kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 02 01 2017 17:09 voor het laatst bewerkt.

obligatie

Een obligatie is een verhandelbaar schuldbewijs van een lening die is aangegaan door een debiteur: dat kan een overheid, bedrijf of andere instelling zijn. De bezitter van het schuldbewijs, de obligatie, leent dus geld aan de debiteur en ontvangt daarover van deze debiteur een vaste of variabele rente, couponrente genoemd, en aan het eind van de looptijd, of bij eerdere afbetaling, de nominale waarde van de lening.

Een nominale waarde is de waarde die vermeld staat op een munt of op een verhandelbaar waardepapier zoals een aandeel of obligatie. Obligaties worden (meestal) uitgegeven en afgelost tegen de nominale waarde. Ook voor de balans van financiële instellingen zoals banken en pensioenfondsen worden obligaties vaak tegen de nominale waarde gewaardeerd.

De nominale waarde van een obligatie is het bedrag dat de overheid of onderneming met de lening wil ophalen. Dit bedrag wordt in stukjes geknipt die bekend staan als coupures. Die kunt u op de beurs kopen, vaak in eenheden van 1000 Euro of een veelvoud daarvan. Als u een coupure heeft gekocht, krijgt u daar couponrente over die altijd wordt uitgekeerd op de coupondatum.

Obligaties worden verhandeld op de obligatiemarkt. Afhankelijk van vraag en aanbod, de algemene rentestand, de betrouwbaarheid en kredietwaardigheid van de uitgever, de resterende looptijd en de wisselkoers zal voor een obligatie meer of minder dan 100% van de hoofdsom moeten worden betaald. Als de koers exact gelijk is aan de nominale waarde is deze 100%, dit ook wel ‘a pari’ genoemd. De obligatie is onder pari als de beurskoers onder de 100%, en boven pari als deze boven de 100% noteert.

De koersontwikkeling wordt genoteerd in procenten van de nominale waarde. Als de nominale waarde van een obligatie 1000 Euro is en de koers 105, dan is de koerswaarde van de betreffende obligatie 1050,= Euro. De belegger moet hierbij wel bedenken dat aan het einde van de looptijd de nominale waarde wordt terugbetaald.

Rekenvoorbeeld obligatie
We kijken naar een bedrijfsobligatie die jaarlijks op 1 mei een couponrente uitkeert van 6% met een vervaldatum op 1 mei 2020. Deze obligatie kent op dit moment een beurskoers van 102%. U wilt een coupure van 1000 Euro van deze obligatie aankopen. Wat betaalt u voor deze aankoop, hoeveel rente wordt er jaarlijks op uw rekening bijgeschreven en wat is dan uw rendement?
1000 nominaal x 102% = 1020. U betaalt dus 1020 Euro om één coupure van 1000 Euro nominaal aan te kopen. De couponrente krijgt u uitgekeerd over het nominale bedrag dat u in bezit heeft van de obligatie. U krijgt dus jaarlijks 1000 x 6% = 60 euro rente uitgekeerd.
Het couponrendement houdt rekening met de aankoopkoers van de obligatie en is 60/1020 = 5,88%. Als u ook rekening houdt met de resterende looptijd van de obligatie, spreken we over het effectief rendement. Dit zal iets lager liggen dan het couponrendement, aangezien de obligatie in 2020 wordt afgelost tegen EUR 1000. Omdat u de obligatie heeft gekocht voor EUR 1020, betekent dit een verlies van EUR 20 dat u in mindering moet brengen op de rente die u jaarlijks ontvangt tijdens de looptijd.

De koersontwikkeling van een obligatie wordt voor een groot deel bepaald door de algemene renteontwikkeling: als deze stijgt dan neemt over het algemeen de koerswaarde van obligaties af en vice versa.

De koersontwikkeling van een obligatie is ook afhankelijk van de veranderende kredietwaardigheid van de overheid of het bedrijf die de obligatie uitgeeft. Obligaties hebben een rating die een indicatie is van het risico dat de investeerder loopt dat de emittent niet aan zijn betalingsverplichtingen zal kunnen voldoen. Ratings worden toegekend door de kredietbeoordelingsbureaus, zoals Moody's, Fitch en Standard & Poor's.

Ook de couponrente is vaak op de rating van deze kredietbeoordelingsbureaus gebaseerd, in de regel wordt een hogere couponrente vergoedt naarmate de uitgever een lagere rating heeft. Bij ondernemingen die een B of C-rating krijgen spreekt men in de financiële wereld om deze reden wel van "high-yield bonds". Het gaat hierbij vaak om wat kleinere ondernemingen die op de vermogensmarkten minder bekendheid genieten, of die zich bezighouden met nieuwe of risicovollere activiteiten.

Wanneer de rating van een obligatie heel laag komt te liggen is er sprake van een junk bond.

Het kan interessant zijn om obligaties onder pari te kopen omdat dit potentieel een hogere opbrengst kan geven, maar meestal ook een verhoogd risico op niet terugbetaling op de vervaldag.

Grote en institutionele beleggers zoals beleggings- en pensioenfondsen zullen ook obligaties kopen in vreemde munt. Zij beschikken over de expertise om het valutarisico in te schatten en desgewenst af te dekken. Het kan ook bijdragen tot het spreiden van het risico.

Obligatie versus aandeel
Voor de belegger en de uitgever is een obligatie een alternatief voor een aandeel. Sommige obligaties zijn convertible of converteerbaar, dit betekent dat ze onder bepaalde voorwaarden uitwisselbaar zijn tegen aandelen (van dat bedrijf). Converteerbare obligaties hebben bepaalde optie aspecten.

Soorten obligaties
Er bestaat een grote variëteit aan soorten obligaties. De meest bekende keert een vaste rente uit over het nominale bedrag, maar er bestaan ook obligaties met 'floating rate' die een deels of geheel variabele rente uitkeren die eens in de zoveel tijd bepaald wordt.

Verder zijn er step-up bonds, waarvan de rente in de loop der tijd stijgt. Ook geheel renteloze obligaties, de zogenaamde nulcouponobligaties of zerobonds, zijn voorhanden. Dit soort obligatie wordt ver onder de 100 procent uitgegeven en groeit dan aan tot 100 procent waarde.

Sommige obligaties zijn achtergesteld.

Looptijd
Vaak heeft een obligatie een bepaalde looptijd. Deze worden met een bepaald schema afgelost (lotende lening) of worden in één keer afgelost (bullet lening). Er bestaan echter ook eeuwigdurende obligaties (perpetuals).

Convenanten en ratings
Aan obligaties zijn doorgaans convenanten verbonden. Dat zijn bepalingen die beperkingen of mogelijkheden kunnen opleggen aan de emittent. Zo is het mogelijk dat een convenant bepaalt dat de obligatie bij een bepaalde koers door de emittent kan worden teruggekocht (de obligatie is dan callable). Ook kan de emittent verplicht zijn in bepaalde gevallen (zoals een overname) de obligaties op te kopen.

Risico's
Tegenover de rentebetaling en het recht op de hoofdsom bij aflossing zijn er een aantal onzekerheden bij het beleggen in obligaties.

Renterisico - als de marktrente stijgt wordt de obligatie die een vaste rente uitkeert minder waard. De toekomstige kasstroom van de obligatie, de periodieke rente en aflossing, wordt tegen een hogere marktrente verdisconteerd waardoor de waarde daalt. Bij een daling van de rente stijgt de waarde van de obligatie.

Bij obligaties met een variabele rente is de waardeverandering minder het geval, maar neemt de onzekerheid over de periodiek te ontvangen rente toe.

Inflatierisico - door de inflatie kan met het geld van de rente en de aflossing minder goederen en diensten worden gekocht. De koopkracht van het geld waarmee de obligatie is gekocht is minder dan die van het geld bij verkoop of aflossing van de obligatie na enige tijd.

Debiteurenrisico - is het gevaar dat de debiteur niet aan de financiële verplichtingen kan voldoen. Als een bedrijf failliet gaat zal de houder van de obligatie minder kans maken dat er rente wordt betaald of dat de obligatie volledig wordt afgelost. De obligatierating is een indicatie van het debiteurenrisico wat de belegger loopt. Dit risico is af te dekken via een credit default swap waarbij het kredietrisico aan een andere partij wordt overgedragen.

Valutarisico - als de obligatie in een andere valuta luidt dan bijvoorbeeld de valuta waarin de belegger het geld uiteindelijk gaat uitgeven, dan neemt hij een wisselkoersrisico. Bij een depreciatie van de euro na de koop van een obligatie luidend in een buitenlandse valuta dan krijgt de obligatiehouder meer euro’s terug bij verkoop.

Handel in obligaties
Op de primaire markt worden nieuwe obligaties uitgebracht via geselecteerde banken.

Obligaties kunnen tussentijds verhandeld worden via de secundaire markt.

De aankoopkosten verschillen per bank maar betekenen dat het niet interessant is om voor een klein bedrag tegelijk obligaties te kopen. Het kopen van nieuwe obligaties bij een emissie is (in Nederland) vrij van aankoopkosten.

Bovenstaand artikel is samengesteld uit onderstaande bronnen:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Obligatie


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 37.