kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Hendrik Werkman

Hendrik Nicolaas Werkman

Hendrik Werkman werd geboren op 29 april 1882 in Leens waar zijn vader veearts was. Hij woonde er de eerste tien jaar van zijn leven.

Werkman muntte al op de lagere school uit in de lesonderdelen tekenen en Nederlands. De vroege dood van de vader in 1891 liet de moeder met drie zoons in moeilijke omstandigheden achter. In 1893 verhuisde het gezin naar Assen en in 1894 naar de stad Groningen. Daar ging de zoon Hendrik van 1896 af naar de rijks-HBS. De in dat zelfde jaar door studenten georganiseerde Van Gogh-tentoonstelling zou op de jonge scholier een diepe indruk maken.

Hendrik Werkman werd journalist en schreef sobere cursiefjes.

In 1900 ging hij, na de derde klasse op de rijks-HBS te hebben gedoubleerd, werken bij de uitgever-drukker T.J. Borgesius in Sappemeer. En het zou dit uitgevers- en drukkersvak zijn waarin Werkman zijn verdere loopbaan zoeken moest. Hij werkte ook in een filiaal in Martenshoek.

Van 1903 tot 1907 was Werkman als journalist verbonden aan het Groninger Dagbladen de Nieuwe Groningsche Courant.

Hendrik Werkman werd in 1907 eigen drukker. Hij kocht een drukkerijtje op Peperstraat 5 in Groningen. Een grotere drukkerij had hij op Pelsterstraat 31-33 (zo'n twintig man personeel). Hier is nog een gevelsteen uit 1912 met de initialen van hem en zijn vrouw (Jansje Cremer). Hij drukte ook gedichtenbundels van zijn broer M.H. Werkman.

Gehuwd op 10-4-1909 met Jansje Cremer. Uit dit huwelijk werden 1 zoon en 2 dochters geboren. Na haar overlijden (2-4-1917) gehuwd op 8-5-1918 met Pieternella Johanna Margaretha Supheert. Uit dit huwelijk werd 1 zoon geboren.

Vanaf 1917 begon Werkman te schilderen.

Vanaf 1921 was Werkman bekender als beeldend kunstenaar dan als drukker. In 1921/1922 nam hij ook deel aan de tentoonstellingen van kunstenaarsvereniging 'De Ploeg'. Ook ontwierp en drukte hij affiches voor 'De Ploeg'. Hij werd bekend met zijn 'druksels', een heel eigen vorm van beeldende kunst, waarbij hij experimenteerde met allerlei materialen en technieken.

Hij raakte in 1923 de drukkerij kwijt door zakelijke moeilijkheden, zijn tweede huwelijk mislukte. Hij trok zich terug (met een behoorlijke schuldenlast) op een - roodgeverfde - pakhuiszolder op het adres Lage der A 13. Deze werkruimten zijn tegenwoordig ateliers voor Groninger kunstenaars.

Wel drukte Werkman (1882-1945) nog affiches en programma's voor de in 1918 opgerichte avant-garde kunstenaarsvereniging De Ploeg, waarvan o.a. Jan Wiegers, Job Hansen, Jan Altink en Johan Dijkstra en Ekke Kleima bekend zijn.

Maar zijn vrije werk, de experimenten met het drukkersmateriaal kreeg de meeste aandacht. Op de zolder van het pakhuis maakte Werkman met behulp van een handpers abstracte composities met geometrische vormen en letters die duidelijk verwant zijn met het werk van het Russische constructivisme.

In de 16 jaren tussen de zakelijke catastrofe en de tijd waarin Sandberg hem voor het eerst bezocht, had Werkman een geheel eigen techniek ontwikkeld om zijn prenten te drukken. Hij was begonnen met de grote houten affiche-letters of de achterkanten ervan op de handpers af te drukken. Niet om de conventionele betekenis van de letter, maar om de pure vorm. Later rolde hij met het inktrollertje banen kleur direcht op het papier, of met de kant van de rol rafelige lijnen. Kleine scherpbegrensde vormen stempelde hij met de hand. De stempels waren letters, tekens en lijnen uit de zetkast. De laatste jaren voor de oorlog ontwikkelde hij zijn techniek van het papiersjabloon. Dikwijls werden in één prent verscheidene van deze werkwijzen toegepast. Stukje voor stukje opgebouwd als een collage vergde elke prent zodoende tientallen handelingen. (J.Martinet, inleiding: Brieven van H.N. Werkman 1940-1945, blz. 10)

De ‘druksels' van Werkman worden meestal tot de prentkunst gerekend, omdat hij gebruik maakte van een ‘drukvlak' (een voor het afdrukken bewerkte plaat), een drukpers en er ook sprake is van een afbeelding in spiegelbeeld. Deze techniek onderscheidt zich - zowel in de bewerking van het drukvlak als het afdrukken ervan - in sterke mate van de gebruikelijke prentkunst, mede omdat er altijd sprake is van unica-drukken. Daarom voerde Werkman later zelf de term ‘druksels' in, ter onderscheiding van het ‘drukwerk', dat hij daarnaast in oplagen vervaardigde en om die reden eenvoudiger van bewerking moest zijn. Het zijn vooral de druksels en het daaraan verwante drukwerk waarmee Werkman zich aan de hand van steeds weer nieuwe ‘ontdekkingen' ontwikkelde en zich als beeldend kunstenaar manifesteerde.

Hendrik werkman richtte in 1923 zijn eigen blad op: 'The Next Call' , in negen nummers publiceerde hij van september 1923 tot november 1926 eigen teksten, waaronder klankdichten en politieke commentaren. Werkman wisselde met avantgarde groepen en kunstenaars zoals Theo van Doesburg en de Rus El. Lissitzky in Hanover pamfletten en tijdschriften uit, die hem vaak stimuleerden. Hij stuurde dan vaak een exemplaar van 'The Next Call' op. De uitgave wekte opzien zowel wegens de ironische tekst waarmee Werkman zich tegen de bekrompen burgerij keerde als wegens de avant-garde vormgeving. De bladen van dit pamflet bestonden nl. uit een samenstel van rode en zwarte, op grauw papier gedrukte rechthoeken, cijfers en letters die in bepaalde combinaties de versiering vormen. Er is verwantschap met de rechthoeken van de abstracte kunst van de Stijl-groep en de wiskundige vormen van Lissitzky's mechanismen in het platte vlak.

vormgeving en kleurkeuze werden op velerlei wijze beïnvloed. Zo werd hij vooral geboeid door de ongemengde kleuren van de speelse voorstellingen van Paul Klee. Een voorbeeld hiervan is het schilderij Dorpsstraat (Stedelijk Museum, Amsterdam, 1927); een blik uit Werkmans voormalig ouderlijk huis te Leens). Behalve de invloed die Vincent van Gogh op hem uitoefende waren het vooral de exotische voorstellingen van Paul Gauguin en het werk van schilders als Mare Chagall en Pablo Picasso die hem trokken. In 1929 maakte Werkman een echte kunstreis samen met Jan Wiegers naar Keulen en Parijs om talrijke indrukken in deze avant-garde centra van de schilderkunst op te doen.

Werkman was in Groningen vrij geïsoleerd aan het werk, maar dit was een zelfgekozen isolement. Werkmans collega's hadden niet altijd evenveel begrip voor zijn experimenten met het drukkersmateriaal, die vaak werden afgedaan als 'Spielerei'. Voor de teruggetrokken levende kunstenaar was dat een reden om nauwelijks in zijn woonplaats te exposeren. Verschillende buitenlandse kunstenaars reageerden wel positief op The Next Call, onder wie Michel Seuphor die ervoor zorgde dat Werkman in 1927 een expositie in Parijs kreeg. In 1930 was de 'meesterdrukker' hier zelfs present op de internationale tentoonstelling Cercle et Carré. Andere exposanten waren o.a. Mondriaan, Kandinsky en Ferdinand Leger.

In de jaren dertig combineerde hij zijn nieuwe stempeltechniek met het gebruik van sjablonen. Dan duikt een opmerkelijk thema op in zijn werk: het aards paradijs. De nuchtere Groninger ervoer het verlangen naar een paradijs ergens ver weg, geïnspireerd door Gauguin en het boek 'Onder de bewoners der betooverende Zuidzee-eilanden'. Werkman vroeg de auteur van dit boek zelfs wat zijn mening was over het zich vestigen op het verre Tahiti. De auteur raadde het de kunstenaar af tussen de 'natuurmenschen' te gaan wonen. Het uit kleurvlakken opgebouwde 'Zuidzee-eiland 2' stamt uit deze periode.

Na echtscheiding (23-6-1930) gehuwd op 5-11-1936 met Margaretha Cornelia van Leeuwen. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren.

Willem Sandberg - de latere directeur van het Stedelijk Museum - besteedde in 1938/'39 aandacht aan Werkman. Hij bezorgde Werkman in 1939 zijn eerste ‘solo-tentoonstelling' in Amsterdam.

Tijdens de bezetting stichtte Werkman met Henkels, de chemicus dr. Ate J. Zuithoff en de lerares Duits Adri Buning de uitgeverij De Blauwe Schuit (een toespeling op de gelijknamige voorstelling, ook wel Het narrenschip genaamd, van Jeroen Bosch (± 1500) - als symbool van vrije geesten). Onder deze naam gaf Werkman ca 1942/1943 clandestien 40 druksels uit, o.a. de Chassidische legenden (1941): joodse wonderverhalen uit het 18e-eeuwse Polen, met tekstfragmenten van Martin Buber, een Turkenkalender [samengest. door Adriana Buning] (Groningen, 1942): oudnederlandse verzetsliederen - naar het voorbeeld van de door Gutenberg te Mainz in 1454 gedrukte kalender waarin werd opgeroepen tegen het Turkse gevaar - een stille toespeling op het Duitse gevaar. Verder gaf Werkman clandestien uit: Maar ja, Marja... Gedichten van A. Marja (pseud. van A.Th. Mooij) [Bussum, ca 1942] en van A.Th. Mooij, J.B. Charles (pseud. voor W.H. Nagel) en M. Drossaard (pseud. voor W.H. Overboek) de bundel Marten Drossaard. Ter kennismaking [Groningen: 'in agris occupatis' (= in bezet gebied), 1944]. Ook drukte Werkman een kalender voor het schrikkeljaar 1944.

Werkman werd op 13 maart 1945 door de Duitsers opgepakt en met negen anderen gefusilleerd op 10 april 1945 op het Mandeveld in Bakkeveen. Veel van zijn werk is bij zijn arrestatie in beslag genomen. Dit werk ging verloren bij de brand in het Scholtenhuis bij de bevrijding van Groningen op 13, 14 en 15 april 1945 drie dagen later.

De reden voor de executie is nooit helemaal duidelijk geworden. Een vermoeden van het maken van illegaal drukwerk? Onbegrip voor zijn werk? Het feit dat hij joods/bijbelse gegevens verwerkte? Op 15-04-1945 werden de lijken opgegraven en geïdentificeerd. Op 17-04-1945 werden ze herbegraven op het kerkhof van Bakkeveen. De anderen zijn later in hun eigen woonplaats herbegraven. Het graf van Werkman is rij P, noordwestzijde, nr. 2. De steen op zijn graf met twee worstelende figuren is ontworpen door Ekke Kleima (Willem Valk) en ontleend aan Werkman's 'Preludium'.

Aan de Nije Drintsewei staat - op de plaats van de executies tussen het dorp Bakkeveen en de volkshogeschool - een monument ter nagedachtenis aan de tien gefusilleerden. Voor zijn geboortehuis in Leende staat een monument voor Werkman, gemaakt door Ben Joosten. Een Openbare scholengemeenschap voor Mavo, Havo en Atheneum in het hart van Groningen is genoemd naar Werkman: het 'H.N. Werkman-College'.

Bi(bli)ografie


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 99.