kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 30-10-2008 voor het laatst bewerkt.

Germaine Richier

Frans beeldhouwster, geboren, Grans bij Arles, 16 september 1902 of 1904, gestorven Montpellier, 31 juli 1959.

Na zes jaar studie aan de École des Beaux Arts in Montpellier verhuist Germaine Richier in 1926 naar Parijs, waar zij student-assistent is in de studio van Émile-Antoine Bourdelle van 1927 tot 1929.

In 1934 heeft Richier haar eerste solotentoonstelling in de Galerie Max Kaganovitch.

In 1936 krijgt zij voor haar Buste Nr. 2 de beeldhouwprijs van de Blumenthal Foundation in New York City en in 1937 neemt Richier deel aan de Wereldtentoonstelling in Parijs, waar zij het Diplôme d'Honneur de Sculpture ontvangt. In datzelfde jaar neemt zij ook deel aan een expositie van Europese vrouwelijke kunstenaars in het Musée du Jeu de Paume in Parijs.

Richier exposeert met Pierre Bonnard, Georges Braque, Marc Chagall, Robert Delaunay, André Derain, Jacques Lipchitz en anderen in het Franse paviljoen op de Wereldtentoonstelling van 1939 in New York.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog verblijft zij voornamelijk in de Provence en in Zwitserland. In haar vroege werken wordt zij beïnvloedt door Bourdelle en Rodin, vanaf 1940 wordt zij beïnvloedt door Giacometti. Vanaf 1940 maakt Germaine Richier bizarre halfmenselijke halfdierlijke figuren waarvan de ledematen vaak met ijzerdraad vastgebonden zijn.

In Zwitserland exposeert zij in 1942 in het Kunstmuseum Winterthur en deelt zij in 1944 een tentoonstelling met Arnold d’Altri, Marino Marini en Fritz Wotruba in het Kunstmuseum Basel.

1946, De Mantis (De Bidsprinkhaan)

In 1946 keert Richier terug naar Parijs en zij wordt steeds bekender. In de late jaren veertig en de jaren vijftig exposeert zij uitgebreid in de V.S. en Europa. Zij neemt in 1948, 1952 en 1954 deel aan de Biënnale van Venetië.
In 1948 exposeert zij met Jean Arp en Henri Laurens in de Galerie d'Art Moderne in Basel en krijgt zij een belangrijke solotentoonsteling in de Galerie Maeght in Parijs.

In 1950 maakt zij een Christusbeeld voor de kerk in Assy, welke een controverse uitlokt. In 1951 wint zij de beeldhouwprijs van de Biënnale in São Paulo. Vanf 1951 werkt zij samen met de schilders Vieira da Silva en Hartung. In 1955 exposeert zij in Amsterdam in het Stedelijk Museum.

In 1956 heeft Richier een belangrijke overzichtstentoonstelling in het Musée National d’Art Moderne in Parijs, waarna zij zich weer in de Provence vestigt. In 1957 heeft zij haar eerste solotentoonstelling in New York in de Martha Jackson Gallery.

In 1958 neemt zij deel aan groepstentoonstellingen in de Kunsthalle Bern en het Musée Rodin in Parijs en krijgt zij haar eerste solotentoonstelling in een Amerikaans museum in het Walker Art Center in Minneapolis.

In 1959 keert Richier terug naar Parijs. In de zomer bezoekt zij Antibes voor haar solotentoonstelling in het Château Grimaldi met daarin het Musée Picasso. Op 31 juli 1959 sterft Germaine Richier in Montpellier.

Richier neemt deel aan Documenta II in de zomer van 1959 en na haar dood wordt haar werk getoond op Documenta III in 1964. Haar werk raakt na haar dood lange tijd in vergeltelheid. In 1997 wijdt De Kunstacademie van Berlijn een grote overzichtstentoonstelling aan haar, de eerste in Duitsland.

websites: www.guggenheimcollection.org, www.germaine--richier.com


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 794.