kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 13-06-2008 voor het laatst bewerkt.

Henry Beck

De Londense metro had de eerste topologische kaart, ontworpen in 1933 door Henry C. Beck (1903-1974), speciaal gemaakt voor de underground.

Vanaf 1909 gaf de commercieel directeur van de London Underground, Frank Pick, opdrachten tot het maken van grafische ontwerpen. Hij nam vormgevers als Edward Johnson (1872-1944) en Edward McKnight Kauffer in de arm, maar het belangrijkste grafische werk dat voor het bedrijf werd geproduceerd, was dat van Henry Beck, een technisch tekenaar.

In het begin van de 20ste eeuw waren de tot dan toe voor de metro gebruikte stadsplattegronden steeds onoverzichtelijker en daarom minder geschikt geworden. De plattegronden uit de jaren '20 waren onoverzichtelijk doordat ze ook de geografische positie van de lijnen en stations trachtten weer te geven. Het was Harry Beck die in 1931 redeneerde dat topografische, stedelijke details overbodig waren, omdat de ondergrondse zich onder de grond bevond. Een gebruiker van de ondergrondse zou alleen maar willen weten hoe hij van station A naar station B kon komen. Beck maakte daarom een kaart waarop alle overbodige details verdwenen waren.
Deze ingenieuze plattegrond had een symbolisch kleurgebruik en was uitgewerkt vanuit een octagonaal raster, zodat de lijnen en stations haaks op elkaar of onder een hoek van 45 graden ten opzichte van elkaar stonden, wat voor visuele duidelijkheid zorgde. De toevoeging van de rivier de Theems gaf de kaart bovendien een onmiskenbaar Londense identiteit.
Beck trok de lijnen zo veel mogelijk recht. Er komen maar drie richtingen op de kaart voor: horizontaal, verticaal en lijnen onder een hoek van 45 graden. Ook de afstanden tussen de stations waren niet meer in overeenstemming met de werkelijke afstanden. Bovendien vergrootte Beck het centrumgedeelte van de kaart. Hier lagen namelijk veel lijnen en stations; een vergroting van het gebied zou de informatie toegankelijker maken. De buitengebieden werden juist verkleind. De enige tekst op de kaart was die van de stationsnamen. - (meer op oplossing. Ook in de jaren ’30 bestonden er al zogenaamde ‘stroomdiagrammen’; sterk geschematiseerde weergaven van ingewikkelde electrische bedradingen of electrische apparaten. Daarmee werd de draden- en verbindingenbrij tot mooie, rechte lijnen met standaardhoeken vereenvoudigd. Beck besloot datzelfde principe op de plattegrond van de Tube los te laten. Lijnen werden zoveel mogelijk rechtgetrokken, ongeacht of ze in werkelijkheid vol met bochten zaten of niet. Pas als een bocht relevant was om weer te geven (bijvoorbeeld bij de Circle Line) of het uit grafisch oogpunt moest (als twee lijnen elkaar twee keer kruisen, dan kunnen ze per definitie nooit beide recht zijn), werd deze ingetekend, maar dan wel alleen met een hoek van 45 of 90 graden. Stations werden gereduceerd tot tickmarks – kleine streepjes dwars op de lijnen; overstapstations werden weergegeven als in elkaar grijpende cirkels (het duurde even voor het huidige standaardsymbool, de witte cirkel met zwarte rand, ook in de Tube-plattegrond werd gebruikt).

Alhoewel het management van de Londense ondergrondse eerst nogal huiverig was om Becks radicale ontwerp als de officiële standaard in te voeren, werd zijn plattegrond uiteindelijk in 1933 toch geïntroduceerd. Sindsdien heeft deze de nodige wijzigingen doorlopen, maar het basisprincipe van zo recht mogelijke lijnen en standaardhoeken is altijd gebleven. De Tube-plattegrond is tegenwoordig veel meer dan alleen een handig navigatiemiddel: net als de Big Ben en Tower Bridge is het een icoon van Londen geworden.
Maar het mooiste aan Becks plattegrond is wel dat het achterliggende principe eenvoudig en (vrijwel) universeel toepasbaar is. Vrijwel elke tegenwoordige metroplattegrond wordt volgens dezelfde standaard weergegeven, al is er de nodige variatie ontstaan op details.

Websites: www.nederlandmetro.nl, www.inzichten.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1024.