kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 13-10-2009 voor het laatst bewerkt.

Erwin Olaf

Nederlandse fotograaf, (°2 juni 1959 Hilversum).

barokke portretten en taferelen met een erotische geladenheid dankzij verwijzingen naar pornografie en sadomasochisme. Humor is echter het toonaangevende element in zijn werk. Olaf gebruikt het seksuele in de kostumering en enscenering niet om zijn kijker op te winden. Het is verkleding, maskerade, spel. Hij gebruikt die beelden theatraal. Hij ziet seksualiteit als een geïntegreerd onderdeel van het leven. Zijn foto's vallen op door hun fantasie, de rijkdom en de technische perfectie. Enerzijds werkt hij met overdadige enscenering. Anderzijds is hij bezig met erotiek en met de verschuiving van normen daarin. Hoewel Erwin Olaf ook slanke mensen fotografeert, wordt zijn wereld vooral bevolkt door kleine mensen, dikke mensen, oude mensen, travestieten en transseksuelen.

Olaf: 'Mensen die er niet bij mógen horen en er desondanks juist heel erg bij wíllen horen, daar hou ik van.' Zij die normaliter aan de kant staan, staan bij Erwin Olaf in het centrum. Daarmee draagt hij impliciet bij aan de emancipatie van randgroepen. Olaf omschrijft zijn werk zelf als: 'Helemaal van deze tijd, maar toch barokkerig.' De foto's van Erwin Olaf passen in een internationale tendens: het neosurrealisme. Hij is de Chroniqueur van de gespeelde decadentie!

Zijn eigen coming-out beleefde hij op de middelbare school in Hoevelaken, zijn homoseksualiteit heeft hij sindsdien nooit onder stoelen of banken gestoken. Alhoewel hij zich gelukkig prijst als homo in Amsterdam te wonen, blijft hij erop hameren dat tolerantie ten op zichte van homoseksuelen niet meer dan een dun laagje is.

Erwin Olaf heeft veel gefotografeerd voor grote multinationals als Diesel, Heineken, Microsoft, Walter Van Beirendonck, Lee Jeans, Lavazza en Nokia, waarvan enkele met prijzen werden bekroond. Reclamefotografie valt voor Olaf perfect te rijmen met kunstfotografie. Hij is naar eigen zeggen enkel een estheet, die wil verleiden met schoonheid.

Bijna al zijn vrije werk is in een studiosetting gemaakt. Hierbij maakt hij zowel gebruik van film als de digitale techniek. Hij drukt de foto's ofwel direct af op fotopapier, of hij bewerkt hen eerst in de computer om ze vervolgens af te drukken.

Zijn fotografisch werk is wereldwijd gepubliceerd en tentoongesteld. Een expositie van Olaf's werk in de Rotterdamse Kunsthal trekt meer dan 200.000 bezoekers, in 1994 en 1995 heeft hij exposities in Parijs, Frankfurt, Rome, Sidney en Melbourne.

levensloop
Erwin Olaf Springveld, alias Erwin Olaf, volgde de School voor de Journalistiek in Utrecht waar hij zich initieerde in de fotojournalistiek en afstudeert als schrijvend journalist (1981).

Na zijn studie loopt hij stage bij fotograaf André Ruigrok. Deze leert hem alles over nieuws- en studiofotografie.

In 1982 begon hij als zelfstandig fotograaf. Zeer bepalend voor zijn ontwikkeling was choreograaf/fotograaf Hans van Manen, met wie hij in contact kwam toen hij hem voor het COC-blad Sek moest portretteren. Hans van Manen helpt hem bij het opzetten van een eigen studio en brengt hem in aanraking met het werk van fotografiegiganten als Robert Mapplethorpe en Paul Blanca.

De opdrachten kwamen al snel binnen: voor kledingmerken en voor buitenlandse homobladen; in Nederland voor theatergroepen en voor tijdschriften als Vinyl, Vrij Nederland en Nieuwe Revu.

In 1983 heeft Olaf zijn eerste (groeps)expositie. Een jaar later moet Olaf bij een expositie in de Nieuwe Kerk in Amsterdam zijn werk weghalen omdat het 'te bloot' zou zijn. Een aantal kranten pikt het relletje op en hiermee krijgt Olaf voor het eerst nationale bekendheid.

In 1985 verschijnt zijn eerste boek 'stadsgezichten' waar naast journalistiek tevens zijn liefde voor fotografie naar bovenkomt.

De beslissing om, naast zijn werk in opdracht, ook met grote regelmaat tijd vrij te maken om samenhangende, vrije series te maken, nam hij al vroeg in zijn carrière. Sinds 1986 combineert de fotograaf commerciële opdrachten voor mode en pers met zijn vrij werk, dat bestaat uit geënsceneerde portretreeksen. Erwin Olaf werd vooral bekend met zijn werk waarin hij mensen neerzet die niet voldoen aan het schoonheidsideaal. De foto’s, met personen in fantasievolle ensceneringen, hadden vaak een tegelijkertijd humorvol en erotisch effect. Belangrijke en bekende reeksen uit die periode zijn Chessmen en Blacks.

Naamsbekendheid bij het grote publiek verwierf Erwin Olaf door de wekelijkse portretten die hij in 1987 maakte voor het weekblad de Haagse Post.

1987/88 Chessmen, an attempt to play the game
De grote doorbraak kwam in 1988 met Chessmen, een serie zwart-wit foto's van een bizar schaakspel, waarin hoogzwangere vrouwen en dwergen de stukken uitbeelden. Onherkenbaar vermomde, vrijwel naakte mensen, voorzien van horens en bijna middeleeuws aandoende wapens. De figuren in Chessmen zijn gehuld in zwachtels, touwen, spinnenwebben en leren riemen. Het commentaar op zijn 'schaakspel' liep uiteen van 'vernieuwend', 'bloedmooi' tot 'verkapte SM' en 'opgeluxte porno'.

Voor de serie Chessmen kreeg hij in Keulen de prijs voor jonge Europese fotografen. Als gevolg hiervan krijgt hij een eigen expositie in het Ludwig Museum in Keulen. Hierna maakte hij gemiddeld ongeveer één vrije serie per jaar. Erwin Olaf speelde hierin steeds weer op verrassende wijze met de heersende clichés rondom het thema schoonheid door met modellen te werken, die niet beantwoorden aan het gangbare schoonheidsideaal. Ook koos Erwin Olaf voor fantasievolle ensceneringen, die dit gangbare schoonheidsideaal op de proef stelden.

1990 Blacks
Twee jaar na Chessmen kreeg Erwin Olaf dankzij een werkbeurs van het Ministerie van OCenW de kans zijn vrije serie Blacks te maken. Zeventien portretten van zwart geschminkte mensen in quasi-klassieke kostuums. Ze zijn omlijst door ovale lauwerkransen vol merkwaardige attributen. De kracht van Blacks zit hem in de rijkdom van het beeld, waardoor de kijker steeds nieuwe grappen en vondsten in de afbeeldingen ontdekt. De figuren in Blacks vallen op doordat de ogen geblindeerd zijn. 'Ik vind dat blinderen goed werkt. Ogen geven dominant het karakter weer. Ik leg de emotie liever in de aankleding en in de houding. Of de mensen vrolijk zijn of verdrietig, dat mag je als kijker zelf invullen.'

Tussen 1989 en 1991 werkt Erwin samen met grote namen als Theo van Gogh, La Pat, het Zuidelijk Toneel en Mathilde Santing. Hij exposeert in verschillende musea in Nederland.
Erwin Olaf legt zich sinds '91 ook toe op het dynamisch beeld. Zo regisseerde en produceerde hij kortfilms, video- en muziekclips voor verschillende Nederlandse televisieomroepen, Volumia, Paul de Leeuw en een Nederlandse AIDS-campagne

In 1993 krijgt hij zijn eerste internationale solo-expositie in de AB Gallery in Parijs.

1995 Mind of their Own
In A Mind Of Their Own portretteert hij, ditmaal in kleur, een aantal verstandelijk gehandicapten alsof het professionele modellen zijn.
In deze serie heeft hij de negatieven met een vuurvlam bewerkt waardoor deze gaan bollen en verkleuren. Bij het afdrukken van de negatieven scheuren de negatieven ook een beetje wat dan ook zichtbaar is in het resultaat.

Beeldend werk voor Rem Koolhaas
Het kunstwerk-toilet, in 1996 ontworpen door Erwin Olaf en gebouwd door de architect Rem Koolhaas.

1998 Diesel: Dirty Denim De in Cannes met de Zilveren Leeuw bekroonde campagne voor Diesel, waarin oa bejaarden in jeans hun seksuele drive opnieuw hebben gevonden.
De serie wordt gekenmerkt door de grauwe sfeer en de hilarische en humorvolle situaties, zoals bijvoorbeeld de in Dieselbroek gestoken hitsige oma die de hetzelfde merk broek dragende opa naar het kruis grijpt.

Mature (1999)
Erwin Olaf maakt graag foto’s van ongebruikelijke modellen. In Mature heeft hij glamourfoto's van oudere dames gemaakt. Hij wil daarmee laten zien dat er meer op de wereld is dan mooi, jong en slank zijn.
Bij Mature maakt Olaf ook voor het eerst gebruik van computertechnieken. Om te benadrukken dat het om ouderdom gaat in de serie voegt hij her en der wat ouderdomsvlekken toe en zet rimpels wat extra aan.

From Royal Blood (2000)
In deze serie maakt Olaf bijna totaal witte foto's met daarop een aantal belangrijke historische figuren met een voorwerp wat met hun doodsoorzaak te maken heeft. Zoals bij Julius Caesar met een mes in zijn rug en bij Lady Diana die met de ster van de Mercedes, waarin zij werd doodgereden, in haar bovenarm staat afgebeeld.

Met ophefmakende series als Fashion Victims (2000) en Royal Blood (2000) breekt hij internationaal door. Olaf bevestigt met deze reeksen zijn talent om het 'nu' te visualiseren, clichématige beelden van de mode- en portretfotografie te persifleren en fotografische iconen als Lady Di, first ladies en pin ups opnieuw een plaats te geven in het collectieve geheugen.
In de serie Fashion Victims laat hij een aantal modellen naakt poseren met alleen een tas van een bepaald kledingmerk over het hoofd getrokken. Hij zet zich hiermee af van de consumptiemaatschappij die zich volgens hem erg makkelijk door reclame laat beïnvloeden.

2001 Fotomanifestatie Noorderlicht Erwin Olaf presenteert twee serie: 'Wagner' en het recente 'Fashion Victims'. Hoewel Wagner geen nieuw werk is - Olaf maakte deze serie na het beroemde 'Chessmen' - is het nu pas voor het eerst in Nederland te zien.

Paradise the Club (2001) is een kritische kanttekening bij de feestcultuur en het ongebreidelde hedonisme van de jaren negentig.
Het zijn tableaux van heftige feesten, vol wemelingen van mensen, waarin vrouwen aangerand worden door enge clowns. Erwin Olaf werd voor deze serie niet alleen geïnspireerd door zijn eigen ervaringen in het feestcircuit, maar ook door het schilderij De ontering van Hippodamea van Rubens in het Prado. Rubens was een meester in het uitbeelden van grootse scènes waarin erotiek en geweld op onnavolgbare wijze samengaan. Erwin Olaf heeft altijd een voorkeur gehad voor de barok, maar het is hier voor het eerst in zijn autonome werk dat hij dergelijke complexe figuurstukken ontwierp.
In Paradise Portraits (2001) toont hij een serie close-ups van de gezichten van mooie jonge vrouwen en angstaanjagende clowns.

Met Separation (2002/2003) , die hij speciaal voor de expositie in het Groninger Museum maakte, schiep Olaf zijn meest introverte serie tot nu toe. De personages zijn van top tot teen in zwarte rubberen kleding gestoken, maar elke associatie met kinky sex is misplaatst: de kleding lijkt symbolisch voor het verstilde isolement van de figuren. Een jongetje en zijn moeder bevinden zich in een huis dat geen enkele gezelligheid biedt. Vanuit verlaagd perspectief zien we een aantal scènes uit het leven van het jongetje, dat met elke foto iets ouder wordt. Separation is ook de titel van een korte film die Olaf in 2003 maakte. Het kind staat voor Olaf zelf die, zoals hij zelf vertelt op de audiotoer, altijd erg eenzaam is geweest in zijn jeugd. Het rubber illustreert de geïsoleerdheid.

2003 Groninger museum: Silver gewijd aan het werk van de fotograaf en filmer Erwin Olaf, van wie het Groninger Museum in de loop der jaren een aantal belangrijke werken heeft verzameld. De chronologische volgorde in de tentoonstelling toonde een prachtig overzicht van de ontwikkeling van de kunstenaar, en daarmee werd ook min of meer een tijdsbeeld van Nederland in de afgelopen twee decennia geschetst. Bij de tentoonstelling verscheen een prachtig, exuberant boek. Met 45.000 bezoekers in ruim twee maanden, waaronder veel jongeren, was deze expositie een groot succes.

‘Rain’ (2004) Erwin Olaf (1959) zich de onschuldige jaren van de Amerikaanse naoorlogse periode. Toen was de wereld in technicolor uitgevoerd, aten kerngezinnen de eerste TV dinners, draaiden tienermeisjes vinyl popplaten en vierde conservatief suburbia hoogtij. Die verwijzing naar het blijde intrede van de consumptiesamenleving, smukt Olaf op met een flinke laag fashion chic. Maar hij laat ook de angst binnensijpelen. Want buiten regent het en is het donker, maar binnen tikt de klok de tijd weg.
Met Rain verdwijnt de brutaliteit van eerdere fotoreeksen als Paradise 'The Club' (2001) en Separation (2003). De decadentie is er nog, maar iemand houdt de pauzeknop ingedrukt.
De postmoderne gedachte trouw laat Olaf verschillende media samenvloeien. Zo is hij een begenadigd video- en filmmaker: de kortfilm Rain (5 min.) verwijst naar de gelijknamige fotoreeks. "I steal from wherever I can," zegt Olaf in een interview met chroniqueur Jonathan Turner. Voor Rain inspireerde Olaf zich op de tekeningen van Norman Rockwell, die decennia terug volkstaferelen van het all american life verbeeldde met veel gevoel voor romantiek.

‘Hope’ (2005)

2005/2006 wintercollectie van The People of the Labyrinths.
In opdracht van het modehuis The People of the Labyrinths fotografeerde Erwin Olaf de wintercollectie 2005/2006. Zowel de ontwerpers als de fotograaf lieten zich inspireren door de Hollandse meesters van de Gouden Eeuw zoals Rembrandt van Rijn, Johannes Vermeer en Jan Steen.
Erwin Olaf combineert in zijn foto’s 2 verschillende werelden. De mode van nu wordt door hem in dezelfde licht, ruimtelijke context en genre als in de schilderijen van de oude Hollandse meesters gepresenteerd.

Begin 2006 sierde zijn foto van een verwaande mensezel ook de cover van de New York Times.

foto Erwin Olaf
NEW YORK - Een foto van de Nederlandse fotograaf Erwin Olaf is op een veiling in New York verkocht voor 27.168 euro. Dat is een veilingrecord voor de in Amsterdam werkende fotograaf, aldus veilinghuis Christie's vrijdag.
De koper heeft de hand weten te leggen op 'Hope 5', een foto die Olaf maakte in 2005. Op de afdruk staat een jonge huisvrouw in een gele jurk. De foto maakt deel uit van een serie waarin Olaf het stereotiepe Amerika van de jaren vijftig onder de loep nam.
Op de fotoveiling van Christie's werden ook records gebroken voor fotografen als Bruce Davidson, Adolph De Meyer en Sally Mann. De totale opbrengst van de veiling bedroeg ruim 5 miljoen euro. (ANP)

Websites: www.poppenspel.info/poppenspelmuseum.nl
odur.let.rug.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 709.