kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 17-01-2010 voor het laatst bewerkt.

Bruno Paul

Duitse architect, schilder, graficus, illustrator, sierkunstenaar, interieur- en meubelontwerper, geboren 19 januari 1874 Seifhennersdorf, Saksen – overleden 17 augustus 1968 in Berlijn.

Paul was in de eerste plaats bouwmeester. Toch zijn zijn meubelontwerpen van groter belang, vooral de eerste tot hun basisvorm teruggebrachte meubelen (rond 1906). Pauls vroege werk behoort tot de Jugendstil. Hij had een voorkeur voor eenvoudige en duidelijke stijlelementen, die hij combineerde met de door de tijd gestelde doelmatigheidseisen. Zijn meubelontwerpen werden sterk beïnvloed door het werk van Henry van de Velde en zijn metaalwerk wordt gekenmerkt door eenvoudige geometrische vormen. Zijn Jugendstil-ontwerpen waren minder overdadig dan die van Pankok en Obrist en waren doorlopers van de rechtzinnigheid van de ontwerpen van het Modernisme. Als tekenaar maakte hij vooral affiches, vignetten en illustraties.

Biografie
Paul studeerde aan de Kunstgewerbeschule (Kunstnijverheidsschool) in Dresden en vanaf 1892 bij Paul Höcker en Wilhelm von Diez aan de Akademie der Bildenden Künste in München. Nog tijdens zijn studie werkte hij als tekenaar voor de tijdschriften Jugend en Simplicissimus waar hij bijna 500 illustraties voor zou maken.

Jugendstil
Jugendstil (Ned: jeugdstijl) verwijst naar de tak van Art Nouveau die in de jaren 1890 in Duitsland ontstond. De term was afgeleid van het satirische tijdschrift 'Die Jugend', dat sinds januari 1896 door Georg Hirth in München werd uitgegeven en de nieuwe stijl aanzienlijk populariseerde. De randillustratie werd verzorgd door Otto Eckmann, Bernhard Pankok en Bruno Paul.
Toen de Secessie in Wenen plaats had, was in de Beierse hoofdstad München, in artistiek opzicht het Parijs van het opstrevende Wilhelminische Duitsland, het nieuwe vuur al ontstoken. De in '94 op een tentoonstelling in München ingezonden vlammende textielontwerpen van de Zwitser Hermann Obrist waren de vonk in dit kruitvat. Zodra hij ze gezien had wierp Otto Eckmann zijn penseel weg en begon hij met zijn decoratieve tekeningen van lekkende vlampijpen op een wat sentimenteel-Duitse wijze. Ook Richard Riemerschmid liet eveneens het palet voor de sierkunst in de steek en August Endell werd de derde van het drietal voorgangers. Bernhard Pankok en Bruno Paul, Patriz Huber en Hans Christiansen, die als Eckmann zich van schilder tot kunstnijveraar bekeerden, zouden weldra volgen. - (Werkstätten
In Duitsland tartte de nieuwe ahistorische stijl het officiële rijkskunstbeleid in Berlijn, en regio's die hun gevoel van culturele autonomie wilden uiten, zoals Dresden, München, Darmstadt, Weimar en Hagen, grepen de Jugendstil met beide handen aan. Er werden veel ateliers opgericht die hun hervormde ontwerpen gingen produceren; de belangrijkste hiervan waren de Dresdner Werkstätten fur Handwerkskunst in 1898 met hoofdontwerper Richard Riemerschmid en de Vereinigte Werkstätten fur Kunst im Handwerk in 1897 die door Hermann Obrist, Richard Riemerschmid, Bernard Pankok en Bruno Paul in München werd opgericht.

Voor de wereldtentoonstelling 'Universelle et Internationale de Paris' van Parijs (1900) ontwierp hij zijn bekroonde jachtmeesterkamer -een rustiek, typisch Beiers interieur dat zijn interesse voor het regionale weerspiegelde. Ook zijn interieurontwerp voor de wereldtentoonstelling in St.-Louis (1904) werd met een Grand Prix bekroond.

Voor de tentoonstelling 'Esposizione Internationale d'Arte Decoratief Moderna' van 1902 in Turijn hield hij zich bezig met de machinale vervaardiging van meubelen en ontwierp hij een eetkamer.

Hij ontwierp het kantoor van de parlementair voorzitter in Beiroet (1904) en een wachtkamer voor het centraal station van Neurenberg (1905).

In 1905 werd Mies van der Rohe leerling van Bruno Paul. Dankzij de opleiding van Bruno Paul die toen een belangrijk meubelontwerper had Mies van der Rohe ook interesse in meubelontwerpen. Zo ontwierp hij vele meubels waarvan de Barcelona stoel de bekendste is.

In 1907 vestigde hij zich in Berlijn. Hij leidde eerst de onderwijsafdeling van het Kunstgewerbemuseum en van 1924 tot 1932 de Vereinigte Staatsschulen für freie und angewandte Kunst. Uit protest tegen de nazi's legde hij zijn functie neer.

Hij was medeoprichter van de Deutscher Werkbund in 1907 en hij ontwierp een restaurant, café en andere openbare gebouwen voor de 'Werkbund-Ausstellung' van 1914 in Keulen.

Zijn belangrijkste bouwwerken zijn het Feinhals-huis in Keulen (1908) en de Kathreine-torenflat in Berlijn (1927-1928).

In 1932 was hij bouwkundig adviseur van de maharadja van Mysore.

Vanaf 1933 werkte hij als zelfstandig architect in Berlijn, Hanau, Frankfurt en Düsseldorf.

In 1934 verhuisde hij naar Düsseldorf. Hij keerde pas in 1954 terug naar Berlijn om mee te werken aan de wederopbouw.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 67.