kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jacques Tati

Jacques Tati (1907-1982)

Franse filmmaker Jacques Tati (Tatischeff),

Tati maakte vijf speelfilms die door de kritiek gekoesterd werden, al betekenden ze in vele gevallen zijn financiële ondergang: Les vacances de Monsieur Hulot, Mon Oncle , Trafic, Jour de Fête, Playtime en Trafic.

De films van de beroemde Franse filmmaker Jacques Tati zijn vaak in verband gebracht met de ontwikkeling van de moderne architectuur waarin regelmatig de draak wordt gestoken met alles wat nieuw en vernieuwend is zoals in zijn film Mon Oncle. Tati levert op een humoristische manier kritiek op de schaalvergroting, de standaardisering en monocultuur van de moderne architectuur. Toch is Tati niet alleen kritisch over de moderniteit. Hij heeft ook bewondering voor de verbeteringen die de architecten uit de jaren vijftig en zestig nastreefden.

In 1943 schreef Le Corbusier het 'Handvest van Athene', waarin hij zijn visie op de ontwikkeling van de moderne architectuur vastlegde aan de hand van vijf thema's: wonen, werken, verkeer, recreatie en historisch erfgoed. De ideeën van Le Corbusier zijn van grote invloed geweest op de architectuur en stedenbouw na de Tweede Wereldoorlog. In Frankrijk wordt deze wederopbouwperiode gekenmerkt door technologische en wetenschappelijke vooruitgang. Dit uit zich in massaconsumptie, ontwikkeling van buitenwijken, een nieuwe verhouding tussen werken en vrije tijd en tussen transport en afstand.

Film was voor Jacques Tati het middel bij uitstek om vanuit het menselijk perspectief een heldere observatie te geven op de nieuwe aspecten van het moderne leven. Aan de ene kant was Tati positief over de ideeën van de moderne architecten. Aan de andere kant was hij kritisch op de uitwerking ervan. In zijn films, die wel gemaakt lijken te zijn rondom de thema's van Le Corbusier, drijft Tati de discussie over de moderniteit op de spits.

1907: Jacques wordt op 9 oktober geboren als zoon van George-Emmanuel Tatischeff en Marcelle Claire Van Hoof.

De familienaam was en bleef Tatischeff, anders gezegd, een Russisch aristocratische naam. Jacques Tati werd voor het eerst bekend als een professioneel rugbyspeler nog voordat hij als pantomimespeler en improvisator begon in de lokale muziekhallen.

1925: Hij vervult zijn militaire dienst bij het cavalerieregiment 16e Dragons, waar hij de man ontmoet die later model zal staan voor monsieur Hulot.

1930: Hij kiest voor een carrière op de planken, rondtrekkend van stad tot stad, van theater naar theater, van cabaret naar cabaret. In deze periode schrijft hij zijn eerste scenario's.

1932 Tati schrijft een scenario en maakt vervolgens zijn eerste korte film, de komedie Oscar, Champion du Tennis in 1931, maar maakte deze nooit af.

Zijn vroege werk: On demande une Brute uit 1934, Gai Dimanche uit 1935 en Soigne ton Gauche uit 1936, waarin zijn later meer uitgewerkte facinatie voor natuurlijke en mechanische geluiden al zichtbaar is.

1938 De film : Retour a le Terre

1939: Een tournee in Italië wordt bruusk afgebroken door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Tati gaat een tijdlang onder de wapens, maar vlucht met zijn vriend en scenarist Henri Marquet naar de neutrale zone bij Sainte-Sévère.

1944: Op 25 mei trouwt Jacques met Micheline Winters in Parijs.

1945 Hij speelt een geest in een film van Claude Autant Lara; Sylvie et le Fantôme.

1946: Geboorte van dochter Sophie Catherine op 23 oktober in Neully-sur-Seine.
ln dat zelfde jaar maakt hij zijn eerste volwaardige filmproductie : L'Ecole des Facteurs, hierin creëerde hij het personage Francois, de postbode.

1947: Opname van Jour de Fête van mei tot november. Test van een nieuw proces om te kunnen filmen in kleur.

1949: Tati brengt in Mei zijn eerste langspeelfilm uit, alleen in zwart/wit omdat het kleurproces niet mogelijk blijkt.
1949 De geboorte van zijn zoon Pierre Francois op 4 juli in Neuilly-sur-Seine.

1952 Opname van Les Vacances de Monsieur Hulot van juli tot oktober.
1953: ‘Les vacances de monsieur Hulot' komt uit en wordt een van de bekendste en populairste films van Tati. Het is ook de eerste prent die hij samen met schilder, decorateur en scenarist Jacques Lagrange draait, het begin van een levenslange samenwerking.

1956: Tati richt zijn eigen productiehuis op, ‘Specta Films'.

1957: Opname van Mon Oncle, de eerste film die Tati uitbrengt in kleur.
1958: Het uitbrengen van Mon Oncle die Frankrijk vertegenwoordigd op het filmfestival van Cannes.
1958: ‘Mon oncle' is de eerste langspeelfilm van Tati in kleur. Het wordt zijn absolute meesterwerk.
De geestige hoofdpersoon Monsieur Hulot, die in een typisch traditioneel Frans huis woont, krijgt te maken met de moderne wereld van zijn zwager, directeur van de plasticfabriek Plastac. De strak, minimalistische woning van deze broer is voorzien van allerlei technische vernuftigheden: kastjes gaan vanzelf open en dicht, de fontein begint automatisch te spuiten als de deurbel gaat en de inrichting is hypermodern.

Voor architectuurliefhebbers is Mon oncle een must. Zoals in de meeste van zijn films confronteert hij het hoofdpersonage, monsieur Hulot, met een hypermoderne wereld. De wat harkerige, ouderwetse Hulot is de oom van het zoontje van de nette zakenman Arpel. De oom woont in een oude flat naast een pittoresk marktplein met kroegen vol volkse personages. Arpel betrekt de futuristische woning in de moderne stad. De ouderwetse wereld blijkt warm en menselijk te zijn. De leefwereld van de heer en mevrouw Arpel wordt daarentegen gedomineerd door pocherijen.

Hun huis moet hun vooruitstrevendheid en persoonlijkheid in de verf zetten. Hun wereld is koel en afstandelijk, de bewoners raken elkaar niet aan, de vader geeft zijn zoon amper een hand en er wordt gekookt met handschoenen aan. Tati steekt de draak met moderniteiten en technische snufjes, zoals een lawaaierige elektrische keuken die op de stuurcabine van een kernreactor lijkt en een fontein in de tuin die telkens water spuit als er iemand aanbelt. Monsieur Hulot ontmaskert de avant-gardistische vormgeving (niet geheel onterecht) als kleinburgerlijk.

Villa Arpel oogt strak en kaal, en kan makkelijk worden onderhouden. De Arpels zijn immers 'moderne lui', ze maken zich nooit vuil en leven in een gedesinfecteerde omgeving. Hun villa is een machinewoning, geïnspireerd op de architectuur van Le Corbusier, een cleane stulp voor nieuwe rijken die hun verleden niet eens onder de mat hoeven te vegen: ze hebben er geen.

Tati schreef en 'ontwierp' zijn films niet alleen. Jacques Lagrange (1917-1995) is vanaf 1953 tot aan de dood van Tati de vaste decorontwerper van de films. Tati heeft Lagrange altijd voor het grote publiek verborgen. Uit de tekeningen blijkt dat Tati en Lagrange niets aan het toeval overlieten. Alles werd zorgvuldig bedacht en ontworpen. Zowel Tati als Lagrange hadden daarbij oog voor het detail.

Architectonisch hoogtepunt binnen het oeuvre van Tati is de Villa Arpel. Deze moderne villa werd speciaal voor 'Mon Oncle' ontworpen en gebouwd door Jacques Lagrange. Villa Arpel, met al haar gimmicks en gadgets is een icoon geworden van de modernistische architectuur. Jacques Lagrange bedacht niet alleen de architectuur en de tuinaanleg van de Villa Arpel, maar ook de komische meubelen die bekende ontwerpen parafraseren. Zo is de oranje banaan in de zithoek een grappige interpretatie van de ligstoel van Le Corbusier.

Toch waren Tati en Lagrange zelf niet reactionair. Met de Villa Arpel wilden zij slechts laten zien dat in naam van de modernisering vergissingen werden gemaakt.

1964: ‘Tativille' wordt ingehuldigd.

1964 Het uitbrengen van een nieuwe versie van Jour de Fête met ingekleurde stencils.

1965 Opname van Playtime. Tati krijgt to kampen met financiele problemen.
1967 Uitbrengen van Playtime.
1967: Er verstrijkt veel tijd vooraleer Tati na ‘Mon oncle' opnieuw een film uitbrengt. ‘Playtime' wordt in het buitenland beter ontvangen dan in Frankrijk.

1970 Opname van Traffic met de Nederlandse cineast Bert Haanstra.
1971: De film ‘Traffic' komt uit.

Tati zette graag de architectuur, design en stedenbouw van Le Corbusier in zijn hemd. Ook in Trafic (1971) en vooral Playtime (1967) toont hij haarscherp, op een semi-documentaire wijze (met wat muziek en versterkte geluiden, maar haast zonder dialogen) hoe potsierlijk de moderne stad kan zijn.

1973: Tati realiseert een volgende langspeelfilm, ‘Parade' voor een Zweedse televisieomroep.

1974: ‘Specta Films' gaat failliet. Tati verliest de exploitatierechten van zijn werk. Voor de familie Tati breekt een zorgelijke periode aan en Jacques begint met zijn gezondheid te sukkelen.

1977 Tati krijgt zware problemen met zijn gezondheid, toch start hij met het scenario van een nieuwe film: Confusion. Een financier betaald zijn schulden voor Playtime af. Tati ontvangt een César voor zijn totale film oeuvre.

1982: Met Jacques Lagrange werkt hij nog ‘Confusion' af. Zijn laatste film, want op 4 november overlijdt Tati ten gevolge van een longembolie.

Jacques Tati wordt in het twintigste jaar na zijn dood tijdens het Filmfestival Cannes herdacht, met een gerestaureerde 70mm-vertoning van Playtime. Net als Les vacances de Monsieur Hulot en Mon oncle ging deze film in Cannes in première.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 2022.