kunstbus







Jan Cobbaert (1909-1995)

Vlaamse kunstenaar.

1909 - 1938
Jan Cobbaert wordt op 24 juni 1909 geboren te Heverlee uit het welstellend huwelijk van Louis Cobbaert en Amelia Baumans. Reeds heel vroeg volgt Jan Cobbaert op eigen houtje lessen aan de academie van Leuven. Zijn vastberadenheid om schilder te worden wekt het ongenoegen van zijn vader die had gehoopt dat zijn zoon carrière zou maken in zijn luxe-schoenzaak te Brussel. Jan Cobbaert studeert kunstgeschiedenis aan de Katholieke Universiteit van Leuven en vervolgens archeologie en kunstgeschiedenis in Brussel waar belangrijke personaliteiten uit het kunstmilieu doceren en een diepe indruk op hem nalaten. Na zijn studies krijgt Cobbaert uiteindelijk toelating van zijn ouders om te schilderen. Zijn doorzettingsvermogen wordt dan ook beloond met de Gouden Medaille van Leuven (1935), de Gouden medaille van de Belgische Staat en de Grote Prijs van Rome voor Schilderkunst (1937).

1938 - 1952
Jan Cobbaert sluit zich tijdens de oorlog aan bij een groep jonge kunstenaarsApport”, die later de “Jeune Peinture Belgezullen stichten. Zij willen zich losmaken van de traditionele vormen en het roer van het animisme en expressionisme omgooien. Hun credo bestaat in de ophemeling van de kleur en het subjectivisme van de uitdrukking. Maar Cobbaert haakt af. Hij is geen kliekjesmens en de sociale verplichtingen die het toebehoren tot een vaste groep opleggen, liggen hem niet. Hij is een mens van het gezin en is niet te bekoren voor wat hij aanvoelt als de morele losbandigheid van deze Brusselse kunstenaarskolonie. Hij wordt aangesteld als leraar aan de Leuvense Kunstacademie, huwt met José Beeckman en wordt vader. Zijn twee zoontjes loodsen hem met een hartstochtelijke belangstelling binnen in de wereld van het kind. Deze wereld vol kleur, afwisseling, onderzoek en verwondering is één van de hoofdthema's in zijn schilderijen.

Na de invloeden van het impressionisme, het intimisme en het expressionisme te hebben verwerkt, sluit hij zich aan bij de naar vernieuwing zoekende groep Apport (1944 - 1945) en neemt hij in 1945 deel aan de eerste tentoonstellingen van de “Jeune Peinture Belge”. Enkele jaren later wordt de drang naar kunsthernieuwing overgenomen door de Cobrabeweging (1948 - 1951) die een volledige vrijheid en losheid in de vormgeving en een totale creatieve spontaniteit nastreeft. Alhoewel Jan Cobbaert niet formeel deel uitmaakt van deze beweging, voelt hij instinctief aan dat zijn werk sterk verwant is met deze expressieve beeldtaal. Hij schildert grote, wilde en buitengewoon energieke doeken in heftige kleuren met sterk ingedeelde vlakken. Met deze werken weet Cobbaert zijn eigenheid te profileren en legt hij zijn diep ingewortelde personaliteit vast ; een combinatie van spontane uitbarsting en beredeneerde intoming die tot een prachtig evenwicht leidt.

1952 - 1958
Jan Cobbaert maakt kennis met de Cobrabeweging. Ook hij streeft naar een spontane vormgeving, naar een picturale taal waar lijn en kleur een autonoom bestaan hebben. Zijn inspiratiebron is het dagelijkse leven. Deze jaren betekenen voor Jan Cobbaert een bewustwording van zijn artistieke talenten en hij breekt stilaan internationaal door.
Succesvolle tentoonstellingen en onderscheidingen volgen elkaar steeds sneller op. Meerdere musea in België en in het buitenland kopen werk van Jan Cobbaert. In 1958 wordt door de Belgische Staat een monografie aan hem gewijd.

1953 Paleis voor Schone Kunsten, Brussel - Museu de Arté ‘2de Biënnale', Sao Paulo
1956/1961/1966 Paleis voor Schone Kunsten, Brussel

1958 - 1969
Alles wordt duister rondom Jan Cobbaert wanneer het noodlot brutaal toeslaat. Zijn zevenjarig zoontje sterft een tragische dood ten gevolge van een hersentumor. Stuurloos en vol vertwijfeling stort hij zich in de fantastische droomwereld van het kind om zo een intiem contact met zijn overleden zoontje te bewaren. Maar wanneer iets later zijn vrouw getroffen wordt door een slepende ziekte waaraan zij in 1966 sterft, wordt door de verdwazing en verwarring zijn creativiteit verlamd. Zijn scheppingsdrang kan geen troost meer bieden. Toch wordt geleidelijk deze totale ontreddering omgezet in verinnerlijking en geestelijke verrijking. Het is vooral zijn kunst die hem uiteindelijk helpt zijn levensweg zinvol verder te zetten.

Vanaf 1958 stigmatiseert zijn werk als een rechtstreeks gevolg van tragische, familiale gebeurtenissen. Cobbaert's levensfilosofie en levensproblemen doen hem voortdurend dit verhaal herschrijven, een verhaal waarop hij picturaal reageert. De meeste schilderijen worden ijlwitte doeken, bewoond door broze, transparante spookfiguren als wezenloze droombeelden van zijn verloren geliefden.

1970 Museum Dhondt-Dhaenens, Deurle
1973 Musée de Luxembourg, Luxemburg
1974 Cultureel Centrum A. Spinoy ‘Retrospectieve', Mechelen - Cultureel Centrum, Hasselt - Provinciaal Begijnhof ‘Retrospectieve 1964-1974', Hasselt
1977 Rijkscentrum Frans Masereel, Kasterlee
1984 Museum Van der Kelen-Mertens ‘Retrospectieve', Leuven

1969 - 1990
Het tweede huwelijk met Vika Lambrechts en de geboorte van zijn twee kleinkinderen wekken in de kunstenaarsziel van Jan Cobbaert nieuwe levensimpulsen op. Zijn herwonnen levensoptimisme weerspiegelt zich in zijn kunst. Na zijn pensioen in 1974 kan hij zich volledig uitleven in zijn oeuvre. Hij legt zich toe op de lithografie, kopergravure en zeefdruk. Hij timmert hard aan een nieuwe carrière om de tien droevige en verloren jaren te kunnen inhalen. In 1976 verschijnt de monografie van Phil Mertens bij het Artiestenfonds te Antwerpen. Zijn werken worden permanent tentoongesteld in belangrijke Belgische en buitenlandse galerijen. In 1984 wordt naar aanleiding van zijn 75ste verjaardag een grote retrospectieve tentoonstelling aan hem gewijd door de Stedelijke Musea van Leuven. In 1990 geeft Galerie Dessers de monografie “Jan Cobbaert” door Wim Toebosch uit en organiseert een rondreizende retrospectieve tentoonstelling in de zeven belangrijkste Vlaamse zetels van de BBL.

Tien jaar later volgt de heropleving die een nieuwe dynamiek aan zijn intussen gedempt palet geeft en een coloristische uitbarsting veroorzaakt samen met de verschijning van de frisheid en de directheid van de droomwereld van het kind. Zijn schilderijen en grafisch werk worden bevolkt met de elementen en symbolen van de kinderwereld zoals speelgoed, kinderhoofdjes, poppen, diertjes en andere vreemde wezentjes. De grote figuren en hoofden symboliseren de volwassenen voor het kind. Soms zijn het maskers als uitbeelding van het leven als een groot poppenspel waarbij iedereen verborgen blijft achter zijn eigen masker. Voor Jan Cobbaert betekent dit vooral de instinctieve uitdrukking van de emoties die in zijn onderbewustzijn opgestapeld zijn. Zijn kleurpalet schittert met alle kleuren van de regenboog, soms neigend naar tederheid en zachtheid, soms met harde kleurvlakken met donkere contouren in strengere composities.

1993 Vlaams Cultureel Centrum “De Brakke Grond”, Amsterdam

1990 - 1995
De waardering en belangstelling van musea, galeries en kunstliefhebbers uit binnen- en buitenland voor het werk van Jan Cobbaert neemt alleen maar toe. De organisatie en de verdeling van zijn werk geeft hij over aan Galerie Dessers zodat hij zich volledig kan toeleggen op het creatieve aspect van zijn kunst. Er worden verschillende retrospectieve tentoonstellingen georganiseerd waaronder een belangrijke tentoonstelling in het Vlaams Cultureel Centrum “De Brakke Grond” in Amsterdam. Deze succesvolle periode wordt overschaduwd door het verlies van zijn tweede vrouw Vika. Ondanks alle tegenslagen in zijn leven en zijn respectabele leeftijd probeert hij dit verdriet te verwerken. Gesteund door de enorme waardering en belangstelling voor zijn werk, blijft Jan Cobbaert tot aan zijn plotse dood op 3 oktober 1995 een energiek en levenslustig kunstenaar vol toekomstplannen. Zijn levenswijsheid, zijn liefde voor kinderen en zijn warme en hartelijke persoonlijkheid leven verder in zijn werk.

1997 Cultureel Centrum ‘De wereld van Jan Cobbaert', Leuven

In de loop van zijn lange carrière heeft Jan Cobbaert een volkomen eigen vormtaal ontwikkeld, vrij van de invloeden van de vele stromingen die tijdens zijn loopbaan wel zijn aandacht kregen maar hem niet hebben doen afwijken van zijn eigen in rijpheid verworven stijl. De beeldtaal van Jan Cobbaert treft door haar directheid en duidelijkheid en vloeit voort uit de rijkdom aan gevoeligheid en menselijkheid van deze unieke kunstenaar.

privacybeleid