T.S. Eliot, wezen gewoon de massacultuur af vanuit een conservatief standpunt. Sommigen stelden dan weer dat het modernisme in de literatuur en de kunst functioneerde ten behoeve van een elitecultuur die de rest van de bevolking uitsloot.

Zie ook hedendaagse kunst.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Modernisme
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 56.