kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Diego Rivera

Diego Rivera (1886-1957)

Mexicaanse fresco schilder,

Rivera, die was getrouwd met de kunstenares Frida Kahlo (1907-1954), was samen met Orozco en Siqueros een van de 'Grote Drie' van de Mexicaanse Muurschilderkunst.

Reizend door Mexico stuit je regelmatig op het werk van Rivera en Frida Kahlo, die beide hun artistieke prestaties wisten te vermengen met een grote maatschappelijke bevlogenheid. Het politieke activisme en het geloof in een communistische heilstaat is minder van Frida's surrealistisch-naïeve werk af te lezen dan van de enorme muurschilderingen van Diego. Het Palacio National, het ministerie van Onderwijs en het Palacio de las Bellas Artes in Mexico City dragen allemaal de Mexicaanse revolutie erende fresco's van Rivera. Hij heeft hiermee als een van de eerste kunstenaars sinds de Renaissance de muurschilderkunst weer uit de mottenballen gehaald. Middels de muren van de stad gaf hij als de nieuwe Michelangelo de geschiedenis terug aan het Mexicaanse volk in de hoop dat het hun zelfbewustzijn zou sterken en de maatschappij kon veranderen. Vriend Trotsky begreep dit maar al te goed toen hij zei: "Rivera's muurschilderingen zijn niet slechts uitingen van passieve contemplatie, maar een levend onderdeel van de klassenstrijd."

José Diego María Rivera werd op 8 december 1886 gelijk met zijn tweeling broer José Carlos María, die na 18 maanden stierf, in Guanajuato te Mexico geboren. Zijn ouders, Diego Rivera en María del Pilar Barrientos waren onderwijzers.

In 1892 verhuisde de familie naar Mexico-City.

Vanaf 1896 volgde Rivera al op 10-jarige leeftijd 's avonds kunstlessen op de San Carlos Academie. Hij volgde van 1898 tot 1905 de dagopleiding aan de klassieke kunstopleiding van het San Carlos Academie.

In 1904 schilderde hij o.a. het schilderij 'De aarde'.

Dankzij een financiële ondersteuning van de gouveneur van Veracruz, Teodoro A. Dehesa, en de verkoop van enkele werken tijdens een door Gerardo Murillo, die ook in Europa was geweest, georganiseerde tentoonstelling was Diego Rivera in staat Europa te bezoeken.

Diego Rivera vertrok in januari 1907 naar Europa met een reisbeurs voor Europa en studiebeurs voor Madrid en Parijs. Tijdens zijn verblijf in Madrid bestudeerde hij in het Prado de grote Spaanse meesters Goya, El Gredo, Velázquez alsmede de Vlaamse meesters.

In de lente van 1909 ging Rivera naar Parijs. Ook hier bestudeerde hij de museumcollecties en bezocht hij tentoonstellingen.

Na een bezoek aan Brussel en Londen keerde hij terug naar Madrid.

Door het uitbreken van de revolutie in Mexico was het voor Rivera onmogelijk terug te keren naar Mexico. De verkoop van werken bracht hem de mogelijkheid in juni 1911 Parijs te bezoeken.

In de lente van 1912 bezocht hij Toledo. Daar schilderde hij o.a. 'Gezicht op Toledo'. Dit schilderij heeft enkele kubistische trekjes.

Terug in Parijs vestigde hij zich in de rue du Départ 26, Montparnasse. In dit gebouw woonden ook de Nederlanders Piet Mondriaan, Conrad Kikkert en Lodewijk Schelfhout. Hier maakte hij vanaf 1913 kennis met het kubisme. Hij nam in 1913 ook deel aan de 'Salon d'Automne'.

In het begin van 1914 ontmoette Rivera de kubist Juan Gris en ging hij deelnemen aan de debatten met o.a. Picasso.

Geinspireerd door het Spaanse realisme, het werk van Cezanne en Picasso begint hij in de stijl van het kubisme te schilderen.

In april 1914 had hij een tentoonstelling van 25 kubistische werken bij Galerie Berthe Weill.

Vanaf 1914 verschijnen er Mexicaanse motieven in zijn schilderijen en groeit zijn patriottisme.

De verkoop van werken gaf hem de mogelijkheid in juli 1914 samen met Jacques Lipchitz en Maria Gutiérrez Blanchard naar Mallorca te gaan. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog werd het verblijf op Mallorca verlengd en bezocht Rivera ook Madrid, waar hij in 1915 deelnam aan de tentoonstelling Los pintores íntegros.

Teruggekeerd in Parijs behoorde hij tot de groep kubistische schilders Gino Severini, André Lhote, Juan Gris, Jean Metzinger en Jacques Lipchitz. In 1916 nam hij deel aan de tentoonstelling Post-Impressionist an Cubist art bij Marius de Zaya's Modern Gallery te New York en in oktober 1916 de Exhibition of Paintings bij Diego M. Rivera and Mexican Pre-Conquest Art.

De kunsthandelaar Léonce Rosenberg sloot met hem een tweejarig contract. Door een artikel van de kunstkriticus Pierre Reverdy, die wegens het dienstnemen van Guillaume Apollinaire de rol van theoreticus van het kubisme had overgenomen, in het artikel 'Sur le Cubisme' en een handgemeen tijdens een verzoeningspoging verbrak Rivera alle banden met het kubisme in de lente van 1917. Hiermee kwam een eind aan een productie van ongeveer 200 kubistische werken.

Rivera ging de werken van Cézanne intensief bestuderen, maar ook de oude meesters. Dankzij de bemiddeling van de mexicaanse ambassadeur in Parijs, Alberto J. Pani, kreeg Rivera een toelage van de Mexico City University om Italië te bezoeken. Van februari 1920 tot maart 1921 bestudeerde hij de Italiaanse kunst en de renaissance fresco.

In 1921 keert hij terug naar Mexico. In Mexico was ondertussen de aanzet gegeven om via muurschilderingen in openbare gebouwen de bevolking te ontwikkelen. Daar dit aansloot bij zijn ideeën maakte hij vanaf januari 1922 vele muurschilderingen.

In 1922 ontstond zijn eerste wandschildering, De Schepping, voor de Escuela Nacional Preparatoria in Mexico-Stad.

Zijn historische cyclus voor het Mexicaanse Ministerie van Onderwijs(1923-1928) vertoont reeds de kenmerken van zijn persoonlijke stijl: op eenvoudige wijze vertelde, monumentale composities die het leven en de sociale conflicten van het Mexicaanse volk uitbeelden. Als overtuigd Marxist wilde hij in begrijpelijke voorstellingen de misstanden in zijn land aan de kaak stellen. Diego Rivera verheerlijkte het revolutionaire bondgenootschap, de aarde, de helden en de strijd tegen het onrecht.

In 1927 scheidt hij van Guadalupe Marin waarmee hij in 1922 was gehuwd. In deze periode toont Rivera openlijk zijn voorkeur voor het Marxisme.

1927/28 Reis naar de Sovjet-Unie.
Hij verblijft 9 maanden in de Sovjet-Unie. Na zijn verblijf ontstaat de ruzie tussen Trotski en Stalin waarbij Rivera zich pro Trotski opstelt. Siqueiros een ander Mexicaans muralist kiest de zijde van Stalin. Siqueiros wordt door de Spaanse autoriteiten belast met een moordpoging op Trotski. Die overleeft de aanslag maar Siqueros moet vluchten.

1929-1935 Interieurdecoraties voor het Nationale Paleis in Mexico-stad met de geschiedenis van zijn land, van de indiaanse culturen tot de moderne tijd.
Een verlangen naar de tijd van voor Columbus zien wij in de grote wandschildering van het parlementsgebouw waarin hij de uitbuiting hekelt en de traditie van Mexico prijst.

Frida Kahlo
- Alhoewel Frida Kahlo beweerde dat ze geboren was in 1910, het jaar van de beroemde Mexicaanse revolutie van Zapata en Pancho Villa en ze zichzelf een dochter van de revolutie noemde, was dit niet waar. In werkelijkheid is ze geboren op 6 juli 1907 in Coyocan een voorstad van Mexico Stad. Ze is de derde dochter van Wilhelm Kahlo, een joodse fotograaf van Hongaarse afkomst en Matilde Calderon, die half indiaans was.
- Op haar zesde maakt ze voor het eerst kennis met zware ziekte en pijn wanneer ze kinderverlamming krijgt. Ten gevolge hiervan blijft haar rechterbeen dunner en loopt ze lichtelijk kreupel.
- Ze besluit medicijnen te studeren, maar wanneer ze op haar achttiende met de bus naar school gaat wordt deze aangereden door een tram. De gevolgen zijn vreselijk: behalve enkele doden zijn er ook zwaargewonden, waaronder Frida. Ze heeft een aantal breuken, onder andere van de wervelkolom, haar rechtervoet is verbrijzeld en een ijzeren staaf is haar lichaam binnengedrongen. Het ongeluk gebeurt op 17 september 1925 en van dan af begint een ware lijdensweg voor Frida die uiteindelijk zal overlijden aan de gevolgen van deze botsing op 13 juli 1954, een week na haar zevenenveertigste verjaardag.
- Maar voor het zover is heeft ze nog een heleboel dingen gedaan. Dankzij haar wilskracht en levenslust en natuurlijk een aantal operaties en pijnlijke behandelingen, kan ze twee jaar later opnieuw een praktisch normaal leven leiden. Wel voelt ze zich doorlopend vermoeid en heeft ze pijn in haar rug en haar been. Terwijl ze verplicht dagenlang in bed doorbrengt, onbeweeglijk in een korset, installeert haar moeder een spiegel boven haar hoofd zodat ze zichzelf kan zien. Om de tijd door te brengen begint ze te tekenen en te schilderen wat ze ziet, namelijk zichzelf. Haar eerste schilderij en een deel van haar later werk zijn dan ook een zelfportretten.
- Wanneer ze weer op de been is maakt ze kennis met een aantal linksgezinde kunstenaars en intellectuelen. In het huis van de communistische fotografe Tina Modotti wordt ze voorgesteld aan Diego Rivera, toen al de beroemdste schilder van Mexico en vooral bekend om zijn monumentale muurschilderingen met de revolutie als onderwerp.
- Ze trouwen al snel, in 1929, niettegenstaande het grote verschil in leeftijd en uiterlijk: Frida Kahlo is tweeëntwintig, Diego Rivera tweeënveertig, Frida is slank en Diego veel te dik. De ouders van Frida noemen het zelfs een huwelijk tussen een olifant en een duif. Na een tijdje gaan ze bij de ouders van Frida wonen in het blauwe huis, dat haar vader had laten bouwen maar dat Diego Rivera heeft afbetaald omdat de ouders van Frida dit niet meer kunnen: de medische onkosten van hun dochter hebben hen volledig verarmd.

Diego Rivera geniet een onbegrijpelijke populariteit bij vrouwen gezien zijn omvang, zijn uitpuilende ogen en zijn extravert karakter met een neiging tot wreedheid. Hij is al twee keer getrouwd geweest en heeft altijd maîtresses gehad waaronder Paulette Godard. Ook zijn huwelijk met Frida Kahlo verandert hier niets aan, hij zal zelfs met haar jongere zuster Cristina naar bed gaan.

Museo Casa Estudio Diego Rivera y Frida Kahlo
Het kobaltblauwe Casa Azul (Museo Frida Kahlo) met een tuin vol tropische planten en precolumbiaanse beelden is het geboortehuis van Frida. Tijdens de eerste jaren van haar huwelijk heeft ze hier geruime tijd met Diego ingewoond bij haar ouders. Alle persoonlijke meubels doen gebeurtenissen uit hun veel beschreven huwelijk herleven. Zo doemen in de keuken scènes op met Diego in de hoofdrol wanneer hij weer eens een nieuwe minnares bleek te hebben (rond 1929 was dit met Frida's zuster Cristina) of met Frida als zondebok toen haar affaire met Trotsky uitkwam, die hier na zijn vlucht uit Rusland met zijn vrouw onderdak genoot. Frida's gipsen korset staat beschilderd op haar hemelbed en wordt vanuit diverse hoeken gadegeslagen door portretten van Stalin. De rolstoel waar ze aan het einde van haar leven in terechtkwam staat achter haar ezel. Toen het schilderen al nauwelijks meer ging, deed Frida net voor haar dood in 1954 nog wel mee aan een demonstratie tegen Amerikaanse interventie in Guatemala. Ze sterft op 13 juli 1954 aan een longembolie en krijgt een officiële begrafenis bijgewoond door vrienden van de familie, kunstenaars en politici waaronder de president van Mexico. Het blauwe huis waarin ze zo lang gewoond heeft wordt door Diego Rivera veranderd in een museum ter ere van Frida Kahlo. Behalve schilderijen van haar brengt hij er ook zijn verzameling pre-Columbiaanse voorwerpen in onder.

Van 1933 tot 1941 leefden Diego en Frida apart maar toch samen, omringd door een haag van cactussen. Op het einde van de jaren dertig komt het tot een scheiding, maar in 1940 hertrouwen ze. Voor ze opnieuw trouwen stelt Frida enkele voorwaarden en één van de belangrijkste overeenkomsten is dat ze geen andere seksuele relaties meer zullen hebben, waarna ze opnieuw gaan samenwonen in het blauwe huis. De studio's zijn via de daken met een brug verbonden. Met name Frida maakte gebruik van de brug wanneer ze Diego zijn dagelijkse pannetje eten ging brengen. Wie medelijden met Frida begint te krijgen bij het zien van het verschil in schaal van beider woningen, troost zich met de gedachte dat niet alleen Diego maar ook Frida hier regelmatig minnaars en minnaressen ontving.

Ook op politiek vlak is de loopbaan van Diego Rivera nogal chaotisch: eerst is hij communist, dan trotskist - volgens hem zorgt hij er voor dat Trotski asiel krijgt in Mexico - om daarna weer communist te worden en te beweren dat hij Trotski alleen maar naar Mexico had gehaald om hem te kunnen laten vermoorden.

Anahuacalli
Weer iets zuidelijker in Mexico Stad ligt een geheel ander project van Rivera. Van 1933 tot 1963 bouwde hij hier zijn zelfontworpen tempel van zwart vulkanisch gesteente om zijn collectie precolumbiaanse kunst in onder te brengen. Het verstilde Museo Diego Rivera Anahuacalli is van binnen overladen met beelden van alle belangrijke Mexicaanse Maya volkeren en de Azteken, die een belangrijke inspiratiebron voor Rivera vormden. In het centrum van dit gangenstelsel vol gekleurde nissen had de kunstenaar een door noorderlicht overgoten atelier voor zichzelf gepland, dat echter pas na zijn dood is voltooid.

In de jaren dertig ontstonden in de VS verschillende wandschilderingen waarin hij de beangstigende gevolgen van de industriele ontwikkeling toonde. Hij maakte muurschilderingen in San Francisco, New York en Detroit. In 1933 maakt Rivera een muurschildering voor het Rockefeller Center in New York en lokt een schandaal uit door de aanwezigheid van en portret van Lenin.

Sinds 1936 maakt hij ook schilderijen in kleiner formaat, er ontstonden landschappen, naakten en portretten, die zijn grote talent als schilder nog eens bewezen.

Pas in 1947 wordt de ruzie tussen Rivera en Siqueiros bijgelegd. Samen vormen ze dan de Commissie voor Muralistische Schilderkunst.

Creeert vanaf 1951 interieurdecoraties.

1952 Vervaardigt een mozaiek voor het Olympisch Stadion van Mexico-Stad.

Op 24 november 1957 stierf Rivera te Mexico-City aan een hartinfarct. Op het ogenblik dat hij sterft, lijdt hij aan kanker aan de penis.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 951.