kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 11-01-2010 voor het laatst bewerkt.

Eliot Noyes

Amerikaanse architect en vormgever, geboren 12 augustus 1910 Boston - overleden 18 juli New Canaan, Connecticut.

Noyes was een grote voorstander van Good Design, vormde hele bedrijven om en bepaalde nieuwe designnormen in de VS. Hij was ontwerpadviseur voor verschillende bedrijven, waaronder IBM, Westinghouse, Mobil, Xerox en Pan Am.

Biografie
Na zijn studie architectuur aan Harvard van 1928 tot 1932 en aan de Harvard Graduate School of Design tot 1938 kwam hij te werken bij Coolidge, Shepley, Bulfinch & Abbott in Boston. In 1939 kwam hij op het architectenbureau van de vroegere leider van het Bauhaus Walter Gropius (Duitsland, 1883-1969) en Marcel Breuer te werken.

Gropius bezorgde hem een baan als curator bij de de pas opgezette afdeling industriële vormgeving van het Museum of Modern Art in New York. Deze functie vervult hij van 1940 tot 1942 en een jaar na de oorlog. In 1940 organiseerde hij de beroemde wedstrijd en tentoonstelling 'Organic Design in Home Furnishings'. De prototypes van de multiplex stoelen, waar de LCW onderdeel van uit maakt, maakten in 1945 zulk een indruk op Eliot Noyes, dat hij Charles Eames het museum’s eerste one-man-show gaf in 1946.

Daarna was hij een jaar designdirecteur bij het bureau voor industriële vormgeving van Norman Bel Geddes, die IBM adviseerde. IBM richtte in 1943 een ontwerpafdeling op. De onderneming bleef echter gebruik maken van adviseurs, onder wie Norman Bel Geddes, die werd aangetrokken voor het ontwerp van een schrijfmachine, het 'Model A' uit 1947. Hij gaf de klus door aan Eliot Noyes. Toen het bureau van Bel Geddes ineenstortte, maakte Noyes het Model A voor eigen rekening af en daarop werd hij in dienst genomen voor verdere projecten. Hij werkte nauw samen met Tom Watson jr., directeur van IBM, en ontwikkelde al doende een doelmatige manier van werken.

In 1947 begon hij zijn eigen bureau in New Canaan (Connecticut). New Canaan werd een centrum van het modernisme nadat Eliot Noyes, Marcel Breuer, Philip Johnson, John Johansen en Landis Gores – de ‘Harvard Five’ – in de jaren vijftig in de stad gebouwen begonnen op te trekken. Ze werden daarbij beïnvloed door de Bauhaus-beweging van hun docent Walter Gropius.

Nadat Noyes in 1956 had voorgesteld om, naar analogie van Olivetti, een bedrijfsprogramma op te stellen waarmee kon worden ingespeeld op de behoefte van de groeiende onderneming, werd hij benoemd tot Adviserend Directeur voor de Vormgeving met zeer ruime bevoegdheden. Hij voerde het model in van een eigen afdeling voor de vormgeving in het bedrijf ten behoeve van de continuïteit en de elementaire standaarden, met daarnaaast externe adviseurs voor nieuwe ideeën, alles onder zijn algemene leiding.
Eliot Noyes dacht meer in de lijn van Hans Gugelot en Dieter Rams en ageerde fel tegen de school van Harley Earl (1893-1969). Hij verwierp jaarlijkse wijzigingen van het model en concessies aan marketing, die hij geringschattend afdeed als 'al die hocus-pocus'. Hij creëerde in plaats daarvan een corporate identity voor IBM door de eigen stijl met de integriteit van zijn ontwerpen, zijn grafische opdrachten voor IBM-teksten aan Paul Rand en het ontwerp van IBM-gebouwen van architecten als Breuer.
IBM trachtte zich een elitair imago te scheppen. Zoals van de werknemers werd verwacht dat zij de bedrijfsnormen naleefden, moest ook de vormgeving voldoen aan normen, die door Noyes werden vastgelegd. 'Kleur, detail en vorm moeten consequent worden toegepast - rechte hoeken en standaardhoogten, stootstrips, onderstellen en bovenbouwen', verklaarde hij. Er werd een reeks IBM-standaarden gepubliceerd waarmee specificaties voor de vormgeving van alle producten werden vstgelegd.
Noyes was als ontwerpdirecteur van IBM van 1956 tot 1977 verantwoordelijk voor diverse revolutionaire producten, waaronder de Selectric 1-schrijfmachine (1961) met de bewegende golfbal.


Alexander Calder, De Hond, zwart geschilderd plaatijzer, 230 x 170 x 170 cm, Antwerpen, Openluchtmuseum voor Beeldhouwkunst Middelheim
"De Hond" is een uniek exemplaar uit een reeks grote stabiles van Calder voor een ophef makende rondreizende tentoonstelling uit 1959-1960. Die tentoonstelling vormde een belangrijke schakelfunctie in de artistieke ontwikkeling van Calder. Hoewel hij eerder al enkele stabiles had gemaakt, was 1958 een beslissend jaar in zijn ontwikkeling. Op verzoek van architect Eliot Noyes maakte hij toen een verstevigde en succesvolle versie van de stabile "Black beast' uit 1940, wat leidde tot de tentoonstelling. Het werk heeft een bijzondere artistieke waarde omdat "De Hond" met een eenvoud aan middelen als een fabeldier een beroep doet op de menselijke fantasie in de omringende machinewereld.

Expo 58 Brussel: Paviljoen van IBM



Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 57.