kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 18 10 2016 11:44 voor het laatst bewerkt.

Organic Design

Designstroming en stijl uit de jaren 1930-1960, 1990-heden.

Hoofdkenmerken
. Zachte, vloeiende lijnen en gebeeldhouwde vormen
. Holistische ontwerpen die gerelateerd zijn aan hun omgeving
. Gebruik van natuurlijk en synthetisch materiaal, zoals plastic en beton, dat gemakkelijk in organische vormen kan worden geperst.

Rond 1900 begonnen Charles Rennie Mackintosh en Frank Lloyd Wright in de architectuur met een holistische en 'beschavende' benadering van design. Zij ontwikkelden een 'Gesamtkuntwerke', waarin de som der delen het totale effect niet alleen groter zou maken, maar ook iets van de natuur in zich op zou nemen door de harmonie van de verhoudingen en het gebruik van materiaal en kleur. De afzonderlijke elementen, zoals artikelen en meubilair, moesten visueel en functioneel aansluiten op het geheel van het interieur en de interieurs moesten dan weer visueel en functioneel aansluiten op het hele ontwerp dat weer moest aansluiten op de omgeving.

De ontwerpen van Frank Lloyd Wright drukten zijn eerbied voor de natuur en zijn overtuigende geloof in het belang van menselijke waarden uit - of zoals hij zelf zei: "menselijkheid". Wright stelde dat "schoonheid slechts het schijnen van het licht (ziel) van de mens" is. Met zijn 'Organic Design' probeerde hij de spirituele essentie van zowel de mens als de natuur te symboliseren en vast te leggen.

Wright, die vele impulsen tot vernieuwing aan de Amerikaanse en Europese architectuur gaf, wist ook in zijn eigen oeuvre consequent en op steeds verrassende wijze zijn ideaal - organische architectuur - te verwezenlijken. Organische architectuur is gebaseerd op de idee van eenheid in zijn en handelen: architectuur moet voortvloeien uit de 'wetten der natuur' en dus ook in vorm en materiaal niet tegenstrijdig met de natuurlijke omgeving zijn. Daarnaast moet architectuur, als product van de cultuur, deze gestalte geven, de eenheid van natuur en cultuur belichamend en de gemeenschap dienend. Ook in geschrifte gaf Wright bekendheid aan deze, wel als romantisch gekwalificeerde opvatting van functionalisme. Wright was historicist noch modernist ­in de eerste plaats was hij een humanist. - (Alvar Aalto, een van de grondleggers van Organic Design, geschakelde en moderne organische uitdrukkingsvormen te ontwikkelen. Alvar Aalto wil zijn gebouwen waarin hij zowel functionaliteit als individualiteit inbrengt, laten opgaan in het landschap. Hij zorgde voor leven en warmte in het modernisme door nadruk te leggen op “organische” geometrie, subtiele natuurlijke materialen en respect voor het menselijk gevoel, waarmee hij een geheel eigen draai aan de functionalistische architectuur gaf. Aalto was een tegenstander van vervreemdende machine-esthetiek en de streng ratonalistische benadering van het design van het modernisme. Hij verwierp het gebruik van door de mens ontwikkelde materialen als staal omdat dit soort meubilair volgens hem niet voldeed aan menselijke behoeften. "De beste standaardisatiecommissie ter wereld is de natuur zelf, maar in de natuur vindt standaardisatie hoofdzakelijk plaats in de kleinst mogelijke eenheden, de cellen. Het resultaat wordt gevormd door miljoenen flexibele combinaties, waarbij men nooit stereotypen tegenkomt".

De glooiende lijnen in de revolutionaire triplex- en laminaatontwerpen van Aalto waren zijn reactie op de strakke geometrische International Style. Net als de 'spirituele' organische architectuur van Wright waren Aalto's ontwerpen holistisch, maar voerden bij hem de functionaliteit, het intellectuele en de emotionele band tussen het meubilair en de gebruiker de drijfveer. Hij vondt dat hout een "vorminspirerend, diep menselijk materiaal was" en verwierp daarom de toen door Europese avant-gardistenindustriële geliefde materialen als metalen buizen. Aalto's meubilair sloeg wijdverbreid aan en zijn ideeën werden op zo'n grote schaal overgenomen, dat hij er bijna alleen verantwoordelijk was dat design de weg naar het Modernisme insloeg.


1940 multiplex stoel

Tijdens een leeropdracht aan de Cranbrook Academy in Bloomfield Hills maakt de Fin Eero Saarinen (1910–1961) kennis met Charles Eames, met wie hij experimenteert met nieuwe meubelvormen. Zo ontstaan de eerste ontwerpen voor meubels uit vervormd multiplex.

Charles, Ray en Eero Saarinen ontwerpen samen behalve tafels en een kast combinatiesysteem, een zachtgolvende stoel waarmee ze de eerste prijs in de categorie 'Seating for a Living Room' winnen bij de wedstrijd Organisch design voor woonkamerinrichtingen (Organic Design in Home Furnishing Competition) van het Museum of Modern Art in New York (1940-1941). Deze wedstrijd werd georganiseerd door Eliot Felle Noyes om Aalto's nieuwe benadering van design te promoten. In de catalogus definieerde Noyes Organic Design als een "harmonieuze organisatie van de delen binnen een geheel, volgens de structuur, het materiaal en het doel. Binnen deze definitie bestaat geen nutteloze versiering of overvloed, maar het aandeel van de schoonheid is niettemin groot - in ideale materiaalkeuze, in visueel raffinement en in de rationele elegantie van dingen die bestemd zijn voor gebruik" - (catalogus van Organic design in Home Furnishings, Museum of Modern Art, New York, 1941).

De stoel van Charles Eames en Saarinen was vervaardigd door middel van de moderne productietechniek, het buigen uit één stuk multiplex tot complexe rondingen om voortdurend contact en steun door de ergonomisch verantwoorde vormen te bereiken. Zij ontwierpen een hele reeks uitvoeringen van de Organic Chair, elk bedoeld voor verschillende zithoudingen. Zo is de Organic Highback een gemakkelijke leesfauteuil die in vergelijking met de Organic Chair een duidelijk hogere rugleuning met speciale neksteun heeft. Ook de armleuningen en zitvlakken zijn wat breder en langer uitgevallen, waardoor het zitcomfort nog verder wordt vergroot. Ook een interpretatie van de ouderwetse Engelse clubfauteuil, de Lounge Chair & Ottoman (1956) van Charles en Ray Eames, komt voort uit de organic chair.

Saarinen en Eames werkten geregeld samen. Ze werden symbolen van het exuberante design uit het midden van de eeuw. Ze baseerden zich op de technologie, ontleend aan de nationale defensie. De artistieke traditie kreeg geen plaats in de generatie nieuwe producten. Saarinen en Eames zetten de criteria waaraan de hedendaagse meubels moesten beantwoorden op een rijtje vooraleer de materialen en de technieken te bestuderen. Er werd getracht een ideale structurele, materiële en functionele organische eenheid te bereiken - wat leidde tot ontwerpen als de stoelen van gemodelleerd triplex (1945-1946), het amorfe prototype La chaise (1948) en de serie stoelen Plastic Shell (1948-1950) van Charles en Ray Eames.

RAR chair 'Rocking Arm Chair' (1948) door Charles en Ray Eames
Toentertijd was echter geen onderneming in staat om de driedimensionaal vervormde stukken multiplex in serie te produceren. Eames verdeelde toen de vormen in eenvoudiger te produceren stukken, die met krammen aan elkaar vastgemaakt werden. Alle onderdelen zijn oorspronkelijk van hout gemaakt. Later schakelde Eames over op dragende elementen van staal om het onderstel solider te maken.
In later jaren gebruikte Eames aluminium, overgespoten met de synthetische rubbersoort neopren, om een kuip uit één stuk te maken. Deze oplossing was echter niet geschikt voor massaproductie. Deze experimenten met kunststof leidden op den duur evenwel tot modellen voor serieproductie. De kuipen bestonden uit onder invloed van hitte vervormd polyesterhars, dat door een structuur van glasvezels werd verstevigd. Het onderstel was in alle gevallen van metaal.

De Wombstoel (1947-1948)(baarmoederstoel) is het tweede meubelstuk dat Saarinen voor Knoll (1948) ontwierp; die had onmiddellijk een enorm succes toen ze op de markt werd gebracht en wordt ook nu nog geproduceerd. Ook de Pedestal Groep, een reeks tafels en stoelen (1955-1956), die de architect in 1958 voor Knoll International ontwierp, had organische vormen, in een tijd waarin men ook met de ruimtevaart (space age) was begaan. Organic Design had ook op de architectuur van Saarinen in de jaren '50 een grote invloed: zoals op zijn TWA Terminal (1956-1962) op Kennedy Airport.

Charles Eames is met de Eames Lounge 670 of Eames Lounge Chair, ontworpen in 1956 samen met zijn echtgenote Ray Kaiser, wereldberoemd geworden. De door Herman Miller inc. geproduceerde Lounge Chair groeide uit tot statussymbool.
Deze moderne interpretatie van de fauteuil werd gemaakt van gebogen palissander multiplex, het onderstel is van aluminium. De zitting is bekleed met zwart aniline lederen kussens gevuld met schuimrubber. Er is een bijpassende voetenbank, de Ottoman 671. De Eames Lounge 670 heeft een verstelbare rugleuning, de afmetingen van de stoel zijn 84 cm x 85-91cm x 84 cm. In plaats van palissander kan hij ook worden uitgevoerd in kersen- of walnootfineer. In Nederland wordt de Eames Lounge geleverd door Vitra.
De Eames Lounge Chair is ontstaan uit de experimenten die het getalenteerde echtpaar Eames tijdens en na de oorlog deed met het driedimensionaal modelleren van multiplex. In 1940 ontwierp Charles Eames al samen met architect Eero Saarinen een multiplex stoel. Dit Design for an armchair won één van de tien eerste prijzen in de ontwerpprijsvraag van het MoMA: Organic design Design in Home Furnishings. De technische kennis die tijdens de oorlog werd opgedaan bij het vervaardigen van beenspalken werd door hen vertaald naar nog geavanceerdere meubelontwerpen van dit materiaal.
Ondanks de onorthodoxe combinatie van multiplex, aluminium en leer, is de stoel uitgegroeid tot het boegbeeld van luxe en comfort en behoort tot de belangrijkste meubelontwerpen van de twintigste eeuw. Niet alleen nieuw, maar ook tweedehands is de stoel veelgevraagd. - (Organic Design na de oorlog de opkomst van het Biomorfisme beïnvloedde, bleef het ook ontwerpers in de jaren '60 en '70, zoals Maurica Calka (geb. 1921), Pierre Paulin en Olivier Mourgue inspireren tot organische plastische vormen.

Door betere ergonomische en antropometrische gegevens in de jaren '90 en de beschikking over computers waarmee men kon ontwerpen en fabriceren, komt Organic Design meer dan ooit tot bloei. Hedendaagse industriële vormgevers als Ross Lovegrove trachten door het toepassen van ultramoderne materialen en industriële technieken nieuwe niet-stoffelijke organische ontwerpen te ontwikkelen.

Zie ook:
. biomorfisme
. Organische Architectuur

Websites:
. www.vaknet-eict.nl
. www.tijdruimte.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 425.

Tweets by kunstbus