HOMEPAGE
KUNSTBUS


HOMEPAGE
MUZIEKBUS



Laatste kunst & cultuurnieuws
kunstagenda, redactioneel, recensies
www.kunstbus.nl
Index lexicon: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z 0-9

1925

1920 1921 1922 1923 1924 1925 1926 1927 1928 1929 1930

1925

1920 1921 1922 1923 1924 1925 1926 1927 1928 1929 1930

Art-Deco
De term Art Déco is ontleend aan de 'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes', een tentoonstelling die in 1925 in Parijs werd gehouden en die de nieuwe stijl in de kunstnijverheid en architectuur belichtte, maar pas in de jaren zestig, toen deze stroming evenals de Jugendstil of art-nouveau weer sterk in de belangstelling kwam.

Neue-Sachlichkeit
De naam 'neue-sachlichkeit' werd voor het eerst gebruikt door de (sinds 1923) museumdirecteur van de Kunsthalle te Mannheim G.F. Hartlaub om kunstenaars die trouw waren gebleven aan de 'grijpbare werkelijkheid' te karakteriseren. Hij gebruikte deze term om daarmee het streven aan te duiden van sommige schilders (o.a. Otto Dix, C. Schad, George Grosz, A. Kanoldt, G. Schrimpf, Tamara de Lempicka) naar een volkomen objectief en statisch realisme, zonder enig spoor van idealisme of sentiment. Hij organiseerde in 1925 de gelijknamige tentoonstelling 'Neue Sachlichkeit' waarin hij 124 werken van 32 kunstenaars bijeenbracht.

Rene Magritte
In 1925 kwam hij met 'Le jockey perdu' tot zijn definitieve, persoonlijke surrealistische stijl.

Francis Scott Fitzgerald
Met de in 1925 verschenen roman 'The Great Gatsby' bereikte Fitzgerald de top van zijn literaire werk. Het boek vertelt het verhaal van de welvarende alcoholsmokkelaar J. Gatsby. Hij probeert als gastheer van extravagante party's zijn vroegere verloofde Daisy, die voor zijn maatschappelijke opkomst begon met een rijke aristocraat getrouwd was, tevergeefs terug te winnen. In een franjeloze taal laat de schrijver de leegte zien die zich achter de ijdelheid van de hogere kringen verbergt en ook achter de prachtige coulisse van Gatsby's villa.

George Bernard Shaw
In 1925 ontving George Bernard Shaw de nobelprijs. Hij weigerde de bijbehorende geldprijs en verzocht deze te gebruiken voor de financiering van de vertaling van Zweedse boeken naar het Engels.

Aaron Copland
In 1925 in New York ging zijn symfonie voor orgel en orkest in première en maakte het Amerikaanse volk kennis met Copland en hij kreeg een een Guggenheim Fellowship 1925-26. Walter Damrosch zei nadat hij het muziekstuk gehoord had: "Als een jongeman een dergelijke symfonie kan schrijven, is hij binnen vijf jaar ertoe instaat om een moord te begaan".

Aarre Merikanto
In 1925 won Merikanto de Schott-prijs met zijn concert voor negen instrumenten, waarin hij de twaalftoontechniek toepaste.

Ernesto Halffter
De Spaanse componisten uit deze periode neigden evenals de dichters, tot de Spaanse Renaissance en deze tendens was in overeenstemming met Halffters neo-Scarlattiaanse kennis. Dit combinerend met de invloeden van Stravinsky, Ravel en Les Six, componeerde hij één van zijn duurzaamste werken de Sinfonietta, waarmee hij zijn eerste Nationale Muziek Prijs won in 1925, evenals internationale erkenning.

Gustav Holst
In 1925 behaalde Gustav Holst zijn grootste succes met de opera At the Boar's head.



Verzorgd door www.kunstbus.nl en www.muziekbus.nl