kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Aat Veldhoen

Aat Veldhoen (1934)

Nederlands graficus, schilder, tekenaar en beeldhouwer. Onderwerpen: erotiek, figuurvoorstellingen, landschappen, naaktfiguren, portretten, zelfportretten,

Naamsvariant: Arie Johannes Veldhoen,
Geboorteplaats/datum Amsterdam 1-11-1934,

Aat Veldhoen woont en werkt aan de Wittenburgergracht, in een vier verdiepingen tellend pand dat van de kelder tot de nok vol staat met kunstwerken: etsen, schilderijen en beeldhouwwerken. Veldhoen is een, naar eigen zeggen, «manisch creatief» kunstenaar met een onstuitbare verbeeldingskracht. De deurklink van zijn huis heeft de vorm van een gestileerde penis.

Aat Veldhoen is via zijn niet zelden aanstootgevende vrijende paren de cultuurgeschiedenis ingegaan. Maar is eveneens de man van Duinlandschap bij school en Zelfportret met zakdoek op het hoofd.

Veldhoen kreeg het kunstenaarsschap met de paplepel ingegoten. Zijn vader was reclameschilder, maar verkoos kort na Aats geboorte het kunstschildersvak. Hij bracht zijn zoon al zeer jong met de kunst in contact en stimuleerde hem te gaan schilderen.

Aat Veldhoen volgde zijn tekenopleiding in een bijgebouw van het Rijksmuseum, waar hij ondermeer les in portrettekenen volgde bij Jan van Tongeren. Zijn werk ondervond vrijwel onmiddellijk officiële erkenning en waardering van pers en publiek. Zo ontving hij drie jaar achtereen een Koninklijke Subsidie voor Vrije schilderkunst (van 1956 tot 1958). Van het geld verkregen met de Koninklijke Subsidies kocht hij zijn eerste etspers.

Na een afgebroken opleiding tot tekenleraar vestigde Aat zich als vrij kunstenaar in Amsterdam.

Tussen 1956 en 1967 schiep Aat Veldhoen een even omvangrijk als indrukwekkend grafisch oeuvre, dat bijna 400 prenten omvat. Zijn prentkunst vertoont een unieke verscheidenheid aan onderwerpen en technieken. Zo ontstonden en bracht hij in uiteenlopende media landschappen, stillevens, portretten, zelfportretten, naakten en scènes met vrijende paren in beeld. Zijn aangrijpende series met slachtoffers van straatongevallen, barende vrouwen en patiënten tijdens en na een operatie zijn de eerste in de kunstgeschiedenis die aan deze onderwerpen zijn gewijd.
Veldhoens prenten spreken sterk tot de verbeelding door hun realisme, verfijnde technische uitvoering en de zeer persoonlijke en trefzekere stijl van tekenen.

in 1964 vroeg hij drie gulden voor zijn prenten. Hij had daar een sociale theorie over. Volksgrafiek moest het worden, tegen ramsjprijzen op de markt gebracht, zodat in een klap de kunstmarkt zou worden vernietigd. Helaas, daar waren vergelijkbare acties van zijn collega's Wijnberg, Corneille, Appel, Westerik en Lucebert voor nodig — en die keken wel mooi uit. Dus de enige markt die Veldhoen vernietigde was die van hemzelf, want zijn reguliere werk was plotseling niet meer aan de straatstenen te slijten.

Na 1967 liep de productie van etsen, litho's en rotaprenten sterk terug en vanaf het begin van de jaren zeventig manifesteerde Veldhoen zich bijna uitsluitend met geschilderd werk.

1986 Beschrijvende catalogus van de prenten van Aat Veldhoen
Overzicht van het werk -bijna 400 etsen, litho's en rotaprenten- van de Amsterdamse kunstenaar Aat Veldhoen uit de periode 1956-1967.
Dit boek is gewijd aan de grafiek van de Amsterdamse kunstenaar Aat Veldhoen en bevat fraaie afbeeldingen van de bijna 400 etsen, litho's en rotaprenten die Veldhoen maakte van 1956 tot 1967, vóór hij zich toelegde op teken- en schilderkunst. In die tijd was Amsterdam magisch centrum van de woelige jaren zestig en Veldhoen baarde opzien door zijn prenten van parende minnaars en barende vrouwen op straat voor een habbekrats te verkopen. De archivaris, zoniet de personificatie van de jaren zestig, Simon Vinkenoog, auteur en vriend van Veldhoen, schets in zijn inleiding het tijdsbeeld als dekor voor Veldhoens kunstenaarschap. Reinoud Vroom stelde de beschrijvende catalogus samen, compleet met biografie en vele anekdotes en citaten (van o.a. Carmiggelt, Grootveld) over Veldhoens persoon en werk. Het boek is niet alleen een gedegen overzicht van een boeiend grafisch oeuvre, maar ook een interessante dokumentatie over de jaren zestig, gezien door de ogen van haar markantste kunstenaars. De prenten betreffen vooral naakten en portretten, waarin de bewondering voor Rembrandt te zien is.

In mei 2000 werkte Aat Veldhoen gedurende een maand in het gereconstrueerde atelier van Rembrandt in het Rembrandthuis. Geïnspireerd door deze bijzondere werkomgeving begon hij weer te werken met grafische technieken. In korte tijd ontstond in de historische omgeving van het Rembrandthuis een groot aantal prenten, waaronder naakten, zelfportretten en portretten van toevallige bezoekers. Hij heeft Rembrandt zijn leven lang als voorbeeld beschouwd. Je vindt dit terug in zijn scherpe oog voor detail en zijn vermogen om slechts met enkele lijntjes een indringend beeld van onderwerpen uit zijn dagelijkse omgeving te scheppen.

Museum Het Rembrandt: de kunstenaar en zijn muze 02-11-2004 t/m 12-12-2004
Op 1 november is Aat Veldhoen zeventig geworden. Museum Het Rembrandthuis eert de kunstenaar met een speciaal voor deze gelegenheid samengestelde expositie: Aat Veldhoen – de kunstenaar en zijn muze. Een tentoonstelling rond een van de centrale thema's in Veldhoens werk: de vrouw. Op de tentoonstelling is een prikkelende selectie van – veelal niet eerder geëxposeerde – schilderijen, prenten, tekeningen en polaroids bijeengebracht.

De expositie in het Rembrandthuis is gewijd aan een van Veldhoens favoriete onderwerpen: de vrouw, naakt, halfnaakt of gekleed, jong of oud, portret of vlees, op doek of op papier, de vrouwelijke naakten zijn in Veldhoens werk veruit in de meerderheid. ‘Ik vind vrouwen het mooiste wat er op deze aardkloot bestaat', zei Veldhoen twintig jaar geleden in een interview, ‘en de mooiste schilders vind ik schilders die mooi vrouwen konden schilderen. Rubens, Renoir, Picasso, schilders die ook een eigen type vrouw hebben geschapen. Dat is eigenlijk ook mijn ideaal.'

Ter ere van de zeventigste verjaardag van Veldhoen brengt uitgeverij Uniepers een rijk geïllustreerd boek over Veldhoens leven en werk uit. De uitgave is in de museumwinkel van het Rembrandthuis verkrijgbaar.

Ofschoon Veldhoen nieuwe thema's in de kunst introduceerde, is hij niet in de eerste plaats een vernieuwer. Techniek, onderwerpskeuze en composities van zijn werk zijn in grote lijnen traditioneel. Het is vooral de wijze waarop hij zijn onderwerpen weergeeft, die aan zijn werk een bijzonder en geheel eigen karakter verleent. Zijn levenslange en oprechte belangstelling voor ‘alle aspecten van het menselijke leven', zoals Simon Carmiggelt het kernachtig omschreef, vertaalt zich in tijdloze, universele beelden van mededogen, extase en reflectie die voor een ieder toegankelijk zijn en dat ook voor de generaties na ons zullen blijven.

Aat Veldhoen is een man met radicale meningen over mens en maatschappij, het socialisme en het koningshuis. In een interview uit De Nieuwe Linie etaleert hij zijn mening etaleert over «dat zooitje uitzuigers-parasieten», representanten van het «allerslechtste van het slechte». Je zit bij hem, op de Wittenburgergracht, geen vijf minuten op de bank of er wordt reeds gesproken over het «wandelend vriesvak» van paleis Noordeinde, de aanstaande schoonmoeder van een zekere «temeie» van Zuid-Amerikaanse herkomst. In het programma van Frits Barend en Henk van Dorp tekende hij vanuit de heup een naaktportret van de vorstin, zich willens en wetens bloot stellend aan de sancties van de artikelen 111 en 112 van het Wetboek van Strafrecht, die niettemin niet op hem van toepassing zijn, want in het liberale Nederland wordt een Voltaire niet gearresteerd, behalve als hij onze aanstaande vorst een idioot of een imbeciel heeft genoemd, kwalificaties waaraan geen oprecht vaderlander — ook Aat Veldhoen niet — zich zal wagen. Hij spreekt onbevangen over prins Willem de Domme, de man wiens doctoraalscriptie nog steeds als een staatsgeheim wordt bewaakt, constateringen die nog net binnen de ons gegunde grenzen van de vrijheid van meningsuiting vallen.
In een roemruchte prent uit 1975 die zijn grondige hekel aan het koningshuis illustreert, wordt de toenmalige koningin in innige omstrengeling met de toenmalige premier en de toenmalige burgemeester van Amsterdam afgebeeld.

De Groene Amsterdammer van 27-10-2001 - Nog steeds Aatje - door Martin van Amerongen
Galery of Aat Veldhoen


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 2126.