kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 13-01-2016 voor het laatst bewerkt.

fascistische kunst

Fascistische Kunst

De kunst die ontstaan is met officiële goedkeuring van de fascistische regimes in Duitsland en Italië in de jaren voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De grondslag van de fascistische denkbeelden over kunst werd gelegd in het boek 'Der Mythus des 20. Jahrhunderts' uit 1930 van de nazi-partij-ideoloog Alfred Rosenberg (1893-1946). Hij ging uit van de superioriteit van het arische of Germaanse 'ras'. Algemeen werd in deze theorieën aanvaard dat de waarde van een kunstwerk afhankelijk was van de afkomst van de maker en dat ieder kunstwerk het Germaanse 'ras' moest verheerlijken. Om controle over kunst en kunstenaars mogelijk te maken, werd in 1933 onder leiding van de minister van Propaganda en Volksvoorlichting, Joseph Goebbels (1897-1945), de Reichskulturkammer opgericht. Dit was een overkoepelende organisatie, die zeven onderafdelingen - muziek, beeldende kunst, toneel, literatuur, pers, radio en film - telde en daarmee het hele culturele leven controleerde. Geen kunstenaar mocht werkzaam zijn als hij zich niet, voorzien van een ariërverklaring, bij zijn eigen onderafdeling had gemeld. Deze hield hem dan verder nauwlettend in de gaten. Het aantal leden bedroeg vele duizenden. Ook Nederland kreeg tijdens de Duitse bezetting in 1942 een Cultuurkamer, waarvan een aantal niet-joodse kunstenaars lid is geworden. België heeft een dergelijk instituut niet gekend.

Kunstkritiek in kranten en tijdschriften werd verboden onder het voorwendsel dat iemand die zelf niet scheppend werkzaam was, geen kritiek kon hebben op het werk van een kunstenaar; in werkelijkheid omdat kritiek op de door de staat goedgekeurde kunst werd uitgelegd als kritiek op de staat zelf. In plaats daarvan kwam het zgn. Kunstbericht, een kritiekloze verheerlijking van de toegestane 'kunst'.

In de praktijk kwam het erop neer dat het joodse kunstenaars was verboden hun beroep uit te oefenen. Hun boeken mochten niet meer gedrukt worden, hun muziek niet meer uitgevoerd, hun schilderijen niet meer opgehangen in de musea. Hetzelfde lot trof een ieder wiens werk op een of andere manier met het pacifisme of het bolsjewisme geassocieerd kon worden. Bovendien werd alle kunst verworpen die niet onmiddellijk voor iedereen toegankelijk zou zijn; dit trof vooral de moderne en de experimentele kunst.

Al vanaf 1932 waren in het hele land tentoonstellingen georganiseerd om het verval van de kunst te tonen in het werk van bijv. Chagall, Liebermann en George Grosz. In 1937 vond in München een grote overzichtstentoonstelling plaats van alle door de nationaal-socialisten veroordeelde werken onder de titel Entartete Kunst (ontaarde kunst), die meer dan twee miljoen bezoekers trok. Een jaar later begonnen de nazi's de 'ontaarde' kunst uit de musea te verwijderen. Een deel werd in Berlijn verbrand en een kleiner deel via een veiling in Luzern verkocht naar het buitenland.

Tegelijk met de tentoonstelling van 'ontaarde' kunst werd in München een tweede expositie gehouden: de Grosse Deutsche Kunstausstellung. Daar bevond zich werk dat de nazi's graag zagen. Voor een groot deel was dit door voordien minder bekende kunstenaars vervaardigd.

Globaal kan men in de door de nazi's aanvaarde en gepropageerde kunst twee richtingen onderscheiden. Enerzijds was er de officiële richting, die uitging van de gevestigde smaak. De bijbehorende stijl was die van het neoclassicisme, maar vooral in de beeldhouw- en schilderkunst kwamen ook wel realisme en romantiek voor, heroïsch en sterk nationalistisch van karakter. Anderzijds wilde de tweede richting uitgaan van de volkskunst op het platteland. Invloed van die volkskunst - men sprak in fascistische kringen meestal van 'völkische' of volkse kunst - vindt men vooral in woningbouw en kunstnijverheid. .


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 753.

Tweets by kunstbus