kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 12 08 2016 15:27 voor het laatst bewerkt.

ESKAF

Eerste Steenwijker Kunst-Aardewerk Fabriek (ESKAF 1919-1934)

Aardewerkfabriek opgericht in 1919 te Steenwijk en na een herstart en verhuizing naar Huizen in 1927 wederom failliet gegaan in 1934.

ESKAF maakte sier/kunstaardewerk, tegels, serviezen en bouw-aardewerk, vaak mat creme/zwart geglazuurd. De vormen van ESKAF, hebben een monumentaal karakter en zijn vaak ongedecoreerd en in een tint gehouden. Het assortiment bestond hoofdzakelijk uit geglazuurd en gegoten aardewerk waaraan vaak sculpturaal opgevatte elementen werden toegevoegd, vooral in de vorm van driedimensionale gestileerde dierfiguren en bloemenmotieven. In plasticiteit en vormentaal sluiten de E.S.K.A.F.-kunstenaars naadloos aan op kunstenaars van de expressionistische Amsterdamse School.

De ESKAF groeide uit tot een van de interessantste aardewerkfabrieken in Nederland omdat kunstenaars hier de kans kregen te experimenteren met nieuwe producten. Veelzijdige kunstenaars verbonden hun naam aan de objecten, zoals beeldhouwer Hildo Krop, glazenier Willem Bogtman, Jan Hessel de Groot, Jac. Jongert, Willem Hendrik van Norden en architect Cornelis van der Sluys.

Historie
Rond de eeuwwisseling van 1900 beleefde de productie van handbeschilderde vazen en borden met heldere, aan de natuur ontleende decors onder een glanzend transparant glazuur, haar bloeiperiode.

In 1919 werd door een aantal bemiddelde inwoners van Steenwijk, waaronder Hilbrand Ras en Hein Krop, een fabriek voor kunstaardewerk opgericht; de Eerste Steenwijker Kunst Aardewerk Fabriek. De oprichters van ESKAF wilden na WO-I werkgelegenheid scheppen door keramiek, ontworpen door kunstenaars, en betaalbaar voor een breed publiek te produceren. Er bleken echter onvoldoende gekwalificeerde arbeidskrachten in de omgeving voor handen. Daarom werden er ook vakmensen uit Duitsland gehaald. Vijftien jaar heeft de ESKAF bestaan, acht jaar in het Overijselse Steenwijk en vervolgens tot 1934 in het Noord-Hollandse Huizen.

Technisch directeur Schröder had in verschillende landen ervaring opgedaan met vormen en glazuren. Om tot een artistiek verantwoord assortiment te komen, werden ontwerpers aangenomen zoals W.H. van Norden, die voorheen bij De Distel in Amsterdam had gewerkt, en Hildo Krop, zoon van een van de oprichters en beeldhouwer met enige faam.

De eerste modellen, veelal in traditionele en gangbare vormen zijn ontworpen door Willem van Norden (1883-1978), die zo’n anderhalf jaar als vaste medewerker bij de ESKAF betrokken was, waarna hij terugkeerde naar De Distel. Deze groep omvat een breed scala aan vormen, met een nadruk op ronde buikige vaasjes en kannetjes. Daarnaast komen cylinder-, fles- en trechtervormige vazen voor en schalen uiteenlopend van vrijplat tot sterk komvormig. De meeste modellen zijn stevig en afgezien van de gebruikelijke grepen aan kannen, zijn er nauwelijks modellen met sierlijk gebogen dunne oren, of modellen met versieringen in reliëf meegegoten. Wilhelm Hendrik (Willem) van Norden was ontwerper bij verschillende plateelfabrieken. Begonnen als plateelschilder werd hij artistiek leider bij De Distel en na de overname in 1923 bij Goedewaagen.

De beeldhouwer Hildo Krop (1884-1970), was eveneens vanaf het begin bij de fabriek betrokken. Ongetwijfeld zou zijn vader Hendrik (Hein) Krop, de eerste directeur, hem hebben verzocht een aantal ontwerpen te maken voor zijn nieuwe onderneming. In die tijd was Hildo Krop al een bekend beeldhouwer. Hij werkte mee aan de bouw van het Amsterdamse Scheepvaarthuis en kwam daarna in dienst van de gemeente Amsterdam, waarvoor hij talloze werken uitvoerde. De band met zijn familie en met vrienden uit Steenwijk bleef echter sterk. Krops werk is eenvoudig van opzet in veelal gesloten blokmatige figuren met een allegorische betekenis. Hildo Krop ontwierp zestig keramiek modellen die de arbeiders reproduceerden: tegels, kleine plastieken en sieraardewerk. Hiervan staan enkele modellen in de plaatselijke Oudheidkamer. Opvallend in deze collectie waren de vloeiende en soms grillig gevormde producten die in een opvallend zwartgroene, vettige glazuur waren afgewerkt.

De meeste ESKAF producten waren kostbaar, maar het bedrijf kwam pas echt in problemen toen Schröder in 1921 overleed en Van Norden vertrok.

Omstreeks 1921 wist de ESKAF een viertal andere ontwerpers voor de zaak te interesseren: Jan Hessel de Groot (1864-1932), Cornelis van der Sluys (1881-1941), Jacob Jongert (1883-1942) en Willem Bogtman (1882-1955).

Ontwerper en verkoopagent Piet van Ham kocht na de liquidatie van ESKAF in 1927 samen met Harry Hamming en financiële steun van anderen de inventaris op om in Huizen (Noord-Holland) een herstart onder de zelfde naam te maken met de toevoeging 'Huizen'. Krop, Van der Sluys en De Groot bleven voor de nieuwe fabriek ontwerpen, maar het grootste deel van de productie bestond uit het behoudende werk van Van Norden omdat het moderne werk minder goed verkocht.

Het in Huizen gevestigde bedrijf sloot zich aan bij de Orde van Levende Arbeid (OLA). Alle werknemers werden als elkaars gelijken beschouwd, of men nu ontwerper, modelleur, schilder of stoker was, en hadden ook medezeggenschap in het bedrijf. Ook zou iedereen het zelfde moeten verdienen.
Hoe de OLA dacht over arbeid en over de relatie tussen arbeid en samenleving, komt goed naar voren door het openingsmanifest: Arbeid behoort te zijn een onafscheidelijk deel van het menselijk leven. Een natuurlijk en blijmoedig naar buiten treden van innerlijke kracht.

Door de koopkrachtdaling na de grote crisis bleven orders in de jaren '30 uit. Productieaanpassing en arbeidstijdverkorting konden de fabriek niet redden. In 1934 werd de fabriek gesloten. Op 30 januari 1935 werd de ESKAF officieel failliet verklaard.

Voortzetting door HaHo/De Driehoek
Eind 1934 werd de productie voortgezet door de hypotheekhouders Harry Hamming en Mak Honigh onder de naam CV Kunstaardewerkfabriek HaHo.
In de CV zaten de gebouwen en de inboedel van ESKAF. Onder Honigh werd begonnen met koudlakaardewerk. Dit aardewerk was slechts eenmaal gebakken en vervolgens beschilderd of bespoten met celluloselak. De verkoop van deze producten liet echter te wensen over.
In 1935 haalde Harry Hamming zijn zoon Fokke terug uit Frankrijk. Deze kreeg een eigen afdeling voor geglazuurd aardewerk. Tevens werd Potterie de Driehoek opgericht dat feitelijk een handelsonderneming was voor de verkoop van de geglazuurde producten geproduceerd onder Fokke Hamming bij de Aardewerkfabriek Haho.
- (http://home.hccnet.nl/e.de.hilster/driehoek.html


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1577.