kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 12-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Émile Gallé

Franse glaskunstenaar, meubelontwerper, keramist, dichter, schrijver, kunsthistoricus en plantkundige, geboren 4 mei 1846 te Nancy, Lotharingen - overleden 23 september 1904 aldaar.

Émile Gallé had zijn thuisbasis in zijn geboorteplaats. Als botanicus creëerde Émile Gallé een nieuwe esthetiek gebaseerd op de vormen in de natuur. De inspiratie kwam altijd uit de natuur. Hij gebruikte veel libelles en vlinders. Zijn favoriete bloemen en planten waren de bereklauw, distels (de nationale bloem van Lotharin), irissen en blauwe regen. Zijn glas is één- of veelkleurig gedecoreerd met sierlijke natuurmotieven. Zijn glascreaties die meestal vrij zijn geblazen en daarna afgewerkt met verschillende materialen en technieken behoren tot het allerbeste uit de art nouveau. Na 1889 past hij bij het etsen de fluorwaterstofmethode toe (cameo). Deze methode maakte haast eindeloze variatie mogelijk in maten, vormen, kleuren, glaslagen, patronen.

Émile Gallé was van beslissende invloed op de ontwikkeling van het art nouveau-glas. Hij kwam uit een geslacht van glaskunstenaars. Hij kon goed tekenen en hield zich bezig met plantkunde, literatuur, filosofie en politiek. Die interesses kwamen terug in zijn werk.
In de jaren tachtig zocht Gallé naar een eigen stijl. Hij gebruikte de ervaring van de Venetiaanse glaskunstenaars en de experimenten van François-Eugène Rousseau, en werd beïnvloed door het Engelse dubbelgelaagd glas en de Chinese en Japanse kunst.
Zijn grootste succes behaalde hij met zijn werk van veelgelaagd glas met uiterst fijne kleurovergangen. Hij produceerde dit glas in een chemisch proces waarmee hij reliëf in het oppervlak kreeg.
Uit de vazen van Gallé blijkt zijn kennis van de plantkunde. Zijn plantenversieringen hebben vaak ook een symbolische betekenis: de distel staat voor Nancy; de varen voor stilte en rust; de roos voor de schoonheid van het leven.
De virtuoze glaskunstenaar Gallé is van groot belang gebleken voor het Europese glas. Talloos zijn de imitaties van zijn werk, zowel in techniek als in decoratieschema’s. De Parijse Wereldtentoonstelling van 1889, waar hij voor het eerst uitgebreid zijn vazen van veelgelaagd glas presenteerde, bracht Gallé algemene erkenning en de roem van maître in de Franse glaskunst. Helaas brak zijn vroege dood in 1904 de verdere ontwikkeling van Gallés kunst af.

Meubelen van Gallé vindt men in diverse musea waaronder het Victoria en Albert Museum in London, het Louvre in Parijs en natuurlijk het Musée de L’école de Nancy in Nancy.

Biografie
Émile Gallé was de zoon van Charles Gallé-Reinemer, handelaar in glas en porselein die zich in het eerste kwart van de negentiende eeuw in het toen mondaine Nancy had gevestigd. Charles kwam te werken bij de spiegelmakerij van zijn schoonvader wiens bedrijf hij succesvol uitbreidde met gekleurd en gedecoreerd tafelglaswerk.

Émile Gallé die naar school ging aan het Lycée Impérial in Nancy had al veel over keramiek- en glasdecoratie geleerd in de ateliers van pottenbakkerij St. Clément, een firma die goederen leverde aan de winkel van zijn vader. Zijn vader werd later mede-eigenaar van deze aardewerkfabriek en tussen 1862 en 1872 leert hij de verschillende technieken bij het vervaardigen van aardewerk in de pottenbakkerij van zijn vader voor wie hij zowel geglazuurd aardewerk als glaswerk ging decoreren. Tegelijkertijd studeerde hij botanica bij professor Vaultrin, tekenen bij professor Casse en landschapsschilderkunst bij Paul Pierre.

Van 1864 tot 1866 woonde Gallé in Weimar, waar hij plantkunde, mineralogie, retorica, filosofie en kunstgeschiedenis studeerde.

Na zijn studie keerde werkte hij wederom een jaar voor zijn vader, waarna hij voor drie jaar een leerlingschap aanging bij Burgun, Schverer & Co, het glas- en decoratieatelier in Meisenthai in het Saargebied dat het familiebedrijf in Nancy van ongedecoreerde goederen voorzag. Hier verdiepte hij zich in de scheikundige processen die daarbij komen kijken en was hij al werkzaam als een niet onverdienstelijk ontwerper.

In 1870 keerde hij terug naar Frankrijk om kort daarna in dienst te gaan vanwege de Frans-Duitse oorlog.

Hij maakte samen met zijn vader een reis naar Londen voor de afdeling 'Art de France' van de 'First Annual International Exhibition' tijdens welke gelegenheid hij de Engelse opvattingen in de kunstnijverheid bestudeerde. Ook breidde hij bij Kew Gardens zijn botanische kennis uit.

Na terugkomst van reizen naar Italië en Zwitserland en Parijs haalde hij zijn vader over het familiebedrijf verplaatsen naar Nancy, omdat St. Clément nu in Duitse handen was. Aldus werd er in 1874 een nieuwe glasfabriek opgericht waar Gallé vier jaar later directeur van werd. Samen met zijn vriend Victor Prouvé, de zoon van één van zijn vaders ontwerpers, zou hij zijn leven lang werken aan vernieuwingen in de kunstnijverheid, zowel technisch als wat vormgeving betreft waarbij zijn decoraties steeds vaker geïnspireerd waren op de natuur.

In 1878 trekt Gallé de aandacht op de wereldtentoonstelling in Parijs met zijn aardewerk en wint er vier gouden medailles. Vanaf 1882 werkt hij met glas, eerste nog in oudere stijlen, maar vanaf 1884 ontwikkeld hij een eigen stijl die steunt op zijn kennis van de plantkunde en zijn door het gevoel gestuuwde verbeeldingskracht.

Gallé baseerde zijn ontwerpen op de asymmetrie van de Rococo waarbij hij vormen- en kleurenpracht uit de natuur trachtte over te brengen op zijn objecten, zowel in decoratief opzicht als qua vormgeving. Aanvankelijk zijn de invloeden van de Engelse Neogotiek zichtbaar in zijn ontwerpen en bedient hij van de emailleertechniek op helder glas. Later richt zijn aandacht zich ook op islamitische kunstuitingen en de Japanse traditionele decoratietechniek.

Émile Gallé had een verzameling planten aangelegd, waarin lotharingse orchideeën een vooraanstaande plaats kregen. Deze dienden naast wetenschappelijke ook artistieke doeleinden. Hij slaagde erin de gedetailleerde bestudering van zijn verzameling te vertalen naar uitzonderlijk glas- en houtwerk. Ook heeft hij zich door Japanse kunstenaars laten inspireren, met name door Hokusai (1760-1849).

Gallé ontwikkelde met chemicaliën de mogelijkheid om nieuwe kleurencombinaties in glas te creëren. Zo ontstond de iriserende kleuring van glas en werden door middel van toevoeging van lucht of metaaldeeltjes effecten van bijvoorbeeld regen of sneeuw bereikt.
Ook bracht hij zijn "marqueterie de verre", een applicatiemethode van verschillende glaslagen en de zogenaamde caméetechniek, het wegsnijden en soms wegetsen van glaslagen, in praktijk. De caméetechniek ontwikkelde hij naar aanleiding van zijn bewondering voor de "Portland vaas" die hij bij zijn bezoek aan Engeland in het Brits Museum had gezien. Later ging hij ook "boetseren" met glas: hij monteerde apart vervaardigde glazen objecten of glasstengels op de glazen voorwerpen en maakte ze tot één geheel.
Ook ontwikkelde hij het "patine de verre", een patinage op het glas dat opgetreedt door stof op bepaalde plaatsen op het glasoppervlak aan te brengen waardoor een textuur als satijn of fluweel aan het glasoppervlak kon worden gegeven.

Gallé paste zijn ontwerpvorm niet alleen toe op zijn glasobjecten, maar vanaf 1884 ook in zijn meubelen. Na een vruchteloze zoektocht naar geschikte houten voeten voor zijn art-nouveauglaswerk, kocht hij grond voor een nieuwe meubelmakerij. Zijn vriend Victor Prouvé bracht hem hiertoe de verschillende houtbewerkingstechnieken bij. Net als in zijn glasontwerpen bestaat ook hier zijn produktie zowel uit dure meubels met kostbaar inlegwerk als uit goedkope machinaal vervaardigde meubels naar ieders beurs. Om zijn prachtige marqueterie taferelen uit te beelden, gebruikte Gallé wel 25 verschillende houtsoorten. De eerste meubels van Gallé werden gepresenteerd op de wereldtentoonstelling van 1889. Het succes bleef echter uit. Mogelijk waren de meubels te duur en te modern. Pas in 1900 werd het publiek enthousiast. Gallé won in 1900 op de wereldtentoonstelling in Parijs twee prijzen. Een voor zijn glaswerk en een voor zijn meubelen. De kleine tafels en de tables cicognes werden vervolgens in grote aantallen gemaakt.

De meubelontwerpen van Gallé werden voor het eerst getoond op de 'Exposition Universelle' van 1889, waar hij tevens lof kreeg voor zijn nieuwe glasontwerpen waarin veel technieken waren gebruikt, zoals etsen, graveren en vergulden. Op deze tentoonstelling kreeg hij een Grand Prix en de hoogste Franse onderscheiding: een 'Légion d'Honneur'.

Daum Frères
Sinds de Parijse wereldtentoonstelling van 1889 (waar Gallé goud wint met zowel zijn glas als voor zijn keramiek en zilver voor zijn meubelen) heeft Gallé een enorme invloed op de jonge Antonin Daum. Toen de door Jean Daum opgerichte en door zijn zonen voortgezette glasmanufactuur het succes van Emile Gallé zag, werd in 1891 de gehele productie overgeschakeld op kunstglas in Art Nouveau-stijl en het Atelier d'Art à la Verrerie de Nancy gesticht, waaraan ook een opleiding was verbonden. Onder invloed van Gallé begonnen De gebroeders Daum ook voorwerpen te blazen van veelgelaagd glas, versierd met afbeeldingen van bloemen en landschappen, uitgevoerd met etswerk over vele vlakken. Tot 1925 brachten de gebroeders Daum art nouveau glas in de trant van Emile Gallé uit. Het werk van de gebroeders Daum is vaak decoratiever, maar ontbeert de filosofische en symbolistische lading van het werk van Gallé.

31 mei 1894 vestigde Emile Gallé een grotere glasfabriek in Nancy met een immense productiecapaciteit.

Aanvankelijk waren Gallé en Daum concurrenten, maar in 1899 startten ze een samenwerking, met behoud van de eigen stijl. Tot op dat moment hadden Gallé en Daum zich alleen onderscheiden door kleine technische verschillen en een iets andere uitwerking van de thematiek. Daum maakte bijvoorbeeld meer gebruik van de martelé-techniek als achtergrond voor de decoratie, omdat hij vond dat zo’n gefacetteerd oppervlak een levendig effect gaf wanneer het licht erop viel. Pas in het eerste decennium van de 20e eeuw ontwikkelde het Daum-glaswerk een markante eigen identiteit.

Parijse wereldtentoonstelling van 1900
Voor de grote wereldtentoonstelling in Parijs van 1900 werkt hij aan de samenstelling van een collectie glaswerk waarmee hij de wereld kennis wil laten maken met zijn ontwerpen en het niveau van de Franse decoratieve kunst in het algemeen. Gallé zet er zelfs een glasblazerij voor op en nodigt tijdgenoten en medestanders in de Art Nouveau beweging uit om samen met hem het paviljoen te creëren. De gebroeders Daum, Louis Majorelle, Hector Guimard en René Lalique exposeerden hier met hun belangrijkste creaties. Eén van de zalen van het paviljoen is in het Musée des Arts Décoratifs in Parijs nog steeds te bewonderen.

École de Nancy
Gallé stichtte in 1901 ook de School van Nancy die tot haar sluiting in 1914 toonaangevend was voor de glasproductie. De 'Alliance Provinciale des Industries d'Art', later bekend als de École de Nancy, was een groep geniale, vakbekwame kunstenaars, die, vooral binnen de Art Nouveau, hun werk tot op eenzame hoogte brachten. Tot de voornaamste kunstenaars van de groepering behoorden Émile Gallé en Louis Majorelle (1859-1926). Emile Gallé was de katalysator, de magneet binnen de 'School van Nancy'. Samen met Majorelle werkte hij aan een revival van het inlegwerk (marqueterie) in de meubelkunst. In 1894 waren de eerste initiatieven tot deze vereniging van kunstambachtlieden al gelegd waarvan de doelstellingen waren om te werken in gemeenschappelijke ateliers, gemeenschappelijke tentoonstellingen te houden en de kunstambacht aan te passen aan de nieuwe industriële productie. Gallé zag hierbij de terugkeer tot de natuur als belangrijkste motivatiebron voor de kunst. Met de École streefde Nancy Parijs voorbij als centrum van de art nouveau.

Tegen het einde van zijn leven introduceerde hij zijn lampen, een nieuw product, waarvan zijn "Inktzwammenlamp", een staande lamp die bestaat uit een drietal paddenstoelen, een waarlijk hoogstandje van glastechniek is.

Gallé stierf in 1904 aan leukemie. Zijn werkplaats werd door zijn echtgenote voortgezet en geen enkele ontwerper of ander personeelslid werd ontslagen. Het bedrijf maakt samen met de beroemde ontwerpers Victor Prouvé en Emile Lévy nog vele bijzondere vazen en meubelen, waaronder de ‘blow–out’ vazen en lampen zoals de Rhododendron of de olifanten vazen. Na haar dood in 1914 bleef de firma bestaan onder de leiding van Paul Pedrizet, een schoonzoon van de familie. Het gemis aan de inspirerende bezieling van de grondlegger Emile Gallé werd helaas duidelijk zichtbaar in de latere productie. In 1931 sloot de firma Gallé haar deuren.

Websites:
. Camée-glas van 2 of 3 lagen was in de tijd van de Art Nouveau het populairste glastype. Wat Emile Gallé met deze techniek aan vrije en intense expressie wist te bereiken is naar alle maatstaven uniek te noemen. ontwerper (www.hessink.nl)
. Art Nouveau Hermitage (www.hermitage.nl)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 791.