kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 18-07-2008 voor het laatst bewerkt.

Chris Lanooy

Nederlands beeldhouwer, keramist, glaskunstenaar, schilder, decoratieschilder (van voorwerpen), geboren 16 maart 1881 Sint Annaland (Tholen) - overleden 24 januari 1948 Epe.

Christiaan Johannes Lanooy is een van de grondleggers van de moderne keramiek en een van de belangrijkste ontwerpers van glas en keramiek van de 20ste eeuw. Hij is vooral bekend geworden om zijn bijzondere glazuurschilderingen op onder meer vazen en schalen.

Biografie
Lanooy volgde een opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunst te Den Haag

Na bij diverse fabrieken in de Nederlandse aardewerkindustrie gewerkt te hebben, kreeg Chris Lanooij een opleiding als leerling-plateelschilder aan de keramiekfabriek Rozenburg in Den Haag.

Na een korte periode als decoratieschilder in Den Haag en Duitsland vestigt hij zich in 1900 in Gouda. Na werkzaam te zijn geweest onder Jan Lugthart te Gouda bij Plateelbakkerij Zuid-Holland is hij in 1903 ontwerper bij Brantjes en in 1906 ontwerper en esthetisch leider bij Haga in Purmerend.

Na de sluiting van Haga in Purmerend vestigt hij zich in 1907 in Gouda als eerste zelfstandige kunstpottenbakker in Nederland. Hij experimenteerde veelvuldig met baktechnieken en bruine, zwarte en soms metaalkleurige druipende glazuren die hij zelf ontwikkelde geïnspireerd op Japanse en Chinese decoratiemethoden uit het Verre Oosten. Hij draaide zijn vazen en schalen met de hand en bedekte deze met zijn glazuren. Na 1909 decoreert hij niet meer en bestaat de decoratie bijna uitsluitend uit zijn glazuren.

In de ontwikkeling van decoratieschilder naar kunstpottenbakker stond Lanooy internationaal gezien niet alleen. Hij sloot hiermee aan bij nieuwe ontwikkelingen in de Europese keramiek die rond 1880 zichtbaar werden. Deze vonden vooral in Frankrijk plaats, waar na het midden van de vorige eeuw het begrip "artiste céramiste" oftewel kunstpottenbakker ontstond. De artiste céramistes beschouwden zichzelf niet langer als ambachtlieden, maar als kunstenaars. De pottenbakkers Ernest Chaplet (1835-1909) en Auguste Delaherche (1857-1940) speelden een belangrijke rol binnen deze stilistische en technische ontwikkelingen. Ook zij zochten hun inspiratiebronnen vooral in de Aziatische keramiek.

De keramiek van Chris Lanooy krijgt vanaf 1908 een dermate bekendheid dat zij op vele exposities zowel in Europa als in Amerika wordt getoond.

Ook in het glas, de andere 'kunst van het vuur', heeft hij zijn sporen verdiend. Vanaf omstreeks 1918 voorziet hij bij Glasfabriek leerdam bestaande modellen van beschilderingen om tussen 1919 en 1928 een groot aantal ontwerpen voor allerhande gebruiksglas te maken, dat hij veelal voorziet van abstracte geometrische decoraties. Vanaf circa 1924 begint hij in navolging van Copier te experimenteren met het maken van unica. Lanooy richt zich hierbij niet zozeer op de vormgeving, als wel op het technische aspect, waarbij zijn kennis als keramist goed van pas komt.
In de periode 1918-28 heeft Lanooy voor de Glasfabriek Leerdam een honderdtal ontwerpen voor gebruiksglas gemaakt, waarvan er een kleine 40 zijn gerealiseerd. Aanvankelijk beschilderde hij vooral bestaand glas, maar spoedig ook eigen ontwerpen met geëmailleerde naturalistische motieven. Begon in 1924 met het ontwerpen van unica, waarbij aan aardewerk verwante vormen werden bewerkt met glazuren die eveneens aan zijn pottenbakkerswerk doen denken. Talrijk waren zijn experimenten die varieerden van bewerkingen met craquelé, (goud)luster, irisé, het insmelten van gekleurd glas tot het ontwikkelen van nieuwe oranje en rode kleuren. Zijn unica, die vanaf 1926 in de handel werden gebracht, kunnen op meer dan 1500 stuks worden geschat.

Juliana vaasje, Uitgegeven in 1927 t.g.v. de 18e verjaardag van Prinses Juliana.
De Glasfabriek Leerdam heeft een lange traditie in het vervaardigen van oranjevaasjes. In 1927 ontwierp de kunstenaar Chris Lanooy het eerste, ter gelegenheid van de 18e verjaardag van Prinses Juliana. Het was een geribd, ui-vormig vaasje met een kort opstaand halsje, dat qua vormgeving geïnspireerd was op een oranjeappel. Het werd uitgevoerd in de door Leerdam nieuw ontwikkelde kleur; warm oranje. Het oranje getinte glas was ontstaan bij het zoeken van Lanooy naar de aanmaak van helderrood glas. Omdat oranje, evenals rood technisch gezien moeilijk te maken is, was de kleur van de vaasjes weinig constant. Door temperatuurverschillen bij de fabricage kon de kleur variëren van oranjegeel tot diep oranjerood. Derhalve werd in advertenties gesproken over ‘warm oranje van verschillende nuanceringen’. In 1934 werd dit vaasje wederom verkocht als Julianavaasje, maar nu ter gelegenheid van haar 25e verjaardag

Lanooy maakte ook plastieken en heeft gedurende zijn gehele kunstenaarsbestaan geschilderd en getekend. Zoals in de rest van zijn werk, experimenteerde Lanooy met diverse stijlen, soms met zeer dikke verflagen en hard van contrast, dan weer teer en breekbaar met hier en daar een aan pointillisme grenzende techniek. Ook ontwierp hij dessins voor behang, textiel en damast.

Door zijn tijdgenoten werd Lanooy hoog gewaardeerd. Zijn kring van bewonderaars was bereid zeer hoge prijzen voor zijn stukken te betalen. Vanaf 1908 kreeg hij bekendheid door exposities en prijzen in binnen- en buitenland.

Verhuisde door omstandigheden in 1920 naar Epe waar hij zijn werk voortzette.

Lanooy werd vooral in de periode 1920-1940 door een breed publiek gewaardeerd; velen schaften zich werk van hem aan, hoewel dat niet goedkoop was.

Na zijn dood in 1948 raakte hij wat in de vergetelheid, maar de laatste jaren staat Lanooy weer volop in de belangstelling.

Websites:
Expositie Gemeentehuis Epe 7 juni – 29 augustus 08
In het gemeentehuis te Epe waar Chris Lanooy lange tijd heeft gewerkt is een expositie ingericht met topstukken, waarvan een aantal nog nooit eerder zijn vertoond. Bovendien wordt aandacht besteed aan voorstudies en beschrijvingen van de technieken.

De keramist, glaskunstenaar, schilder en tekenaar Chris Lanooy is bekend geworden om zijn bijzondere glazuurschilderingen op onder meer vazen en schalen, die hij vaak van titels voorzag. Dit heeft de kunstkenner en mecenas Bremmer reeds in het begin van Lanooy's loopbaan gezien, waarna hij hem al spoedig in zijn bestand opnam. Hiervan maakten een aantal belangrijke kunstenaars, zoals Piet Mondriaan, Floris Verster, Jan Zandleven, Jan Altorf en Charley Toorop deel uit.

De keramiek van Chris Lanooy krijgt vanaf 1908 een dermate bekendheid dat zij op vele exposities zowel in Europa als in Amerika wordt getoond. Schilders van betekenis zoals Marie Hettinga Tromp, Floris Verster en Jan Zandleven beelden vazen en schotels van Chris Lanooy uit op hun stillevens. Dit heeft geen enkele andere keramist bereikt.

Keramiek en Glazuren
Gedurende zijn leven, maar ook nu nog is er discussie over de samenstelling van de glazuren van Chris Lanooy en de voorspelbaarheid van de effecten, die hij daarmee bereikte. Vaak werd beweerd dat het toevalstreffers waren (hij rotzooit maar wat aan), maar de vondst van exacte beschrijvingen van zijn werkwijze, die hij opstelde voor mw Kröller Müller en zijn vriend Ir Tuyl Schuitema, bewijst dat hij zeer goed het gedrag van glazuren in de oven kan voorspellen. Zowel de beschrijvingen als de bijbehorende voorwerpen zijn in beide collecties aanwezig. De vormgeving is voor Lanooy ondergeschikt en vaak maakt hij zijn vazen dikwandig om de noodzakelijke hoge oventemperaturen te kunnen doorstaan.

Een vergelijkende glazuuranalyse door Prof Nigel Wood uit Oxford, expert op het gebied van de Aziatische keramiek, leert dat de glazuren van Chris Lanooy verwantschap vertonen met de Aziatische, maar minder organische grondstoffen bevatten. Zij bestaan grotendeels uit anorganische verbindingen, waarbij vaak edele metalen een rol spelen en lijken het meest op die van de Franse art nouveau keramisten, zoals Chaplet en Massier. De recepturen zijn wellicht van daaruit via Gerrit Offermans (van de Porceleyne Fles) bij Lanooy terecht gekomen, die ze verder heeft ontwikkeld. Vanaf 1903 heeft Chris Lanooy experimenten met loopglazuren uitgevoerd. Uit een beoordeling van de collectie Kröller Müller concludeert Hans van Riessen (die de glazuurtechniek van Lanooy beheerst), dat de beschrijving zeer goed met de realiteit overeenkomt. Het blijkt zelfs mogelijk verwisselingen vast te stellen. Wij geven hier twee voorbeelden van het toveren met glazuren uit de expositie:

‘Caribische zee’.
Beschrijving: Nikkel/koperverbinding, die met natuurlijk willimiet is vermengd. Ondergrond van veldspaat gelengd met boorzuur om het doorslaan van kleur te verhinderen. Het donkere gedeelte is de reductiekleur; dus in half reducerend vuur gebakken.

‘Appeltje’
Molybdeen in ondergrond, vervolgens goud en iets koperoxide en een speciaal vloeimiddel, waardoor de karakteristieke schifting ontstaat. De speciale rode kleur van het koper vastgehouden in hoog vuur van 1600 ºC door goudsilicaat. Het blauw is van licht gekristalliseerd wolfraam. Hieruit blijkt dat hij weet wat de verschillende glazuren samen met goud bij hoge temperaturen doen. Dit kan alleen maar goed gaan als het vaasje dik is gedraaid. Een ander vaasje is onder deze extreme condities gaan barsten.

In een aantal gevallen zijn voorstudies gemaakt, zoals voor het rode koolvaasje om de rode respectievelijk groene kleur goed te krijgen. Hieruit blijkt, dat de naamgeving welbewust van te voren gekozen is. Naast bovengenoemde namen zijn er een groot aantal andere titels, die precies het karakter weergeven, zoals iris, smeltende sneeuw, perzikhuidje, de zon, de bron, de spreng en bloed.

Ook gebruikte Chris Lanooy meerdere verschillende glazuren tot wel vijf keer toe over elkaar heen om de gewenste effecten te krijgen en paste luster en craquelé toe zoals bij het raku stoken, maar dan bij hogere temperaturen (vanaf 1000 ºC).

Geholpen door leerling Frans Slot ontwikkelt hij eind jaren dertig nog een nieuwe naald-loopglazuur, waarmee hij vooral in Zweden veel succes heeft. In 1946 wordt hij zelfs gevraagd als hoofdontwerper van de beroemde keramiekfabrieken in Gustavsberg. Zijn gezondheid laat dat niet meer toe.

In deze expositie is voor het eerst te zien welke technieken Chris Lanooy heeft gebruikt en het resultaat daarvan. Dit is uniek voor keramisten uit deze periode, omdat alle receptuur verloren is gegaan.

Behalve de directe leerlingen, zoals Hobbel, van der Ham en Slot hebben vele andere Chris Lanooy als inspiratiebron gehad. Een aantal zoals Vet, de Blanken en Groeneveldt spreken zich hier duidelijk over uit, anderen zoals Nienhuis, Halpern en Andree laten het in hun werk en beschrijvingen zien. Ook een aantal moderne keramisten zoals Braat, Goldewijk en van Riessen hebben zijn invloed ondergaan.

Porselein en plastieken
Chris Lanooy vestigt zich in 1907 zelfstandig aan de Wachtelstraat in Gouda en begint al spoedig te experimenteren met voor hem nieuwe technieken. Na een paar jaar bouwt hij een porseleinoven en gaat zich toeleggen op de productie van schaaltjes, vaasjes, kandelaars en later ook plastieken van (semi) porselein. Hij gebruikt daarvoor speciale klei uit St. Austère en mengt deze met Noorse kwarts en Zweedse veldspaat. In het glazuur is Banka tin verwerkt. Deze receptuur is mogelijk ook afkomstig van de Porceleyne Fles. Het beste werk stuurt hij eerst naar Bremmer, waarvoor hij een toelage krijgt. Zo zijn onder meer twee porseleinen schaaltjes (1909) uit de Bremmer collectie te zien. Vanaf 1911 gaat hij met Altorf plastieken van porselein en semi-porselein maken en hij zet dit later in Epe voort; deze zijn ook te zien.

Schilder, tekenaar en aquarellist
Op jeugdige leeftijd begint Chris Lanooy met schilderen en komt als leerling plateelschilder bij Rozenburg in dienst. Het beschilderen van plateel heeft hem nooit erg aangetrokken, omdat het daarbij aan artistieke vrijheid ontbrak. Dit verklaart zijn kortstondige activiteiten in Rozenburg, de Zuid-Holland en Haga. De passie voor schilderen is altijd gebleven. Eerst heeft hij in Gouda veel paddestoelen, bosgezichten, landschappen, en onder water landschappen gemaakt.
In Epe concentreert hij zich op de bosgezichten en schildert berggezichten tijdens een reis naar Zwitserland; later gaat hij magische realistische landschappen en veel bloemstillevens maken. Gedurende deze gehele periode maakt hij ook kleine aquarellen van verschillende soorten landschappen.
Zijn tekeningen, die in een aantal gevallen uit organische motieven bestaan en die mogelijk ook als ontwerpen voor keramiek of schilderijen hebben gediend, zijn vaak zeer expressief. Er is een overzicht te zien van omstreeks 1910 tot 1943. Hij heeft contacten gehad met Jan Zandleven en Hendrik Jan Wolter en is ook door hen beïnvloed.

Glaskunstenaar
Vanwege zijn picturale kwaliteiten wordt Chris Lanooy in 1918 gevraagd bij de glasfabriek in Leerdam te komen werken. Eerst ontwerpt hij beschilderingen voor bekers, vaasjes en voorraadpotten met natuurlijke en gestileerde plant- en diermotieven. Vanaf 1920 stopt hij hiermee om volledig over te schakelen op kleureffecten, zoals bij het oranjevaasje en kerstvaasje. Vanaf 1924 komt daar het ontwerpen van unica bij, waarin zijn glazurenspel meer tot zijn recht komt. Een deel van deze unica (vanaf 1926) is van serieletters voorzien en heeft vaak per serie een eigen thema. In 1929 houdt zijn activiteit voor Leerdam op en gaat hij weer geheel in de keramiek werken.

Informatie, aanvullende literatuur en levering van illustraties door:
Drs Willem Heijbroek
Ten Ankerweg 41
4691 GV
Heijbroek@zeelandnet.nl
0166-602882

Bron: www.vormenuitvuur.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 759.