kunstbus







C. Mouwen

C. Mouwen (eerste bezitter van een collectie Van Goghs)

C. Mouwen (kleermaker voor de Koninklijke Militaire Academie) in Breda werd één der eerste bezitters van een verzameling Van Goghs.

In 1903, ontbiedt timmerman Schrauer in Breda de markt­koopman J.C. Couvreur om wat spullen, te verkopen. Couvreur bood ƒ2,50 en Schrauer ging daarop in op voorwaarde dat Couvreur de ‘rommel’ die hij al zo lang op zijn zolder had, ook zou mee­ nemen. Couvreur ging akkoord en nam de ‘handel’, (enige kisten) mee naar zijn huis in de Stallingstraat en smeet de ongeveer zestig schilderijen, honderdvijftig losse doeken, tachtig pen­tekeningen en tussen de honderd en tweehonderd krijttekeningen in zijn kelder. De zogenaamde rommel had Schrauer in bewaring gekregen van de moeder en zuster van Vincent van Gogh, maar wegens houtrot in de kisten, waarin de schilderijen en tekeningen zich bevonden, hadden zij afstand daarvan gedaan.

Volgens het relaas van Couvreur kwam op een dag waarop hij naar de markt zou gaan met een aantal Van Goghs op zijn kar, in de Ginnekenstraat de uniformkleermaker C. Mouwen naar hem toe om enige schil­derijtjes te kopen. Couvreur verkocht hem zes doeken voor tien cent per stuk! Later op de dag kwam een dienstbode van Mou­wen vragen ‘of zij er nog zes voor een dubbeltje per stuk kan krijgen.’ Mijn vrouw zegt: ‘Wees nu niet gek, die man doet het niet voor zijn plezier, die dingen zijn best meer waard. Je moet niet één, maar twee dubbeltjes per stuk vragen.’ Ik zeg tegen het meisje: ‘De complimenten terug en meneer Mouwen kan er zes krijgen voor twee dubbeltjes per stuk.’ ‘Het meisje ging weg, kwam terug en zei, dat meneer Mouwen in geen geval hoger ging dan vijfendertig cent per stuk.’ Ik heb ze toen snel voor vijf­ endertig cent per stuk verkocht. Dan breekt de morgen aan die ik niet licht zal vergeten. Toevallig krijg ik een krant in mijn handen en daaruit zie ik dat Van Gogh een beroemd schilder is. Jonge, jonge dacht ik, nu begrijp ik hoe die meneer Mouwen mij vijfentwintig cent op een schilderijtje kon laten verdienen! Ik sprak eens met hem en wij kwamen overeen, dat ik zou trachten de mensen aan wie ik voor een dubbeltje en vijftien cent de schilderijen had verkocht, te bewegen ze mij terug te verkopen.

Mr. Benno J. Stokvis beschrijft in zijn boekje Naspo­ringen omtrent Vincent van Gogh in Brabant het ver­band van de connecties tussen Couvreur en Mouwen: ‘Er is hier een merkwaardige overeenstemming met een verhaal dat ik als jongen eens hoorde en dat mij zeer trof. Verteld werd dat in een kleine Brabantse stad (Breda) een man met een wagen vol Van Goghs door de straten trok; uit medelijden had een heer alles gekocht; later had bij toeval de bekende H.P. Bremmer de verzameling onder ogen gekregen en er voor de collectie Kröller, Hidde Nijland en zichzelf belangrijke aankopen uit gedaan. Het vermoe­den is sterk in mij, dat de hier als venter en koper genoemde per­sonen geen anderen dan Couvreur en Mouwen zijn.’ (Volgens Cata­logus de la Faille 1970 wordt H.P. Bremmer zesenveertig keer genoemd als eerste eigenaar van zeven schilderijen en negen-endertig tekeningen uit de hollandse periode van Vincent. Daarnaast kocht hij nog van anderen achttien schilderijen en tweeéntwintig tekeningen en één litho, waaronder werken uit de franse periode en acht werken van Kunsthandel Oldenzeel in Rotterdam. In totaal bezat Bremmer 86 werken van Vincent).

Het merendeel van de weer door Couvreur opgespoorde wer­ken ging naar C. Mouwen (kleermaker van uniformen en als zodanig leverancier aan toekomstige officeren van de Koninklijke Militaire Academie in Breda) en een leraar van dezelfde Koninklijke Mi­li­tai­re Academie, W. van Bakel, die overigens in de Catalogus de la Faille 1970 slechts tweemaal als eigenaar van de schilderijen SP1667 en SP1668 genoemd wordt (deze werken werden reeds in 1903 verkocht aan H.D. Pierson in Scheve­ningen.)

Reeds in 1903 hebben Mouwen en waarschijnlijk ook Van Bakel schil­derijen en tekeningen aan kunsthandel Oldenzeel in Rot­ter­dam ver­kocht of in consignatie gegeven voor verkoop-ten­toon­stel­lingen in januari 1903 (vijftig werken), in mei 1903 (tien wer­ken) en in november 1903 (honderd werken). Of deze tentoon­stel­ling­en alleen werken van Mouwen en Van Bakel bevatten en welke ver­kocht werden en aan wie, is nog onduidelijk.

Op 3 mei 1904 liet Mouwen bij Frederik Muller in Amsterdam een­en­veer­tig werken veilen. Zestien bleven onverkocht; Ol­den­zeel in Rot­ter­dam kocht de vijf aquarellen F943 — F1100 — F1103 — F1119 en F1296, één schilderij F189 en één tekening F1002. Negen werken; twee schilderijen F20 en F142; vijf aqua­rellen F916 — F951 — F982 — F1087 en F1088 en twee teke­ning­en F902 A en F1104, gingen naar an­- de­re kopers. Van de ove­ri­ge ne­gen stuks is nog niet duidelijk wat de F nummers zijn en wat er op en na de veiling mee gebeurde. De zestien niet geveilde nummers; vijf­ tien schilde­rijen met de F nummers 8A — 18 — 42 — 43 — 48A — 54 — 73 — 90 — 110 — 121 — 125 — 144A — 192 — 194 en 196 en één tekening F852 wer­den la­ter door Mouwen recht­streeks aan Oldenzeel verkocht.

Alle genoemde, aan Mouwen toebehoord hebbende werken van Vincent, staan hieronder op een rijtje met de F.no's: ( F.no. = het catalogusnummer uit de catalogus De la Faille uit 1970)

SCHILDERIJEN: AANGEBODEN OP DE VEILING IN 1904: = V
1c Liggende koe.
2 Strand te Scheveningen.
7 Netten herstellen.
8a Meisje in het bos. V
18 De boerderij. V
20 De onkruidverbrander (boer). V
42 Schaapherder (met storm effect). V
43 Houtsprokkelaars in de sneeuw. V
46 Watermolen in Gennep. V
48a Watermolen te Kol bij Nuenen. V
52 Stilleven met baardmankruik, koffiemolen en pijp.
54 Stilleven met klompen en potten. V
55 Stilleven met tabakszakjes en fles
58 Stilleven met potjes, bierglas en flessen.
73 Aardappelen schillende boerin voor open deur. V
78 Tweede versie van de 'Aardappeleters.'
89 Hut met spittende boerin.
90 Hut met figuur en geit. V
95 Spittende boerin.
110 Drie vogelnesten met boomstronk en bladeren. V
121 Eind van een herfstdag (laan met populieren). V
125 Watermolen in Gennep. V
131 Kop van boerin met links profiel.
136a Kop van boerin met rechts profiel.
142 Spittende boerein voor haar hut. V
144 Kop van boerin met rechts profiel.
144a Zittende boerin met rechts profiel. V
146 Kop van oude boerin met witte kap.
157 Kousen stoppende boerin.
158 Schillende boerin bij het fornuis.
162 Wever, met compleet weefgetouw.
189 Voetbrug over een sloot. V
192 Hoekje van een bos. V
194 Pastorietuin in de sneeuw. V
196 Rij bomen. V

TEKENINGEN EN AQUARELLEN:
852 Zaaier met profiel naar rechts. V
902a Boomgaard. V
916 Gezicht op Den Haag, met Nieuwe- en Jacobskerk. V
943 Gezicht op daken vanuit Vincents zolderraam. V
951 Zittende mensen op een bank in het Bezuidenhoutpark. V
957 Weesman met kopje in de hand.
958 Weesman met wandelstok.
982 Aan het Scheveningse strand. V
1002 Dankzegging (biddende man).
1032 Het witte paard.
1046 Zittende zeeman.
1087 De Wasvrouw (op bleekveld). V
1088 Laan. V
1100 Heide met een kruiwagen. V
1103 Groep boerenhuizen in Drente. V
1104 Landschap in Drente met kanaal en zeilschip. V
1119 Weversinterieur met wever en kind in kinderstoel. V
1234 Pastorietuin met figuren.
1296 Twee spittende boerinnen. V

De volgende twee schilderijen hebben toebehoord aan W. van Bakel te Breda:
SP1667 Kop van boerin driekwart naar rechts.
SP1668 Kop van boerin recht vooruit kijkend

In de catalogus van Fred. Muller van 1904 waren de volgende werken afgebeeld: F42 – F43 – F90 – F121 – F125 – F142 – F916 – F943 – F1104.
Voor titels zie de pagina's hierboven.

Van de veilingcatalogusnummers 19–20–24–31–33–35–37–39 en 40 zijn de F nummers niet bekend, ook is (nog) niet bekend wat er op de veiling mee gebeurde. De (franse) titels kunnen opgegeven worden.
De maten van bovenstaande werken heb ik vergeleken met de maten van werken uit dezelfde periode van Vincent in de cat. De la Faille 1970, maar heb niets herkenbaars kunnen vinden.

De huidige verblijfplaatsen van de aan Mouwen toebehoord hebbende werken van Vincent zijn, volgens de laatste gegevens in de Catalogus de la Faille 1970, hieronder vermeldt.

SCHILDERIJEN:
1c Onbekend
2 H. van Ogtrop-Van Kempen (Aalst)
7 Erven Ribbius Peletier (leenGemeente Museum Den Haag)
8a Privé collectie
18 F. Meier Fierz (Zurich)
20 Tj. Bendien (Almelo)
42 Onbekend
43 L. Schokking-Ribbius Peletier (Doorn)
46 Erven Ribbius Peletier (leen Stedelijk Museum Amsterdam)
48a S.J. Lefraf (New York)
52 Rijksmuseum Kröller-Müller (Otterlo)
54 Museum Van Baaren (Utrecht)
55 Erven H.P. Bremmer (Den Haag)
58 Privé collectie
73 Familie Doyer (Zwitserland)
78 Rijksmuseum Kröller-Müller (Otterlo)
89 John A. Mc Aulay (Winnipeg Canada)
90 Stä delsches Kunstinstitut (Frankfurt)
95 Erven G. Ribbius Peletier (Utrecht)
110 Wibbina Stichting (leen Gemeente Museum Den Haag)
121 Centraal Museum (Utrecht)
125 Privé collectie
131 R.Th. Steinmetz (leen Gemeente Museum Den Haag)
136a Privé collectie
142 The Art Institute of Chicago (USA)
144 O. Hosmer (Canada)
144a Dienst voor 's Rijks Verspreide Kunstvoorwerpen (DenHaag)
146 H. Ogtrop-Van Kempen (Aalst)
157 Onbekend
158 Privé collectie
162 Erven H.P. Bremmer (leen Gemeente Museum Den Haag)
189 Mrs. Gordon Stouffer (Chagrin Falls USA)
192 Rijksmuseum Kröller-Müller (Otterlo)
194 Norton Simon Foundation (Fullerton Cal. USA)
196 Onbekend

Verblijfplaats TEKENINGEN & AQUARELLEN:
852 Stichting P. en N. de Boer (Amsterdam)
902a Museum Boymans-Van Beuningen (Rotterdam)
916 Onbekend
943 Privé collectie
951 R. Steinmetz (Den Haag)
957 Mr & Mrs. Chapin Riley (Worcester USA)
958 W. Brinkman (Schipluiden)
982 Privé collectie
1002 Familie Doyer (Zwitserland)
1032 R.Th. Steinmetz (leen Gemeente Museum Den Haag)
1046 S. Kobrisky (Winnipeg Canada)
1087 Onbekend
1088 Verdwenen
1100 Museum of Art (Cleveland USA)
1103 Von der Heydt Museum der Stadt Wuppertal (BRD)
1104 Onbekend
1119 Onbekend
1234 B. Meyer (Wassenaar)
1296 Familie Doyer (Zwitserland)

De aan W. van Bakel toebehoord hebbende schilderijen verbleven later bij:
SP1667 E de Ridder-Pierson (Scheveningen)
SP1668 A.M. Pierson (Zurich)

© 2009 Bram Huyser



privacybeleid