kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 19-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Ingmar Bergman



Bergman on art (part 1) (filmregisseur, geboren 14 juli 1918 Uppsala – overleden 30 juli 2007 op het Zweedse eiland Fårö.

Ernst Ingmar Bergman heeft met een oeuvre van ruim honderd theaterregies, vijftig speelfilms, een tiental scenario'a, rond de veertig hoorspelen, vijftien televisiefilms en enkele operaproducties een grote stempel gedrukt op zijn tijd. Ingmar Bergman heeft eens gezegd dat de film hem van krankzinnigheid had gered. ,,Als ik niet zo creatief was geweest zou ik ergens achter tralies hebben gezeten, rukkend aan de spijlen'', zei hij in een van de weinige interviews die hij gaf.

In zijn films stelde de Zweedse regisseur Ingmar Bergman consequent existentiële vragen. Zijn werk wordt het ‘geheugen van de wereld’ genoemd. Bergman wás in de jaren vijftig, zestig, zeventig en tachtig de Zweedse cinema en door hem was de Zweedse cinema vooraanstaand in de wereld.

Films van Bergman staan gelijk met psychodrama met duidelijke formele beïnvloeding van het theater en de vroegere expressionistische cinema. Mede daardoor gaan zijn films meestal over existentiële vragen over sterfelijkheid, eenzaamheid en geloof, vaak direct en niet erg gestileerd gefilmd. Bergmans werk staat bol van mensen die contact zoeken. zijn personages tasten naar een luisterend oor, vaak op wanhopige wijze.

Als regisseur waardeerde hij intuïtie hoger dan intellect, en koos voor een niet-agressieve houding tegenover acteurs. Bergman zag zichzelf belast met een grote verantwoordelijkheid tegenover zijn acteurs: hij zag hen als medewerkers in een psychologisch kwetsbare positie. Hij zei dat een regisseur zowel eerlijk als ondersteunend moet zijn om het beste uit anderen te halen.

Een aantal van zijn vroege films zijn erg gestructureerd. Bergman zei over zijn latere werk dat de karakters in het verhaal soms dingen anders willen doen dan hoe hij het had bedacht, en als je hen niet hun gang laat gaan, het resultaat rampzalig is. Hij liet zijn acteurs steeds meer de dialoog improviseren. In zijn laatste films schreef hij alleen de ideeën achter de dialoog met daarin de richting waarin het verhaal moet gaan.

Hij werkte altijd met dezelfde kleine groep acteurs, waaronder Bibi Andersson, Harriet Andersson, Gunnar Björnstrand, Ingrid Thulin, Max von Sydow en Liv Ullmann. Hij heeft van 1953 tot en met 1982 trouw samengewerkt met de cameraman Sven Nykvist, die in 2006 overleden is. Als hij de dagelijkse opnames bekijkt legde hij de nadruk op het kritisch zijn. Hij vraagt zichzelf niet af of iets goed of verschrikkelijk is, maar of het genoeg is of dat het opnieuw opgenomen moet worden.

Bergman onderzocht als een van de eerste regisseurs consequent zijn eigen existentiële vragen over geloof en dood via film. De toonaangevende Franse critici van de jaren vijftig en zestig herkenden in hem een onvervalste auteur. Met de Italiaanse regisseur Federico Fellini onderhield hij zoiets als een Wahlverwandtschaft. Bergman was het grote voorbeeld voor de Amerikaan Woody Allen die met soortgelijke vragen worstelde en films als Crimes and Misdemeanors nadrukkelijk naar Bergmans werk modelleerde. In Nederland zag Fons Rademakers in hem een geestverwant.

Biografie
Ingmars vader was een luthers predikant. Diens strenge tuchtmaatregelen en gepreek over Hel en Verdoemenis tekenden de jonge Ingmar voor het leven. Bergman groeide op omringd door religieuze beelden en voorzien van theologische discussies. Hij maakte daar later een autobiografisch scenario over, dat werd gebruikt voor de film Den goda viljan (De beste bedoelingen).

Al in zijn jeugd leerde hij een spel met de fantasie en de werkelijkheid spelen. Poppen en een toverlantaarn hielpen hem te vluchten uit het strenge milieu waarin zijn vader duidelijk de baas was. ,,Ik was erg verliefd op mijn moeder. Het was een heel warme en tegelijk kille vrouw. Het ene moment mocht ik toenadering tot haar zoeken, maar even later wilde ze dan weer niets van me weten'', zei Bergman eens. Op zijn negentiende verbrak hij alle contact met zijn ouders en vertrok naar Stockholm.

In Stockholm ging hij naar de Universiteit waar hij interesse in theater en later ook in film kreeg. De jonge Bergman zag films van Zweedse cineasten als Stiller en Sjöström, diep geworteld in de theatertraditie en de dramatiek van de stille film.

Hij leerde het vak van regisseur in het theater door met een groep studenten toneelstukken van Strindberg en Shakespeare op te zetten en in 1944 werd hij aangesteld als zakelijk en artistiek leider van de gemeentelijke schouwburg in Helsingborg, nadat hij in kleine theaters in Stockholm al een dertigtal producties had geregisseerd.

Vanaf 1944 liep zijn carrière over twee sporen en werkte hij zowel voor het theater als voor de film. Zijn eerste oorspronkelijke script werd in 1944 verfilmd door de destijds vermaarde Alf Sjöberg, die er onder de titel Hets (Torment) een internationaal succes aan over hield. De slotscène had Bergman zelf mogen regisseren. In 1945 bracht hij zijn eerste niet zeer succesvolle film Kris (Crisis) uit.

Bergmans eerste naoorlogse films getuigen van een geloofscrisis en een desinteresse voor de samenleving, na de ontnuchtering van een gehele generatie die getuige is geweest van een inferno. Als reactie plooit hij zich terug op het individu. De psychische labiliteit van Bergmans personages was een spiegel van de onzekerheid waarmee de door God verlaten mens na de Tweede Wereldoorlog verder moest met het leven.

Tussen 1953 en 1957 bracht Bergman in Malmö onder anderen Strindberg, Molière, Ibsen, Goethe, Pirandello en Tennessee Williams op de planken in luisterrijke uitvoeringen, waarop in zijn vaderland nog steeds wordt teruggekeken als de gouden tijd van het moderne Zweedse theater. Hij ensceneerde een Faust met Max von Sydow in de hoofdrol en ontwikkelde intense werkrelaties met Gunnel Lindblom, Erland Josephson, Bibi Andersson en Harriet Andersson, die tevens de films gingen bevolken waarmee hij in diezelfde tijd furore begon te maken.

De lichtvoetige zedensatire Glimlach Van Een Zomernacht (1955) was de eerste film waarmee hij internationaal de aandacht trok. Woody Allen zou er zich in 1982 door laten inspireren voor A Midsummer Night's Sex Comedy.

Het zwaartepunt van Bergmans werk ligt in de late jaren vijftig en de vroege jaren zestig. In die jaren wordt Bergmans naam synoniem met zwaarwichtigheid. Met geloofsproblemen, met de zinloosheid van het bestaan en met de dreigende leegte na de dood. De regisseur spon een web van symbolische dromen en van droomachtige symbolen. Hij liet zijn selecte publiek verstrikt raken in zijn harde thema's - het zoeken naar de waarheid, de kern van goed en kwaad, de kunstenaar en de samenleving - en in de eindeloze, bittere en eenzame lijdensweg die zijn gekwelde personages hebben te gaan. Gelachen wordt er in (of om) een Bergman-film maar zelden.

Met Het Zevende Zegel (1957) trok hij velen over de streep om film niet zozeer als entertainment maar als een volwaardige kunstvorm, de zevende kunst, te aanvaarden. Het Zevende Zegel (1957) en De Maagdenbron (1960) waren twee in de Middeleeuwen gesitueerde, zwaar allegorische drama's, waarin de Zweedse cineast het had over angst voor de dood, macht en onmacht en ernstige twijfels over het bestaan van God. De eerste film leverde hem de Speciale Jury-Prijs op in Cannes, de tweede bracht hem zijn eerste Oscar.

In de jaren zestig was hij hoofd van het Koninklijk Dramatisch Theater, het Dramaten-theater, in Stockholm. Veertig jaar lang heeft Bergman daar toneelvoorstellingen gemaakt met toneelschrijver August Strindberg, sinds zijn puberteit de motor van zijn denken en doen.

Oscars
Naast verschillende Oscar-nominaties (9 in totaal) voor enkele films, ontving Bergman in 1970 de Irving G. Thalberg Memorial Award tijdens de Oscaruitreiking. Voor drie van zijn films won hij de Oscar in de categorie "Beste Anderstalige Film" (d.w.z. niet-Engelstalig): Jungfrukällan (The Virgin Spring of De Maagdenbron, 1960) in 1961; Sasoni I Et Spegel (Through a Glass Darkly of De Donkere Spiegel, 1961) in 1962; and Fanny and Alexander in 1984.

Bergman heeft ook veel voor televisie gewerkt. Een van de bekendste series is de zesdelige Scènes Uit Een Huwelijk (1974), die later ook als bioscoopfilm werd uitgebracht.

Pas in de jaren zeventig stapte Bergman definitief over op kleurenfilm en heeft toen eenmalig, met een bewerking van Mozarts Zauberflöte (1975), een film gemaakt die er zo ongeveer moeten hebben uitgezien als het betoverende poppenspel uit zijn kinderjaren.

Weerspiegelden de films uit de jaren '60, zoals Tystnaden (De Grote Stilte) en Vargtimmen (Het Uur Van De Wolf), Bergmans pessimistische kijk op de maatschappij en de betrekkingen tussen de mensen, in het decennium erna verlegde hij zijn aandacht naar een ander turbulent facet van zijn bestaan, zijn huwelijken en talloze affaires. Hij had regelmatig emotionele verwikkelingen met zijn actrices. Hij trouwde vijf keer en had negen kinderen. Hij had ook kinderen buiten het huwelijk - onder meer met Ullman. Op latere leeftijd noemde Bergman zijn vroegere rokkenjagerij een grote vergissing.

Op 30 januari 1976 viel de politie binnen op een repetitie van het theater en sloeg Bergman in de boeien op beschuldiging van fiscale fraude. Bergman ging vrijuit, maar hield aan de vernedering een zware depressie over. Hij zwoer nooit meer in Zweden te werken en verhuisde naar München. Daar maakte hij 'Het Slangenei', een film over de opkomst van het nazisme.

Terug in Zweden draaide Bergman in 1982 'Fanny en Alexander', over zijn kindertijd en passie voor theater. De film werd met vier Oscars bekroond.

Fanny en Alexander was zijn laatste echte bioscoopfilm. Bergman trok zich terug voor het schrijven van autobiografische boeken. Mede door de boeken die hij schreef, kon Bergman vrede sluiten met zijn ouders: zijn memoires Laterna Magica (1986), de aan hen gewijde roman Met de beste bedoelingen (The best intentions)(verfilmd door Bille August) en Zondagskinderen, over zijn vader.

In 1995 stopte hij ook met toneel na de dood van zijn (vijfde) vrouw Ingrid, met wie hij 25 jaar was getrouwd. Hij trok zich terug in zijn woning op de Faeroer Eilanden in de Oostzee, dat het decor had gevormd in verschillende van zijn films. Het geloof in een vaste routine heeft Bergman zijn hele leven behouden: ,,Hard werken en discipline vormen een goed harnas.''

In 1997 kreeg Ingmar Bergman in Cannes de Gouden Palm der Palmen.

In 2003 nam hij weer achter de camera plaats en realiseerde hij voor de Zweedse televisie 'Saraband', dat daarna in de cinemazalen vertoond werd.

Werelderfgoedlijst voor documenten
De archieven van de cineast, in bezit van de "Ingmar Bergman Foundation" en 65 jaar artistieke schepping omvattend, werden in 2002 in zijn geheel aan het Zweeds Filminstituut geschonken. In juni 2007 werd deze collectie toegevoegd aan "het geheugen van de wereld": de Werelderfgoedlijst voor documenten.

Ingmar Bergman overleed 30 juli 2007 op 89-jarige leeftijd volgens zijn dochter vredig in zijn huis op het Baltische eiland eiland Fårö.

Filmografie
1944: Hets
1946: Det regnar på vår kärlek ("Het regent op onze liefde")
1946: Kris ("Crisis")
1947: Kvinna utan ansikte of Vrouw zonder gezicht
1947: Skepp till India land
1948: Eva
1948: Hamnstad ("Havenstad")
1948: Musik i mörker ("Muziek in het donker")
1949: Fängelse ("Gevangenis")
1949: Törst of Dorst
1950: Medan staden sover ("Terwijl de stad slaapt")
1950: Sånt händer inte här ("Zulks gebeurt hier niet")
1950: Till glädje of To Joy
1951: Frånskild ("Gescheiden")
1951: Sommarlek ("Zomerspel")
1952: Kvinnors vantan of Wachtende vrouwen
1953: Gycklarnas afton
1953: Sommaren med Monika of Een zomer met Monika
1954: En lektion i kärlek of Een liefdesles
1955: Kvinnodröm ("Vrouwendroom")
1955: Sommarnattens leende of Glimlach van een zomernacht
1956: Sista paret ut
1957: Det sjunde inseglet of Het zevende zegel
1957: Smultronstället of Wilde aardbeien
1958: Ansiktet ("Het gezicht")
1958: Nära livet
1960: Djävulens öga ("Het oog van de duivel")

1960: Jungfrukällan of Maagdenbron (Oscar beste buitenlandse film)
In De maagdenbron (1960) wordt een meisje verkracht door struikrovers (de film speelt in de Middeleeuwen). Als de rovers later, onwetend, in het huis van het meisje terechtkomen, besluit de vader hen te doden. Hij sluit hen ’s nachts slapend op in huis en bereidt zich voor op zijn wraakoefening. Hij rukt een jong berkje uit de grond en gaat zichzelf in de sauna met de takken geselen.

1961: Såsom i en spegel of Als in een duistere spiegel (met de 2de cellosuite van Johann Sebastiaan Bach) (Oscar beste buitenlandse film)
1961: Lustgården of De tuin der lusten
1962: Nattvardsgästerna of De avondmaalgasten
1963: Tystnaden of Het Zwijgen
1964: För att inte tala om alla dessa kvinnor ("Om over al die vrouwen maar te zwijgen")
1966: Persona of Persona
1968: Skammen of De schaamte
1968: Vargtimmen of Het Uur van de Wolf
1969: En passion (The Passion of Anna)
1969: Riten
1971: Beröringen ("De aanraking")
1972: Viskningar och rop of Kreten en gefluister (Academy Award voor de beste cinematografie)
1973: Scener ur ett äktenskap of Scènes uit een huwelijk
1975: Trollflöjten of De Toverfluit naar de opera Die Zauberflöte van W.A. Mozart
1976: Ansikte mot ansikte ("Van aangezicht tot aangezicht")
1977: Ormens ägg ("De eieren van de slang")
1978: Höstsonaten of Herfstsonate
1980: Ur marionetternas liv ("Uit het leven van de marionetten")

1982: Fanny och Alexander of Fanny en Alexander (Oscar beste buitenlandse film)
In een vroegtwintigste-eeuwse, goed-burgerlijke familie, vrolijk en druk, groeien de kinderen Fanny en Alexander op met verhalen, beelden, sprookjes. Aan dat leven komt een abrupt einde als hun vader overlijdt en hun moeder hertrouwt met de bisschop, een steile kwelgeest, die in de dromerige maar stijfkoppige Alexander een vijand ziet. De bisschop wil het jongetje breken.
In deze oorspronkelijk voor televisie gemaakte film voert Bergman nog eenmaal al zijn geliefde thema’s ten tonele, en en passant ook een heleboel van zijn geliefde acteurs en actrices.

1984: Efter repetitionen ("Na de repetitie")

1986: Karins ansikte ("Karins gezicht") (kortfilm)
Veertien minuten lang zoomt Bergman in op oude portretten van vooral zijn moeder.

1991: Den goda viljan
1992: Söndagsbarn ("Zondagskinderen")
1993: Backanterna ("De Bacchanten")
1995: Sista skriket ("De laatste schreeuw")
1997: Larmar och gör sig till ("Luidruchtig en aanstellerig")
2000: Trolösa ("De ontrouwen")
2003: Saraband ("Sarabande")

Websites: GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Ingmar_Bergman.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 2404.

Tweets by kunstbus