kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 19-01-2016 voor het laatst bewerkt.

informele kunst

Informele Kunst

Informele Kunst (vormloze kunst, tegenpool van de geometrische abstractie) is een Europese vorm van Abstract-Expressionisme. Een materieschilderkunst waarbij vormoplossing het devies was.

Michel Tapies
De term ‘Informele Kunst' ( zie ook l' art-informel ) wordt in 1951 gebruikt door de criticus Michel Tapies voor een geheel van Cobra, lyrische abstractie, action painting en materiewerk. Een aantal algemene ‘informele' opvattingen zijn: geen rationele benadering, geen vooropgezet plan, geen schoonheidsideaal, maar juist ruimtelijkheid en vormloosheid.

Liga Nieuwe Beelden
De ‘Informelen' in Nederland zijn ruimer op te vatten dan genoemde ‘Informele groep'. Je zou de ‘Informelen' kunnen zien als een losse groep, ‘tussen Cobra en Zero', min of meer voortgekomen uit de ‘Liga Nieuwe Beelden'. Deze Liga, die jaarlijks in het Stedelijk Museum exposeerde, werd aanvankelijk overheersd door geometrisch-abstracten. Hiertegen ontstond verzet van de kant van de vrije abstracten, o.a. Schoonhoven, Armando, Peeters, Van Bohemen, maar ook Wagemakers, Wim de Haan en Theo Bennes. In de Liga was Cobra nauwelijks vertegenwoordigd, alleen Eugène Brands was lid, en Constant. De Cobra-schilder die nog het meeste invloed had op de jongere generatie was Wolvecamp.

Galerie . 31
Een van de weinige vaste punten van de ‘Informelen' was de Galerie . 31 in Dordrecht van Cor de Nobel, van 3-12-'57 tot 31-1-'62, ‘de proeftuin der Informelen'. Cor de Nobel , de eigenaar en galeriehouder, maakte zelf ook materiewerk. In e galerie hebben de Informele groepen OEKWA en Europa, Atol en Nada geexposeerd. Toen Cor de Nobel in januari 1962 verdween hield Galerie . 31 op te bestaan in deze vorm.

1958 Nederlandse Informele Groep
In 1958 richtten o.a. Armando, Henk Peeters, Jan Schoonhoven, Jan Hendrikse en Kees van Bohemen de Nederlandse Informele Groep op. Gemeenschappelijke aspecten van hun werk zijn: dynamiek, energie, directheid en de relatie tussen micro- en macrokosmos. Engagement uitte zich in belangstelling voor existentiële vragen en/of potitieke en maatschappelijke kwesties. Een ander kenmerk van deze Informele Kunst is de relatie tussen de drijfveren van de kunstenaars en de materialiteit van de schilderijen.

Een van de belangrijkste credo's is het oplossen van de vorm vanwege de 'grotere mogelijkheid om tot een objectief neutrale uiting van algemene geldigheid te komen'. Later hebben Armando, Henk Peeters, Jan Hendrikse en Jan Schoonhoven zich van Informeel veranderd tot de ‘Nulbeweging'.

OEKWA en Europa
Ook bij de Informelen ontstonden verschillende groepen, de meer geëngageerden zoals Peeters, en ‘Theo Bennes en de Chinezen'. In april 1961 had Theo Bennes de groep OEKWA opgericht. Hiervan werden naast Cor de Nobel o.a. Wim de haan, Wim Heesen, Peter Royen en Theo Kemp lid. Dit waren kunstenaars ‘met spiritualistische denkbeelden die zich distantieerden van de Informelen wegens hun 'nihilistische karakter en oppervlakkigheid'. ‘Geestelijke waarden, het onbewuste en intuïtieve, Zen en mystiek' kwamen bij hen vooraan. ‘I Tjing en Suzuki lagen daar op tafel'. In november '61 ontstond hieruit de groep Europa. Bij de groep van Bennes, De Nobel, De Haan, Heesen, Royen en Kemp hadden zich nu Duitsers als Lothar Quinte, W. Menne en H. Zangsten, en de Oostenrijkers Markus Prachensky en Arnulf Rainer aangesloten. Ook Hans Wesseling kwam bij de groep als tekstschrijver, later een deskundige op het gebied van yoga en meditatie in ‘De Kosmos' in Amsterdam. De groep had een spiritueel ideaal, namelijk ‘de logica van de “derde realiteit” waarin alle bestaande tegenstellingen werden opgeheven'. Dit werd hun programma.

Atol en Nada
Deze groepen, OEKWA en Europa hebben beide in 1961 in Galerie . 31 in Dordrecht geëxposeerd. In 1959 en 1960 hadden er ook al groepen ‘Informelen' geëxposeerd, respectievelijk Atol (Roger Chailloux, Gerard Verdijk, Hans van der Lek, Aat Verhoog en Henk de Vries), en Nada ( Rik van Bentum, Ted Felen, Mark Brusse, en Klaas Gubbels). Dit waren groepen zonder programma, maar met een manager, te weten F.A. Becht respectievelijk J. van Nieuwenhuizen.

Nul=0
In 1961 is er al een manifest tegen de Informele Kunst, van Sleutelaar en Vaandrager. De ‘Informelen' houden dat jaar als groep op te bestaan. Dan verschijnt in 1961 het eerste nummer van 'Nul=0' onder redactie van Armando, Henk Peeters en Herman de Vries. En in 1962 wordt in het Stedelijk Museum de tentoonstelling ‘Nul' gehouden, met naast werk van Armando, Hendrikse, Peeters en Schoonhoven werk van o.a. Fontana, Manzoni, Bury, Arman, Piene en Uecker.

Bron: Ben Vollers => www.dekunsten.net


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 37.