kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 27-02-2010 voor het laatst bewerkt.

Charles Burki

Nederlandse tekenaar en ontwerper, geboren 1909 Magelang Indonesie - overleden 1994 in Den Haag.

Charles Burki was stapelgek op motorrijden en maakte dankzij zijn tekentalent snel naam in de wereld van de motor- en autosport. Hij was zeer geïnteresseerd in techniek en stond als kunstenaar bekend om zijn zeer gedetailleerde tekeningen van vooral motorfietsen en auto's e.d. Ook maakte hij zogenaamde “Ghost view” (doorkijktekeningen) tekeningen. Daarnaast tekende hij duizenden reclame-afbeeldingen en boekomslagen, illustraties, strips, affiches, kalenders, tijdschriftencovers, zeilboten en bromfietsen.

Biografie
Charles Burki groeide als zoon van een architect op in Nederlands-Indië. In 1924 debuteerde hij op jonge leeftijd als illustrator voor het blad Sport in Beeld. Burki had net als zijn vader een grote passie voor auto's en motoren en op Java was en is motorrijden een populaire bezigheid. Met zijn eerst verdiende geld kocht hij dan ook al op zijn vijftiende een 500 CC BSA Sloper, een 'big-single', snelle ééncilinder. Zijn leven lang bleef Burki een grote passie voor motoren houden.

Na het doorlopen van de HBS in Bandung vertrok hij naar Nederland om in 1929 te Delft bouwkunde te gaan studeren. Ook hier stortte hij zich weer met overgave op de motorsport. Hij was een groot liefhebber van de Asser TT, die hij niet alleen om de spanning bezocht, maar ook om er motoren te tekenen, zoals hij zijn hele leven bleef doen. Het zijn realistische schetsen met veel dynamiek, net zoals in de strips die hij later onder de titel 'Kladsky' maakte. Vaak zit er een komische lading onder waaruit de tijdgeest spreekt.

Twee jaar later in 1932 besluit Burki naar Parijs te gaan waar hij zich inschrijft voor de Ecole des Beaux-Arts. Aangezien zijn vader en geldschieter drie jaar later plotseling overleed moest hij zijn studie wegens geldgebrek stopzetten. Hij ging naar Den Haag waar hij zich vestigde als illustrator.

In 1938 vertrok hij op huwelijksreis met zijn vrouw op een 500 CC Norton International met zijspan naar Genua en vandaar met de boot naar Nederlands-Indië. Nadat Japan de Nederlandse regering de oorlog verklaarde werd het echtpaar krijgsgevangen genomen. Zelf werd Burki in 1943 als dwangarbeider naar Nagasaki verbannen. Miraculeus genoeg wist hij de atoomaanvalop 9 augustus 1945 te overleven en zag hij ook zijn echtgenoot weer terug. Deze ervaringen heeft Burki geïnspireerd tot het maken van tekeningen en schilderijen, zoals 'Explosie atoombom' en een portret van een uitgeteerd, etterende slachtoffer van de ramp. Het onheil dat uit dit werk spreekt, steekt soms ook de kop op in de boekomslagen die hij maakte. Vooral als hij zich waagde aan de covers voor thrillers, oorlogs- of rampverhalen. Met een flamboyante toets weet hij een dreigende, broeierige situatie neer te zetten.

In december 1945 kwamen hij en zijn vrouw terug in Nederland waar hij onmiddellijk voor oude en nieuwe opdrachtgevers aan de slag ging.
Tijdens de wederopbouw van ons land beleefde het Nederlandse bedrijfsleven door een sober regeringsbeleid en de Marshall-hulp een snelle groei. Met het stijgen van de welvaart in de jaren vijftig groeide de vraag naar consumentengoederen en de behoefte aan goede reclame. Door zijn enorme ijver, vaste hand van tekenen, haast onuitputtelijke rijkdom aan ideeën en gevoel voor humor was Burki de juiste man op de juiste plaats. Met zijn werk voor onder andere Daf, V&D, Shell, Bovag, Vam, Philips, Union, Good Year, KLM, Holland-Amerika Lijn, Billiton en Elsevier heeft Burki in sterke mate het gezicht van het naoorlogse Nederland bepaald.
Charles Burki heeft tijdens Kerstmis 1945 een portret getekend van mijn vader. Zij waren toen beide in Balakpapang. Het is derhalve aannemelijk dat hij na Kerst 1945 naar Nederland is gegaan. Portret nog in ons bezit. - (Hollands Glorie, kon Burki zich uitleven. In zijn verhalende tekeningen, waarin het drama vaak ronduit sentimenteel is, de vrouwelijke erotiek zowel uitdagend als onschuldig en de mannelijke tegenspelers als monsters worden neergezet, herkennen we een onmiskenbaar Aziatische beeldtaal.
Deze exotische inslag verklaart wellicht dat zijn ontwerpen van auto's en motoren in het calvinistische Nederland van de jaren vijftig en zestig niet echt aansloegen. Bedrijven als DAF en Philips huurden hem graag in om hun reclames vorm te geven. Maar dat hij ook hun producten in een aantrekkelijke jas zou steken ging hen te ver. Burki lag er niet wakker van. Zijn heil vond hij achter de tekentafel, ,,de plaats waar ik als motorliefhebber het meest tot mijn recht kom.''

'Een motor op papier moet kunnen draaien', vond Burki. De mobiele wereld die hij vanaf 1937 schiep bestond uit schetsen, affiches en ontwerpen voor onder andere een koninklijke koets en een verbeterde Daf (1958). Burki zou Burki niet zijn geweest als hij zijn fantasie niet over de auto had laten gaan. Al was het maar, zoals hij in 1934 visionair in 'Levenslijn in Motorland' (Het Motorrijwiel) had getekend, dat de mens op zijn zeventiende begon op een lichte bromfiets, rond zijn twintigste motor ging rijden, vervolgens motor met zijspan vanwege het vriendinnetje en op zijn dertigste een automobiel aanschafte met het oog op de gezinsuitbreiding. In 1950 kwam hij dan ook voor de dag met een ontwerp van een volksauto: een driewieler in de vorm van een druppel, ,,de meest zuivere en eerlijke vorm die de natuur ons biedt'', aldus Burki. Hij presenteerde ook een 'auto van de toekomst', een wagen in de vorm van een sigaar. Door de ronde stroomlijning vertonen beideauto's alle tekenen van de jaren vijftig, maar ze ogen nog steeds futuristisch, waarschijnlijk omdat ze nooit in productie zijn genomen en een enkele eigentijdse auto, zoals de oerlelijke Ford K, er in de verte wel wat van weg heeft.

Zijn hoogste ambitie was om zelf motoren en auto's te ontwerpen. Van al zijn ontwerpen op dit terrein is er echter maar één uitgevoerd: de bromfiets Union Boomerang 'waarmee je op één tank van Amsterdam naar Parijs rijdt' was in 1961 een revolutionair ontwerp. Het is de enige bromfiets die volledig in Nederland is ontwikkeld en gefabriceerd. Een prachtige 'buikschuiver' die desondanks niet aansloeg, omdat jongeren ineens massaal op een hippe Puch wilden rijden.

De ontwerpen van motorfietsen waarmee hij vervolgens voor de dag kwam in het blad 'Motor', het latere 'Het Motorrijwiel' waarvoor hij tussen 1930 en 1966 heeft getekend, waren nog meer een lust voor het oog. De tweezits Rocket-Chair en Duoflight zien eruit als lange, torpedovormige scooters die, als ze in productie waren genomen, nu ongetwijfeld collector items waren geweest. Het waren visionaire modellen van een gedreven ontwerper, die nooit verder kwamen dan de ontwerpfase. Dat ze niet zijn uitgevoerd is echter niet onlogisch, omdat ze in dezelfde prijsklasse vielen als sommige kleine auto's waaraan het publiek de voorkeur gaf.

In de jaren '70 kon hij zijn verbeelding nog eenmaal de vrije loop laten. Voor de DAF-kalender mocht hij zes tekeningen maken over 'Het verkeer van de toekomst'. Uit zijn pen vloeiden 'supersonische' vrachtwagens waar de bestuurders hoog boven de weg in cockpits zaten. Er wordt geappelleerd aan de luchtvaart, maar ons treft vooral de overeenkomst met de ronde, verchroomde stofzuigers uit de jaren zestig.

Veel ontwerpers staan in de schaduw van hun werk. Tot voor kort was dat ook het geval met Charles Burki (1909-1994). Het had niet veel gescheeld of hij was voorgoed in de vergetelheid gezonken. Het is misschien jammer dat hij het zelf niet meer mag meemaken, maar met de publicatie over zijn werk en een tentoonstelling in de Kunsthal in 2005 wordt hem alsnog eerbetoon gebracht.

Websites: www.zzraces.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1304.