kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jan Hoet

Ridder Jan Hoet (Leuven, 23 juni 1936) is de oprichter van het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst (SMAK) in Gent. In Vlaanderen staat hij bekend om de gedrevenheid waarmee zijn visie op kunst wil doordrukken. Diezelfde gedrevenheid zorgt er ook voor dat sommigen hem eerder oneerbiedig omschrijven als de Vlaamse kunstpaus. Hij werd in de adelstand verheven tot ridder. Op zijn curriculum staan onder meer een aantal grote evenementen waarmee hij de kunst naar het volk wilde brengen of omgekeerd.

'Ik voel wanneer een kunstwerk meer dan tijdelijk is. Ik héb dat gevoel nu eenmaal. Ik kan het ook niet helpen.'

Jan Hoet geldt in het Nederlandse taalgebied als het meest controversiële en meest besproken 'fenomeen' binnen de beeldende kunst van de laatste kwart eeuw. Iedereen kent hem als de gedreven conservator van het Stedelijk Museum voor Moderne Kunst in Gent. Van het Smak heeft hij in 2003 professioneel afscheid genomen. Maar een echt afscheid zal het nooit worden. Het leven van Jan Hoet staat immers in functie van de kunstenaars, en nog meer van de kunst. Wat Hoet onderscheidt van tal van andere conservatoren en curatoren is dat voor hem het kunstwerk steeds belangrijker was dan de kunstenaar. Zeker, Jan Hoet heeft relaties met kunstenaars ontwikkeld. Maar hij heeft vooral relaties met kunstwerken gehad.

Het Gentse Museum voor Hedendaagse Kunst werd opgericht in 1975. Het was toen het eerste Belgische museum gewijd aan hedendaagse kunst. Het was gehuisvest onder het dak van het Museum voor Schone Kunsten. In 1975 werd Jan Hoet aangesteld als directeur van het nieuwe Museum voor Hedendaagse Kunst. Onder zijn beleid groeide de collectie stelselmatig aan en kreeg het museum internationale bekendheid. Door de provisorische omstandigheden waarin het museum zich gedurende meer dan twintig jaar bevond, werd de verzameling enkel via tijdelijke tentoonstellingen in steeds wisselende en gefragmenteerde opstellingen getoond. Belangrijke aanwinsten van de laatste vijf jaar waren zelfs helemaal nooit te zien. Het zou echter nog 20 jaar duren eer Jan Hoet en de collectie hedendaagse kunst een eigen en autonoom museum zouden krijgen. In 1999 kreeg het museum eindelijk zijn eigen gebouw, tegenover het Museum voor Schone Kunsten en kreeg het een nieuwe naam: het S.M.A.K. (Stedelijk Museum voor Actuele Kunst). Beide musea functioneren nu als een museumeiland in een parkachtige omgeving aan de stadsring van Gent.
De collectie bevat meer dan 2000 werken, daterend van na WO II tot nu. Naast een aantal toonaangevende kunststromingen zoals o.a. Cobra, Pop Art, Minimal Art, Conceptuele Kunst en Arte Povera zijn tal van kunstenaars vertegenwoordigd die ondertussen mondiaal tot referentiepunten zijn uitgegroeid. Topwerken zowel van internationale kunstenaars als Joseph Beuys, David Hammons, Thomas Schütte of Juan Muñoz, als van Belgische grote namen zoals Panamarenko, Marcel Broodthaers, Thierry De Cordier en Luc Tuymans maken deel uit van de collectie. Bovendien zijn ook minder bekende jonge kunstenaars door een radicaal hedendaags aankoopbeleid vertegenwoordigd in de verzameling van het museum.

In 1986 organiseerde Hoet de manifestatie Chambres d'Amis. Kunstwerken van internationaal vermaarde kunstenaars werden in de woon- en leefsfeer van de burgers van Gent 'geplaatst'. Hoet: 'Het bleek mogelijk via de kunst bij de mensen in huis door te dringen. En dat is in Vlaanderen normaal gesproken heel moeilijk, hoor.' In een later project veroverde de kunst de gehele stad Gent met het concept "Over the edge".

Ook internationaal geniet hij enig aanzien in het kunstmilieu. Zo was hij in 1992 curator van Documenta IX in Kassel. Zijn rechterhand was Bart De Baere, de huidige directeur van het MUHKA in Antwerpen. De Documenta is de grootste en belangrijkste hedendaagse kunsttentoonstelling van de wereld. Hoet trok op marathonzittingen-met-zuurkoolmaaltijden uren en uren uit om de internationale kunstpers te overtuigen en te begeesteren.

Sinds 2003 is hij artistiek leider van het MARTa museum in Herford (Ostwestfalen, Duitsland). Het museum is gebouwd door Frank Gehry. Hoet organiseerde al meerdere malen tentoonstellingen in het postkantoortje van Herford. In 1997 kwamen ze in Herford tot het besluit dat er iets moest gebeuren om het stadje te doen heropleven. De stad moest 'iets' krijgen met internationale allure, waarin design en hedendaagse kunst werden samengebracht. Daartoe werd Jan Hoet aangezocht. Waarom was Hoet geïnteresseerd? Hoet is in artistiek Duitsland voor velen nog altijd een held. Die status heeft hij vooral te danken aan zijn leiderschap van de negende Documenta in 1992 en aan de veelbesproken tentoonstelling Zeitwenden in 1999 in Bonn. Hoet werkt graag in Duitsland, hij voelt er zich thuis en er is geld. Dat hij gekozen heeft voor een Duits provinciestadje, heeft te maken met zijn voorkeur voor de periferie, voor - zoals hij het zelf uitdrukt, 'het zero-moment'. In Herford ligt even letterlijk als overdrachtelijk een stuk braakland op hem te wachten.

Met dank aan VPRO RAM (www.vpro.nl/ram) en Wikipedia/Jan_Hoet


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 229.

Tweets by kunstbus