kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 17-10-2008 voor het laatst bewerkt.

Edward Hopper

Amerikaans schilder en graficus, geboren 22.07.1882, Nyack bij New York - overleden 15maart 1967 in New York.

Edward Hopper wordt algemeen beschouwd als één van de belangrijkste realistische schilders van Amerika in de twintigste eeuw.

Het werk van Hopper toont een realisme, dat geen exacte weergave is van hetgeen we kunnen zien, maar geeft daar een bewerking van. In bijna al zijn schilderijen speelt eenzaamheid een grote rol. Velen bewonderen zijn werk om de compositie, de vorm en de lichtwerking. Hij schilderde vooral Amerikaanse landschappen en steden waarin de mens geen belangrijke rol speelt. Het realisme van Hopper heeft grote invloed gehad op de Amerikaanse schilderkunst van de jaren zeventig (Pop Art). (Summa)

Edward Hopper had veel belangstelling voor architectuur. Dit thema komt dan ook veel voor in zijn werk. Hij koos niet alleen voor de buitenkant van huizen, maar schilderde ook veel interieurs. Hij had een grote voorliefde voor details als daken en trappen. Mensen komen in deze schilderijen alleen voor als stille getuigen.

De geheel eigen stijl van Edward Hopper werd beïnvloed door alle Avant-Gardebewegingen in Europe en de VS. De hoofdthema's in zijn werk waren de moderne samenleving en vooral de verstedelijking, de anonimiteit van de stad en de buitenissigheden van de Amerikaanse architectuur.

Naast New York schilderde Hopper ook taferelen van New England. Maar het desolate primeerde altijd. Eenzame figuren worden vervangen door verlaten huizen, benzinestations, vuurtorens. Het anonieme van de grootstad vervangt hij door het armoedige platteland. Geometrische lijnen en vlakken domineren zijn oeuvre; zijn aandacht ging ook vooral naar architecturale elementen. Zijn figuren zijn altijd geïsoleerd, non-communicatief.

Hopper ontwikkelde zijn typische stijl in de jaren '20 en wijzigde die daarna nauwelijks. Hoewel Hopper leefde tijdens het hoogtepunt van de abstracte kunst, bleef hij trouw aan de tradities van de figuratieve kunst.

Hopper is de schilder van de eenzaamheid, verlatenheid, het onvermogen tot communicatie, de onmogelijkheid van menselijke contacten, van de verveling. Zijn beelden lijken de keerzijde van de beschaving van de twintigste eeuw te fixeren. Hopper zelf vond overigens dat er teveel nadruk werd gelegd op dat aspect van eenzaamheid in zijn werk. De mensen zijn gewoon in zichzelf gekeerd, in gedachten verzonken. Toch hangt er om hen zo'n spanning, dat je niet het gevoel krijgt dat er vrolijke gedachten in hen omgaan. Zijn mensen krijgen niet meer nadruk dan objecten, integendeel. De nadruk valt op de vreemde, ongebruikelijke hoek waaronder we het kantoor zien, op de betimmering, op de harde schaduwen, het licht dat nergens en overal vandaan lijkt te komen. De situaties op zijn schilderijen lijken vaak 'bevroren', film stills, snap shots.
Mogelijk werd Hoppers manier van kijken beïnvloed door de fotografie en film. Hij was namelijk een fervent bezoeker van film en theater.
De schetsen die hij buiten maakte, verwerkte hij in zijn atelier, samen met beelden uit zijn herinnering tot een geheel. Hij maakt veelal gebruik van felle, op elkaar afgestemde kleuren waaraan door een bepaald detail in een andere kleur een zekere spanning wordt verleend. De verf is over het algemeen dun en gelijkmatig aangebracht, soms doorbroken door een minder gecontroleerde beweging, een vrijere zigzag.

Biografie
Hopper bezocht een particuliere school en behaalde een diploma aan de middelbare school in Nyack.

Hopper studeerde van 1900 tot 1906 commerciële kunst aan de New York School of Art.

Na zijn studie werkte Edward Hopper als illustrator een jaar bij C.C. Phillips & Company.

Van 1906 tot 1910 maakte hij lange reizen naar Europa, voornamelijk Parijs, waar hij straattaferelen in een impressionistische stijl schildert. Tijdens deze reizen bezocht hij Frankrijk, Engeland, Nederland, Duitsland en België. Tijdens zijn reizen naar Europa zal hij niet door het daar overheersende kubisme beïnvloed worden, maar wel door schilders als Velazquez en Goya.

In 1908 vestigt hij zich in New York waar hij werkt als illustrator en afficheschilder. In de volgende jaren maakte hij nog twee keer de oversteek naar Europa. Later verklaarde hij: 'Ik had tien jaar nodig om Europa te kunnen verwerken.'

In 1913 neemt Edward Hopper deel aan de First Annual Exhibition van de American Society of Independant Artists. Later dat jaar verhuisde hij naar Washington Square North in New York, waar hij tot zijn dood leefde en werkte.

Met de poster 'Smash the Hun' won Hopper de eerste prijs in een belangrijke landelijke wedstrijd voor illustratoren. Het keerpunt in zijn carrière was 1920, toen in de Whitney Studio Club zijn eerste solo-expositie werd georganiseerd.

In 1924 heeft hij een tentoonstelling van aquarellen in de Frank K. M. Rehn Gallery.

Hopper trouwde met Josephine Verstille Nivison op 9 juli 1924. Hierbij was zijn vriend Guy Pène du Bois getuige.

In de jaren die volgden woonde Hopper alleen in de winter in New York. In de zomermaanden bezocht hij de omgeving van South Truro, waar hij later een stuk grond kocht en een studio inrichtte.

In 1933 wordt er een overzichtstentoonstelling van zijn werk gehouden in het MoMA.

In 1942 maakt hij zijn bekende Chicago.

In 1952 neemt Edward Hopper deel aan de Biënnale van Venetie.

Zowel in 1964 als in 1980 heeft hij een grote overzichtstentoonstelling in het Whitney Museum of American Art, New York.

Het laatst afgemaakte schilderij was 'Two Comedians' in 1965. Twee jaar later overleed Edward Hopper in zijn atelier in New York.

1968 Zijn gehele nalatenschap wordt gedoneerd aan de stichting van het Whitney Museum of Art.

Werken:
. Zondagmorgen vroeg, 1930, doek, 89x152, New York, Whitney Museum of American Art
Een voorbeeld van vernacular architecture (het eigen aangezicht van Amerikaanse steden): de voorgevels van warenhuizen, bioscopen, eethuizen - dingen die nog geen enkele kunstenaar zijn aandacht waardig had gevonden.
Hier distilleert Hopper uit de vertrouwde elementen van een gewone straat een spookachtige verlatenheid. Deze rust is slechts tijdelijk; er schuilt verborgen leven achter de gevels. Naast poëzie is er ook een indrukwekkende formele discipline: de brandkraan en de stok voor de kapperszaak zijn strategisch geplaatst; subtiele variatie bij de behandeling van de rij ramen; de nauwkeurig berekende straal invallend zonlicht; het verfijnde evenwicht van de verticale en horizontale vlakken. Klaarblijkelijk kende Hopper het werk van Mondriaan. (Janson 675)

. Benzinestation, 1940, olieverf op doek, 67x102, New York, Museum of Modern Art
. Nachtbrakers, 1942, olieverf op doek, 76x152, Chicago, Art Institue


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1420.