kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 22-01-2009 voor het laatst bewerkt.

Carl Larsson

Zweeds kunstenaar, 28 mei 1853 Stockholm - 22 januari 1919 Falun.

Carl Larsson staat bekend om zijn afbeeldingen van het huiselijke, dagelijkse leven op het platteland; met zw/wit en kleurenillustraties. Hij verwierf vooral grote bekendheid vanwege zijn aquarellen. Tevens werkte hij met olieverf en maakte meer dan honderd etsen. Daarnaast maakte hij muurschilderingen en hield zich samen met zijn tweede vrouw bezig met binnenhuisarchitectuur.

Ondanks zijn enorme productie (ruim 1800 schilderijen) was Carl Larsson zelf van mening dat zijn monumentale werk het belangrijkst was. Hij decoreerde onder meer het Dramatische theater te Stockholm en maakte fresco's voor het Nationale Museum in Stockholm: 'De intocht van Gustaaf Waso in Stockholm 1523' en het sterk controversiële 'Midwinteroffer'.

Biografie
Larsson groeide op in een arm milieu. Toen hij 13 jaar was bracht zijn leraar hem ertoe zich als leerling aan te melden bij Konstakademien (de Kunstacademie) in Stockholm waar hij lessen in de klassieke kunst en tekenen volgde. Tijdens zijn studie tekende hij al karikaturen voor het tijdschrift Kasper en werkte hij op de grafische afdeling van de krant Ny Illustread Tidning. Daarnaast werkte hij als fotograaf om zijn opleiding te kunnen betalen.

In 1872 ging hij naar een modelschool, waar hij zijn eerste vrouw Vilhelmina Holmgren leerde kennen. Tijdens de daarop volgende jaren illustreerde hij een aantal boeken om in het onderhoud van hemzelf en zijn gezin te voorzien.

In 1877 stierf zijn vrouw in het kraambed van hun tweede kind. Ook de twee kinderen uit dit eerste huwelijk stierven jong. Deze gebeurtenissen waren medeoorzaak voor Carl Larsson regelmatig terugkerende depressies, waar hij ook over schreef in zijn autobiografie Jag.

In 1877 had hij voldoende geld bij elkaar om naar Parijs te kunnen gaan. Hij bleef er een jaar.

In de herfst van 1880 keerde hij naar Parijs terug, zonder daar veel succes te hebben. Tijdens de zomer van 1881 vestigde hij zich met enkele Zweedse schilders in Grèz-sûr-Loing nabij Fontainebleau, waar hij van de natuur om hem heen aquarellen begon te maken. Hij maakte verhalende aquarellen die een poëtisch realisme bezaten. Larsson vond zijn onderwerpen in zijn directe omgeving, zoals de Zweedse kunstenares Karin Larsson-Bergöö die hij in 1879 ontmoette en met wie hij in 1883 trouwde en hun pas geboren dochter.

In de periode 1885 - 1888 was hij weer in Zweden en schilderde buiten in de stad Stockholm. Het groeiende gezin had het huisje Lilla Hyttnäs van Karins aangeboden gekregen in Sundborn, dat ze als zomerverblijf gebruikten.

Hij sloot zich aan bij de Zweedse kunstgroep Opponenterna (de Opponenten), die onder andere de traditionele, naar Franse leest geschoeide Konstakademien, bekritiseerden en werkte hij als illustrator.

In 1886 werd hij directeur van de kunstopleiding "Valands målarskola" in Göteborg.

Hij ging opnieuw naar Parijs in de lente van 1888, om triptieken Rococo-Renaissance-Modernisme te schilderen. Daarna schilderde hij Zweedse vrouwen uit verschillende eeuwen, in het trappenhuis van een meisjesschool in Göteborg.

Het Nationalmuseum in Stockholm besloot in 1888 dat de muren moesten worden beschilderd. De keuze van de motieven en de selectie van de kunstenaar nam verscheidene jaren in beslag.

In 1891 won Larsson de eerste prijs in de wedstrijd, met zijn schetsen voor alle muren in de benedentrappenhal. In 1896 schilderde hij de zes muren met fresco's. Voor de schilderingen in de trappenhal op de eerste etage had Larsson twee studies gemaakt: een met als thema koning Gustaaf I van Zwedens intocht in Stockholm in 1523 voor de ene korte zijde en de landing van Gustaaf II Adolf van Zweden in Duitsland voor de andere korte zijde. Alleen het eerste motief is daadwerkelijk uitgevoerd. Het tweede thema is vervangen door Midvinterblot.

In 1901 woonden ze permanent in hun zomerverblijf in Sundborn in de Zweedse provincie Dalarna. Vanaf dat moment was het huis het middelpunt van hun leven: Karin voorzag het interieur van een eenvoudige 'volksstijl' -witgeverfd inbouw­meubilair, houten vloeren, geborduurde stoffen. Carl maakte er aquarellen van hun dagelijkse leven met hun zeven kinderen. Deze felgekleurde gestileerde werken, die deze idyllische, landelijke, onafhankelijke en zorgeloze levensstijl vastlegden werden in 1897 verzameld in het boek Ett hem i Dalarne, 20 lavyrer med fyra färger (Ons huis in Dalarna, 20 tekeningen), om de "smaak en het familieleven te verbeteren". Dit boek werd in 1899 in kleurendruk uitgegeven. Het verkocht goed en kreeg grote betekenis voor de woninginrichting en het ambacht in Scandinavië en Duitsland. Deze gedachte is nauw verwant aan de opvattingen van Walter Crane en William Morris in het Verenigd Koninkrijk, die worden gekenmerkt door een socialistisch ideaal.

Larsson decoreerde ook het nieuwe Operahuset in Göteborg en het toneelgebouw Kungliga dramaten in Stockholm.

Midvinterblot-affaire
In 1911 schetste Larsson Midvinterblot (Midwinteroffer), dat volgens hem goed paste op een overgebleven vrije muur van het Nationalmuseum. Via meerdere schetsen leidde het in 1915 tot een immens schilderij gebaseerd op de verhalen in Noordse sagas (onder meer de Ynglingatal), waarin de Zweedse koning Dómaldr werd geofferd om de voedseltekorten te bezweren.

Er brak een strijd uit toen Larsson eiste dat het schilderij tegenover de intocht van Gustaaf I van Zweden in Stockholm zou worden geplaatst. Tenslotte werd het werk in 1916 geweigerd, en kwam pas in 1992 in het Nationalmuseum, vanwege een tijdelijke tentoonstelling over Carl Larsson.
Over de behandeling door de betreffende commissie was Larsson zeer verbitterd en hij is deze diepe teleurstelling niet meer te boven gekomen. Midvinterblot heeft een ander karakter dan Larssons eerdere werk door zijn persoonlijke keuze voor een allegorie over het voorchristelijke Zweden. Zijn inspiratie zou in een visioen hebben gelegen, dat hij in 1908 kreeg. De op het doek afgebeelde voorwerpen zijn afkomstig uit verschillende perioden, van de bronstijd tot in de vroege middeleeuwen. De toenmalige kritiek bestond destijds uit het feit dat het werk veel anachronismen bevatte en dit gezien werd als een onwerkelijke weergave van het voorchristelijke Zweden.
In 1997 heeft het Nationalmuseum het doek verworven en deze wordt sindsdien op de door Larsson geïntendeerde plaats tentoongesteld.

Boeken geschreven en geïllustreerd door Carl Larsson
. De mina. Gammalt krafs af C.L., (Stockholm 1895)
. De mina och annat gammalt krafs av C.L., (Stockholm 1919)
. Ett Hem. (Stockholm 1899)
. Larssons. (Stockholm 1902)
. Spardarvet, mitt lilla landtbruk. ( Stockholm 1906)
. Das Haus in der Sonne. ( Düsseldorf & Leipzig 1909)
. Át Solsidan. ( Stockholm, 1910)
. Andras barn.( Stockholm,1913)
. Jag (1931)

Carl Larsson en zijn vrouw Karin Larsson - Bergöö (1859 - 1928) hadden 8 kinderen: Suzanne (1884-1958), Ulf (1887-1905), Pontus (1888-1984), Lisbeth (1891-1979), Britta (1893-1982), Matts (1894-1895), Kersti (1896-1975) en Esbjorn (1900-1937).


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Carl_Larsson
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 3825.

Tweets by kunstbus