kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 25-06-2008 voor het laatst bewerkt.

Onno Boekhoudt

Nederlandse sieraadontwerper, kunstenaar en kunstdocent, geboren 1944 Hellendoorn - overleden 28 oktober 2002 Den Hoeve.

Onno Roelof Boekhoudt liet zich in zijn werk leiden door een liefde voor weerbarstige materialen. Als vakbekwaam edelsmid wist hij een metaal geheel naar zijn hand te zetten; witzilver had zijn voorkeur. Ook werkte hij veel met hout, zowel in zijn autonome objecten als in zijn sieraden.

Onno Boekhoudt heeft altijd zijn eigen weg gevolgd en zich niets aangetrokken van trends en modes. In zijn werk zijn verschillende fases te onderkennen; overkoepelende kenmerken zijn vitaliteit en poëzie. In zijn sieraden vertelde hij een verhaal, meestal met een hoog abstractieniveau. Onno Boekhoudt zag zichzelf als een kunstenaar die sieraden als uitdrukkingsmiddel had. Wat hij maakte was niet noodzakelijkerwijs een sieraad en als het wel een sieraad was dan ging het ook over zaken als het omsluiten van een kleine ruimte, materiaalonderzoek en vormonderzoek. Boekhoudt was geboeid door ruimte, openingen, leegte, een plaats en het huis als symbool van een plaats.

Voertuigen voor ijdelheid waren zijn sieraden niet. Het ging Onno Boekhoudt om de drager en diens relatie met het sieraad. Het voorwerp zelf was minder belangrijk. Als iemand zich wilde versieren, kon je net zo goed iets met een viltstift op zijn oor tekenen, zei hij tegen de makers van Jewels of mind and Mentality, het overzichtswerk over Nederlandse sieradenmakers sinds 1950.

Onno Boekhoudt wordt ook wel de 'Vliegende Hollander' onder de Nederlandse sieraadontwerpers genoemd. Hij maakt niet alleen sieraden, ook was hij docent, organiseerde hij tentoonstellingen, schreef teksten en was hij lid van jury's. Dit alles deed hij met een enorme inzet en vanuit een grote generositeit.

Daarnaast maakte hij beelden, installaties en tekeningen. Zijn sieraden zijn vaak ook abstracte kunstwerken zonder direct verband met het lichaam. Je hoefde ze ook niet bij je te dragen. Even oppakken en daarna weer terugleggen was volgens hem misschien zelfs wel beter. De reacties op zijn werk zijn meestal extreem. "Of je sluit het in je hart óf je werpt het meteen verre van je". Boekhoudt gebruikte allerlei materialen en putte inspiratie uit een bonte verzameling gevonden voorwerpjes. Spijkers, houtjes, takjes, peulen, kiezels, zaaddozen, handvaten, bezemstelen, cirkels, grassen en krullen - hij bewaarde van alles en regelmatig vond het een plaats in een sieraad. Toch ontwikkelde hij in de loop van zijn carrière een bijzonder band met zilver en paste hij dat materiaal steeds vaker toe.

Onno Boekhoudt werd in 1996 onderscheiden met de Francoise van den Bosch prijs. Zijn werk werd onder meer opgenomen in de collecties van het Centraal Museum in Utrecht, het Fries Museum in Leeuwarden en het Museum voor Moderne Kunst in Arnhem. Na het onverwachte overlijden van Onno Boekhoudt in 2002, heeft het CODA-Museum in Apeldoorn zijn complete nalatenschap opgekocht. Deze kunstschat bestaat uit dozen vol schetsboeken, tekeningen, studies, proefjes en enkele honderden sieraden en beeldhouwwerken. Behalve zijn artistieke productie bestaat de nalatenschap ook uit brieven en teksten voor lessen en lezingen.

Biografie
Hij werd opgeleid van 1963 tot 1966 als goudsmid aan de Vakschool in Schoonhoven en van 1966 tot 1968 is hij gaststudent aan de Staatliche Kunst und Werkschule in Pforzheim (D), ook volgde hij avondlessen beeldhouwkunst en figuurtekenen aan de Academie Artibus in Utrecht.

Tijdens zijn studie in Schoonhoven en later in het Duitse Pforzheim werkte hij vooral met zilver en goud. Zes jaar experimenteerde hij vervolgens met lood "eigenlijk een veel te gewillig materiaal. Het is zo gedwee dat je het moet straffen". Dat is wat hij doet: met vlijmscherpe messen kerft hij in het zachte lood. Vervolgens experimenteert hij met het vervormen en modelleren van materialen, zonder teveel regie van zijn kant. Hij laat het als het ware gebeuren.

1974 medeoprichter BOE-groep (Bond van Oproerige Edelsmeden) die zich speels verzet tegen de stijfheid van gezaghebbende juwelenmakers. Ook bijvoorbeeld Gijs Bakker - de latere oprichter van Droog-design was iemand die zich destijds tegen de traditie keerde, maar anders dan Boekhoudt ontwikkelde deze zich meer in industriële richting.

Van 1975 tot 1990 stond hij aan het hoofd van de afdeling Edelsmeden van de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam en van 1982 tot 2002 was hij docent aan de Hogeschool voor de Kunsten Constantijn Huygens te Kampen.

Nadat hij zijn functie als hoofd van de afdeling Edelsmeden aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam had neergelegd werd Boekhoudt aan vrijwel elke toonaangevende opleiding tot edelsmeden en sieraadontwerper uitgenodigd als gastdocent, workshopleider of gecommitteerde. Van 1990 tot 2002 werkt hij ook als gastprofessor aan het Royal College of Art in Londen benoemd (Tutor and staff member Royal College of Art London (Goldsmithing, Silversmithing, Metalsmithing and Jewellery).

In 1996 werd hem de Françoise van den Bosch Prijs voor sieraden toegekend. Het jaar daarop had hij een belangrijke overzichtstentoonstelling in het Groninger Museum, waarbij het boek 'Why not Jewellery?' verscheen.

Sinds 1995 werkt Onno Boekhoudt met ideeën die in multiples worden omgezet. De 'Dingen met een Functie' zijn eenvoudig, informeel, en tegelijkertijd open, vreemd, en krachtig als beeld. De sieraadontwerpen van Onno Boekhoudt lopen niet in de pas met modes en trends. De laatste jaren maakte hij veel verschillende sieraden naar aanleiding van het idee Room for a Finger. Hij ziet de ring niet alleen als tooi of versiering maar vooral als een huisje waarin de vinger past. De ring, de cirkel en het sieraad horen in het werk van Onno Boekhoudt bij elkaar.
De basisvorm van het begrip 'huis' komt in een aantal objecten voor; als ruimte, als binnenkant, positief of negatief. Bijvoorbeeld in de ringen: een stalen blok waarin je jouw vinger legt of dezelfde vorm, opgebouwd uit ontelbare perfekte plaatjes die zich vloeiend om de vinger voegen. Bij de oorhanger rust het vederlichte, scherp gesneden huisje op een amorfe wolk van barnsteen. De hoed/huis/schaal is een container die uitnodigt… (Onno Boekhoudt bij een verkeersongeval om het leven gekomen.

Boekhoudt was in de eerste plaats kunstenaar. Ontwerpen moesten van hem meerdere lagen hebben. Met de voorbereidende schetsen kon bij maanden bezig zijn. Het maken was belangrijker dan het resultaat. Die houding probeerde hij over te brengen op zijn leerlingen aan de Rietveld academie in Amsterdam en het Royal College of Art in Londen. Hij was het helemaal eens met de japanners, die zeiden dat pas op je zestigste een echte vakman begon te worden. Die leeftijd heeft hij net niet bereikt, maar een vakman was hij al jaren. - (Kunstredactie Rotterdams Dagblad)

Solotentoonstellingen:
1977,78,80,83,85,87,91 Galerie Ra, Amsterdam
1987 Galerie nouvelles Images, Den Haag
1991 Galerie NO, Lausanne
1995,97,2000,2001,2002 Galerie Marzee, Nijmegen
1997 Galerie Hélène Poiree, Paris
1997 Why not jewellery, Groninger Museum, Groningen (cat.)
2000 Why not jewellery, The Israel Museum, Jeruzalem (cat.)

CODA Museum Apeldoorn Van 13-3 t/m 12-6-2004 Presentatie van het verworven legaat van de sieraadontwerper Onno Boekhoudt.
Het Apeldoorns Museum, onderdeel van Cultuur Onder Dak Apeldoorn, heeft de complete nalatenschap van Onno Boekhoudt verworven. De Mondriaan Stichting heeft deze omvangrijke en bijzondere aankoop mede mogelijk gemaakt. Met deze keuze van de Mondriaan Stichting voor het Apeldoorns Museum als de locatie voor deze nalatenschap is een duidelijk signaal gegeven: het verzamelen van het hedendaagse sieraadontwerp is een kernactiviteit voor het Apeldoorns Museum.

Door zijn persoonlijke opvattingen is hij van grote invloed geweest op de jonge generatie sieraadontwerpers die hij les heeft gegeven. Zijn teksten over het sieraad geven informatie over zijn opvattingen op het vakgebied.

Typerend voor Onno Boekhoudt is ook zijn zogenaamde 'Bench-Pin Museum', een verzameling gebruikte vijlnagels of zaagplankjes van bevriende collega's. Onno Boekhoudt was gefascineerd door de sporen van jarenlang gebruik en het eigen handschrift van de gebruiker in de vorm van littekens en beschadigingen. Hierdoor is deze speciale verzameling tegelijkertijd een belangrijk document van de werkwijze van de edelsmeden van wie deze plankjes afkomstig zijn.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 24.