kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 08-04-2011 voor het laatst bewerkt.

Georg Baselitz

Duits schilder, beeldhouwer, tekenaar en graficus, geboren 23 januari 1938 in Deutschbaselitz (Saksen). Woont en werkt in Derneburg.

Baselitz keerde zich af tegen de dominante minimalistische abstracte kunst van de jaren '60 en greep terug naar de wortels van de Europese expressieve schilderkunst. Edvard Munch was in deze zijn grote voorbeeld terwijl hij zelf een grote invloed had op 'De Nieuwe Wilden'. Ook zijn werk wordt gerekend tot het neo-expressionisme.

Baselitz schildert figuratief op een uiterst expressieve wijze waarin hij vervreemdende effecten bewerkstelligt door het ondersteboven plaatsen van de beelden: zijn bekende 'op-zijn-kop'- schilderijen. De menselijke figuur neemt in zijn schilderijen een centrale plaats in. Uiterlijk is zijn werk verwant aan de Action Painting, zowel in het grote formaat als in de ruige textuur en gebaren.

Baselitz is ook publicist, waaronder het 'Manifest Pandemonium'.

Biografie
Georg Baselitz, geboren op 23 januari 1938 in Deutschbaselitz (Saksen), vlakbij Dresden, en niet onbelangrijk, sinds 1949 onderdeel van de DDR.

Vanaf 1956 volgt hij een opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunst van Oost-Berlijn in inmiddels de DDR bij Walter Womacka. Hij ontmoet Peter Graf en Ralf Winkler (A.R. Penck).

Na twee semesters wordt hij van school gestuurd vanwege "sociaal-politieke onvolwassenheid" ("gezellschaftspolitische Unreife") omdat hij een werk wilde maken in de stijl van de, in Oost-Duitsland als decadent-Westers beschouwde Picasso wat totaal in ging tegen de opgelegde staatsleer van het socialistisch realisme en de vijf jaar eerder gedane uitspraak in de Volkskamer van partijleider Walter Ulbricht: "We willen aan onze academies geen abstracte kunst meer zien."

In 1957 week Baselitz uit naar West-Berlijn waar hij zijn studie voortzette aan de West-Berlijnse academie bij Hann Trier en zich in 1958 definitief vestigt om tot '64 masterclasses bij Hann Trier te volgen.

Geïnspireerd door de surrealistische manifesten van André Breton schrijft hij zijn eigen door Antonin Artaud beïnvloede manifesten als begeleiding van zijn actieschilderijen: Pandemonium": proclamaties tegen het "Glatte und Schöne, Nacht van Pandemonium (1962) en Waarom het schilderij 'Grote Vrienden' een goed schilderij is (1966).

Die große Nacht im Eimer, 1963, Ludwig museum, olie op linnen, 250×180cm

In 1963 kreeg hij bij galerie Werner & Katz zijn eerste en direct geruchtmakende tentoonstelling waarbij twee schilderijen van staatswege in beslag worden genomen omdat ze aanstootgevend zijn: "Die große Nacht im Eimer/De grote nacht in de goot" (1962/63) waarop een masturberende jongen of dwerg met een disproportioneel groot geslachtsorgaan wordt afgebeeld en "De naakte man" (1962). Baselitz zegt later dat "agressie", het "ageren tegen dingen", in deze periode "zijn grootste probleem" was. Hij gebruikte de erectie in het beeld "als daad van agressie", en de houding die daaruit sprak gaf aanstoot.

Sindsdien wordt Baselitz gezien als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het Neo-Expressionisme. De stroming van schilders die in het na-oorlogse Duitsland terugkeerden naar de figuratief-expressionistische schilderkunst. Het werk van Baselitz beweegt zich daarin op de grens van figuratie en abstractie, gericht tegen het Tachisme en de Abstracte Kunst. Hij schildert expressief figuratief maar niet realistisch en op grote formaten, afwisselend wild en ingehouden, ruig en verfijnd.

Baselitz gaat in zijn eerste werken uit van "disharmonie en afstotelijkheid" Terugkerende motieven zijn: grote neuzen, betraande ogen, geschoren stoppelhoofden, driebenigen, en wezens met wanstaltig grote zowel vrouwelijke als mannelijke geslachtsorganen, voeten als klompen vlees, soldaten of 'backpackers' in landschappen van smeulend puin die Baselitz "Helden" of "Nieuwe Types" noemt; en koppen, oa. van Antonin Artaud. Vindt in zijn eerste werken zoals in zijn 'soldaten-schilderijen' nog vaak ook een handeling plaats, in later werk is het verhalende karakter voor het grootste deel verdwenen.

In 1966 verhuist Baselitz naar Osthofen bij Worms waar zijn eerste houtsneden ontstaan.

Zijn zgn. "Frakturen" ontstaan, zijn voorstellingen vallen in scherven uiteen waarbij de fragmenten, bevrijd van hun figuratieve plek van oorsprong, over het doek gaan schuiven.

'Op zijn kop'
Sinds 1969 schildert Baselitz consequent zijn landschappen en portretten ondersteboven om het onderwerp te neutraliseren en de aandacht te verleggen naar de schilderkunstige kwaliteiten. Volgens Baselitz bevat een kunstwerk geen informatie die de toeschouwer tot zich moet of kan nemen, zoals gevoelens of ideeën, en geeft het geen beeld van de realiteit, maar is het werk zelf de realiteit. De waarde ligt in het kijken naar het kunstwerk en vraagt niet om interpretatie, maar om gedetailleerde beleving. Door het ondersteboven schilderen lijken de kleur- en compositie experimenten meer kans te krijgen. Het ondersteboven schilderen geeft het effekt dat alle figuren en objekten kunnen 'vallen', maar omdat de kunstenaar ze immateriaal heeft gemaakt gebeurt dat niet.

In 1971 werd in het Goethe Instituut in Amsterdam voor het eerst zijn werk in Nederland getoond. Een paar jaar later kreeg hij in het Eindhovense Van Abbemuseum zijn eerste tentoonstelling in Nederland.

In 1975 ontvangt hij een beurs voor de Villa Romana in Florence.

In 1978 betrekt Georg Baselitz een atelier in Imparia.

Van 1978 tot 1983 heeft hij een leerstoel aan de kunstacademie van Karlsruhe.

Met name door de aandacht voor vlakverdeling werd zijn werk eind zeventiger jaren steeds abstracter. In 1979 ontstaan zijn eerste ruw gesneden houten beeldhouwwerken.

In 1980 vertegenwoordigen Baselitz en Anselm Kiefer Duitsland op de Biënnale van Venetië.

Van 1983 tot 1988 en opnieuw vanaf 1992 geeft hij les aan de Hochschule für Bildende Künste van Berlijn.

Olieverf op doek, 290 x 290 cm, Boijmans van Beuningen
Baselitz toont met '1897' zijn bewondering voor het oeuvre van de Noorse schilder Edvard Munch. De titel verwijst naar het jaar van ontstaan van het schilderij 'Arv' (erfenis) van Munch, waaraan deze schilder in 1897 begon. Het doek van Munch stelt een aan tbc lijdende moeder en kind voor. Ook Baselitz schildert een moeder met kind. De bloedspatten op het kinderlijfje zijn onmiskenbaar. Het zeegroene patroon op de gele achtergrond doet denken aan de rok van de moeder op Munchs schilderij.
Opvallend zijn de verschillende roodtinten voor het lichaam van de moeder. Wellicht is Baselitz hier geïnspireerd geraakt door de vele Afrikaanse beelden die hij verzamelt. De grote houten beelden die hij vanaf 1979 maakt, beschildert hij op een vergelijkbare, expressieve manier.

1995 Grote overzichtstentoonstelling in het Guggenheim van New York.

Rond 1994 stapt Baselitz af van het werken aan een ezel en legt hij, zoals Jackson Pollock voor hem, het linnen op de grond waardoor het overzicht op het geheel verloren gaat en het belang van de voorstelling nog verder afneemt. De kunstenaar kan alleen dat kleine stukje zien waar hij op dat moment mee bezig is. Baselitz vergelijkt in deze periode zijn hoofd met een koker waar hij in de loop der jaren van alles heeft ingegooid en niets meer bij kan. Alle geziene beelden, de gemaakte schilderijen, al de kleurstrepen, punten en klodders zitten in die koker - dat is allemaal aan het gisten geslagen en moet eruit.

2004 Retrospectieve schilderijen en beeldhouwwerken van 1959 tot 2004 in Kunst- und Ausstellungshalle der Bundesrepublik Deutschland in Bonn
Sedert 1969, zijn het zijn omgekeerde en dus “duizelingwekkende” schilderijen, die zijn werk zo herkenbaar maken. Maar het oeuvre van Georg Baselitz is heel wat ruimer dan dat. Deze tentoonstelling geeft een zeer volledig overzicht van alle aspecten en heel de rijkdom die deze in 1938 in Saksen geboren kunstenaar de jongste 40 jaar doormaakte. Ze toont zelden geëxposeerd jeugdwerk, beroemde schilderijen van illustere personen en helden uit de jaren 60, een reeks gebroken schilderijen, "omgekeerde" schilderijen van het eerste uur en met de vingers geschilderde tableaus van begin de jaren 80, figuratieve doeken met het grote "Malerbild", "Bildeins" op groot formaat en volgende schilderijen, alsmede poëtische werken rond het oeuvre van Caspar David Friedrich, die in 1999 heel wat opschudding veroorzaakten in de Reichstag te Berlijn.
Het retrospectieve karakter van de tentoonstelling wordt aangevuld met onuitgegeven werken uit de periode 2002 – 2004. Daarnaast brengt de tentoonstelling beeldhouwwerken in ruw hout, waar de beitelsporen zichtbaar zijn onder de kleur. Ze tonen een kunstenaar die opvalt door zijn handigheid, door zijn complexe uitdrukkingswijze en door het vermogen zijn thema’s in zijn kunstwerken om te vormen.
Speciaal voor deze tentoonstelling, draaide Heinz Peter Schwerfel een film van 50 minuten die duidelijk maakt hoe de kunstenaar de jongste twaalf jaar zijn vroeger onwrikbare mening over zijn eigen werk en over de situatie van kunst en schilderkunst wijzigde. Dit portret confronteert de kunstenaar met zijn vroegere meningen en toont hem ook als verzamelaar van ongebruikelijke combinaties, wat een nieuw licht werpt op heel zijn werk.

Sinds 2005 maakt Georg Baselitz nieuwe versies van zijn vroegere schilderijen, zogenaamde "Remixes".

In 2007 is Baselitz de eerste nog levende Duitse kunstenaar aan wie 'The Royal Academy of Arts' in Londen een tentoonstelling wijdde.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 940.