kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Emile Claus

Emile Claus (1849 - 1924)

Belgische schilder geboren in 1849 te Sint-Eloois-Vijve.

Hij liep school in de Academie van Antwerpen en had o.m. J. Jacobs als leraar.

Een verblijf in Spanje en Marokko had een grote invloed op zijn manier van schilderen. Zijn zeer realistisch gekonterfeit doek "Hanengevecht" van 1882 trok zeer de aandacht. Hij was gefascineerd door het capteren van het zonnelicht in zijn werk.

De Leiestreek heeft uitzonderlijk veel kunstenaars aangetrokken sinds het laatste kwart van de 19de eeuw. Met onder andere de gebroeders Xavier en César De Cock, Binus Van den Abeele, Gustave Den Duyts en Emile Claus zitten we midden in het romantisch-realisme, dat zijn oorsprong vindt in Barbizon. Ze beeldden de pure natuur uit met de neiging die te idealiseren of te romantiseren. Het atelier werd verlaten om midden in de natuur een landschap op doek te leggen. Na 1880 ontstond een nieuwe stijl, een nog verder gaande vorm van realisme, die aanleunde bij het Franse impressionisme. Het was Emile Claus die het impressionisme hier introduceerde met zijn 'lichtgevende doeken'. Het weergeven van lichtpartikulen en kleurpunten bootste een momentopname na, dat pas van op afstand in de hersenen bij de kijker een homogeen beeld vormt. Dit op doek vastleggen van een vluchtig moment stond tegenover het statisch beeld van het romantisch-realisme. Claus werd hierin gevolgd door onder andere Modest Huys, Jenny Montigny, Anna De Weert, Leon De Smet, Gust De Smet, Maurice Sys, Frits Van den Berghe. Anderen zoals Albert Saverys, Evarist De Buck, Montobio, Georges Buysse, Maurits Niekerk zullen eveneens kortere tijd door de 'paus van Astene' beïnvloed worden. Claus werkte niet alleen in de Leiestreek. Ook in Zeeland stelde hij vaak de schildersezel op.

In 1886 vestigde hij zich voor de rest van zijn leven in Astene in het door hem gebouwde huis dat de naam "Zonneschijn" meekreeg op voorstel van Pol de Mont. In Astene stond Emile Claus trouwens bekend als de "zonneschilder". Wat hem meer recht doet wedervaren dan naar hem te verwijzen als landschapsschilder. Door zijn belangstelling voor een studie van de invloed van het licht op het landschap sluit hij nauwer aan bij het Franse impressionisme. Daarom zou men de School van Latem geen recht doen wedervaren door Emile Claus zonder meer onder te brengen bij deze School waarvan een hoofdkenmerk precies was dat deze Latemse schilders zich wilden afzetten tegen het impressionisme. Het nadeel van het impressionisme voor de intellectueel gerichte kunstenaars was dat deze stijl zuiver zintuiglijk, zuiver retinaal en oppervlakkig bleef.

Aanvankelijk schilderde hij streng academisch realistisch maar vooral onder invloed van de Franse impressionisten evolueerde zijn techniek tijdens zijn verblijf in Parijs naar een veel lumineuzer koloriet. Van 1889 tot 1892 brengt hij inderdaad de winters in Parijs door waar hij zich vooral aan de studie van de zich wijzigende lichtinval wijdt. In Parijs gaat hij vooral in de leer bij de minder groten van het impressionisme. Hij heeft vooral contact met figuren zoals Fritz Thaulow, Henri Le Sidaner en Gaston La Touche.

Men beschouwt Claus ook als de leider van het Belgisch luminisme. In 1904 stichtte hij de Kring Vie et Lumière. Volgens Ensor is Claus de geniale kerel die "de zon op flessen trok".

Emile CLAUS reisde in maart 1907 aan boord van de “Oceanic” naar de U.S.A. In Pittsburgh was hij jurylid van de Carnegie-wedstrijd. In april was hij reeds in België terug. Voor CLAUS was de overtocht er niet meer dan één van een lange studie- en ontspanningsreis: De Amerikareis -al duurde die een week (en een week terug)- wordt kort en zakelijk.

Tijdens de 1ste wereldoorlog vertoeft hij in Londen in ballingschap. Tijdens deze periode brengt hij indrukwekkende riviergezichten van de Theems voort die bekend staan als de "weerspiegelingen op de Theems".

Tijdens zijn leven kende hij, in tegenstelling tot menig ander schilder, een zeer groot succes. Niet alleen zijn werk doch ook zijn zeer innemende levensstijl en voorkomen droegen daartoe bij.

Emile Claus had ook zijn volgelingen: Joris Buysse in Gent, Jozef Adriaan Heymans in Dendermonde, Alfons Proost in Antwerpen, Georges Lemmen en Georges Morren in Brussel. Hun schilderen kenmerkt zich door het schilderen in openlucht en het aanbrengen van zeer lumineuze helder oranje partijen en purperen schaduwen. Rurale onderwerpen zijn uiteraard legio. In het Latemse zelf heeft hij ook wel een duidelijke invloed uitgeoefend vooral op sommige van de latere schilders. De invloed is vooral zichtbaar bij Jenny Montigny, ook andere vrouwen zoals Gabrielle della Faille en Anna De Weert volgden zijn sporen. Onder de mannen waren de meest overtuigde volgelingen o.m. Van Loo, Octaaf Malfait, Modest Huys, Sys en Dessenis.

Aanvankelijk was er ook een invloed te bespeuren in het werk van Valerius de Saedeleer, Frits Van den Berghe, Permeke en Gust De Smet. Maar dit heeft niet lang geduurd want zij kwamen vlug in opstand tegen het impressionisme. Leon De Smet is wellicht diegene die het langst het impressionisme is trouw gebleven. Maar het impressionisme lag de schilders van de Latemse School niet. De groten van de eerste groep liet het eerder onverschillig. Later is de invloed groter maar daarop komt een hevige reactie die o.m. een uitdrukking vindt in de bruin-zwarte schilderijen van kunstenaars als Servaes en konsoorten.

Emile Claus werd begraven in zijn eigen tuin aan de oever van de Leie. Vele musea herbergen werk van Emile Claus, waaronder deze van Gent, Brussel, Antwerpen, Luik, Berlijn, Dresden, Venetië. In het Museum te Gent kan men o.m. van hem twee bekende doeken terugvinden: "Koeien wadend door de Leie" en "IJsvogels".


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 40.