kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 08-11-2014 voor het laatst bewerkt.

Oda Staalwerk

N.V. Oda Staalwerk v/h H.J. van de Kamp was een bedrijf te Sint-Oedenrode (plaatselijk Rooi genoemd) dat in de jaren '30 van de 20e eeuw nauw samenwerkte met het Ahrend concern en tegenwoordig Ahrend Produktiebedrijf Sint-Oedenrode BV (APS) heet. De naam Oda verwijst naar Sint Oda van Brabant, de beschermheilige van Sint-Oedenrode.

  Zie ook Oda Staalwerk met een fabrieksoppervlakte in St.Oedenrode en Geldrop van bijna 40000 m2.

Het bedrijfje leverde hem genoeg inkomsten op om op 22 mei van datzelfde jaar in het huwelijk te treden met Elisabeth Maria (Betje) van de Rijt, dochter van een Rooise herbergier. Korte tijd woonde hij bij zijn schoonouders in, maar al snel werd er tegenover zijn smederij een nieuw woonhuis annex café en smederij gebouwd. Er kwam een rijwielhandel en steenkoolhandel bij. Ook kon je er motorfietsen kopen, al dan niet met zijspan. Niets was de ondernemende jongeman teveel om zijn gezin met uiteindelijk vier zonen en drie dochters te kunnen onderhouden.

Smederij Museum H.J. van de Kamp
Kofferen 42, 5492 BM Sint-Oedenrode
50-jarig jubileum schonk de gemeente Sint-Oedenrode de smederij van Harrie van de Kamp aan de fam. van de Kamp om er een museum in te vestigen. Alles wat een Brabantse smid in het begin van deze eeuw gebruikte is aanwezig. Het woonhuisje is in originele staat, met een bedstee, een plattebuiskachel en o.a. het beeldje van Sint-Oda waarnaar het dorp is genoemd.


Al spoedig had Harrie van de Kamp een zevental mensen in dienst en werden er ook machines in gebruik genomen en in 1914 krijgt de smidse een opdracht van de N.V. Philips voor het leveren van stalen apparatenkasten.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog besloeg hij de paarden van het aldaar gelegerde regiment der Blauwe Huzaren en verkocht hij de mest van deze paarden aan de boeren. Naast het beslaan van paarden produceerde de smid kachels en wagenbeslag.

Van Dorpssmidse tot Grootbedrijf
Na de oorlog ging het bedrijf, samen met Harry's broer Willem uit Ravenstein, heteluchtovens voor bakkerijen maken. Deze werden in heel Nederland verkocht en ook geëxporteerd. Ook nam hij allerlei opdrachten aan, zoals ijzerwerk voor het in aanleg zijnde Wilhelminakanaal en hekwerken. Toen de PNEM begon met de elektrificatie van Noord-Brabant, leverde hij de transformatorhuisjes en lichtmasten.

Ook sleepte Harry orders van Philips in de wacht, die betrekking hadden op apparatenbouw. Knip- en puntlasmachines werden besteld. Het aantal werknemers liep op tot ongeveer 120. Niet tot ieders genoegen. De familie Van de Kamp gedroeg zich nogal patriarchaal en werd er in een spotlied van beticht over het paard getild te zijn.

Samenwerking met Ahrend
Doch in 1929 brak de economische crisis uit en liep de orderportefeuille sterk terug. Het aantal werknemers liep terug tot 80 en een faillissement dreigde. Dit leidde tot een koersomslag: het bedrijf ging vooral plaatstalen meubelen maken. Dit resulteerde in een order van Philips voor stalen kasten. Producten die in 1929 te Enschede tentoongesteld werden.

Naar aanleiding van de tentoonstelling “De zeven Mijlse” in Enschede raakte de Amsterdamse meubelfabrikant Jacobus Ahrend in het Rooise bedrijf geïnteresseerd. Dit leidde tot verregaande samenwerking en de stalen meubelen werden door het verkoopapparaat van Ahrend op de markt gebracht. Onder invloed van de Nieuwe Zakelijkheid was er grote vraag naar efficiënte kantoormeubelen. Ahrend en Van der Kamp verzorgen in 1930 samen het interieur van 'De Arbeiderspers' in Amsterdam.

In 1931 werd de N.V. Oda Staalwerk en Ovenbouw opgericht met Harry's zoon A.J. (Janus) van de Kamp als directeur. Zijn vader werd president-commissaris. Jacobus Ahrend werd commissaris.

In 1933 werd de ovenbouw afgestoten, maar wel ontwikkelde men stalen keukeninrichtingen.

In 1939 had Oda 300 mensen in dienst. In 1940 werd de tweede zoon, P.L.M. (Piet) van de Kamp, technisch directeur en ook de twee jongste zonen van vader Van de Kamp, L.H.(Lambert) en J.A.A. (Jan) kregen leidende functies in het bedrijf.

Veel van de groei werd door Ahrend gefinancierd, inclusief de bouw van een aantal arbeiderswoningen en een directievilla. Ahrend-producten waren goed voor meer dan de helft van de omzet van het bedrijf. Toch werd het beleid nog voornamelijk bepaald door Harry en zijn zoons Janus, Piet en Lambert (de vierde zoon, Jan, had zich laten uitkopen). Zowel Harry als Piet zijn wethouder geweest in de gemeente Sint-Oedenrode. Hoewel ze een modelbedrijf hadden opgebouwd, bleven ze greep houden op de bevolking, overeenkomstig de toenmalige verhoudingen op het Noord-Brabantse platteland

Tweede Wereldoorlog
Tijdens de Tweede wereldoorlog kon de familie Van de Kamp haar ruime levensstijl handhaven, hetgeen kwaad bloed zette en beschuldigingen van pro-Duits gedrag opleverde. In het algemeen kon hen inderdaad een slappe houding ten aanzien van de bezetter worden verweten. Janus en Piet van de Kamp zijn beiden na de Bevrijding een aantal malen gearresteerd en weer vrijgelaten, en hebben toen ook enige tijd geïnterneerd gezeten in Kamp Vught. Vooral Janus werd on-Nederlands gedrag verweten, wegens het aangeven bij de politie van de heer Leemput, die een oude revolver bezat.

Wederopbouw
Na de bevrijding in 1944 steeg het aantal werknemers van 60 naar 200 in 1946, hetzelfde jaar waarin Harry van de Kamp overleed. De leiding van het bedrijf was nu in handen van Janus en Piet van de Kamp, die telefoongesprekken van hun stafmedewerkers afluisterden en zich overgaven aan de 'genoegens' van jacht en autosport. Zij bezaten jachtterreinen en vergastten hun gasten op jachtpartijen, waarbij onder meer als everzwijn overgeschilderde tamme varkens werden ingezet. Feitelijk namen ze de levensstijl van de leiding van het (veel grotere) Philipsbedrijf ten voorbeeld. Bij dit alles begonnen spanningen te ontstaan tussen de Van de Kamps en de leiding van Ahrend. Deze ontaardden in regelrechte onaangenaamheden die alles te maken hadden met de verdeling van de markt. Ook het feit dat de vraag de productiecapaciteit verre overtrof speelde hierbij een rol. Zo liet Ahrend kasten maken bij een ander aan Ahrend gelieerd bedrijf, De Cirkel geheten, en richtte in Hilversum een eigen kastenfabriek op die De Atlas werd genoemd.

In 1947 werden de markten verdeeld, waarbij Oda een eigen, te Eindhoven gevestigde, verkooporganisatie opzette, Kampoda N.V. geheten. Deze mocht 40% van de Nederlandse markt bedienen: De zuidelijke provincies en de Rijksoverheid. Overschrijdingen van rayons en andere onaangenaamheden brachten nieuwe strubbelingen. In 1948 werd Kampex opgericht, de exportorganisatie van Van de Kamp, en ook het bedrijf Staalproduct te Geldrop werd gestart. In Geldrop werden de bedrijfsmeubelen gemaakt, terwijl in Oedenrode de kantoormeubelproductie werd geconcentreerd. Teneinde zelfstandig door te kunnen produceren mocht Ahrend de Oda fabrieken overnemen.

Na nog meer strijd en een juridische procedure werd in 1952 een nieuw compromis bereikt. Kampoda kreeg Europa zonder Nederland en ook Afrika toegewezen, alsmede de Amerikaanse legerorders, terwijl Ahrend de Nederlandse markt, Australië en Amerika ging verzorgen. De Atlas en Staalproduct zouden worden opgeheven. Dit gebeurde in 1954, omdat ze voor efficiënte productie te ver weg lag, waarbij het personeel bereidwillig in de gelegenheid werd gesteld naar het bedrijf te Sint-Oedenrode over te gaan.

Ahrend Groep
In 1956 overleed Jacobus Ahrend, en begonnen de ruzies te luwen. Er werd een fusie van Oda, De Cirkel, Ahrend en Kampoda nagestreefd waarbij het belang van de familie Van de Kamp in geld werd omgezet. Na veel onderhandelen over verdeelsleutels werd op 22 november 1967 de Ahrend Groep opgericht, die o.a. de fabriek van stalen buismeubelen Cirkel en een zeer omvangrijke verkooporganisatie van kantoor inrichtingen omvat.

Er kwamen diverse fabriekshallen bij en in de jaren zestig startte de bouw van de Oda-kantoorflat van zeven verdiepingen aan het eind van het Kofferen. Deze heeft een als plattegrond een stervorm, opgebouwd uit regelmatige zeshoeken.

In 1994 werd de naam van Oda veranderd in: Ahrend Produktiebedrijf Sint-Oedenrode b.v (APS), en als zodanig bestaat het nog steeds. Het produceert en assembleert metalen tafels en kasten en is nog altijd het grootste industriebedrijf van Sint-Oedenrode.

  Zie ook vintage Oda op de website van Galerie Kunstbus  


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 48.