kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 10-01-2016 voor het laatst bewerkt.

De Distel

Plateelbakkerij De Distel

Nederlandse aardewerkfabriek gevestigd te Amsterdam in 1895 opgericht door Jacobus M. Lob.

De plateelfabriek ''De Distel'' werd in 1895 opgericht en heeft tot 1925 bestaan. Tot 1923 in AMsterdam, daarna tot 1925 in Gouda, waarna het geheel opging in De Goudse Aardewerkfabriek Goedewaagen. Ondanks het relatief korte bestaan van 'De Distel'' was de fabriek in Nederland toonaangevend waar het de productie van tegeltableaus betrof. Dit werd mede veroorzaakt door de toenemende vraag naar tegeltableaus als gevolg van de toepassingen van tegeltableaus in het tijdperk van de Art-Nouveau (tussen 1890 en 1910). Vele fraai gekleurde en gestileerde tegeltableaus zijn vandaag de dag nog steeds te bewonderen aan de buitengevels van villa's, stations en fabrieken.
De tegeltableaus werden van vele soorten motieven voorzien. De meeste tableaus zijn voorzien van allegorische voorstellingen en dierenmotieven, vooral onder invloed van de Art-Nouveaustijl. Voor de bedrijfsgeschiedenis van belang zijn de tegeltableaus die zijn ontworpen naar aanleiding van bedrijfsjubilea. Het was lange tijd gebruikelijk om, bijvoorbeeld bij bedrijfsjubilea een tegeltableau te laten ontwerpen, waarop de fabrieksgebouwen vaak in vogelvlucht werden afgebeeld. Dit type tegeltableaus zijn dan ook een welkome bron van informatie voor bedrijfshistorici.

Historie
Onder artistieke leiding van Cornelis de Bruin begon De Distel met de productie van sieraardewerk in de trant van de Haagse Plateelfabriek Rozenburg en de Fayence- en Tegelfabriek Holland. De Distel produceerde aardewerk met sierlijke fijnzinnig geschilderde bloemen, planten, vogels en vissen in felle kleuren.

Jacobus Mozes Lob (1872-1942) zocht in versiering en techniek een eigen richting en trok voor het ontwerpen en beschilderen van zijn aardewerk gerenommeerde kunstenaars aan om zo zijn producten een artistieke meerwaarde te geven. Een van de bekendste was Bert Nienhuis. Vele platelen en vazen in de collectie van ''De Distel'' zijn van zijn hand.

In 1901 nam Lob Tegelbakkerij Lotus (opgericht te Watergraafsmeer in 1896 door Bert Nienhuis) van zijn ex-werknemer Bert Nienhuis over. Deze werd artistiek leider van Plateelfabriek De Distel en stimuleerde er de productie van matglazuur met geometrische decoraties.

In tegenstelling tot het meer gebruikelijke aardewerk met haar kleurige en glimmende glazuren, onderscheidde het Distel aardewerk zich door haar eenvoud en ingetogen decors. Dit sloot aan bij de in die tijd heersende opvattingen over het streven naar een eenheid tussen vorm en decoratie, waarbij de specifieke eigenschappen van het materiaal het uitgangspunt vormden. Het met een roomwit matglazuur overtrokken aardewerk werd gecombineerd met een bescheiden decoratie. Deze bestonden voornamelijk uit lineaire decors die ondanks hun sterke stilering doen denken aan bloemen en planten. Ruim tot aan 1910 werd dit type aardewerk vervaardigd. Op grote internationale tentoonstellingen was het bedrijf zeer succesvol en binnen Nederland zou de productie van met matglazuur gedecoreerd aardewerk al snel door andere fabrieken worden overgenomen.

In 1910 kocht Jacob Lob het bedrijf 'Voorheen Amstelhoek' op waardoor nieuwe artistieke stromingen in het bedrijf worden gebracht. De vroege producten van 'De Distel' zijn te vergelijken met het art nouveau plateel van Rozenburg. Onder invloed van Nienhuis werden de ontwerpen meer gestileerd. Nienhuis en Van Norden ontwierpen ook diverse jugendstil tegeltableaus ten behoeve van de architectuur van onder meer de Concertgebouwbuurt en het Vondelpark te Amsterdam.

Willem van Norden ontwikkelde voor de fabriek de z.g. ''carduustechniek''. Bij het vervaardigen van carduusaardewerk werd de leerharde klei met een matrijs bedrukt en de ontstane inkervingen met een gekleurde klei opgevuld, waarna de tegels een extra dikke glazuurlaag kregen als bescherming tegen de Hollandse weersinvloeden. De tegeltableaus in buitengevels van gebouwen die met de carduustechniek zijn behandeld, verkeren dan ook vaak na een eeuw nog in prima conditie.

Vanaf omstreeks 1916 werd ook overgegaan tot het samenwerken met andere kunstenaars, waaronder T.A.C. Colenbrander, Th. Nieuwenhuis en C.A. Lion Cachet. Ook Philip van Praag (31 mei 1887 Amsterdam - 12 oktober 1942 Auschwitz) die zijn loopbaan begon bij plateelbakkerij Haga in Purmerend, vertrok naar 'De Distel' in Amsterdam.

Tegeltableau uit 1910 bestaande uit 30 tegels gemaakt ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de firma J. Goldschmidt & Zonen aan de Prinsengracht te Amsterdam.
Het laat een stadsgezicht zien met de panden van de firma met daar boven de data en er onder de tekst.
In het kader rond de afbeelding van de panden zijn gestileerde koffie- en theeplanten tegen een groen-blauw fond weergegeven.
Tevens de stadswapens van Geseke (Nordrhein Westfalen) en Amsterdam.
(Nienhuis De Distel en kwam de artistieke leiding in handen van Willem van Norden.

De markt voor kunstaardewerk was na de Eerste Wereldoorlog niet gunstig en Lob besloot zijn bedrijf te verkopen. In 1922 nam Goedewaagen uit Gouda het bedrijf 'De Distel', waarvan zij tot na de Tweede Wereldoorlog een zelfstandig onderdeel was. De Goudse aardewerkfabriek Goedewaagen breidde zijn fabriek aan het Jaagpad in Gouda uit, zodat de gehele productie van 'De Distel' in 1925 daar ook daadwerkelijk naartoe verplaatst kon worden. Van Norden kreeg de artistieke leiding en zou tot in het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw aan het bedrijf verbonden blijven. De vormen die door 'De Distel' zijn ontworpen blijven ook na die tijd nog bij Goedewaagen in productie.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 331.