kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 07-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Carel Begeer

Nederlands edelsmid, ontwerper van zilveren sier- en gebruiksvoorwerpen en directeur van Koninklijke Van Kempen en Begeer, geboren 15 oktober 1883 in Utrecht - overleden 12 november 1956 in Voorschoten.

De grote reputatie van de firma Begeer in de zilverwereld is met name te danken aan Carel Begeer. In de complexe voorgeschiedenis van wat tegenwoordig de bekende en toonaangevende firma Van Kempen & Begeer te Zoetermeer is, speelde hij een leidende rol. Hij zorgde er voor dat deze zilverfabriek vooral door haar moderne vormgeving opviel. Begeer was een gewaardeerd ontwerper, die het experiment niet schuwde en - met name in het Interbellum - ook in artistiek opzicht een vooraanstaande rol speelde. Uiteindelijk liet hij een veelzijdig oeuvre na; vooral zilveren gebruiks- en siervoorwerpen, maar ook penningen, keramiek, enkele meubels en grafisch werk. Een aantal van de door hem ontworpen voorwerpen behoort tot de hoogtepunten van de Nederlandse art deco, zoals de spectaculaire druivenschaal uit 1927.

Ook vervulde hij belangrijke bestuursfuncties, met name in verenigingen ter bevordering van samenwerking tussen kunst en industrie (VANK, BKI).

Historie
Carel Joseph Anton Begeer wordt te Utrecht geboren als zoon van Anthonie Begeer (1856-1910) en Margje Johanna Straver. Zijn vader is een telg uit het Goudse pijpmakers geslacht Begeer en was aanvankelijk hulp-stempelsnijder van de Rijksmunt te Utrecht, maar volgt in 1879 zijn jong overleden broer Carel Joseph op als directeur van de Koninklijke Utrechtse Fabriek van Zilverwerken te Utrecht. Ook trouwt hij 6 april 1881 te Utrecht met de weduwe van zijn broer, Margje Johanna Straver.

De Koninklijke Utrechtse Fabriek van Zilverwerken is een Nederlands bedrijf te Zoetermeer dat zich toelegt op de edelsmeedkunst. In 1866 werd G.F.J. Bauer, de stichter van de 'Utrechtsche Zilverfabriek van S. en J. van Lier & Zn en G.F.W. Bauer', opgevolgd door de uit Gouda afkomstige werknemer Carel Joseph Begeer (1840-1879). Na diens overlijden op al jonge leeftijd werd het bedrijf, inmiddels vanaf 1968 de 'Utrechtse Fabriek van Zilverwerken C.J. Begeer' geheten, zoals gezegd overgenomen door zijn jongere broer Anthonie Begeer. Begeer produceerde in die tijd zilveren gebruiks- en siervoorwerpen in historiserende stijlen. Een typisch voorbeeld hiervan is het in 1888 door Maurits Lens in opdracht van Koning Willem III ontworpen 'surtout de table', een tafelservies, gemaakt in Louis Quinze-stijl.

De zoon van C.J. Begeer, Cornelis L.J. Begeer, was in die tijd als firmant werkzaam en onder zijn leiding produceerde de fabriek rond 1900 zilveren voorwerpen in art nouveau-stijl. Op de wereldtentoonstelling van Parijs in 1900 zond het bedrijf een art nouveau-servies in naar ontwerp van de Delftse professor Bram Gips.

Carel J.A. Begeer (1883-1956) genoot inmiddels een brede opleiding in binnen- en buitenland, op zowel het gebied van handel, als van kunst en techniek. In 1904 wordt hij artistiek leider van het bedrijf van zijn vader waarvan hij in 1908 ook mede-vennoot wordt en na het overlijden van zijn vader in 1910 de directeur. In 1907 worden zijn eerste ontwerpen in zilver uitgevoerd. Deze tonen Romeinse en naturalistische ornamenten, middeleeuwse invloeden en Duitse jugendstil kenmerken.

Carel J.A. Begeer betrok kunstenaars als ontwerper bij de fabriek, waaronder Chris van der Hoef, Jan Eisenloeffel, HArm Ellens, George Lantman, Gerrit Rietveld en Erich Wichmann.

In 1919 fuseert zijn bedrijf met 'J.K. van Kempen & Zonen' uit Voorschoten en de firma J. Vos uit Rotterdam tot de 'Koninklijke Nederlandsche Edelmetaal Bedrijven Van Kempen, Begeer en Vos (K.N.E.B.)'. De ateliers van deze nieuwe firma werden gevestigd in Voorschoten.

Dit bedrijf, gevestigd te Voorschoten, werd in 1925 gereorganiseerd. C.J.A. Begeer en D. Vos vormden de nieuwe hoofddirectie. Antonius Everdinus van van Kempen verliet het bedrijf en werd directeur van de Zeistse concurrent Gerritsen, vanaf die tijd Gerritsen en Van Kempen genoemd. De 'Koninklijke Nederlandsche Edelmetaal Bedrijven Van Kempen, Begeer en Vos (K.N.E.B.)' gaat dan verder onder de naam 'Van Kempen en Begeer'

Het bedrijf produceerde nu minder arbeidsintensieve producten die machinaal en in serie vervaardigd konden worden.

Vanaf 1927 werden de ontwerpers Christa Ehrlich en later ook de Duitse Emmy Roth het bedrijf binnengehaald.

De depressie van mde jaren dertig werd overleefd door Keltum pleet en roestvrijstalen couverts te produceren.

In 1960 fuseerden de beide concurrerende bedrijven uit Zeist en Voorschoten weer tot de Koninklijke Van Kempen & Begeer, vanaf 1985 gevestigd te Zoetermeer.

Carel Joseph Anton Begeer ontplooit, naast zijn werk als directeur van een onderneming, ook vele bestuurlijke activiteiten o.a. voorzitter van de Kamer van Koophandel te Utrecht, voorzitter van de Nederlandse Kamer van Koophandel voor Duitsland, voorzitter en bestuurslid van het Departement 's-Gravenhage van de Nederlandse Maatschappij voor Nijverheid en Handel, tevens landelijk hoofdbestuurslid, voorzitter van enkele musea en van een kunstnijverheidsschool, en vele andere functies. Voor zijn vele verdiensten is hij onderscheiden in de rang van officier in de Orde van Oranje-Nassau, daarnaast ontving hij diverse buitenlandse onderscheidingen.

Hij publiceert op zijn vakgebied o.a. een inleiding tot de 'Geschiedenis der Nederlandse Edelsmeedkunst'.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 24.